ecodesign tamagotchi

Commentaren

Transcriptie

ecodesign tamagotchi
ECODESIGN
TA M A G O T C H I
Charlotte Belliard, Jamil Joundi, Arno Penders
1. RESULTATEN VERGELIJKENDE LCA
Tabel 1 geeft de totale energie- en CO2-waardes weer die beide systemen nodig hebben of kunnen herwinnen. Ter visualisatie volgen Figuur 1 en 2.
Figuur 3: Vergelijking van de effectiviteit van het comparatieve en het geïntroduceerde systeem.
Tabel 1: Vergelijking van de input en output levels van het comparatieve en het geïntroduceerde systeem
Figuur 4: Het aantal volgroeide planten per maand per systeem
Figuur 1: Vergelijking van de totale energielevels per systeem
Figuur 2: Vergelijking van de totale CO2-levels per systeem
In deze context zijn niet enkel de energie- en CO2-waardes belangrijk. Voor de community ligt de
focus voornamelijk op de effectiviteit van de systemen. Dit wordt weergegeven aan de hand van
de hoeveelheden geproduceerde en verspilde sla per systeem (Figuur 3).
Figuur 4 geeft het aantal volgroeide planten per maand per systeem weer, terwijl Figuur 5 het
totale aantal planten in een jaar weergeeft.
Figuur 5: Het totale aantal volgroeide planten per system in een jaar
4. CONCLUSIE VERGELIJKENDE LCA
Binnen de context van deze vergelijkende LCA is gebleken dat het nieuwe systeem meer energie
dan de volkstuintjes nodig heeft om 1 kg sla te produceren (28 368 kJ t.o.v. 3337,5 kJ).
Dankzij end-of-life scenario’s is het mogelijk een deel van de energie terug te winnen. Opnieuw
scoren de volkstuintjes hier ‘beter’ (1 437,4 kJ teruggewonnen t.o.v. 452 kJ). Het is namelijk zo
dat de elementen van de tuintjes, zoals bijvoorbeeld een gieter, door meerdere tuintjes gedeeld
worden. Bovendien zijn de ‘bouwstenen’ van de tuintjes, zoals de boordstenen, duurzamer en
minder snel aan vervanging toe. Het nieuwe systeem kan hier op een aantal vlakken verbeterd
worden. Enkele suggesties:
- elementen delen over beide systemen, zoals bijvoorbeeld de gieter
- materialen gebruiken die minder snel aan vervanging toe zijn
De stadstuintjes produceren minder CO2 dan het LED-systeem (27,5 kg t.o.v. 55 kg per kg sla).
Het hoge CO2 gehalte van het nieuwe systeem is voornamelijk te wijten aan het verbruik van de
LED-lampen. Indien de lampen buiten beschouwing gelaten worden, verbruikt dit nieuwe systeem net veel minder CO2 dan het systeem met de volkstuintjes. (55 kg tov 27,5 kg per kg sla)
Echter, bij de volkstuintjes kan bijna alle uitgestoten CO2 terug gewonnen worden. Dit is te danken aan het feit dat alle elementen van de tuintjes zeer duurzaam zijn en niet snel aan vernieuwing
toe zijn. In het nieuwe systeem kan slechts 3% van de uitgestoten hoeveelheid CO2 gecompenseerd worden.
Na bovenstaande conclusies zou men kunnen denken dat de stadstuintjes duurzamer zijn dan
het LED-systeem. Er is echter met een belangrijke factor nog geen rekening gehouden: tijd.
In de tuintjes heeft een krop sla acht weken nodig om volledig volgroeid te zijn, terwijl in het
nieuwe systeem de sla reeds klaar is na drie weken! Bovendien zijn de stadstuintjes afhankelijk van het weer: sla kan volgens vzw VELT ten vroegste gezaaid worden in Maart en ten laatste
geoogst in September. Het onvoorspelbare en soms extreme karakter van ons Belgische klimaat
zorgt ervoor dat 65% van de gezaaide sla wordt verspild. Het LED-systeem neemt de weersinvloeden weg, daardoor kan het hele jaar door gezaaid en geoogst worden en wordt de verspilling
teruggedrongen tot 10%.
Wanneer gekeken wordt naar Yusuf zijn tuintje, waar 20 plantjes gekweekt worden in acht weken tijd, wordt bekomen dat er 109 kg sla verspild wordt om 58,8 kg sla te produceren. In het
LED-systeem, waar Yusuf 1 plant in drie weken kweekt, wordt 4,8 kg sla verspilt om 48,8 kg sla te
produceren.
Bijgevolg zit de duurzaamheid van het geïntroduceerde systeem hem in het drastisch verminderen van verspilling.
In conclusie, na het analyseren van deze vergelijkende LCA, adviseert Team Tamagotchi het
LED-systeem complementair aan het oorspronkelijke systeem in te zetten. Zo kan niet alleen ook
in de winter gekweekt worden, maar kunnen kleine plantjes eerst gesterkt worden voor zij in ‘de
grote gevaarlijke wereld’ worden geïntroduceerd.