t.c.electronic M.one dual effects processor

Commentaren

Transcriptie

t.c.electronic M.one dual effects processor
M•ONE
DUAL EFFECTS PROCESSOR
Gebruikershandleiding
Inhoudsopgave
Bijlagen
INTRODUCTIIE
Inhoudsopgave . . . . . . . . . . . . . . . . . .
Introductie . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .
Frontpaneel . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .
Achterpaneel . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .
Soldeerschema’s . . . . . . . . . . . . . . . . .
Signal-flow diagram . . . . . . . . . . . . . . .
.3
.5
.6
.8
.8
.9
Belangrijke veiligheidsinstructies . . . . .35
Certificate of Conformity . . . . . . . . . . . .36
MIDI Implementatie . . . . . . . . . . . . . . .37
Technische Specificaties . . . . . . . . . . .38
Trobleshooting . . . . . . . . . . . . . . . . . . .39
Preset lijst . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .40
BASISBEDIENING
Het M•ONE Display . . . . . . . . . . . . . . .10
I/O Setup . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .11
Clock Mismatch . . . . . . . . . . . . . . . . . .11
Utility & MIDI . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .12
Routings . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .13
Recall . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .16
Store . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .17
Tap . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .17
ALGORITHMEN
Reverb
Hall . . . . .
Room . . .
Plate 1 . . .
Plate 2 . . .
Spring . . .
Live . . . . .
Ambience
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
. . . . . . .18
. . . . . . .19
. . . . . . .20
. . . . . . .21
. . . . . . .22
. . . . . . .23
. . . . . . .24
Andere Algorithmen
Delay - One Tap & two Tap . . . . . . . . .25
Chorus - Classic & 4-Voice . . . . . . . . .26
Flange - Classic & 4-Voice . . . . . . . . . .27
Pitch - Detune & Pitch Shift . . . . . . . . .28
Parametric Equalizer . . . . . . . . . . . . . .29
Compressor & Limiter . . . . . . . . . . . . .30
Gate/Expander . . . . . . . . . . . . . . . . . .31
De-esser . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .32
Tremolo - Hard & Soft . . . . . . . . . . . . .33
Phaser - Vintage & Smooth . . . . . . . . .34
Het klinkt misschien raar, maar bij deze handleiding
hoort een handleiding.
Als je aan de gang gaat met je nieuwe speeltje, zal je
zien dat je zonder handleiding niet het uiterste uit de
M•ONE haalt. Wees daarom eens een keertje niet zo
slim om bij het uitpakken van de doos meteen de
manuals in een hoek te smijten. Juist ja, als je dat
zou hebben gedaan, was je dit nu niet aan het lezen.
Terzake dan maar...
Bij het vertalen is zoveel mogelijk rekening gehouden
met de ‘taal’ van het apparaat. Zodoende zijn een
groot aantal technische termen niet vertaald omdat
de M•ONE nu eenmaal in het engels met je zal
proberen te communiceren. Toegegeven, het is
taalkundig misschien niet allemaal even correct, maar
het is voor het gebruik van het apparaat wel veel
duidelijker.
Veel plezier!
TC Electronic, Sindalsvej 34, DK-8240 Risskov - [email protected]
Vertaling: Bits+Pieces, Gertjan Essenstam
Nederlands
Rev 3 - SW - V 1.01
Prod. No: E60500101
3
INTRODUCTIE
Gefeliciteerd met de aankoop van je nieuwe TC Electronic M•ONE. De M•ONE is een Dual Engine Multi-effects
Processor met de nadruk op galmprogramma’s met een hoge kwaliteit. De M•ONE kan gebruikt worden voor een aantal verschillende zaken vanwege de uitgebreide routing-mogelijkheden van de twee engines en de meer dan 20 TC
algorhitmen. Wil je via twee verschillende sends, twee verschillende galmprogramma’s aansturen? Kies dan de Dual
Input-routing en twee reverbs. Vervolgens is Kees er klaar mee! Of wil je soms eerst door een compressor en dan
door een delay? Pak dan de Serial-routing, een compressor- en een delayprogramma. Je kunt met de Tap-knop zelfs
het tempo van de delay intikken. Ook kun je de routing vastleggen zonder dat je de effectpresets opslaat. Daarvoor
gebruik je de ‘Routing lock’-functie. Zo voorkom je dat de routing verandert als je een andere preset kiest. Zo simpel
werkt het allemaal. En dan nu: naar de knoppen!
Hoewel de M•ONE is ontworpen voor zeer hoge kwaliteit galm zul je ontdekken dat er ook
een groot aantal andere algorhitmen in dit kastje zitten. Expirimenteer er maar flink op
los!
• Hall
• Delay One Tap
• Compressor/Limiter
• Room
• Delay Two Tap
• Gate/Expander
• Plates 1&2
• Chorus Classic & 4-voice
• De-esser
• Spring
• Flange: Classic & 4-voice
• Tremolo
• Live
• Pitch: Detune & Pitch Shift
• Phaser
• Ambience
• Parametric EQ
5
FRONT PANEL
POWER-knop
Power on/off.
IN LEVEL knop
Stelt het Inputlevel in.
MIX knop
Bepaald de mix tussen dry- en
wet-signaal. Helemaal met de
klok mee geeft 100% effect.
EFFECT BAL knop
Regelt de balans tussen de twee
Engines.
INPUT Meters
De Peak-meter laat het Inputlevel van de left/right kanalen
zien.
De meter range is:
0, -3, -6 ,-12, -18, -24, -40.
OVERLOAD LED’s
De OVERLOAD LED’s geven je
info over de een van de twee volgende situaties:
• Het Input-level is te hoog en
overstuurt.
• Er is een interne DSP-overflow.
De Overload LED gaat aan als er
één sample de -1dBFS bereikt.
6
ANALOG/DIGITAL LED
ANALOG/DIGITAL geeft aan
welke Input er is gekozen.
Het Input-type kies je in het
‘I/O Setup’-menu.
SAMPLE RATE indicator
De SAMPLE RATE indicator
laat de clock-source en de
binnenkomende masterclock zien. Het ‘Digital In’signaal gaat knipperen als er
geen, of geen bruikbare
clock is gevonden.
ROUTING indicator
Laat je zien welke routingmodus de M•ONE gebruikt.
ALGO Indicator
Hier zie je welke algorhitmen
er zijn geselecteerd voor de
engines.
DYNAMIC meters 1+2
Deze twee meters geven de
gain-reduction weer als je
dynamische algorithmen
gebruikt.
De dynamsiche algorithmen
zijn: Compressor, Limiter,
Gate, Expander en De-esser.
DISPLAY
Hier zie je het preset-nummer
en het preset-type: Factory of
User.
EDITED icon
Dit icon gaat aan zodra je
aan de gekozen preset begint
te sleutelen.
FACTORY/USER icon
Hier zie je of je in de Factory
of de User bank zit.
MIDI IN icon
Verklapt eventueel binnenkomende MIDI-data.
FRONTPANEEL
ROUTING-knop
Druk op de ROUTING-knop om
de engine routing te kiezen.
De mogelijkheden zijn: Dual Send
/Ret, Parallel, Parallel/Serial,
Serial, Stereo, Dual Mono.
I/O SETUP
De basisinstellingen doe je hier.
• Input-source - Analog/Digital.
• Sample Rate - 44.1/48kHz/DI
• Bypass Modus - Zie de Bypassknoppen 1 en 2.
• Global Output level.
• Dither 16, 20 of 24(uit).
TAP-knop
Tik, in de maat, op deze knop om
het Tap-tempo in te voeren en om
in het Tap-menu te komen. Hier
kun je de onderverdeling van het
tempo instellen. Je kunt dit tempo
gebruiken voor delaytijden, chorussnelheden enz.
UTILITY
MIDI, Sys-Ex ID, Routing-lock,
Bypass-modus, Pedaalfunctie en
de view-angle van de display.
ALGO/EDIT 1+2
Druk op deze knop om in het Editdisplay te komen en de ‘Algorithm
Change’-display van de huidige
engine.
BYPASS-knoppen 1 en 2
De Bypass-modus kies je in Utility.
Er zijn drie verschillende Bypassstanden:
1 0% Mic:
Het Input-signaal gaat direct
door naar de Output.
2 FX Input:
Schakelt allen de engineingang om het effect te laten
uitklinken maar laat het droge
signaal wel gewoon doorgaan.
3 FX Output:
Schakelt de Engine-uitgang om
het effect onmiddellijk te laten
stoppen maar laat het droge
signaal wel gewoon doorgaan.
STORE -knop
Selecteert het Store-menu. Je kunt
programma’s allen in de Userbank opslaan. Met het CONTROLwiel kun je een locatie kiezen. Met
de ENTER-knop leg je de preset
vast.
CURSOR UP/DOWN
Hiermee beweeg je de cursor door
het display.
ENTER-knop
Bevestigd een keuze. De ENTERknop LED geeft aan wanneer je
deze knop kunt gebruiken.
EXIT-knop
Dit is de nooduitgang. Je zou hem
de NEE-knop kunnen noemen.
CONTROL-wiel
Is voor het veranderen van parameterwaarden.
RECALL-knop
Kiest het Recall-menu. Kies met
het CONTROL-wiel een preset en
druk op ENTER om hem te laden.
7
ACHTERPANEEL
BALANCED INPUTS
LEFT
RIGHT
BALANCED OUTPUTS
LEFT
RIGHT
DIGITAL I/O
MIDI
THRU
IN
OUT
PEDAL
IN
CAUTION
RISK OF ELECTRIC SHOCK
DO NOT OPEN
DI
DO
Balanced
Jack
Analog
Inputs
Balanced
Jack
Analog
Outputs
Digital
S/PDIF
Input/
Output
MIDI
In, Out , Thru
(Gebruik Left
Input voor Mono)
MADE IN THAILAND
TC ELECTRONIC
R
C
THIS CLASS B DIGITAL DEVICE MEETS ALL REQUIREMENTS OF THE CANADIAN INTERFERENCECAUSING EQUIPMENT REGULATIONS AND COMPLIES WITH PART 15 OF THE FCC RULES.
OPERATION SUBJECT TO CONDITIONS STATED IN THE MANUAL.
100-240VAC
50-60Hz, 15W
Pedaal
Input
max. 10m
SHIELDED CABLE (3 of 5 aders + afscherming)
Jack (balanced) - XLR
Sleeve - Pin 1 (Ground)
Tip - Pin 2 (Hot)
Ring - Pin 3 (Cold)
PEDAL SWITCH
Pedaalkabel
JACK PLUG
Mono - male
Ø 6.35mm, 1/4”
max. 100m
2 aders
shield/ground
Tip
8
Dit moet een
‘momentschakelaar’
zijn
US
Netsnoer Serieno.
Input
Sleeve - Pin 1 (Ground)
Tip - Pin 2 (Hot)
Sleeve - Pin 3 (Cold)
DIN CONNECTOR
5POLE - MALE
45 graden
UL6500
EN/IEC 60065
PROFESSIONAL AUDIO EQUIPMENT
Jack (unbalanced) - XLR
MIDI-kabel
DIN CONNECTOR
5POLE - MALE
45 graden
SERIAL NO.
TYPE: MAN001
WARNING
TO REDUCE THE RISK OF FIRE OR ELECTRIC
SHOCK DO NOT EXPOSE THIS EQUIPMENT TO
RAIN OR MOISTURE
AVIS: RISQUE DE CHOC ELECTRIQUE-NE PAS
OUVRIR.
S/PDIF
TIP
GND
TIP
RING
GND
SIGNAL FLOW
INPUT PPM
Left
Input
Selector
Bypass
Right
ANALOG IN
LEVEL
OUT LEVEL
ANALOG
OUT RANGE
Left
Left
Engine 1
ANALOG
INPUTS
[balanced]
A/D
Right
MIX
Engine 2
44.1kHz
S-Rate
48kHz
Digital Input
[S/PDIF]
ANALOG
OUTPUTS
[balanced]
D/A
Bypass
Fx In
Right
Bypass
Fx Out
Bypass
Dither
Digital Output
[S/PDIF]
Digi
DIGITAL IN
9
De M•ONE DISPLAY
Overload LEDs
Analog/Digital
Routing
Algo Indicator
Dynamic Meters
Preset Number
Input Meters
MIDI Activity
LED
Tekstregel
Preset Bank Indicator
Analog/Digital
De Analog/Digital-indicator laat de gekozen Input zien. Dit
kies je in het I/O Setup--menu. De Input-keuzegeldt voor
het hele apparaat.
Icons: Analog, Digital
Dynamic Meters
Deze twee meters worden gebruikt om de gain-reduction
aan te geven als een van de engines een ‘dynamic algorithm’ gebruikt. De dynamic algorithms zijn: Compressor,
Limiter, Gate, De-esser en Expander.
Sample Rate
De Sample Rate-indicator geeft de clock-source weer en
de binnenkomende master-clock. Dit kan zijn: Digi In,
44.1kHz of 48kHz.
Preset Number
Het huidige preset nummer.
Voorbeeld
• Als je een digitale bron aansluit zie je: Digi In en 44.1.
• Als je een analoge bron aansluit lees je het volgende:
44.1.
In het geval van een ontbrekende of onbruikbare clock zal
de Digital In-icon knipperen om aan te geven dat er sprake
is van een error.
De Sample Rate-keuze is global.
Routing Fig en text
Biedt de huidige Routing.
Opties: Dual Send/Return, Parallel/Serial, True Stereo en
Dual Mono.
Algo-Indicator
Hier zie je de algorhitmen van de beide engines. Druk op
een van de EDIT-knoppen om door de beschikbare effectalgorithmen te scrollen.
Kies uit:
Rev, Dly, Cho, Fla, Pit, EQ, Dyn, Trm en Pha.
10
Edited
Dit icon gaat aan zodra je aan de gekozen preset begint te
sleutelen.
Factory/User
Hier zie je of je in de Factory of de User bank zit.
MIDI IN
Verklapt eventueel binnenkomende MIDI-data.
Tekstregel
Dit tekstveld van 20 karakters is voor het weergeven van
de preset namen en functies.
I/O SETUP
I/O Setup
Basisbediening
• Druk op de I/O SETUP-knop om bij de global setup
parameters van de M•ONE te komen.
• Gebruik de pijltoesten om een parameter te kiezen en
het CONTROL-wiel om de waarde ervan te veranderen.
Alle aanpassingen in het I/O Setup-menu werken direct.
Input Source
Kies Analog Input
De pijl in de display is verlicht. Kies Analog of Digital met
het CONTROL-wiel. Als je 'Analog' kiest zal de M•ONE
automatisch op 44.1kHz clock als Sample Rate springen
en analog Input gaat branden in de display.
Kies Digital Input
Als je ‘Digital’ kiest probeert de M•ONE te locken aan de
S/PDIF Input. De binnenkomende clock zal via de 44.1 or
48kHz display-icons worden weergegeven en het Digital Inicon gaat aan. Tijdens de ‘lock-up’ periode zal de Digital Inicon knipperen totdat er een briukbare clock is gevonden.
Bovendien zijn de Outputs ge-mute. Zodra er een ‘lock’ is
bereikt zie je dat de Clock Rate-icon aan gaat. Ook de
Outputs geven weer signaal.
Clock
Analog Input
Bij een analoge Input-source zijn de volgende Sample
Rates beschikbaar:
Internal 44.1kHz - De M•ONE gebruikt intern 44.1kHz.
Internal 48kHz - De M•ONE gebruikt intern 48kHz.
Digital - De M•ONE pakt de binnenkomende Digital clock.
Digital Input
Bij een digitale Input-source zijn de volgende Sample
Rates beschikbaar:
Internal 44.1kHz - De M•ONE gebruikt intern 44.1kHz.
Internal 48kHz - De M•ONE gebruikt intern 48kHz.
Digital - De M•ONE pakt de binnenkomende Digital clock.
***Rate Mismatch****
Deze foutmelding verschijnt als de M•ONE syncfouten opmerkt. Normaalgesproken komen dit soort
meldingen alleen maar voor tijdens bijzondere clocksetups. Zoals wanneer de M•ONE via zijn interne clock
werkt terwijl hij data moet verwerken via de digitale input.
Als de inkomende en interne clock niet overeenkomen laat
de M•ONE de bovenstaande melding in de display zien.
Out Range
Bepaalt de maximale Gain-range van de analoge Output.
Range: 2dBu, 8dBu, 14dBu en 20dBu.
Out level
Bestuurt het totale digitale/analoge Output level.
0 tot Off (-100dB) in stappen van 1dB.
Digital In Gain
Bepaalt het digitale Input-level. Dit geldt alleen voor de digitale input.
Dither
Om van een hoge naar een lage bitresolutie te gaan ,
bijvoorbeeld van 24 naar 16 bits, verlies je 8 bits aan informatie. Dit afknippen van bits noemt men ‘truncation’. Het
gevolg hiervan is dat er vervorming optreedt in de zachtere
passages omdat er dan niet genoeg informatie binnenkomt.
Om dit te compenseren gebruikt met ‘dithering’. Door dit
proces, dat werkt met het toevoegen van een soort ruisd
op het laagst hoorbare level, wordt de mate van vervorming hoorbaar verbeterd. Dithering is alleen maar van
belang bij digitale outputs. Bovendien is altijd het ontvangende apparaat verantwoordelijk voor de mate van dithering. Een CD-r of DAT werkt meestal op 16-bits resolutie.
Let op! Bij het gebruik van de interne clock met een
extern digitaal signaal moet de clock-rate sync
lopen. Anders onstaan er fouten.
11
UTILITY & MIDI
Utility
Basisbediening
• Druk de UTILITY-knop in om bij de local setup
parameters van de M•ONE te komen.
• Met de pijltoetsen selecteer je de parameters en het
CONTROL-wiel verandert de waarden.
Alle veranderingen worden meteen actief in het Utilitymenu.
MIDI Channel
Kiest het juiste MIDI-kanaal van de M•ONE.
Range: Off/1-16/Omni.
MIDI CC
Bepaalt of de M•ONE reaageert op MIDI
Continuous Controllers of niet.
Range: On/Off.
MIDI Bulk Dump
Druk op ENTER om een Bulk Dump van alle presets uit te
voeren naar een extern MID-apparaat. De M•ONE is altijd
in staat om een dump te onvangen.
MIDI Sys-Ex ID
Bepaalt het Sys-Ex ID nummer van de unit.
Alle effect-parameters; algo-instellingen en routings kunnen
via MIDI Sys-Ex worden bestuurd.
Om te bepalen welke unit op de data zal reageren op MIDI
Sys-Ex moet het juiste ID-nummer worden ingevoerd.
Program Bank
Bepaalt welke bank er via MIDI wordt gekozen als er een
program-change binnenkomt.
De mogelijkheden zijn: Factory, User of Internal.
Als je External hebt geselecteerd kun je met #32 schakelen
tussen de Factory- en de User-bank.
Factory bank:
User bank:
Controller #32=0
Controller #32=1
Routing Lock
Bevriest de Routing. Dat betekent dat de huidige routing
een soort ‘global routing’ wordt. Bij het kiezen van een preset verandert de routing dus niet meer mee.
12
Tap Unit
Hier kies je of het ingetikte tempo in het Tap-menu wordt
weergegeven in ms (milliseconde) of BPM (Beats Per
Minute).
Bypass Mode
Er zijn drie verschillende Bypass modes:
0% Mix
Het Input-signaal gaat direct door naar de Output.
FX Input
Schakelt allen de Engine-ingang om het effect te laten uitklinken maar laat het droge signaal wel gewoon doorgaan.
FX Output
Schakelt de Engine-uitgang om het effect onmiddellijk te
laten stoppen maar laat het droge signaal wel gewoon
doorgaan.
Pedal setup
Stelt de functie in van de Pedal-jack aan de achterkant. De
Pedal-Input werkt alleen met momentschakelaars.
Range: Bypass 1, Bypass 2, Bypass 1&2, Tap.
Viewing Angle
Stelt de kijkhoek van het LCD-display in zodat je het beter
kunt zien.
ROUTINGS
Het Routing-menu stelt de routing van de twee Engines in.
Als je het Routing-menu binnengaat, licht het pijltje in de
display op. Routings worden opgeslagen bij de presets
maar het is ook mogelijk om ‘locked routing’ te kiezen
zodat de preset routing niet meer werkt. Je doet dat in het
Utility-menu.
Basiswerking
• Druk op de ROUTING-knop om in de Routingdisplayte komen.
• Kies een routing met het CONTROL-wiel. De ENTERknop gaat nu knipperen.
• Druk op ENTER om de gekozen routing actief te maken.
Dual S/R - Dual Send/Return
M•ONE
DUAL EFFECTS PROCESSOR
L
ENG1
R
ENG2
L
MIXER
STEREO
SEND
R
L
RETURNS
R
FX BAL MIX
De Parallel-routing voegt de linker- en rechter Inputs
samen zodat beide engines hetzelfde signaal krijgen. Zoals
je kunt zien wordt het droge signaal met het effectsignaal
gemengd met de Mix-parameter.
EFFECT BAL
Regelt de balans tussen de twee engines.
M•ONE
DUAL EFFECTS PROCESSOR
L
ENG1
R
ENG2
L
MIXER
1
2
SENDS
Parallel
R
L
RETURNS
R
MIX
Bepaalt de hoeveelheid droog signaal dat om de twee
engines heen gaat. Het droge signaal blijft stereo.
FX BAL MIX
De Parallel-routing is perfect als je twee verschillende effecten aan dezelfde bron wilt toevoegen.
Dit is de routing die je kiest als je de M•ONE als twee
onafhankelijke effectprocessors wilt gebruiken. De left input
gaat naar engine 1 en de right input naar engine 2. De vier
FX-Outputs worden naar de twee uitgangskanalen gestuurd via de mix-parameter.
Voorbeeld:
Je wilt een Chorus en een Reverb op dezelfde gitaat-track.
Selecteer de Chorus in Engine 1, de Reverb in Engine 2 en
de Parallel-Routing. Nu heb je twee los van elkaar werkende effecten.
EFFECT BAL
Bepaalt de balans tussen de twee engine FX-Outputs.
MIX
Bestuurt de hoeveelheid signaal die om de engines heen
gaat. Droog signaal wordt mono. Zet de MIX helemaal
open in een send/return setup..
Voorbeeld:
Stuur de twee engined van de M•ONE aan via twee aparte
auxen van een mengtafel. Sluit nu de output van de
M•ONE aan op een stereo return. Je gebruikt nu de twee
engines apart via één stereo return.
13
ROUTINGS
Parallel/Serial
Serial
M•ONE
ENG 2 FEED
M•ONE
DUAL EFFECTS PROCESSOR
DUAL EFFECTS PROCESSOR
L
L
ENG1
MIXER
MIXER
1
2
SENDS
R
L
RETURNS
1
SENDS
R
ENG2
R
L
RETURNS
L
R
ENG 1
L
R
ENG 2
R
MIX
FX BAL
FX BAL MIX
Parallel-Serial
De Parallel-Serial routing is identiek aan de Dual Input
routing behalve één ding: De Output van Engine 1 kan
worden doorgestuurd naar de input van Engine 2. Zo kun
je bijvoorbeeld reverb toevoegen aan de echo’s van een
delay. De hoeveelheid signaal die je naar Engine 2 stuurt
wordt geregeld door de Eng 2 Crossfeed parameter. De
Eng 2 Crossfeed parameter vind je in het Routing-menu en
is een deel van een preset.
EFFECT BAL
Regelt de balans tussen de twee engines.
MIX
Bestuurt de hoeveelheid signaal die om de engines heen
gaat. Droog signaal wordt mono.
Eng2 Feed
Bepaalt de hoeveelheid signaal van Engine 1 naar de input
van Eng 2. Deze parameter is alleen actief in de ParallelSerial routing.
De Parallel-Serial routing gebruik je om twee
losse effecten te gebruiken die gecontroleerd wilt
samenvoegen.
Voorbeeld:
Je hebt een lange Delay in Engine 1 en een large Hall
Reverb in Engine 2. Beide effecten gebruik je op de leadvocal. Het level van de effecten bestuurje met de twee
auxen op je mixer. De echo’s van de delay zijn een beetje
droog ten opzichte van de reverb. Vervolgens kun je een
beetje delay laten ‘lekken’ naar de reverb-engine met de
Eng 2 Feed parameter. Nu zijn zowel de vocal als de
echo’s voorzien van galm.
14
Serial
In de Serial-modus gaat het signaal altijd eerst door engine
1 en dan door engine 2. Op het frontpaneel werken de
EFFECT BAL-knop en de MIX-knop als volgt:
MIX
In Serial-routing werkt de MIX-knop als de Mix-control van
engine 1.
EFFECT BAL
Controleert de hoeveelheid droog signaal om Engine 2
heen. Let op! Het droge signaal wordt na Engine 1
opgepakt. Zo kun je dus twee losse effecten gebruiken binnen een serial-setup. Het droge signaal passert in stereo.
Gebruik deze modus als je de beide engines wilt
samenvoegen tot één effect.
Voorbeeld:
Kies de De-esser in Engine 1 en een bright Reverb in
Engine 2. De De-esser zal nu de ‘Sss’ -geluiden onderdrukken zodat je een open en volle reverb kunt gebruiken
zonder hinderlijk gesis.
ROUTINGS
Stereo Linked
Dual Mono
M•ONE
M•ONE
DUAL EFFECTS PROCESSOR
DUAL EFFECTS PROCESSOR
L
ENG1
R
ENG2
L
MIXER
STEREO
SEND
R
L
RETURNS
L
ENG1
R
ENG2
L
MIXER
R
FX BAL MIX
In de Stereo Linked Routing gebruiken de Engines hetzelfde effect met gesynchroniseerde parameters. Het linker
kanaal is voor engine 1, het rechter voor engine 2. Bij het
kiezen van deze modus worden de instellingen van engine
1 gecopieerd naar engine 2.
EFFECT BAL.
Regelt de balans tussen de twee FX Outputs van de beide
engines.
MIX
Regelt de hoeveelheid groog signaal dat om de twee
engines wordt geleid. Het droge signaal blijft stereo.
Deze modus kan worden gebruikt voor een echt
stereo effect.
Voorbeeld:
Selecteer de Compressor en insert de M•ONE op een subgroep van je mixer. Nu heb je een volledige stereo compressor met gelijke instellingen. Wanneer je wilt editten
hoef je alleen maar engine 1 te bedienen. Met deze routing
heb je twee mono effecten die zich als één effect laten
bedienen. De linker I/O is voor engine 1, de rechter voor
engine 2.
2
1
INSERTS
R
FX BAL MIX
In de Dual Mono routing zijn de twee engines totaal
onafhankelijk. Dus: mono in/mono out voor iedere engine.
Left I/O zijn voor engine 1, Right I/O zijn voor engine 2.
EFFECT BAL.
Regelt de balans tussen de twee FX Outputs van de beide
engines.
MIX
Regelt de hoeveelheid groog signaal dat om de twee
engines wordt geleid. Het droge signaal blijft onafhankelijk
van elkaar.
Dual Mono is een te gekke routing voor los Mono
gebruik. Dit geeft je de mogelijkheid om de twee
engines voor twee verschillende doeleinden in te
zetten.
Voorbeeld:
Je hebt een Tremolo en een EQ nodig voor de insert van
twee verschillende kanalen. Sluit de eerste aan op de Left
In/Out van de M•ONE en de tweede op de Right In/Out.
Kies de Tremolo en de EQ en Kees heeft het weer voor
elkaar!
15
RECALL
Recall
Het oproepen van een Preset (Recall)
Recall houdt in dat je een effectprogramma in het
geheugen laadt.
• Druk op RECALL om in het RECALL-menu te komen.
• Gebruik het CONTROL-wiel om de presets te bekijken.
De Preview-modus wordt aangegeven met een
knipperend preset-nummer en een knipperend LED in de
ENTER-knop.
• Druk op ENTER of RECALL om een preset te laden.
Druk op de EXIT-knop tijdens een preview om terug te
keren naar de huidige preset.
Preset types
User presets - RAM
User presets kunnen worden aangepast en opgeslagen in
de User-bank. Je kunt 100 user presets in de User-bank
kwijt.
Factory presets - ROM
Factory presets kunnen ook worden verandert en opgeslagen in de User-bank. Je kunt geen presets opslaan in de
Factory-bank. De M•ONE heeft 100 factory presets.
Vanuit de Factory-bank kun je met de ARROW
UP-knop snel naar de User-bank. Andersom kun
je met de ARROW DOWN-knop ook weer van de
User- naar de Factory-bank.
16
STORE
Preset types
User presets - RAM
User presets kunnen worden aangepast en opgeslagen in
de User-bank. Je kunt 100 user presets in de user-bank
kwijt.
TAP
Met de TAP-functie kun je een global tempo in de M•ONE
intikken. Dit tempo kun je gebruiken voor Delay time,
Chorus rate enz.
Factory presets - ROM
Factory presets kunnen ook worden verandert en opgeslagen in de User-bank. Je kunt geen presets opslaan in de
Factory-bank. De M•ONE heeft 100 factory presets.
Basisbediening
• Druk eenmaal op de TAP-knop voor het Tap-menu.
• Kies met de pijltoetsen de parameters.
• Gebruik het CONTROL-wiel om de waarde te kiezen.
Veranderingen werken direct.
Basiswerking:
Druk op de STORE-knop voor de Store-pagina. De
ENTER-knop en het preset-nummer knipperen om aan te
geven dat de huidige preset niet is opgeslagen.
Tap
Biedt het huidige Tap-tempo. Het Tap-tempo wordt
weergegeven in ms (milliseconde) of BPM (Beats Per
Minute).
De Preset geheugenplaatsen
Presets kunnen alleen in de User-bank worden opgeslagen.
De Store-pagina geeft automatisch de eerste vrije Userbank locatie aan. Als je al in de User-bank zit, dan slaat hij
de preset op op de locatie waar je al staat.
Tap Subdivision
De subdivision bepaalt hoe de M•ONE reageert op het
ingevoerde tempo.
De keuzes zijn: Ignored, 1, 1/2D, 1/2, 1/2T, 1/4D, 1/4,
1/4T, 1/8D, 1/8, 1/8T, 1/16D, 1/16, 1/16T,
1/32D, 1/32, 1/32T.
Een preset met dezelfde naam opslaan op dezelfde
plaats.
• Druk op STORE voor het Store-menu.
• Druk op ENTER om de preset op te slaan. In de display
staat kort 'Stored' en daarna ben je weer in de Recallpagina.
Een preset met dezelfde naam opslaan op een andere
plaats.
• Druk op STORE voor het Store-menu.
• Gebruik het CONTROL-wiel om een plek te kiezen.
• Druk één keer op ENTER om de preset op te slaan. In
de display staat kort 'Stored' en daarna ben je weer in de
Recall-pagina.
Een preset opslaan met een nieuwe naam
• Druk op STORE voor het Store-menu.
• Gebruik het CONTROL-wiel om een plek te kiezen.
• Druk nogmaals op de STORE-knop of de ARROW
DOWN-knop voor de ' Naming' display.
• Met de pijltoetsen beweeg je de cursor.
• Draai met het CONTROL-wiel voor de verschillende
tekens.
• Druk op ENTER om de preset vast te leggen.
Beschikbare tekens: ABCDEFGHIJKLMNOPQRSTU
VXYZabcdefghijklmnopqrstuvxyz 0123456789 /*:.'#
$%&()_
Tap Func
Bepaalt op welke Engine de Tap-control werkt.
Range: Eng 1, Eng 2 of Eng 1&2.
Kies 'Ignored' in 'Tap Subdivision' om de Tap-functie
uit te schakelen
MIDI Sync
Als MIDI-Sync aan is zal de M•ONE automatisch locken
aan een MIDI-clock. Zoals bijvoorbeeld een sequencer.
Als de MIDI Sync aan iszia je in de Tap-display
welke Subdivisioner is gekozen.
17
REVERB - Hall
De Reverbs
De meeste reverbs in de M•ONE bestaan uit twee delen:
de Reflections en de Tail.
• De Reflections, of Early Reflections, simuleren de eerste
reflecties die je hoort. In de werkelijkheid is dit het deel
van de galm wat de grootte en de toestand van de ruimte
bepaalt.
• Het andere deel van de galm is de ‘tail’ of de diffusie.
Deze reflecties zijn zo vervormd en complex dat je de
oorspronkelijke richting van het signaal niet meer kunt
waarnemen.
Samen vormen deze twee delen het natuurlijke geluid van
een ruimte. In werkelijkheid echter zitten er nogal wat variaties in deze samenstelling. Vandaar dat je een aantal
parameters vindt waarmee je het level, de kleuring en de
uitsterftijd van de beide delen kunt beïnvloeden. Een goede
tip: Ga eens flink rommelen met allen instellingen. Dan
wordt je duidelijk wat iedere parameter precies doet. Bereid
je voor op een heftige trip!!!
Hall
Decay
Range: 0.02s - 20sec
De Decay parameter bepaalt de lengte van de Reverb Tail
(uitsterftijd). De lengte wordt weergegeven als de tijd die de
galm nodig heeft om ongeveer 60dB af te nemen.
Predelay
Range: 0 - 100ms
Een korte delay tussen de Early Reflections en de tail van
de reverb. Met deze per-delay blijft het oorspronkelijke signaal los van de meer verstrooide tail.
Door het Reflect Level omlaag te draaien kun je
een 'slapback' effect in de reverb tail bereiken.
Size
Range: Small - Medium - Large
Deze parameter bepaalt de grootte van het Early
Reflection patroon. Probeer wat te expirimenteren om te
horen wat het beste bij jou signaal past.
18
High Cut
Range: 501.2Hz - 20kHz
Filtert de hoge frequenties met een slope van 6dB/octaaf.
Gebruik dit om hinderlijk gesis uit je galm te krijgen.
Probeer wat de verschillen zijn als je met de High
Cut- of de High Color-parameters.
High Color
Range: -50 - +50
Deze parameter regelt de decay-tijd van de hoge frequenties. Door deze omlaag te draaien haal je de ‘hiss’ uit een
galm, terwijl hij wel mooi lang en open blijft.
Low Color
Range: -50 - +50
Deze parameter regelt de decay-tijd in het lage frequentiespectrum. Haal storend gerommel uit een galm zonder
de warmte ervan te verliezen door de waarde te verminderen.
Reflect Level
Range: 0dB to -100dB
Deze parameter regelt de mate van Early Reflection.
Veel oudere galmen hadden geen E/R-patronen.
Door het level lager te zetten krijg je dat ouderwetse geluid.
Reverb Level
Range: 0dB to -100dB
Deze parameter regelt het niveau van de Reverb Tail. Deze
parameter omlaag draaien geeft een meer ruimtelijk geluid
omdat de Early Reflection meer op gaat vallen.
REVERB - Room
Mod Type
Range: Off - Smooth - Vintage
Stelt de wijze van modulatie in op het galmsignaal.
Smooth: De Smooth modulation gebruikt een gecompliceerd modulatie-pattern. Zodoende wordt de reverb tail
gemoduleerd zonder dat het signaal vals wordt (detuning).
Vintage: Veel oude galms gebruiken een eenvoudig modulatie-patern waarmee het signaal licht ge-detuned wordt. In
deze modus krijg je dat zelfde effect waarbij de de ‘uitklank’ van de galm iets ontstemd wordt.
Mod Speed
Range: -25 - +25
Bepaalt de snelheid van de modulatie. Voor elk reverb-type
is de snelheid optimaal gekozen. De +/-25 range is berekend als een variatie op deze optimale instelling.
Mod Depth
Range: -25 - +25
Bepaalt de diepte van de modulatie. Voor elk reverb-type is
de diepte optimaal gekozen. De +/-25 range is berekend
als een variatie op deze optimale instelling.
FX Level
Range: 0 - 100%
Het volume van het gehele effect.
Room
Decay
Range: 0.02s - 2,5s
De Decay parameter bepaalt de lengte van de Reverb Tail
(uitsterftijd). De lengte wordt weergegeven als de tijd die de
galm nodig heeft om ongeveer 60dB af te nemen.
Predelay
Range: 0 - 100ms
Een korte delay tussen de Early Reflections en de Tail van
de reverb. Met deze per-delay blijft het oorspronkelijke signaal los van de meer diffuse Tail.
Door het Reflect Level omlaag te draaien kun je
een 'slapback' effect in de Reverb Tail bereiken.
Size
Range: Small - Medium - Large
Deze parameter bepaalt de grootte van het Early
Reflection patroon. Probeer wat te expirimenteren om te
horen wat het beste bij jou signaal past.
High Cut
Range: 501.2Hz - 20kHz
Filtert de hoge frequenties met een slope van 6dB/octaaf.
Gebruik dit om hinderlijk gesis uit je galm te krijgen.
Probeer wat de verschillen zijn als je met de High
Cut- of de High Color-parameters.
High Color
Range: -50 - +50
Deze parameter regelt de decay-tijd van de hoge frequenties. Door deze omlaag te draaien haal je de ‘hiss’ uit een
galm, terwijl hij wel mooi lang en open blijft.
Low Color
Range: -50 - +50
Deze parameter regelt de decay-tijd in het lage frequentiespectrum. Haal storend gerommel uit een galm zonder
de warmte ervan te verliezen door de waarde te verminderen.
19
REVERB - Room & Plate
Reflect Level
Range: 0dB to -100dB
Deze parameter regelt de mate van Early Reflection.
Veel oudere galmen hadden geen E/R-patronen.
Door het level lager te zetten krijg je dat ouderwetse geluid.
Reverb Level
Range: 0dB to -100dB
Deze parameter regelt het niveau van de Reverb Tail. Deze
parameter omlaag draaien geeft een meer ruimtelijk geluid
omdat de Early Reflection meer op gaat vallen.
Mod
Range: Off - On
De Reverb tail moduleren maakt deze wat meer chaotisch,
net als een echte kamer.
Plate 1
Decay
Range: 0.02s - 20s
De Decay parameter bepaalt de lengte van de Reverb Tail
(uitsterftijd). De lengte wordt weergegeven als de tijd die de
galm nodig heeft om ongeveer 60dB af te nemen.
Predelay
Range: 0 - 100ms
Een korte delay tussen de Early Reflections en de Tail van
de reverb. Met deze per-delay blijft het oorspronkelijke signaal los van de meer diffuse Tail.
Door het Reflect Level omlaag te draaien kun je
een 'slapback' effect in de Reverb Tail bereiken.
Mod Speed
Range: -25 - +25
Bepaalt de snelheid van de modulatie. Voor elk reverb-type
is de snelheid optimaal gekozen. De +/-25 range is berekend als een variatie op deze optimale instelling.
Size
Range: Small - Medium - Large
Deze parameter bepaalt de grootte van het Early
Reflection patroon. Probeer wat te expirimenteren om te
horen wat het beste bij jou signaal past.
Mod Depth
Range: -25 - +25
Bepaalt de diepte van de modulatie. Voor elk reverb-type is
de diepte optimaal gekozen. De +/-25 range is berekend
als een variatie op deze optimale instelling.
High Cut
Range: 501.2Hz - 20kHz
Filtert de hoge frequenties met een slope van 6dB/octaaf.
Gebruik dit om hinderlijk gesis uit je galm te krijgen.
FX Level
Range: 0 - 100%
Het volume van het gehele effect.
20
Probeer wat de verschillen zijn als je met de High
Cut- of de High Color-parameters.
High Color
Range: -50 - +50
Deze parameter regelt de decay-tijd van de hoge frequenties. Door deze omlaag te draaien haal je de ‘hiss’ uit een
galm, terwijl hij wel mooi lang en open blijft.
REVERB - Plate
Low Color
Range: -50 - +50
Deze parameter regelt de decay-tijd in het lage frequentiespectrum. Haal storend gerommel uit een galm zonder
de warmte ervan te verliezen door de waarde te verminderen.
Plate 2
Reflect Level
Range: 0dB to -100dB
Deze parameter regelt de mate van Early Reflection.
Predelay
Range: 0 - 100ms
Een korte delay tussen de Early Reflections en de Tail van
de reverb. Met deze per-delay blijft het oorspronkelijke signaal los van de meer diffuse Tail.
Veel oudere galmen hadden geen E/R-patronen.
Door het level lager te zetten krijg je dat ouderwetse geluid
Reverb Level
Range: 0dB to -100dB
Deze parameter regelt het niveau van de Reverb Tail. Deze
parameter omlaag draaien geeft een meer ruimtelijk geluid
omdat de Early Reflection meer op gaat vallen.
Mod Speed
Range: -25 - +25
Bepaalt de snelheid van de modulatie. Voor elk reverb-type
is de snelheid optimaal gekozen. De +/-25 range is berekend als een variatie op deze optimale instelling.
Mod Depth
Range: -25 - +25
Bepaalt de diepte van de modulatie. Voor elk reverb-type is
de diepte optimaal gekozen. De +/-25 range is berekend
als een variatie op deze optimale instelling.
FX Level
Range: 0 - 100%
Het volume van het gehele effect.
Decay
Range: 0.02s - 20s
De Decay parameter bepaalt de lengte van de Reverb Tail
(uitsterftijd). De lengte wordt weergegeven als de tijd die de
galm nodig heeft om ongeveer 60dB af te nemen.
Door het Reflect Level omlaag te draaien kun je
een 'slapback' effect in de Reverb Tail bereiken.
Size
Range: Small - Medium - Large
Deze parameter bepaalt de grootte van het Early
Reflection patroon. Probeer wat te expirimenteren om te
horen wat het beste bij jou signaal past.
High Cut
Range: 501.2Hz - 20kHz
Filtert de hoge frequenties met een slope van 6dB/octaaf.
Gebruik dit om hinderlijk gesis uit je galm te krijgen.
Probeer wat de verschillen zijn als je met de High
Cut- of de High Color-parameters.
High Color
Range: -50 - +50
De Decay parameter bepaalt de lengte van de Reverb Tail
(uitsterftijd). De lengte wordt weergegeven als de tijd die de
galm nodig heeft om ongeveer 60dB af te nemen.
Low Color
Range: -50 - +50
Deze parameter regelt de decay-tijd in het lage frequentiespectrum. Haal storend gerommel uit een galm zonder
de warmte ervan te verliezen door de waarde te verminderen.
21
REVERB - Spring
Reflect Level
Range: 0dB to -100dB
Deze parameter regelt de mate van Early Reflection.
Veel oudere galmen hadden geen E/R-patronen.
Door het level lager te zetten krijg je dat ouderwetse geluid.
Reverb Level
Range: 0dB to -100dB
Deze parameter regelt het niveau van de Reverb Tail. Deze
parameter omlaag draaien geeft een meer ruimtelijk geluid
omdat de Early Reflection meer op gaat vallen.
Mod
Range: Off - On
Door de Reverb tail te moduleren wordt hij chaotischer, net
als in een echte ruimte.
Mod Speed
Range: -25 - +25
Bepaalt de snelheid van de modulatie. Voor elk reverb-type
is de snelheid optimaal gekozen. De +/-25 range is berekend als een variatie op deze optimale instelling.
Mod Depth
Range: -25 - +25
Bepaalt de diepte van de modulatie. Voor elk reverb-type is
de diepte optimaal gekozen. De +/-25 range is berekend
als een variatie op deze optimale instelling.
FX Level
Range: 0 - 100%
Het volume van het gehele effect.
Spring
Een reverb algorithm dat is ontworpen om ouderwetse
verengalmen te simuleren, zoals die in veel gitaarversterkers.
Decay
Range: 0.02s - 20s
De Decay parameter bepaalt de lengte van de Reverb Tail
(uitsterftijd). De lengte wordt weergegeven als de tijd die de
galm nodig heeft om ongeveer 60dB af te nemen.
Predelay
Range: 0 - 100ms
Een korte delay tussen de Early Reflections en de Tail van
de reverb. Met deze per-delay blijft het oorspronkelijke signaal los van de meer diffuse Tail.
High Cut
Range: 501.2Hz - 20kHz
Filtert de hoge frequenties met een slope van 6dB/octaaf.
Gebruik dit om hinderlijk gesis uit je galm te krijgen.
Probeer wat de verschillen zijn als je met de
High Cut- of de High Color-parameters.
High Color
Range: -50 - +50
Deze parameter regelt de decay-tijd van de hoge frequenties. Door deze omlaag te draaien haal je de ‘hiss’ uit een
galm, terwijl hij wel mooi lang en open blijft.
Low Color
Range: -50 - +50
Deze parameter regelt de decay-tijd in het lage frequentiespectrum. Haal storend gerommel uit een galm zonder
de warmte ervan te verliezen door de waarde te verminderen
FX Level
Range: 0 - 100%
Het volume van het gehele effect.
22
REVERB - Live
Live
Decay
Range: 0.02s - 20s
De Decay parameter bepaalt de lengte van de Reverb Tail
(uitsterftijd). De lengte wordt weergegeven als de tijd die de
galm nodig heeft om ongeveer 60dB af te nemen.
Predelay
Range: 0 - 100ms
Een korte delay tussen de Early Reflections en de Tail van
de reverb. Met deze per-delay blijft het oorspronkelijke signaal los van de meer diffuse Tail.
Door het Reflect Level omlaag te draaien kun je
een 'slapback' effect in de Reverb Tail bereiken.
Size
Range: Small - Medium - Large
Deze parameter bepaalt de grootte van het Early
Reflection patroon. Probeer wat te expirimenteren om te
horen wat het beste bij jou signaal past.
High Cut
Range: 501.2Hz - 20kHz
Filtert de hoge frequenties met een slope van 6dB/octaaf.
Gebruik dit om hinderlijk gesis uit je galm te krijgen. .
Probeer wat de verschillen zijn als je met de High
Cut- of de High Color-parameters.
High Color
Range: -50 - +50
Deze parameter regelt de decay-tijd van de hoge frequenties. Door deze omlaag te draaien haal je de ‘hiss’ uit een
galm, terwijl hij wel mooi lang en open blijft.
Low Color
Range: -50 - +50
Deze parameter regelt de decay-tijd in het lage frequentiespectrum. Haal storend gerommel uit een galm zonder
de warmte ervan te verliezen door de waarde te verminderen.
Reflect Level
Range: 0dB to -100dB
Deze parameter regelt de mate van Early Reflection.
Veel oudere galmen hadden geen E/R-patronen.
Door het level lager te zetten krijg je dat ouderwetse geluid.
Reverb Level
Range: 0dB to -100dB
Deze parameter regelt het niveau van de Reverb Tail. Deze
parameter omlaag draaien geeft een meer ruimtelijk geluid
omdat de Early Reflection meer op gaat vallen.
Mod Speed
Range: -25 - +25
Bepaalt de snelheid van de modulatie. Voor elk reverb-type
is de snelheid optimaal gekozen. De +/-25 range is berekend als een variatie op deze optimale instelling.
Mod Depth
Range: -25 - +25
Bepaalt de diepte van de modulatie. Voor elk reverb-type is
de diepte optimaal gekozen. De +/-25 range is berekend
als een variatie op deze optimale instelling.
FX Level
Range: 0 - 100%
Het volume van het gehele effect.
23
REVERB - Ambience
Ambience
In tegenstelling tot de Spring reverb, is het Ambience algorithme een heel natuurlijk klinkende galm.
Decay
Range: 0.02s - 2,5s
De Decay parameter bepaalt de lengte van de Reverb Tail
(uitsterftijd). De lengte wordt weergegeven als de tijd die de
galm nodig heeft om ongeveer 60dB af te nemen.
Predelay
Range: 0 - 100ms
Een korte delay tussen de Early Reflections en de Tail van
de reverb. Met deze per-delay blijft het oorspronkelijke signaal los van de meer diffuse Tail.
Door het Reflect Level omlaag te draaien kun je
een 'slapback' effect in de Reverb Tail bereiken.
Size
Range: Small - Medium - Large
Deze parameter bepaalt de grootte van het Early
Reflection patroon. Probeer wat te expirimenteren om te
horen wat het beste bij jou signaal past.
High Cut
Range: 501.2Hz - 20kHz
Filtert de hoge frequenties met een slope van 6dB/octaaf.
Gebruik dit om hinderlijk gesis uit je galm te krijgen.
Probeer wat de verschillen zijn als je met de High
Cut- of de High Color-parameters.
High Color
Range: -50 - +50
Deze parameter regelt de decay-tijd van de hoge frequenties. Door deze omlaag te draaien haal je de ‘hiss’ uit een
galm, terwijl hij wel mooi lang en open blijft.
24
Low Color
Range: -50 - +50
Deze parameter regelt de decay-tijd in het lage frequentiespectrum. Haal storend gerommel uit een galm zonder
de warmte ervan te verliezen door de waarde te verminderen.
Reflect Level
Range: 0dB to -100dB
Deze parameter regelt de mate van Early Reflection.
Veel oudere galmen hadden geen E/R-patronen.
Door het level lager te zetten krijg je dat ouderwetse geluid.
Reverb Level
Range: 0dB to -100dB
Deze parameter regelt het niveau van de Reverb Tail. Deze
parameter omlaag draaien geeft een meer ruimtelijk geluid
omdat de Early Reflection meer op gaat vallen.
Mod
Range: Off - On
Schakelt de Modulation-functie aan of uit.
Door de Reverb tail te moduleren wordt hij chaotischer, net
als in een echte ruimte.
Mod Speed
Range: -25 - +25
Bepaalt de snelheid van de modulatie. Voor elk reverb-type
is de snelheid optimaal gekozen. De +/-25 range is berekend als een variatie op deze optimale instelling.
Mod Depth
Range: -25 - +25
Bepaalt de diepte van de modulatie. Voor elk reverb-type is
de diepte optimaal gekozen. De +/-25 range is berekend
als een variatie op deze optimale instelling.
FX Level
Range: 0 - 100%
Het volume van het gehele effect.
DELAY - One Tap & Two Tap
One Tap
De One Tap Delay modus werkt met slechts één delay-lijn.
Delay Time
Range: 0 - 4000ms
De lengte van de delaytijd.
Feedback
Range: 0 - 100%
Stuurt de hoeveelheid signaal dat wordt teruggekoppeld
naar de ingang van de delay-lijn. Hoe hoger de waarde, hoe
meer herhalingen.
Pan
Range: 50L - 50R
Bepaalt de panning van het delay-signaal.
High Cut
Range: 500Hz - 20kHz
High Cut shelving-filter dat de hoge frequenties wegfiltert uit
de herhalingen. Hiermee krijg je doffere en meer analoge
herhalingen. Deze zijn vaak minder storend in een totaalmix
dan delays zonder high-cut.
Low Cut
Range: 19.9Hz - 2kHz
Low Cut shelving-filter reduceert de lage frequenties van de
herhalingen. Bij het gebruik van delay op een signaal met
veel laag, wordt de mix vaak wat rommelig. Het lowcut-filter
voorkomt dat.
FX Level
Range: 0 - 100%
Het volume van het gehele effect.
Two Tap
De Two Tap Delay modus werkt met twee aparte delay-lijnen. Elk met hun eigen set parameters.
Delay Time 1+2
Range: 0 - 4000ms
De delaytijd van de eerste tap.
Offset
Range: 0-200ms
Verschuift tap-tijd van delay 1 ten opzichte van het Taptempo.
Feedback 1+ 2
Range: -100 to +100
Stuurt de hoeveelheid signaal dat wordt teruggekoppeld
naar de ingang van de delay-lijn. Hoe hoger de waarde,
hoe meer herhalingen.
Level 1+2
Range: -100 - 0dB
Het volume van de gekozen Tap.
Pan 1+2
Range: 50L - 50R
Bepaalt de panning van het delay-signaal.
High Cut
Range: 500Hz - 20kHz
High Cut shelving-filter dat de hoge frequenties wegfiltert
uit de herhalingen. Hiermee krijg je doffere en meer
analoge herhalingen. Deze zijn vaak minder storend in een
totaalmix dan delays zonder high-cut.
Low Cut
Range: 19.9Hz - 2kHz
Low Cut shelving-filter reduceert de lage frequenties van
de herhalingen. Bij het gebruik van delay op een signaal
met veel laag, wordt de mix vaak wat rommelig. Het lowcut-filter voorkomt dat.
FX Level
Range: 0 - 100%
Het volume van het gehele effect.
25
CHORUS - Classic & 4-Voice
Classic
Een Chorus/Flanger is eigenlijk een delay waarvan de pitch
wordt gemoduleerd door een LFO (Low Frequency
Oscillator). De M•ONE Classic Chorus is gebaseerd op
twee voices en geeft een mooie natuurlijke chorus.
L
CHORUS
R
L
R
LFO
Speed
Range: 0.05 - 19.2Hz
De modulatiesnelheid (rate) van de Chorus.
Depth
Range: 0 - 100%
De modulatiediepte (intensity) van de chorus.
Delay
Range: 0 - 100ms
Een Chorus is eigenlijk een delay waarvan de pitch wordt
gemoduleerd door een LFO (Low Frequency Oscillator). De
typische chorus delaytijd ligt rond de 10ms.
FX Lev
Range: 0 -100%
Het volume van het gehele effect.
26
4-Voice
De 4-voice Chorus is opgebouwd uit twee classic chorussen die serieel zijn geschakeld, uit fase staan en met
een vaste delaytijd. Zo krijg je twee maal zoveel voices
zodat ‘ie veel vetter klinkt dan een ‘normale’ chorus.
Speed
Range: 0.05 - 19.2Hz
De modulatiesnelheid (rate) van de Chorus.
Depth
Range: 0 - 100%
De modulatiediepte (intensity) van de chorus.
FX Lev
Range: 0 -100%
Het volume van het gehele effect.
FLANGE - Classic & 4-Voice
Classic
Een Chorus/Flanger is eigenlijk een delay waarvan de pitch
wordt gemoduleerd door een LFO (Low Frequency
Oscillator). De M•ONE Classic Flanger is gebaseerd op
twee voices.
4-Voice
De 4-voice flanger is opgebouwd uit twee classic flangers
die serieel zijn geschakeld, uit fase staan en met een vaste
delaytijd. Zo krijg je twee maal zoveel voices zodat ‘ie veel
vetter klinkt dan een ‘normale’ flanger.
Speed
Range: 0.05 - 19.2Hz
De modulatiesnelheid (rate) van de Flanger.
Depth
Range: 0 - 100%
De modulatiediepte (intensity) van de Flanger.
Speed
Range: 0.05 - 19.2Hz
De modulatiesnelheid (rate) van de Flanger.
Depth
Range: 0 - 100%
De modulatiediepte (intensity) van de Flanger.
Feedback
Range: -100 to +100
De hoeveelheid signaal die wordt teruggekoppeld naar de
input van het algorhitme. Bij een negatieve waarde staat
het signaal uit fase.
FX Lev
Range: 0 -100%
Het volume van het gehele effect.
Feedback
Range: -100 to +100
De hoeveelheid signaal die wordt teruggekoppeld naar de
input van het algorhitme. Bij een negatieve waarde staat
het signaal uit fase.
Delay
Range: 0 - 100ms
De typische flanger delaytijd ligt rond de 5ms.
FX Lev
Range: 0 -100%
Het volume van het gehele effect.
27
PITCH - Detune & Pitch Shift
Pitch Detune
Pitch Detune is hetzelfde als het Pitch algorithme. Er
wordt een stem (voice) toegevoegd aan het signaal. De
range van die pitch is echter veel kleiner en wordt
gebruikt om een breder geluid te krijgen in plaats van een
tweede stem. Bij een waarde van 5-10 cent Detune krijg
je een chorus-achtig effect zonder de modulatie en
beweging van een chorus die soms alleen maar in de
weg zit.
Pitch 1+2
Range: -50 - 50 cent
De pitch waarde van de voice.
Level 1+2
Range: -100 - 0dB
Het volume van de voice.
Pan 1+2
Range: 50L to 50R
Bestuurt de panning van de voice.
Delay 1+2
Range: 0 - 100ms
De delaytijd van de voice.
FX Level
Range: 0 - 100%
Het volume van het gehele effect.
Pitch Shift
Het M•ONE Pitch-algorithme heeft de mogelijkheid om
twee verschillende intervallen toe te voegen aan het signaal. In de volgende parameterbeschrijvingen worden zij
omschreven als 1 en 2.
28
Pitch 1
Range: -1200 - 1200 cent
Geeft de toonhoogte (pitch) van de eerste voice.
Aangezien 100 cent een halve toon is, kun je een tweede
toon toevoegen binnen een bereik van + /- één octaaf.
Level 1
Range: -100 - 0dB
Het volume van de toegevoegde voice.
Pan 1
Range: 50L to 50R
Bestuurt de panning van de eerste voice.
Delay 1
Range: 0 - 100ms
De delaytijd van de toegevoegde voice.
Pitch 2
Range: -1200 - 1200 cent
Bepaalt de toonhoogte van de tweede voice.
Level 2
Range: -100 - 0dB
Het volume van de tweede voice.
Pan 2
Range: 50L to 50R
Bepaalt de panning van de tweede voice.
Delay 2
Range: 0 - 100ms
De delaytijd van de tweede voice.
FX Lev
Range: 0 - 100%
Het volume van het gehele effect.
PARAMETRIC EQUALIZER
De M•ONE Equalizer is een driebands parametrische EQ
met een extra hoog- en laagfilter.
Low Shelving Band:
Low Freq
Range: 19.95Hz - 50kHz
Stelt de doelfrequentie in voor de Low shelving band.
Low Slope
Range: 3dB/oct - 12dB/oct
De Low Slope-parameter bepaalt de steilheid van de Low
Shelving Band-curve.
Low Gain
Range: -12dB - 12dB
De cut of boost van de Low shelving Band.
Parametric Filters:
Freq 1
Range: 19.95Hz to 20kHz
Stelt de doelfrequentie in voor de eerste van de drie EQbanden.
BndWdth 1 - Bandwidth 1
Range: 0.1oct - 4oct
De bandbreedte van de eerste EQ-band.
Gain 1
Range: -12dB - 12dB
De cut of boost van deze band.
Freq 3
Range: 19.95Hz to 20kHz
Stelt de doelfrequentie in voor de derde van de drie EQbanden.
BndWdth 3 - Bandwidth 3
Range: 0.1oct - 4oct
De bandbreedte van de derde EQ-band.
Gain 3
Range: -12dB - 12dB
De cut of boost van deze band.
High Shelving Band:
High Freq
Range: 501.2Hz - 20kHz
Stelt de doelfrequentie in voor de high shelving band.
High Slope
Range: 3dB/oct - 12dB/oct
De high slope-parameter bepaalt de steilheid van de high
Shelving Band-curve.
High Gain
Range: -12dB - 12dB
De cut of boost van de high shelving Band.
FX Level
Range: 0 - 100%
Het totale volume van de Equalizer.
Freq 2
Range: 19.95Hz to 20kHz
Stelt de doelfrequentie in voor de tweede van de drie EQbanden.
BndWdth 2 - Bandwidth 2
Range: 0.1oct - 4oct
De bandbreedte van de tweede EQ-band.
Gain 2
Range: -12dB - 12dB
De cut of boost van deze band.
29
DYNAMICS - Compressor & Limiter
Compressor
Een compressor wordt gebruikt voor het bewerken van de
dynamiek van een signaal. Daardoor wordt het output-signaak veel constanter.
Threshold
Range: -60 - 0dB
Als het input-signaal de Threshold bereikt, zal de compressor gaan werken. Dus, hoe lager de threshold, hoe meer
compressie.
Ratio
Range: Off - inf: 1
De ratio van de gain-reductie. Op het plaatje is dit de hoek
van de lijn boven het threshold-punt.
Bijvoorbeeld: Als de ratio op 4:1 staat, betekent dat dat
voor elke 4dB input er slecht 1dB uit de output komt.
Knee Modus
Range: Soft of Hard
De Knee-modus bepaalt het schakelpunt of traject van de
compressor. In de soft knee-modus zal de compressor
langzaam naar de ratio gaan. In de hard knee-modus,
bereikt hij meteen de maximale ratio.
Release
Range: 10 - 100dB/sec.
Bepaalt de tijd die de compressor er over doet om een
ratio van 1:1 (geen compressie) te bereiken wanneer het
input-signaal beneden de threshold is gekomen.
Gain
Range: -100 - +30dB
Gebruik de gain parameter om ongewenste gain-reductie
te voorkomen door te zware compressie.
FX Level
Range: 0 - 100%
Het uitgangsvolume van de compressor
30
Limiter
Je kunt een limiter zien als een compressor met een hoge
ratio-setting. Je gebruikt het hoofdzakelijk om totale oversturing te vermijden. Totale vervorming treedt op als het signaal de 0dBFS bereikt. Het absolute maximum binnen het
digitale domein. Het veroorzaakt een geclipped en vervormd signaal.
Threshold
Range: -60dB - 0dB
Als het input-signaal de Threshold bereikt, zal de limiter
gaan werken. Dus, hoe lager de threshold, hoe meer limiting.
Ratio
Range: Off - inf: 1
De ratio van de gain-reductie. Op het plaatje is dit de hoek
van de lijn boven het threshold-punt.
Bijvoorbeeld: Als de ratio op 4:1 staat, betekent dat dat
voor elke 4dB input er slecht 1dB uit de output komt.
Attack
Range: 0.3ms - 100ms
Bepaalt de tijd die de limiter nidig heeft om de ratiowaarde
te bereiken als het signaal boven de thredhold-waarde
komt.
Release
Range: 20ms - 7.0 sec
Release is de tijd die de limiter gebruikt om de gain-reductie los te laten als het signaal de threshold passeert.
Gain
Range: -100dB - 30dB
Gebruik de gain parameter om ongewenste gain-reductie
te voorkomen door te zware limiting.
FX Level
Range: 0 - 100%
Het uitgangsvolume van de limiter.
DYNAMICS - Gate/Expander
Gate
De gate staat ook wel bekend als de 'downward expander'.
Dat betekent dat wanneeer het signaal onder de threshold
komt, de gate ‘sluit’ en dus het signaal wordt ge-mute. Dit
is vooral handig om ongewenste achtergrondgeluiden te
weren die soms in een opname zitten. Ook op drumopnames werkt het goed om een meer percussieve sound
te krijgen.
Release:
Range: 20ms - 7 sec.
Dit is de tijd die de gate gebruikt om de gain-reduction los
te laten nadat de threshold-waarde overschreden is.
FX Lev
Range: 0 - 100%
Het uitgangsvolume van de gate.
Threshold
Range: -60 - 0dB
Als het signaal beneden de threshold komt, treedt de gate
in werking. Oftewel: Hoe hoger de threshold, hoe meer gating.
Ratio
Range: Off - Inf:1
Dit is de ratio van de gain-reductie. Als de ratio op 4:1
staat, houdt dat in dat voor elke 1dB minder input, er 4dB
minder output is. Staat de ratio op Infinite:1 betekent dit dat
wanneer het signaal onder de threshold zakt, de output
helemaal dicht gaat.
Attack
Range: 0,5 - 100ms
De attacktijd bepaalt de terugvaltijd die de gate nodig heeft
om de gain-reduction te bereiken die de ratio-parameter
aangeeft. Bijvoorbeeld: Als het signaal an de input plotseling 4dB onder de threshold zakt bij een ratio van 4:1 en
een attacktijd van 20ms, dan zal de M•ONE 20ms nodig
hebben om een gain-reduction van 16dB te bereiken.
31
DYNAMICS - De-esser
De-esser
Een De-esser gebruikt men om storende hoge frequenties
te verwijderen uit verschillende signalen, vooral vocals. Om
zijn werkt goed te kunnen doen werkt de de-esser
dynamisch. Je zou hem kunnen vergelijken met een compressor die in een beperkt frequentiegebied werkt. Een
dynamisch filter zorgt ervoor dat de de-esser alleen de
hoge frequenties filtert die te hard zijn.
Threshold
Range: -60dB - 0dB
Als het ingangsniveau voor het frewuentiegebied wordt
overschreden, gaat de de-esser aan de slag.
Ratio
Range: Off - inf:1
De ratio van de gain-reduction in het ingestelde frequentiegebied.
Frequency
Range: 1kHz - 20kHz
Bepaalt de middenfrequentie van het gebied waarin de deesser werkt.
Attack
Range: 0.5 - 50ms
De attacktijd is de tijd die de de-esser nodig heeft om de
gain-reduction te bereiken die bij de ratio hoort.
Bijvoorbeeld: Als het input-signaal ineens tot 4dB boven de
threshold komt bij een ratio van 4:1 en een attacktijd van
20ms, dan heeft de de-esser 20ms nodig om een gainreduction van 3dB te bereiken.
Release
Range: 20ms - 7 sec.
Dit is de terugvaltijd van de de-esser nadat het sirgnaal
beneden de threshold is gekomen.
FX Lev
Range: -100 - 0dB
Het uitgangsvolume van de De-esser.
32
Tremolo - Hard & Soft
Tremolo
Een tremolo is in feite een omgekeerd evenredige volumevariatie op het linker en rechter kanaal. Dit effect wordt
veel gebruikt voor gitaren en electrische piano’s.
Soft
De Soft Tremolo modus klinkt zachter dan de harde omdat
het signaal slechts kort op zijn piek blijft.
Hard
De Hard Tremolo modus produceert een agressief soort
tremolo.
Speed
Range: 0.05 - 19.2Hz
De snelheid van de Tremolo.
Depth
Range: 0 - 100%
De diepte van de Tremolo.
Speed
Range: 0.05 - 19.2Hz
De snelheid van de Tremolo.
Depth
Range: 0 - 100%
De diepte van de Tremolo.
FX Lev
Range: 0 - 100%
De hoeveelheid Tremolo effect.
FX Lev
Range: 0 - 100%
De hoeveelheid Tremolo effect.
33
PHASER - Vintage & Smooth
Vintage
De Vintage Phaser maakt gebruik van vier allpass-filters.
Deze filters zorgen voor een golfpatroon karakteristiek. Als
je dat signaal mengt met het droge geluid, krijg je die specifieke phaser-sound.
Speed
Range: 0.05 - 19.2Hz
De snelheid van de phaser.
Depth
Range: 0 - 100%
De diepte van de phaser.
Range
Range: Low of Mid
De range parameter bepaalt het frequentiegebied waarin
de phaser werkt.
Feedback
Range: -100 - 100%
Dit is de hoeveelheid signaal dat wordt teruggevoerd naar
de input van het effectblok. Als de waarde negatief is, staat
het signaal uit fase.
Probeer daar zeker mee te expirimenteren.
FX Lev
Range: 0 - 100%
Het volume van het phaser effect.
34
Smooth
De Smooth Phaser maakt gebruik van twaalf allpass-filters.
Deze filters zorgen voor een golfpatroon karakteristiek. Als
je dat signaal mengt met het droge geluid, krijg je die specifieke phaser-sound. Vanwege het grotere aantal filters,
klinkt deze phaser veel ronder dan de Vintage phaser.
Speed
Range: 0.05 - 19.2Hz
De snelheid van de phaser.
Depth
Range: 0 - 100%
De diepte van de phaser.
Range
Range: Low of Mid
De range parameter bepaalt het frequentiegebied waarin
de phaser werkt.
Feedback
Range: -100 - 100%
Dit is de hoeveelheid signaal dat wordt teruggevoerd naar
de input van het effectblok. Als de waarde negatief is, staat
het signaal uit fase.
Probeer daar zeker mee te expirimenteren.
FX Lev
Range: 0 - 100%
Het volume van het phaser effect.
Belangrijke veiligheidsregels
Lees, bewaar en volg de volgende aanwijzingen op, voordat je het apparaat aansluit. Bestudeer alle waarschuwingen en
instructies aandachtig. Bewaar deze aanwijzingen voor toekomstige raadpleging.
Het symbool van de bliksemschicht in de driehoek betekent dat er ongeisoleerde open aders met hoge voltages in het
apparaat aanwezig zijn die gevaar opleveren voor electrische schokken..
De driehoek met het uitroepteken waarschuwd voor belangrijke bedienings en service instructies die vermeld staan in de
bijgeleverde handleiding(en).
Waarschuwing!
•
•
•
•
•
Om electrische schokken te voorkomen mag dit toestel niet worden blootgesteld aan vocht en/of regen.
Maak het apparaat niet open. Hoogspanning. Levensgevaarlijk.
Dit apparaat moet geaard zijn.
Gebruik alleen een drie-aderig netsnoer zoals bij het apparaat wordt geleverd.
Wees ervan bewust dat er in verschillende landen, verschillende voltages worden gebruikt waarvoor verschillende
netsnoeren nodig zijn.
• Controleer het lokale voltage en de bijgeleverde stekker aan het netsnoer.
Voltage
Netstekker volgens de normen.
110-125V
UL817 enCSA C22.2 no 42.
220-230V
CEE 7 pagina VII, SR sectie 107-2-D1/IEC 83 pagina C4.
240V
BS 1363 uit 1984. Specificatie voor 13A gezekerde stekkers geschakelde of ongeschakelde
wandcontactdozen
Monteer de unit in een goed geventileerd rack met een beetje ruimte aan onder- en bovenzijde.
• Plaats het apparaat dichtbij een stopcontact en zorg ervoor dat je makkelijk bij de stekkers kunt.
• Plaats het apparaat niet in de buurt van warmtebronnen. (Radiatoren, kachels, ovens, enz.)
• Hang tijdens transport de unit niet alleen aan het frontpaneel in een rack. Ondersteun ook de achterkant.
• Reinig het apparaat indien nodig met een zachte vochtige doek.
• Bescherm het netsnoer tegen beschdigingen. Rijd er niet overheen met een bureaustoel. Plaats er geen zware of scherpe
voorwerpen op.
• Gebruik alleen uitbreiding die zijn toegestaan door de fabrikant.
• Ontkoppel het netsnoer tijdens onweer of wanneer het apparaat langere tijd niet gebruikt word.
Onderhoud/reparatie
Binnenin het apparaat bevinden zich geen onderdelen die door de gebruiker moeten worden gerepareerd of onderhouden. Alle
service en/of onderhoudswerkzaamheden moeten worden uitgevoerd door daarvoor gekwalificeerde technici. Dit is nodig in de
volgende gevallen:
• De unit is op wat voor manier dan ook, beschadigd. Dat geldt ook voor het netsnoer en de netsnoeraansluiting.
• De unit heeft blootgestaan aan regen of vocht. Of wanneer er vloeistof in de behuizing terecht is gekomen.
• Wanneer er voorwerpen in de behuizing terecht zijn gekomen.
• De unit werkt niet naar behoren.
• De unit is gevallen.
35
IMPORTANT SAFETY INSTRUCTIONS
Service
There are no user-serviceable parts inside. All service must be performed by qualified personnel. Servicing is required when:
• the unit has been damaged in any way, such as when the power-supply cord or plug is damaged.
• the unit has been exposed to rain or moisture, or liquid has been spilled into the unit.
• objects have fallen into the unit .
• the unit does not work properly.
• the unit has been dropped.
This equipment has been tested and found to comply with
the limits for a Class B Digital device, pursuant to part 15
of the FCC rules.
These limits are designed to provide reasonable protection
against harmful interference in a residential installations.
This equipment generates, uses and can radiate radio frequency energy and, if not installed and used in accordance
with the instructions, may cause harmful interference to
radio communications. However, there is no guarantee that
interference will not occur in a particular installation.
If this equipment does cause harmful interference to radio
or television reception, which can be determined by turning
the equipment off and on, the user is encouraged to try to
correct the interference by one or more of the following
measures:
• Reorient or relocate the receiving antenna.
• Increase the separation between the equipment and
receiver.
• Connect the equipment into an outlet on a circuit different
from that to which the receiver is connected.
• Consult the dealer or an experienced radio/TV technician
for help.
The user may find the following booklet, prepared by the
Federal Communications Commission, helpful:
"How to identify and Resolve Radio/TV interference
Problems."
This booklet is available from the US. Government Printing
Office, Washington, DC 20402, Stock No. 004-000-0034-4.
Caution:
You are cautioned that any change or modifications not
expressly approved in this manual could void your authority
to operate this equipment.
For the customers in Canada:
This Class B Digital apparatus meets all requirements of
the Canadian Interference-Causing Equipment Regulations.
Cet appareil numérique de la classe B respecte toutes les
exigences du Réglement sur le matériel brouilleur du
Canada.
Certificate Of Conformity
TC Electronic A/S, Sindalsvej 34, 8240 Risskov,
Denmark, hereby declares on own responsibility that
following product:
M•ONE - Dual Effects Processor
- that is covered by this certificate and marked with CElabel conforms with following standards:
EN 60065
(IEC 60065)
Safety requirements for mains
operated electronic and related
apparatus for household and similar
general use
EN 55103-1
Product family standard for audio,
video, audio-visual and entertainment
lighting control apparatus for
professional use. Part 1: Emission.
EN 55103-2
Product family standard for audio,
video, audio-visual and entertainment
lighting control apparatus for
professional use. Part 2: Immunity.
With reference to regulations in following directives:
73/23/EEC, 89/336/EEC
Issued in Risskov, November 1999
Anders Fauerskov
Chief Executive Officer
36
APPENDIX - MIDI Implementation Chart
DUAL EFFECTS PROCESSOR M•ONE - NOVEMBER - 1999
Function
Basic Channel
Mode
Note Number
Velocity
After Touch
Pitch Bend
Control Change
Default
Changed
Default
Messages
Altered
True Voice
Note ON
Note OFF
Key’s
Ch’s
Prog Change
System Excl.
Common
System real time
Aux Messages
O:YES
X:NO
:Song Pos
:Song Sel
:Tune
:Clock
:Commands
:Local ON/OFF
:All Notes OFF
:Active Sense
:Reset
Transmitted
1
1-16
Recognized
1
1-16
X
X
X
X
X
X
X
X
X
from 16 and up
X
X
X
X
X
X
X
from 16 and up
O
O
O
X
X
X
X
X
X
X
X
X
O
X
X
X
O
X
X
X
X
X
Mode 1: OMNI ON, POLY
Mode 3: OMNI OFF, POLY
Remarks
Eng 1: 16-31
Eng 2: 48-63
System: 70-78
All Controllers are
single byte type, scaled to
parameter range.
Mode 2: OMNI ON, MONO
Mode 4: OMNI OFF, MONO
37
APPENDIX - Technical Specifications
Digitale Inputs en Outputs
Connectors:
Formaten:
Output Dither:
Sample Rates:
Processing Delay:
Frequentie Response DIO:
RCA Phono (S/PDIF)
S/PDIF (24 bit), EIAJ CP-340, IEC 958
HPF/TPDF dither 24/20/16/8 bit
44.1 kHz, 48 kHz
0.1 ms @ 48 kHz
DC tot 23.9 kHz ± 0.01 dB @ 48 kHz
Analoge Inputs
Connectors:
Impedantie, Bal / Unbal:
Max. Input Level:
Min. Input Level voor 0 dBFS:
Gevoeligheid:
A > D Conversie:
A > D Delay:
Dynamisch bereik:
THD:
Frequentie Response:
Overspraak:
1/4" phone jack, gebalanceerd
21 kOhm / 13 kOhm
+24 dBu
0 dBu
@ 12 dB headroom: -12 dBu tot +12 dBu
24 bit, 128 x oversampling bitstream
0.65 ms / 0.70 ms @ 48 kHz / 44.1 kHz
100 dB typ, 20 Hz - 20 kHz
typ < 92 dB (0,0025 %) @ 1 kHz
+0/-0.1 dB @ 48 kHz, 20 Hz to 20 kHz
<-95 dB, 20 Hz tot 20 kHz
Analoge Outputs
Connectors:
Impedantie Gebalanceerd /
Ongebalanceerd:
Max. Output Level:
Output Ranges:
D > A Conversie:
D > A Delay:
Dynamisch bereik:
THD:
Frequentie Response:
Overspraak:
38
1/4" phone jack, gebalanceerd
40 Ohm
+20 dBu (balanced)
Gebalanceerd: 20/14/8/2 dBu
Ongebalanceerd: 14/8/2 dBu
24 bit, 128 x oversampling bitstream
0.63 ms / 0.68 ms @ 48 kHz / 44.1 kHz
104 dB typ, 20 Hz tot 20 kHz
typ <-94 dB (0.002 %) @ 1 kHz,
+20 dBu Output
+0/-0.5 dB @ 48 kHz, 20 Hz to 20 kHz
<-100 dB, 20 Hz tot 20 kHz
EMC
In overeenstemming met:
Safety
Volgens certificaten:
EN 55103-1 and EN 55103-2
FCC part 15, Class B, CISPR 22, Class B
IEC 65, EN 60065, UL6500 and CSA E65
Omgeving
Gebruikstemeratuur:
Opslagtemperatuur:
Vochtigheidsgraad:
0° C tot 50° C
-30° C tot 70° C
Max. 90 % niet-condenserend
Control Interface
MIDI:
Pedaal:
In/Out/Thru: 5 Pin DIN
1/4" phone jack
Algemeen
Afwerking:
Display
Afmetingen:
Weight:
Voltage:
opgenomen vermogen:
Garantie op onderdelen en
arbeidsloon:
Geanodizeerd aluminum front
Geperst en gelakt stalen chassis
23 karakters / 280 icon STN-LCD display
483 x 44 x 195 mm
1.85 kg
100 tot 240 VAC, 50 to 60 Hz (auto-select)
<15 W
1 jaar
Bijlage - Troubleshooting
Problemen met het verzenden en ontvangen van MIDIinformatie
Je moet de System Parameters resetten! Dit doe je eenvoudig zelf aan de hand van de onderstaande stappen.
De ‘System Parameter reset’ zet alle factory
defaults in de I/O en Utility menu's.
De ‘System Parameter reset’ wist GEEN presets.
• Druk op de ENTER-knop en houdt hem vast terwijl je de
unit aan zet.
• Draai aan het CONTROL-wiel tot je ‘Reset Sys Param’ in
de display ziet.
• Druk op ENTER.
• Na twee seconde zie je in de display ‘Clear/Reset done’
• Zet hem aan en uit.
In de display staat nu ‘Kernel cleared’ tijdens het opstarten.
Alle M•ONE System parameters zijn nu terug bij af. De
MIDI-functies moeten het nu weer doen.
39
PRESET LIST
1
2
3
4
5
6
7
8
9
10
11
12
13
14
15
16
17
18
19
20
21
22
23
24
25
26
27
28
29
30
31
32
33
34
35
36
37
38
39
40
41
42
43
44
45
46
47
48
49
50
40
M-One halls
Vintage Hall & Room
Natural Hall + Ambient
vocal/Choir halls
Vocal ambient & Hall
Vocal Delay & Spring
Vocal Hall/Ahort SN
VOC Large/Med plate
VOC Amb &Liveverb
Large VOC Hall/Room
Vocal Amb+ small Room
Drum &Perc Room
Share/Tom Live/Plate
Big Snare/ Real Room
Toms & a Big Share
Toms & a Short snare
Drum Amb+Short Snare
Perc Plate +S Room
Short Plate + L Room
Ambience & Liveverb
Tap Delay/Small Hall
Small/Large Halls
Gold Plate/Warm Hall
Plate & Spring
Bright Hall & Room
Wide/ Narrow Room
Medium/Small Room
Large /Medium Room
Large/Small Chamber
Slap Dly + Med Room
Detune and Med Room
Genericl Hall/Spring
Generic2 Amb/Live
Live Hall +Slapbak
Saxophone Room
Horns Hit Me
Horns Med/Large Room
Synth Hall+Ambience
Repeats & Slapback
The Pack 1SN 2VOX
Delay bleed-Hall
Detune bleed- Ambient
M-one Magic
Tape Delay - Spring
Phaser - Plate
Delay bleed-Room
Hall bleed - Chorus
Hall bleed -Hall
Room bleed -Hall
Small Hall - Hall
51
52
53
54
55
56
57
58
59
60
61
62
63
64
65
66
67
68
69
70
71
72
73
74
75
76
77
78
79
80
81
82
83
84
85
86
87
88
89
90
91
92
93
94
95
96
97
98
99
100
De-Essed Hall
De-Essed Plate
Chorused Hall
Compresed Live verb
Compresed Room verb
Wet Chorus-Phaser
Party Next Door
Sund Check
Aalog Style Delay
Detuned Tape Delay
Filtered Octaver
70´s Style
Room- Large Hall
Delay Phased
Chorused Ambience
Predelayed Hall
¨Chorused Warm Hall
Compresed Share Verb
Chorused Spring Verb
Gated Live Reverb
Delays and Hall
Five seconds Later
Wurlitzer Verb+Delay
Spread out Verb
Acoustic GTR
BG´s Spread
GTR Spring & Delay
GTR Spring & Chorus
GTR Spread
Rhodes Verb & Chorus
Dual Compressor
Dual Gate/ Expander
Phaser + Termolo
Dual EQ
Dual Delays
Delay and Chorus
Flanger & Chorus
Tremolo & Compressor
Slap Dly+Spring Verb
Phaser & Spring Verb
Stereo Compressor
Stereo Limiter
Stereo Gate / Expander
Stereo EQ-Loudness
Stereo EQ -Low Boost
Stereo EQ HighBoost
Stereo Phaser
Stereo Real Hall
Stereo Real Room
Stereo Hall