I. EE NS TU KW OO RD EN

Commentaren

Transcriptie

I. EE NS TU KW OO RD EN
WERKEN AAN ZORG
SPELLING
HOORWOORDEN
I. EENSTUKWOORDEN
PROBLEMEN MET MEDEKLINKERS
Problemen met clusters
Fichc: piobhinicn mot tliiitcii
himun MMRM,fMKMM,'MMKMM/MMMKM/MKMMM-wtiorrfon
PROBLEMEN MET MEDEKLINKERS
Problemen met clusters
Clusters zijn problematisch voor leerlingen met een trage omzetting en een ontoereikend
sequentieel geheugen. Daarop moet voldoende worden getraind. Het is niet de bedoeling om
de leerlingen 'plat* te trainen. Wanneer het probleem i.v.m. clusters hardnekkig is, laat men dat
het best een tijdje liggen en werkt men verder met stukjeswoorden.
Strategie
De strategie tot-aan-tot-achter moet ook hier worden aangehouden. De orientatie bestaat
erin clusters en spellingpatronen te onderscheiden. Per cluster en spellingpatroon kunnen we
eerst gestructureerde rijtjes aanleggen. Nadien wordt er ge'integreerd door te werken met
ongestructureerde rijtjes.
Het verkort herkennen vormt een belangrijke tussenstap. De meest voorkomende clusters
staan gebundeld op het clusterblad (zie bijlage). Belangrijk daarbij is dat er een onderscheid
gemaakt is tussen begin- en eindclusters. Die kunnen zowel geTsoleerd als binnen woorden
worden geoefend en geautomatiseerd.
Accenten
Het correct uitspreken is van essentieel belang bij het correct schrijven. In het geval van de
hoorwoorden bestaat er een vaste koppeling tussen wat we horen en wat we uiteindelijk
moeten schrijven.
Bv.:
kalm * kalem
melk & melek
Structuur
Voor sommige leerlingen is het belangrijk om structuur binnen woorden te bieden. Daarom
laten we de woorden met de probleemclusters noteren in een schema.
Woorden
M
1.
2.
l<
M
K
M
M
k
a
s
t
r
a
n
t
kr
3.
5.
nt
a
kr
ant
schr
eeuw
Stappen 1 en 2
► We schrijven elke letter in een vakje: kast, stam, krant.
Stap 3
► Een stapje verder kunnen we de begincluster samennemen om te verkorten en
daarna te automatiseren.
Stappen 4 en 5
► Achteraf worden de woorden dan nog verder opgesplitst in clusters en
spellingpatronen.
© Uitgeverij Averbodt, 2009
429
430
1.
2.
Clusters > MMKM ruvt.m 1 >■ !.<l/2.l
door weruibaar inaken.'vcrkorten/verinnprlijkt'n/identificerf-n int.-r;r!■■.■•
Duid de clusters aan in de volgende woorden.
spijt
pruim
tram
stuk
slaap
plaag
knoop
klaar
glas
blaas
stap
vlot
kraan
bril
krijg
Schrijf de volgende woorden 2 x juist over.
bleef
gleuf
klop
plas
slim
stoep
brug
spier
draag
blijf
3.
Rijmen maar!
Kies uit: slim - glas - kraan - knal - ploeg.
en
stal
en
sloeg
en
klim
en
traan
plas
.
en
© Uilgeverij Avcrtiodt. 2009
4.
Maak het rijtje af!
Kies uit: traag - gras - klap - traan - spook - grot - spoor - spin
groep - Was - klein - trui.
kleur
trek
5.
spei
Trek een Ujn van het kopje naar de rest van het woord. Schrijfde
woorden daarna nog een keer over. Kijk goed naar het voorbeeld!
aas
oem
ak
si
oot
ap
oek
br
uin
oer
© Uilgeverij Averfaodt, 2009
431
432
6.
Clusters* MMKM ni-/o.-\n 1 I
\ .42
cioor- •/.•!.!ndbnar iv.aUiin/vorl<oi-tfc(i''vc-rmnf:rlijken,'idem.! fit.c-r • ■;•,, in ti ;-: r.i .•
Schrijfde voigende woorden juist op in de kolommen.
Kies uit: droom - plek - steek - knoop.
7.
r
k
M
M
M
K
n
aa
Schrijf nu de woorden in de kolommen.
Let wel op: de cluster moet in 1 vakje. De laatste drie woorden schrijf
je in slechts 2 vakjes.
Kies uit: ster - droeg - klim - prijs - brief - bloes - ploeg.
a
si
K
MM
M
k
© Uilgeverij Avirbode, 2009
5.
VuJ c/e z/n aan met een passend woord.
Kies uit: fluit - gips - prijs - pret - spin.
Speel eens een lied op de
Ik won de le
Juf brak haar been, ze loopt met een
De kinderen hadden veel
De
9.
maakt een web.
Over wetk woord gaat het?
Kies uit: klok - druif - pruik - stoel - plus.
Een uurwerk waarop men de tijd kan aflezen
Erbij doen, het teken '+'.
Een zitmeubel voor een persoon.
Het heeft een rugleuning en poten.
Kunstmatig haar op het hoofd.
Fruit dat aan een wijnstok groeit.
JO.
Maak een zin met de volgende woorden.
laars - muts
lamp - kast
© Uilgtvtrij Averbode, 2009
433
434
11.
Cln->t.err, *
l-iMKt-t niv<:;n.' } >
1.-5/2.J
dour \vf iuiba.tr i:iai(oni vcrluii -r.L■:;.'vcriniivi U|k<-n io;t. i i-'ic -_■;.. ;v'iri 11 ,. ■ re ren
Schrijf de juiste woorden bij de tekeningen.
12. Schrijf elk woord in de juiste kolom.
Kies uit: blaf - druk - blik - blok - droom - stuur - plan - stop draag - blij - stem - bleek - druif - plaat - stout - droog - plat plus.
bl-
dr-
Pl-
st-
© Uitgeverij Avtrbode, 200?
73.
<>-.•: I ,!,
Vul de passende clusters in.
Kies uit: kr- / sp- / st-. Soms zijn er meerdere mogelijkheden.
nip
oor
oon
ok
eel
aat
aag
in
14.
am
uk
Zoek nu zelf woorden met de gevraagde clusters. Als het niet lukt,
neem dan de woordfrequentielijst bij de hand.
bl-
sl-
pr-
kn-
kl-
pl-
st-
© Uitgevtrij Avtrtodt, 2009
435
Clusters > MM KM nivoau 1 ►
I ..),'?.!
•.vciultj.'iar nv. l>:.:n.'vfi !■. r:<! cnlvrnn ml-! ii-•;•_•; i.'itlont if ic urf i>.'inci ;: :ei f m
IS.
76.
Maak een woord met de gegeven letters.
I
oe
b
m
a
I
d
a
r
b
k
oe
g
a
s
I
Lees de tekst en vul telkens een passend woord in.
Kies uit: grijs - sneeuw - bleek - blad - trui - bloemen - slaap -
groen - plas - kiok - kleur - bloei - spel - broer - grap - bruin vriend.
De winter is voorbij. Veel
hebben we deze winter niet
gehad. Het was meestal triest en
weer. Het regende veel.
Hier en daar ligt er nog een
. Maar nu kan onze dikke .
weer de kast in. Het is tijd voor een middagdutje, want
iedereen ziet er maar
uit. Gelukkig is de lente terug.
Aan de boom groeit hier en daar al een
Het gras kteurt alles mooi
er
De
en heel het landschap krijgt me
. Alles staat in
zorgen voor een lekkere geur. Ook de dieren zijn
terug. Sommige trokken weg, andere hielden een
Ook onze
heeft zich aangepast, alles een uurtje vroeger.
De kinderen blijven langer op en doen nog laat een leuk
En voorzichtig, want vorige week haalde mijn
uit met mijn
erom en ben ondertussen al mooi
436
© l%verij Aviifcodt, 2009
een leuke
. Het is lente, ik lach
ClJIMi '_ W <i;c t. f:t: '.(>'•!
f'l!''i I\M •-•,•/11 ii i ••);■•.:: n', v.:.ii!
: '•■ !
Enkele aandachtspunten
•
Als leerkracht kunt u nagaan of de leerling woorden met clusters van het type MMKM
correct schrijft. Tracht zoveel mogelijk te observeren. Let vooral op het schrijftempo, de
schrijfhandeling, de automatisatie ...
•
Dicteer de woorden en articuleer correct. Zorg ervoor dat het tempo voor elke leerling
haalbaar is.
Woorddictee
1.
blaas
6.
kraag
2.
glas
7.
plus
3.
graag
8.
slim
4.
ploeg
9.
stijf
5.
knal
10.
trouw
Zinnendictee
1.
Onder de brug loopt een spoor van de trein.
2.
Het is dwaas om met de trap te gaan.
3.
Ik ben slap na de lange klim op de berg.
4.
In de klas is hij stout en staat hij op straf.
5.
De oude kraan is stuk.
6.
Ik eet een pruim en een druif.
7.
Het is stil op school, als jij er niet bent.
8.
Ik kruip op papa zijn knie.
9.
De boer neemt zijn ploeg om het gras om te doen.
10.
De kraag van de bloes bleef mooi recht.
© Uitgcvcrij Averbode, 2009
437
Cli.st.-i s ' MKMM in . •-. :n: I •
7.
2.
Duid de clusters aan in de volgende woorden.
iets
help
nets
eens
als
beurt
kamp
kant
beest
heks
kers
soms
turn
volg
baard
eind
Schrijf de volgende woorden 2 x juist over.
eens
iets
buurt
lint
feest
band
juist
paars
ramp
must
3.
Rijmen maar!
Kies uit: vent - best - vaart - last - rust.
438
lust
en
tent
en
nest
en
kast
en
taart
en
© Uitjevtrij Ambode, 2009
! Ai
4.
Clusters > MKMM niveau 1 > 1.4/2.1
Jo or wenclbiiar maUen/ vorlt i>rv«p n/veri."inoHijk«'n/ifi en t if ice retain te g rye on
Maak het rijtje af!
Kies uit: hert - maand - soort - vast - munt - kist - mand - woest mond - kaart - sint - want.
5.
punt
naast
hoort
hand
Trek een Ujn van het kopje naar de rest van het woord. Schrijf de
woorden daarna nog een keer over. Kijk goed naar het voorbeeld!
me
© Uitgiverij Averbode, 2009
439
440
6.
Clusters > MKMM nivoau 1 ► 1.4/2.1
door wendbaar inaken/verkorten/verinnertijkfen/ideiUifictreiWiiitfjjiei on
Schrijf de volgende woorden juist op in de koiommen.
Kies uit: vuist - lamp - niks - laars.
M
7.
M
M
K
Schrijf nu de woorden in de koiommen.
Let wel op: de cluster moet in 1 vakje. De laatste drie woorden schrijf
je in slechts 2 vakjes.
Kies uit: gast - niets - wild - muts - mist - gans - wast.
e
V
K
M
MM
st
© Uitgeverij Averbode, 2009
' kon
8.
Vul de zin aan met een passend woord.
Kies uit: paard - fiets - post - jurk - gans.
Mijn opa heeft een koets en een
Ik kreeg met mijn eerste communie een nieuwe
De boer heeft zes kippen en een
De postbode brengt de
rond met de brommer.
In de winkel koopt Els een broek, een trui en een
9.
Over welk woord gaat het?
Kies uit: vers - veld - maand - fiets - taart.
12 periodes in een jaar, met elk een eigen naam.
Een voertuig met 2 wielen, 2 trappers ...
Een deeltje van een gedicht of pas gemaakt.
Luchtig gebak, soms met slagroom,
pudding of vruchten en chocolade erop.
Een open land buiten de steden en dorpen,
een akker, een stukje terrein.
JO.
tAaak een zin met de volgende woorden.
laars - muts
lamp - kast
rij Averbode, 20D9
44]
442
II.
door v. i lull/. ,i f in til-. i Mt.'vi'i l-'.irt;_ n,'v<
I :ui ff i ii 11'. i. n'ide ns.U: c. i ! ■;. n
Schrijf de juiste woorden bij de tekeningen.
1\
0
Dan
f
72. Schrijf elk woord in de juiste kolom.
Kies u/t; kast - taart - iets - hert - muts - laars - vuist - beest buurt - paars - fiets - kaart - feest - niets - kers - koets - post
poort - vers - kaars.
-rs
-rt
-st
-ts
© Uitgtverij Avtrbcde. 2009
CUj--.lt'.-'. • M!'.r',M
13.
Vul passende clusters in.
Kies uit: -st / -rs / -ts.
14.
ne_
ke_
woe.
fie_
kaa.
nie_
kal
laa.
ie
bee
mu.
paa.
Zoek nu zelfwoorden met de gevraagde clusters. Als het niet lukt,
neem dan de woordfrequentielijst bij de hand.
-ks
-Is
-mp
-ns
-nt
-rs
-rt
-st
-ts
© Uitgeverij Averbodi, 2009
443
Clusters ► HKMM nivrau 1 >
1.4/2.1
door wyndbn.sr mflken.'vi.'i iunertiiken,'vtrUort.en/ ideniifkeren / intt-grercn
15.
Maak een woord met de gegeven letters.
t
16.
I
P
o
V
r
k
i
I
s
t
u
Lees de tekst en vul telkens een passend woord in.
Kies uit: prins - geld - muts - rijst - hert - hond - maart - feest post - mens - vest - kaart - kookte - buurt - eend - maand -
laars - tent - taart - kers - fiets.
Er was eens een leuke
met een lange baard.
Hij droeg steeds een kort
en trok een dikke
over zijn oren. Aan elke voet droeg hij altijd een paarse
Hij woonde niet in een kasteel, maar in een gewone
Het was een goed
die de hele
kende. Hij reed rond op een groene
. De lieve prins
was dol op beesten. Zelf had hij er drie: een
, een
en een
In de
gaf hij elk jaar een groot
, want de prins had veel
Met de
stuurde hij naar alle mensen een
elk jaar lekkere
Daarna kreeg iedereen een lekkere
. De prins was een gek mens.
444
© Uilgtterij Averbode, 2009
met een heerlijke
voor MKMM-woorden nivc-.iu I > 1.-1/2.
Enkele aandachtspunten
•
•
Als leerkracht kunt u nagaan of de leerling woorden met clusters van het type MKMM
correct schrijft. Tracht zoveel mogelijk te observeren. Let vooral op het schrijftempo, de
schrijfhandeling, de automatisatie ...
Dicteer de woorden en articuleer correct. Zorg ervoor dat het tempo voor elke leerling
haalbaar is.
Woorddictee
1.
muts
6.
kant
2.
eens
7.
beest
3.
hals
8.
kers
4.
beurt
9.
soms
5.
kamp
10.
turn
Zinnendictee
1.
Help me eens op die flets.
2.
In de buurt is er iets aan de hand.
3.
Als je wilt, mag je mee op kamp.
4.
Het is juist dat hij het meeste geld heeft
5.
Bij het feest in het park zie ik een gans.
6.
De taart met de kers ruikt vers.
7.
Het vest ligt in de tent.
De laars van mijn vriend is paars.
9.
Hij kookt het best met verse groenten.
10.
De lamp is heel warm.
© Uitgevtrij Avtrbodt, 2009
445
Clusters > MMKMH tiiveau
1 >■ '.?.)
door wertdbaar maken/verkorcen/verinnerUjken/idcntificc-ren/integreren
I.
2.
Duld de clusters aan in de volgende woorden.
klomp
plant
staart
stapt
zwaard
kroost
plens
steeds
klamp
krent
stlft
klets
Schrijfde volgende woorden 2 xjuist over.
broers
zwerf
kwart
sport
dwars
Grieks
plons
flets
snars
grens
3.
Rijmen maar!
Kies uit: brons - klets - snars - drank - trots.
446
flets
en
slons
en
knars
en
frank
en
knots
en
© Uitgeverij Averbode, 2009
4.
Ciusu-r, > MHKI-ir!
Maak het rijtje af!
Kies uit: Frans - glimp - krans - klomp - speer - start - steeds
spijt - stomp - grens - stift - speels.
5.
glans
staart
p\omp
sport
Trek een lijn van het kopje naar de rest van het woord. Schrijf de
woorden daarna nog een keer over. Kijk goed naar het voorbeeld!
aats
pl ^~~*~**^
ots
ons
omp
^^^^
br
^^***^
st
oms
ads
^^,
oers
and
ons
© Uitgtverij Avtrbodt, 2009
447
448
6.
ClusUsrs » MMKMM pii•.-•».ui
i > ;,.
rioor wi:ndim.it ni.ik-.'n.'vorltorTcn'vr-rinnoi-lijken/identifit 01 c.t\,:\m,- v , ,.,-,-
Schrijf de volgende woorden juist op in de kolom.
Kies uit: kwets - prins - vriend - kramp - steeds.
M
7.
M
K
M
M
Schrijf nu de woorden in de kolommen.
Let wel op: de cluster moet in I vakje. De laatste drie woorden schrijf
ie in slechts 2 vakjes.
Kies uit: plant - kramp - stift - slons - preuts - klomp - treft.
nk
a
fr
MM
K
MM
© Uitgeverij Avtrtode, 2009
8.
Vul de zin aan met een passend woord.
Kies uit: brand - plant - kwast - klant - prent.
Doof de kaars voordat je vertrekt, anders hebben we straks.
De juf leest een mooi boek voor en toont aan de kleuters een grote
Ik schilder de muur in de hal met een grote.
Omdat oma jarig is, koop ik haar een mooie
In de winkel staat er maar een
9.
Over welk woord gaat het?
Kies uit: spant - krent - Grieks - krant - grens.
Een denkbeeldige lijn die twee gebieden,
dorpen ... van elkaar scheidt.
—
Een schuine balk van een dak.
Een gedroogde pitloze druif.
Een blad dat regelmatig verschijnt
met nieuws, advertenties ...
De taal die men in Griekenland spreekt.
JO.
Maak een zin met de volgende woorden.
troost - vriend
krans - sterk
© Uitgtvtrij Averbode. 200?
450
1J.
door wcndb
usu-rs > MI-.KMM niv.v.u 1
r
).]
rlijkfii.'icfi-.tit'icc-! i -n.'i'-.c,- -i;i im-imi
Schrijf de juiste woorden bij de tekeningen.
12. Schrijf elk woord in de juiste kolom.
Kies uit: klets - krimp - klomp - plant - stort - klamp - stoers
klomp - want - krant - sterf - stamp - stunt - kramp - klant
klamp - glimp - klink - klant - krent.
kl-
st-
-mp
-nt
© Uitgeverij Avtrbodt. 2009
73.
Clusters i MMKKM nivtsui I
> 2.1
:ioor wemlb.iai' make! i/vcr !<<ircou/vei-inn t'tlijkf ti/icffntificert'ii/intc grcrcn
Vul passende clusters in,
Kies uit:
14.
beginctusters: kr- / kl- / br- / sp- / pi- / gr- / st-,
eindclusters: -ns / -Is / -ts / -st / -ks / -mp / -rk.
.00.
.o
aa.
e
ee.
. i
ie .
.a.
Zoek nu zelfwoorden met de gevraagde clusters. Als het niet lukt,
neem dan de woordfrequentielijst bij de hand.
-nt
-mp
sp-
pr-
kr-
kw-
pi
st
© Urtgevtrij Averbode. 2009
45]
Clusters ► MMKMM nivo.iu 1 i 2.1
door wendbaar i~iai<
75.
16.
Maak een woord met de gegeven letters.
t
oo
s
k
r
n
e
g
s
r
P
a
k
m
I
ee
f
t
r
k
Markeer de cluster en schrijf het woord nog een keer op.
Mijn papa is trots op mijn taak.
Breng jij een krant mee van de winkel?
Eet jij graag kreeft met sla?
Met de bloemen maak ik een mooie krans.
De kapster verfde mijn haar blond.
De man met de stok is blind.
Bij het lopen krijg ik snel een kramp.
Het is kwart over twaalf.
Mijn vriend is een toffe gast.
Met een plons duik ik in het water.
452
iierlijken/idiMitifieeri-ii/iiui.-<?r<-rtsi
© Uitgeverij Avtrbode. 2009
t
C'.uv-t'rs > MMKMM nivean 1 * '.'..I
clour v/crsdbiwir m.'.Uen/vcrninoilijke-tvvf.T Uorten' idcntificd-en en int egr<->-en
16.
Lees de tekst en vul telkens een passend woord in.
Kies uit: broer - kroost - speels - sport - stamp - sterk - vriend
spons - krant - krenten - klant - snars - Grieks - Vlaams - bluts troost - plek - taart.
Gisteren had ik een boeiende en spannende dag. Ik ging met mijn
en zijn
de hele dag op stap.
Ze zijn alien
- en kozen dus voor een toffe
. Je mag twee keer raden: natuurlijk kozen ze voor
voetbal! Ik deed vrolijk mee, maar na enkele minuten had ik al een
Het deed pijn, maar ik ging door. Helaas kreeg ik
daarna weer een flinke duw van mijn
Hij was
en droeg me naar de kant.
De blauwe
— kun je nog zien, want hij is groots.
Na het voetbal gingen we naar de winkel. We brachten van alles mee, zoals
een kwast,
,
. een plant en
een brood met
We waren snel terug, want we waren in de winkel de enige
Op de parking liep het mis. We hadden met de
auto niet veel geluk en reden tegen een vrachtwagen aan met als resultaat
een
broer
De man sprak
en mijn
Hij snapte er geen
van.
Dan maar doorgegaan in het Frans. Als
lekker eten: ik koos voor lekkere
gingen we
.
© Uitgevirij Averbode. 20D9
453
Cur:li-nleriictoe voor MMKMN-woordf-n nivt.-.ui
!
Enkele aandachtspunten
•
•
Als leerkracht kunt u nagaan of de leerling diverse woorden met clusters van het type
MMKMM correct schrijft. Tracht zoveel mogelijk te observeren. Let vooral op het
schrijftempo, de schrijfhandeling, de automatisatie ...
Dicteer de woorden en articuleer correct. Zorg ervoor dat het tempo voor elke leerling
haalbaar is.
Woorddictee
1.
klomp
6.
stift
2.
krant
7.
broers
3.
kwart
8.
start
4.
plant
9.
prins
5.
staart
10.
plaats
Zinnendictee
1.
Mijn broers zijn bij een Griek op bezoek.
2.
Ik koop steeds een brood met krenten.
3.
Mijn vriend neemt een stift uit de kast.
4.
Papa kookt en neemt een drankje.
5.
De dwerg en zijn kroost eten graag friet.
6.
Ik klamp me vast aan de rand en heb kramp.
7.
De klant in de winkel koopt een krant.
Ik ben stoer en draag een klomp.
454
© Uitgevtrij Avertode, 2009
9.
De prins heeft een zwaard.
10.
De staart van de hond steekt omhoog.
■IQjil/
Cluster !■ MMMK!
ii'Jbn.i r inakc-niYcrUorteiWvc fin'>>"-'■' i;!
L
2.
Duid de clusters aan in de volgende woorden.
barst
oogst
herfst
koorts
liefst
strengst
ergst
straf
spraak
Schrijf de volgende woorden 2 xjuist over.
spreeuw
struik
kleinst
herfst
laatst
strengst
zwerft
worst
streep
schroef
3.
Rijmen maar!
Kies uit: schroef - knarst - dorst - spreek - breedst.
wreedst
en
worst
en
droef
en
barst
en
breek
en
© Urtgeverij Averbode, 2009
455
456
4.
Clusu-ri ► MMMKH'XKIIHM nivr-nu 1 * 2.1/3.1
door wcndh-i;ir m<il:on.! vorkoi loii/voriniK>rlijl«cc»,'idc!ncifi<-<:rcM)''iniegi-ei-t.'ri
Maak het rijtje af!
Kies uit: eerst - korst - barst - wreedst - gladst - hardst - strijk —
strop - streek - spreeuw - spraak - spruit.
5.
sproet
straf
breedst
worst
Trek een Ujn van het kopje naar de rest van het woord. Schrijfde
woorden daarna nog een keer over. Kijk goed naar het voorbeeld!
eek
oet
eeuw
© Uitgeverij Avtrbode, 2009
Clusters v MMMKM/MKMMM nivt.ui 1 » 2.1/3.1
door wendbanr make n/vcrkorcen/v er in no rlijken.'ideo tificcrcri'ii-.t c-g ((•:■ n
6.
Schrijf de voigende woorden juist op in de kolommen.
Kies uit: sterkst - zwerft - breedst.
M
7.
M
M
M
M
K
M
Schrijf de voigende woorden juist op in de kolommen.
Let op: bij het tweede en derde woord worden er kolommen
samengevoegd.
Kies uit: spreekt - straft - strikt.
M
8.
M
M
K
M
M
Vul de zin aan met een passend woord.
Kies uit: glanst - zwaarst - schrik - worst - spleet.
Poets jij de spiegel, zodat hij mooi
Tussen de houten planken zit een grote
In het vliegtuig heb ik elke keer
Mijn lievelingsgerecht is
met rodekool.
De doos met de borden is het
© Uitgevtrij Avtrbodc, 2009
457
Clusters ► MMMKM/MKMMM niv<N»u 1 > 2.1/3.1
door wendbaar makt:ni'verl(orti:n/vcrinnci'lijkcn/icloiuif iceren/integr<?reii
9.
Schrijf nu de woorden in de kolommen. Let wel op: de cluster moet in
1 vakje.
Kies uit: korst - laatst - schraal - glanst - splijt - sproet - strijk koorts.
M(M)(M)(M)
10.
K
Over welk woord gaat het?
Kies uit: hengst - straf - herfst - oogst - koorts.
Het mannetje van een paard.
Het gewas dat moet worden binnengehaald.
Het derde, natte jaargetijde van het jaar.
lets wat je moet doen, schrijven ...,
omdat iets niet in orde was.
Wanneer de lichaamstemperatuur
boven de 38 °C is.
© Uiigtvtrij Atrtrbode. 2009
M(M)(M)(M)
CUisctrs > MMMKM/MKMMM mv<-au 1 ► 2.1/3.
door v.-cndban.r niak(:ii'vcf!<c>rVf;n/'/ci;ii;u'riiiken/i(ioiUificor:.'n,'iHCi:-i;r>.-r.--
11.
Maak een zin met de volgende woorden.
liefst - strand
straat - streep
12.
Schrijf de juiste woorden bij de tekeningen.
13. Schrijf elk woord in de juiste kolom.
Kies uit: struik - dorst - spreek - stroom - worst - strop - krapst
spruit - barst - spreeuw - streng - slapst - strand - knapst eerst - sproet - spraak - korst - rijpst.
spr-
str-
-pst
-rst
© Uilgeverij Averbodt, 200?
459
460
14.
Clusters s MMf'iKH/MKMNH niveau 1 ► 2.S/3.1
door weMcIbaar m.Tk<.-ii'vcrl<orten:vi-i•iniiorlijktn/idontificcrtrn/intejjrereii
Vul passende clusters in.
Kies uit: beg'mclusters: str- I spr-l spl- / schr-,
eindclusters: -ng I -rst I -gst I -rgst I -rfst I -tst I -rkst I
-fst I -dst I -rft.
IS.
.00.
o.
aa.
e.
ee.
i .
ie .
a.
Zoek nu zelfwoorden met de gevraagde clusters. Als het niet lukt,
neem dan de woordfrequentielijst bij de hand.
-rst
-rkst
-rfst
-gst
-dst
str-
spr-
spl-
schr-
® uit6eyerii Averfaode, 2009
Clusters > MMHKM/MKMMM nive.iu 1 > 2.1/3.1
door wondbaar mako n/verkortcnJverinnorlij ken/id not ificcrc-n/intc-greren
16.
Markeer de cluster en schrijf het woord nog een keer op.
Mijn papa spreekt vier talen.
HZZHHZHZ!
Breng jij een schroef mee van de winkel?
Z^Z^H^^Z
Ga je graag naar het strand?
^ZZ^HZI^I
Ik heb het liefst friet met stoofvlees.
^HZZ^^IZI
De hengst is een wild beest.
Jelle is ziek en heeft veel koorts.
i^I^ZZZI^I
De spreeuw zit op het dak van het huis.
^^^^^^
Het meisje is het kleinst van de klas.
77.
Ik rijd het traagst met mijn kleine fiets.
^^^^^^
De hond krijgt weinig eten en is schraal.
^~~~~~~~
Lees de tekst en vul een passend woord in.
Kies uit: liefst - streek - koorts - eerst - worst - struiken - glimt dorst - zwerft - herfst - spreekt - plonst.
Mijn vriendin
jaar. De
Het
nog altijd over de vakantie aan zee vorig
is enorm mooi en het is er rustig.
heb ik brede stranden.
wou ik graag naar drukke badplaatsen, maar nu verkies ik rust.
Op die plaatsen
aan de duinen. Je
voor de
Dit jaar ga ik later, pas in de
ik ziek. Door de hoge
minder vuil tussen de
er vrij in zee en neemt cola mee
En als tussendoortje nog een
, want in de zomer was
kon ik niet op mijn benen
staan, zodat een strandwandeling onmogelijk was. Gelukkig
een
mooie foto aan het rekje als een mooie herinnering en kan ik snel terug.
© Uitgtverij Averbodt, 2009
Conli olt-dictet voor MMMKM/MKMMM-woorden nive.iti
! i 2.1.
Enkele aandachtspunten
•
Als leerkracht kunt nagaan of de leerling woorden met clusters van het type MMMKM
of MKMMM correct schrijft. Tracht zoveel mogelijk te observeren. Let vooral op het
schrijftempo, de schrijfhandeling, de automatisatie ...
•
Dicteer de woorden en articuleer correct. Zorg ervoor dat het tempo voor elke leerling
haalbaar is.
Woorddictee
1.
dorst
6.
sterkst
2.
oogst
7.
uiterst
3.
strengst
8.
streep
4.
korst
9.
angst
5.
straat
10.
herfst
Zinnendictee
462
1.
Ik barst van de hoofdpijn.
2.
Het ergst vind ik de plaats van de prins.
3.
Mijn broer turnt om kwart voor twaalf.
4.
Eerst scherpt hij het potlood en dan tekent hij de klok.
5.
De dwerg had hoge koorts en bleef in de grot.
6.
Het liefst eet ik worst met kool.
7.
Ik heb grote dorst en drink wat melk.
8.
Het laatst ben ik met de fiets naar die plek gegaan.
9.
In de struik zit een wolf, maar hij slaapt.
10.
Ik spreek en draag het groene lint.
© Uitgeverij Averfaods. 2009
Clusters !■ Probli-i'mcl.K.n---. :-.iv.t;i !
door wendbaar makem'verUor ten/vorinneruj ken.'kit-nci'K>r. it
>ni . y-
Let op: spreek de cluster juist uit, zodat er geen doffe V tussengevoegd wordt.
De letters kleven aan elkaar en er komt niets tussen!
7.
2.
Kleur de clusters.
durf
berg
elf
volg
arm
dorp
jurk
zelf
elk
Markeer de cluster en schrijfde volgende woorden 2 x juist over.
korf
erg
golf
twaalf
werp
storm
film
palm
kalf
merk
3.
Rijmen maar!
Kies uit: palm - melk - kerk - golf - vorm.
kalm
en
wolf
en
storm
en
sterk
en
elk
en
© Uitgevtrij Avtrbodt, 2009
Clusters > ProbleemcliisCer-5 niveau I » 2.2
door wendbaar ma!<eiWverkoitcMi/vei-innerlijl<i;ni'ideinificorfn/iii£e^ierHii
4.
Schrijf elk woord in de juiste kolom.
Kies uit: palm - zelf - kerk - golf - warm - zalm - storm - park vorm - film - arm - twaalf - kalm - half - worm - jurk - elf - merk
- helm - sterk.
-If
5.
-Im
-rk
Vul de zin aan met een passend woord.
Kies uit: vorm - helft - dorp - melk - wolf.
Ken je het verhaaltje van Roodkapje en de boze
Een van de twee gelijke delen is de
Het is kermis in het
Mijn papa dronk een lekker glas
De verjaardagstaart heeft een mooie
6.
Over welk woord gaat het?
Kies uit: vork - wolk - kalf - verf - films.
Eetgerei met een aantal tanden waarmee
men vast voedsel naar de mond brengt.
Het jong van een koe.
Opnamen die voor bewegend beeld zorgen.
Zeer kleine waterdruppels die samenhangen.
Een mengsel dat kleur geeft op een ondergrond.
464
© Uhgtverij Averbodt, 2009
-rm
CUiiters > Prohleemclusct-rs tiive.iu !
- 2.?
door wnclbaar m.-i
7.
Maak een zin met de voigende woorden.
storm - wolk
jurk- kerk
8.
Schrijf de juiste woorden bij de tekeningen.
9.
Vul aan. Kies uit: -rf, -rg, -If, -Ig, -Ik, -rm, -Cm, ~rp, -lp, -rk. Soms zijn
er meerdere mogelijkheden.
10.
du-
he.
we
ha.
do.
kcx
kal
he.
Markeer de cluster en schrijf het woord nog een keer op.
Ik durf niet in het water te gaan.
Ga je nu mee naar de film?
Kijk, wat een mooie jurk!
In het dorp doet iedereen mee.
Elke morgen een kopje melk is gezond.
© Uitgtverij Avtrbode, 2009
465
466
Clusters > Probleftmclusrers niveau 1 ;• 2.2
door wendbn.ir maken/verkortcn/vci innri tijken/idontificereri/integrereii
Zoek nu zelfwoorden met de gevraagde cluster. Ats het niet lukt,
neem dan de woordfrequentielijst bij de hand.
-If
-Ik
-rf
-rk
-rm
-rp
© Uitgevenj Avcrbode, 2009
Clusters ► Prtibleemclusters riivcui 1 •• 2.2
door wendbaar mak«n/ve»-l(ort^n/veritmiTlij!cen/idf ntificercn/intogreron
12.
Lees de tekst en vul telkens een passend woord in.
Kies uit: werp - park - korf - zorg - elf - kalm - storm - dorp - kalf
- warm - wolk - berg - twaalf - film - helft - melk - vork.
Wat een mooie dag om op uitstap te gaan! Eerst ga ik naar het.
Ik wandel er even in het
en geniet met voile teugen
van het schitterende weer. Dan krijg ik plots een idee. Ik beklim vandaag de
mooie
_. Ik wandel vlug naar huis en
voor mijn picknick, die netjes in een
ik op pad. Tussen
en
zitten op een steen. Ik ben nu aan de
Even
ligt. Dan vertrek
uur ga ik even
van mijn tocht.
drinken en dan ga ik weer verder. Ik loop langs
een vijver en
er een steen in. Daarna kom ik langs een
wei en streel ik even een
Ik voel me goed en wandel
verder. Plots duikt er een donkere
op.
Dat voorspelt niet veel goeds. Ik stap stevig door, maar beland recht in een
zware
Wind, regen ... Het valt niet mee. Snel terug naar huis is wat me te doen
staat. Terug thuisgekomen doe ik mijn natte kleren uit en neem ik eerst een
lekker
bad. Stilletjes aan word ik weer
Met mijn nieuwe jurk eet ik zoals een dame met een mes en
Daarna is het tijd voor een leuke
Wat een spannende dag!
© Uitgeverij Avtibodt, 2009
Crjul i otedit 1 (-c voor piobleern c Uistc- rv nive;m 1 v 2.
Enkele aandachtspunten
•
Als leerkracht kunt u nagaan of de leerling woorden met probleemclusters correct schrijft.
Tracht zoveel mogelijk te observeren. Let vooral op het schrijftempo, de schrijfhandeling,
de automatisatie ...
•
Dicteer de woorden en articuleer correct. Zorg ervoor dat het tempo voor elke leerling
haalbaar is.
Woorddictee
1.
korf
6.
elk
2.
berg
7.
hulp
3.
elf
8.
arm
4.
film
9.
half
5.
worm
10.
merk
Zinnendictee
468
1.
Ik durf niet naar buiten door de erg zware
2.
Op de muur verf ik de zee met een golf.
3.
Volg die weg en help mijn broers.
4.
In de kerk staat het meisje met een mooie jurk.
5.
Die wolk heeft de vorm van een schaap.
6.
In het park zie ik een kalf dat zelf drinkt.
7.
De helft van de mensen bleef kalm.
8.
De melk is niet heet, maar warm.
9.
Ik draag mijn helm en ben sterk.
10.
De wolf met de twaalf geitjes is een mooi verhaal.
© Uitgeverij Avcrbodt, 2009
storm.
door wvtidb.iar maker./verl<o:ten/ve.>mnoi-lijkf.-n.'icf ruifi^r.-ci
J.
2.
Kleur de '-ng' blauw en de '-nk' groen.
breng
vonk
frank
drinkt
vang
zing
plank
tang
drinkt
Markeer de '-ng' met blauw en de '-nk' met groen.
Schrijfde volgende woorden 2 xjuist over.
wang
zink
links
denkt
gang
slang
flink
streng
klink
bonk
3.
Rijmen maar!
Kies uit: drank - ring - spring - lang - vangt.
slang
en
ding
en
bank
en
ring
en
hangt
en
© Uitgtvcrij Averbode, 2009
Clusters 'ng/nlc' mvunu 1 ' 2.5/2.
door wendbaa- makcii/yji !<un en,1 v or in nerlijkc-n.'id en tifit uren/integrfn
4.
Schrijf elk woord in de juiste koiom.
Kies uit: lang - ding - pink - brengt - langs - drink - klank - stank
denk - ding.
-nk
-ng
5.
Vul de zin aan met een passend woord.
Kies uit: bank - hangt - links - kring - slank.
De kinderen zitten netjes aan hun
Je moet niet rechts rijden, maar _
Er
een klok aan de muur.
De juf is niet dik, maar
De kleuters zingen een liedje en zitten in een .
6.
Over welk woord gaat het?
Kies uit: ring - klink - zink - bang - tong.
Een cirkelvormig sieraad rond een vinger.
Een beweeglijk orgaan in de mond
van mensen en dieren.
Een blauwachtig, wit metaal.
Een deurkruk.
Angst voor iets hebben.
47Q
© Uitgtvtrij Averbodt. 2009
Clusters 'iig /,■.>,■ iiivf-au i '
:.s/i.i.
Ho or y.'C-!v:lb;i.;r inakcM.'verUor:■•_ n/v: r:>\ nerl'jl-:'-n: i A c>.\~. if i ceil! mi nu'iirt r::i
7.
Maak een zin met de volgende woorden.
stank - hangt
sprong - kring
8.
Schrijf de juiste woorden bij de tekeningen.
9.
Vut aan met €-ng' of f-nk\
10.
stre.
kla.
de.
va
P'-
vo.
jo
Markeer de woorden met '-ng' en '-nk' en schrijf de woorden nog een
keer op.
Ik hang mijn jas aan de kapstok.
Steek je tong nooit meer uit, kleine meid!
De man langs de deur is de baas.
Ik denk dat ik morgen ga.
De vonk zorgde voor een grote brand.
© Uitgevirij Avtrbode, 2009
471
Clusters 'tijj/nk' nivemi 1 > 7.5/2.1-1
door woiullj.n.ir nuiKeii/viTl;t,.-ttn.'vorinnot lijkenMdeiHirkei-fin/iru.t-jjri.-rci!
11.
Zoek nu zeif woorden met '-ng' en €-nk\
-nk
-ng
12.
Lees de tekst en vul telkens een passend woord in.
Kies uit: ding - breng - breng - gang - links - bank - langs - drank drinkt - flink - klink - zingt - brengt - drinkt.
Wat een spannende namiddag! Alles draait om een geheimzinnig pakje, een
of ander
Ik krijg het, maar mag het niet openen.
Eerst moet ik iets doen. Ik krijg een blad en lees:
het
weg en luister wat ik zeg. Dan begint het allemaal.
Volg de
Bij de
de
mee en
Wees
en ga dan naar
ga je naar rechts. Je komt
automaat. Je
er niet van.
en je zult worden beloond. Vervolgens open
je de deur met de gouden
een lied. Ik kijk naar de man die zijn koffie nu
Het pakje mag open ... Ik krijg een
472
© Uilgevtrij htihoit, 2009
een koffie
Je gaat naar binnen en.
miticili-dicU-v voor chiMcis 'nj;.'nl<' ni/t/.m 1 > 7.''./".-. 1 -i
Enkele aandachtspunten
•
•
Als leerkracht kunt u nagaan of de leerting woorden met l-ng' of '-nk' correct schrijft.
Tracht zoveel mogelijk te observeren. Let vooral op het schrijftempo, de schrijfhandeling,
de automatisatie ...
Dicteer de woorden en articuleer correct. Zorg ervoor dat het tempo voor elke leerling
haalbaar is.
Woorddictee
1.
bang
6.
pink
2.
klank
7.
lang
3.
ding
8.
jong
4.
bonk
9.
drink
5.
tang
10.
stang
Zinnendictee
1.
Papa brengt de schaal met brood mee.
2.
Blijf links van de weg en hou je spiegels in het oog.
3.
In de gang hangt een mooi schilderij.
4.
Ik denk dat de juf streng is voor de kinderen.
5.
Past de ring nog die je van je vriend kreeg?
6.
Het meisje zit flink op de bank.
7.
Elk kind van de kring krijgt een stip op de wang.
8.
Ik spring op de plank en duik in het bad.
9.
Wat is dat voor een stank?
10.
De slang zit in de vijver.
© Uitgtvtrij Avtrbodt, 2009
473
CuntroU -ini oj;r;iciecii<M::- vooi ile vcrw.irrin|> ' nf-/itk' tiiss.-n aive-rsc , I 1
Enkele aandachtspunten
•
Als leerkracht kunt u nagaan of de leerling woorden met '-ng' of '-nk' correct schrijft,
wanneer er ook andere clusters aan te pas komen. Tracht zoveel mogelijk te observeren.
•
Let vooral op lipbewegingen, het schrijftempo, het verkorten van de schrijfhandeling ...
Dicteer de woorden zonder auditieve analyse. Articuleer correct en dicteer de woorden
zo dat het tempo voor elke leerling haalbaar is.
Woorddictee
1.
bang
6.
schiet
2.
eerst
7.
flink
3.
berg
8.
melk
4.
pink
9.
jong
5.
lang
10.
arm
Zinnendictee
474
© Uitgevtrij Avertodt, 2009
1.
Ik breng je naar de bank.
2.
Het ding zorgt voor een luide klank.
3.
In de gang neem je de tweede deur links.
4.
Het minst mooie werk van de schilder ligt in de kelder.
5.
Ik denk dat ze in de kring om de beurt drinken.
6.
Ik was flink toen ik pijn had aan mijn pink.
7.
Mijn vriend koopt een ring voor zijn vrouw.
8.
De jonge slang kruipt woest weg.
9.
Soms spring ik op de paarse plank.
10.
Mijn tong doet pijn van de warme drank.
Ciur.tcis '■•< h.'jchr' m
door wendb.i.ir ma ken i vci korren/'vorip. m?rtijUfii.'ii.it.-ri tit ic
I.
2.
Kleur de 'sch-' groen en de 'schr-' blauw.
schaal
schreeuw
schelp
schroef
school
schuld
schrikt
schop
schrijf
Markeer de 'sch- met blauw en schrijf de volgende woorden 2 x juist
over.
school
schuim
schreeuw
schaats
schuur
ik scheld
schrobt
ik schaam me
scheur
schip
)
3.
Rijmen maar!
Kies u/t: schouw - schaar - schelp - schuw - schijf.
mouw
en
duw
en
drijf
en
klaar
en
help
en
© Uitgmrij Avtrbodt, 2009
475
Clusters 'seh/sclw' niveau ! r l.li/2.6
door wendbnar maken,'vcrl<orten/vcrinncrlijlcC'ni'ideiuificercn/iiit^j;i-.?! -n
Schrijf elk woord in de juiste kolom.
Kies uit: schreeuw - scheef - schiet - schreef - schok - schrijf schuin - schrobt - scherp - schram.
sch-
5.
schr-
Vul de zin aan met een passend woord.
Kies uit: schrijf - schelp - schoon - schuld - schuin.
Ik hoor de zee in de
De man betaalt zijn rekening niet en heeft een grote
Deze tekst staat cursief, dus heel
Op kamp
ik een brief naar mijn broer.
De vrouw poetst de kamer tot ze
6.
is.
Over welk woord gaat het?
Kies uit: schaap - schat - sch rift - schaats - schreeuw.
Een dier, een herkauwer die wol geeft.
Een luide, harde roep.
Een bundel papier die vastzit, om in te schrijven.
lets wat waardevol is voor iemand.
Een schoen met ijzer om snel over het ijs
voort te bewegen.
47 £
© Uitgeverij Averbodt, 1009
Clusters "scWschr" nivt%ii< I >• !.i 2/2.6
door wendhaar m.il<en/veri««rfo«/v*.:riiintirlijken»id«ntific€'ron/iii(<■jjf>;-ren
7.
Maak een zin met de volgende woorden.
schreeuw - schat
schouw- schuin
8.
Schrijf de juiste woorden bij de tekeningen.
9.
Vul aan met 'sch-' of 'schr-.
eef
!ok
JO.
ikt
eeuw
eur
.obt
.eef
Markeer de woorden met 'sch-9 en schrijf de woorden nog een keer op.
In de schuur staat een rode tractor.
Mijn opa heeft koeien en schapen.
Het schip vaart op zee.
In de school zitten vele kinderen.
Ik zet mijn schoen voor de Sint.
© Uitgevtrij Avtrbodt. 2009
477
Clusters 'sch/sthr' nivcau 1 (• 1.12/2.
iJoor wencibaar miikf.'fi/verkorten/v'jrinncrli/lten/idt-ntificcrrjn/integrt-fo
13.
Zoek nu zelf woorden met 'sch-' en 'schr-'.
sch-
14.
schr-
Lees de tekst en vul tetkens een passend woord in.
Kies uit: schoen - schrik - schreef - schuw - schaatsen - schoen schreeuw - school - schrijf - scherp.
Ik was nog ktein en kreeg een rare
Wanneer ik
hem aantrok, stond mijn voet
Toen ik met mijn
vingers over het ijzer onderaan de
ik dat het heel
kwam, merkte
was. Even later gingen we met de
op uitstap, we gingen
Ik beefde van de
en
de luid.
Na even oefenen lukte het. Ik ben niet meer
en geniet nu met voile teugen. Ik
vakantiekamp.
47g
© Uitgtverij Awbode. 2009
me in voor een
Cunl rotiidictee voor clusters met 'sth/schr' nivpnu I k '..I ~.'..f}..
Enkele aandachtspunten
•
Als leerkracht kunt u nagaan of de leerling woorden met 'sch-' of 'schr-' correct schrijft.
Tracht zoveel mogelijk te observeren. Let vooral op het schrijftempo, de schrijfhandeling,
de automatisatie ...
•
Dicteer de woorden en articuleer correct. Zorg ervoor dat het tempo voor elke leerling
haalbaar is.
Woorddictee
1.
schaar
6.
scheur
2.
schrift
7.
schreeuw
3.
schuur
8.
schat
4.
schroef
9.
schreef
5.
schuim
10.
schuld
Zinnendictee
1.
De schat ligt in het bos.
2.
Ik schiet scheef en raak de schijf niet.
3.
In mijn broek zit een scheur.
4.
Ik schrijf een brief naar mijn oom.
5.
Het schip vaart op zee.
6.
Mijn schoen is te groot en te breed.
7.
Op school krijgen wij schriften en boeken.
8.
In de schuur staat een grote kar.
9.
Scheld je vrienden niet uit.
10.
Ik ben een beetje schuw.
© Uitgeverij Averbodt, 2009
479
Controlo-integraiiodictx'e voor ct
Enkele aandachtspunten
•
Als leerkracht kunt u nagaan of de leerling woorden met clusters correct schrijft. Tracht
zoveel mogelijk te observeren. Let vooral op lipbewegingen, het schrijftempo, het
verkorten van de schrijfhandeling ...
•
Dicteer de woorden zonder auditieve analyse. Articuleer correct en dicteer de woorden
zo dat het tempo voor elke leerling haalbaar is.
Woorddictee
1.
fiets
6.
broers
2.
spreek
7.
kers
3.
glas
8.
bloem
4.
poort
9.
plant
5.
herfst
10.
kruik
Zinnendictee
480
© Uitgwirij Arerkdt, 2009
1.
Ik draag het liefst de paarse trui met de bloem.
2.
Het beest wou laatst door de gleuf van de postbus.
3.
De gans sprong eerst in de plas en at toen wat brood.
4.
Op kamp blaas ik een bel van zeep en prik hem stuk.
5.
De man van de l<rant belt naar de school en haalt een grap uit
6.
Het spook kijkt bang en spreekt niet luid.
7.
Ik doe de deur op slot en haal een zak snoep.
8.
Soms staan de klompen van de prins aan de deur.
9.
Heeft de schuine, grijze stoel een barst?
10.
Pakt die dwerg nu echt zelf de tram?
Leerlingen leren woorden schrijven en lezen. Ze beginnen met eenlettergrepige woorden. Bij
de aanvang bestaan de woorden uit een medeklinker, een klinker en een medeklinker (MKMwoorden). Vervolgens stappen ze over naar woorden met dubbele kopjes, dubbele staarten
en dubbele kopjes en staarten (MMKM/MKMM/MMKMM). Om het herkennen van de dubbele
kopjes en dubbele staarten, ook clusters genoemd, vlotter te laten verlopen, maken we gebruik
van het clusterblad. Dat kan dienst doen voor zowel het lezen als het schrijven. Belangrijk om
weten is dat lezen en schrijven voor de leerlingen hand in hand gaan.
Even verdiepen ...
Als een leerling inzicht heeft in de woordvorming, gaat hij vlotter en correcter lezen en spellen.
Als we woorden aanbieden, trachten we altijd zinvolle gehelen te zoeken binnen de woorden.
Binnen eenlettergrepige woorden is dat echter onmogelijk. Om het lees- en schrijfproces
inzichtelijker te maken, trachten we binnen die woorden herkenbare delen te zoeken. Zo
kunnen we binnen MMKM/MKMM/MMKMM-woorden de clusters aanduiden. Alles wat achter
de cluster staat, noemen we een spellingpatroon.
Wat is een cluster?
Een cluster is een verzameling van twee of meer medeklinkers die in Nederlandse woorden
vaak samen voorkomen.
Bv. staart
koord
st = begincluster
rd = eindcluster
Wat is een spellingpatroon?
Een spellingpatroon is een verzameling van minstens een klinker en minstens een medeklinker
die in het Nederlands vaak samen voorkomen.
Bv. groot, boot schoot...
paard. luiaard ...
Als de leerlingen nu clusters en spellingpatronen sneller, dus directer herkennen, lezen en
schrijven ze de woorden vlotter en met minder fouten.
Het clusterblad is een verzameling van de diverse clusters. Het is de bedoeling om de clusters
geisoleerd, dus niet binnen woorden, te automatiseren. Het einddoel van het geautomatiseerd
herkennen van de clusters is het direct verkort herkennen ervan binnen woorden.
Sommige leerlingen kunnen de clusters geisoleerd gemakkelijk uitspreken. Anderen hebben
liever de koppeling van de cluster met het mogelijke spellingpatroon.
Bv. 'bl-\ 'br-\ 'dr-1 ... of/blaan/, /braan/, /draan/ ...
Voor de eindclusters mag er een combinatie worden gemaakt met de klinkers.
© Uitgtvtrij Aterbodt. 2009
Ficlie ctusce.rbiad
Het spreekt voor zich dat er nonsens-woorden gevormd worden, dus woorden zonder
betekenis. Dat is enkel een technische training om de herkenbaarheid te verhogen, zowel bij
het lezen als het schrijven.
Bijkomend wijzen we leerlingen op de diversiteit van de clusters. We hebben beginclusters en
eindclusters, clusters met twee tekens en clusters met drie of zelfs vier tekens.
Als inoefening kan het clusterblad klassikaal worden gebruikt, binnen partnerwerk of als
zelfstandige inoefening. Probeer ook de volgorde van het clusterblad te wijzigen. Het lezen
kan gebeuren van boven naar onder, van links naar rechts, schuin, met een pion ... Ook het
vormen van woorden met een bepaalde cluster is een mogelijke inoefening, bv. het vormen
van woorden met de cluster 'pi-1. Ook voor de taalvaardigheid is het een mooie inoefening.
Zo kunt u bijvoorbeeld ook woorden laten zoeken die beginnen met de 'bl-\ Vr-' ... Dat kan
auditief gebeuren of u gaat een stap verder en u laat die woorden noteren.
Het einddoel van het automatiseren van clusters en spellingpatronen is het verkort (direct)
herkennen. De leerlingen herkennen het woord in tussenstappen, door in het woord een
cluster en een spellingpatroon te herkennen.
482
© Uiigmrij Avtrbode, 2009
Kies een spellingpatroon en plaats dat altijd voor of achter de aangeduide
cluster!
-an
-ik
-en
-op
haa-
boo-
lee-
buu-
BEGINCLUSTERS
met 2 tekens
bl-
gr-
Pl-
sj-
br-
gl-
pr-
sn-
dr-
kn-
tr-
sp-
fl-
kw-
vl-
sl-
fr-
kr-
vr-
sm-
zw-
kl-
wr-
st-
BEGINCLUSTERS
met 3 of meer tekens
sen
str-
se hr-
•
o
e
a
u
EINDCLUSTERS
met 2 tekens
'
-ft
-If
-ng
-rd
-kt
-lg
-nd
-rk
-pt
-Im
-nt
-gt
-Is
-ns
-rg
-rf
-st
-It
-nk
-rt
-ts
-Ik
-mp
-rp
-Id
-rm
-lp
-rn
EINDCLUSTERS
met 3 of meer tekens
-nkt
-rst
-cht
-rts
-rfst
© Uitgeverij Avtrbode, 2009
483

Vergelijkbare documenten

II. ST UK JE SW OO RD EN

II. ST UK JE SW OO RD EN De kinderen blijven langer op en doen nog laat een leuk En voorzichtig, want vorige week haalde mijn uit met mijn

Nadere informatie