Archief - Gerardus van der Leeuw

Commentaren

Transcriptie

Archief - Gerardus van der Leeuw
Colofon
Hoofdredactie
Gerrya Tonkes
Redactie
Ananda Klopstra
Carien van der Velde
Charissa Caron-Feiken
Christine van der Veer
Henk van Putten
Kyra-Tiana Kers
Tancredi Marrone
Willemijn Piksen
Gastredactie
Franka Riesmeijer
Garardus bestuur
Janneke Lautenbach
Lieke Werkman
Maaike van der Woude
Rimmer-Wiebe van der Hoek
Vormgeving
Ananda Klopstra
Kyra-Tiana Kers
Gerrya Tonkes
Eindredactie
Christine van der Veer
Anne-Maaike Pathuis
Redactioneel
Een nieuw collegejaar vraagt natuurlijk ook om een
nieuwe Dei Facto! Deze keer nog nieuwer dan anders,
want we hebben een heel aantal nieuwe redactieleden
mogen verwelkomen! Tradities houden we graag in
stand, maar wel in een nieuw jasje. Zo hebben we nu
de ‘Kers&Klopstra’-duocolumn, een foodcolumn van
Tancredi en recensies van Carien. Natuurlijk hebben
we ook een nieuw bestuur, dat aan jullie voorstellen.
Ook krijgen we een voorstelrondje van alle instanties,
zodat ook de nieuwe studenten snel wegwijs worden.
Willemijn is voor ons weer over de vloer geweest bij
een (oud-)faculteitsgenoot van ons en Charissa heeft
een herfstig hoekje geschreven. Kortom: te veel om op
te noemen!
Hoewel de tentamens natuurlijk snel beginnen, moet
er af en toe tijd zijn voor ontspanning. Dus maak jezelf
een kop warme chocolademelk en kruip lekker onder
de dekens met deze nieuwe Dei Facto met het toepasselijke thema ‘Fall’. Ons eerste Engelstalige thema, maar
op veel manieren te interpreteren. Wil je weten hoe dit
is gedaan? Kijk dan snel op de volgende pagina’s!
Agenda:
30-10
Hoe waar is Jezus?
(Zernikezaal, Academiegebouw)
11-11
Faculteitsfeest!
12-11
Met Pithoigia naar Taizé
(Pelstergasthuis)
Oplage: 170
17-11
Oude Boteringestraat 38
9712 GK Groningen
[email protected]
Time for identity
(SKLO, Kraneweg)
21-11
Master Your Talent
(Harmoniegebouw)
Jaargang 7, editie 3
Najaar 2014
Dei Facto is het faculteitsblad van de Faculteit Godgeleerdheid en Godsdienstwetenschappen
Inhoudsopgave
Lucifer
Gerardus van der Leeuw
Fall
Introductiekamp
Hoop is geel zoals het ook groen kan zijn
Duocolumn: Iedereen is gelijk in waarde, maar waarde
is voor iedereen anders
Over de vloer bij... Job-Jan ten Horn
Recipes for happiness: the dietary advice of Saint
Hildegard
The dying and rising God
De herfst van het voetal
Faculteitsraad
“The bear is loose”
3-in-1 recensies
Eerste hulp bij studeren
In memoriam
Charissa’s corner: Als de blaadjes vallen
Ananda Klopstra
Gerardus bestuur
Lieke Werkman
Maaike van der Woude
Kyra-Tiana Kers
Ananda Klopstra & Kyra-Tiana
Kers
Willemijn Piksen
Tancredi Marrone
4
5
6
7
8
9
10
12
Christine van der Veer
Rimmer-Wiebe van der Hoek
Janneke Lautenbach
Mark de Jager
Carien van der Velde
Franka Riesmeijer
Christine van der Veer
Charissa Caron-Feiken
14
15
17
17
19
20
21
22
Lucifer
Ananda Klopstra
Oh morgenster, zoon van de dagenraad, hoe diep ben je
uit de hemel gevallen. Overwinnaar van alle volken, hoe
smadelijk lig je daar geveld. Je zei bij jezelf: Ik stijg op
naar de hemel, boven Gods sterren plaats ik mijn troon.
Ik zetel op de toppen van de Safon, de berg waar de goden
bijeenkomen. Ik stijg op tot boven de wolken, ik evenaar
de Allerhoogste. Nee! Je daalt af naar het dodenrijk, in de
allerdiepste put.
Jesaja 14:12-14
Ik wilde een artikel schrijven dat theologisch dieper inging
op de val van Lucifer. Ik had op een avond al mijn bijbels
erbij gepakt om ze met elkaar te vergelijken, ik had mijn
handleiding exegese (voor hbo’ers, sorry) ernaast gelegd,
ik was wat rond gaan spitten op internet… En voor ik het
wist had ik ruim vier A4’tjes aan tekst over Lucifer. Voor
Dei Facto is dat een beetje aan de lange kant. Helaas, want
het was reuze interessant.
Ik vrees dus dat ik geen exegetisch relatief goed gefundeerde uiteenzetting kan schrijven (en wellicht halen de
theologen onder u nu opgelucht adem, want wie wil in vredesnaam een exegetisch stuk op hbo-niveau van een godsdienstwetenschapper lezen?) maar mijn mening over dit
onderwerp geven kan ik wel, ondanks dat ik niet gelovig
ben.
4
Laten we for the sake of argument even aannemen dat
de bijbel een historisch correct boek is en Lucifer werkelijk een gevallen engel is. Met gevallen engel bedoel ik dan
een engel die om de een of andere reden door god uit de
hemel geknikkerd is. De vraag rijst dan: waarom is hij eruit
getrapt? En een stapje verder: als god tof is, waarom was
Lucifer dan zo slim om rotzooi te trappen? Alsof dit hele
onderwerp al niet hypothetisch genoeg is, moeten we om
zelfs maar een idee van de antwoorden op de vragen te krijgen nog verder de speculatieve wateren in waden. Here
goes nothing.
Voor de mensen onder u die latijn spreken mag het
duidelijk zijn dat ‘Lucifer’ ontleend is aan het Latijn, uit
een samentrekking van Lux (licht, zoals in Lux Aeterna)
en Ferre (dragen, zoals in Pugna Ama Arma Ferre). Lucifer betekent dus letterlijk ‘drager van het licht’. Lucifer
wordt in de Vulgaat (de Latijnse vertaling van het Oude
Testament) ook wel gebruikt om Venus of de morgenster
aan te duiden, maar als ik daarop in ga moet ik ook uitleggen waarom zowel Lucifer als Jezus ‘morgenster’ genoemd
worden, en daar heb ik helaas de ruimte niet voor. Hoe het
ook zij, ‘Lucifer’ komt in de Vulgaat zesmaal voor, waarvan
slechts één keer de engel Lucifer bedoeld kan zijn, namelijk in Jesaja 14. De rest gaat over dageraden, Onias’ zoon
Simon of Jezus. In Jesaja 14:12-15 staat dat de ‘zoon van
de dageraad’, aangenomen wordt dat het hier over Lucifer
gaat, hoogmoedig werd, maar dat zijn hoogmoed voor de
val kwam. De definitie van ‘hoogmoed’ is het overschatten
van jezelf en je eigen kunnen. Jezelf en je eigen kunnen
overschatten lijkt mij echter niet echt een gegronde reden
om iemand uit de hemel te knikkeren, zeker niet als je
deze ‘zonde’ vergelijkt met de zonden van degene die hem
eruit trapte, namelijk god zelf. Moord, genocide, aanzet
tot mensenhandel, slavernij en verkrachting… Bedenk het
en god heeft er waarschijnlijk wel iets mee te maken. Qua
moord kunnen we ruw geschat 2.476.633 doden op gods
naam zetten, en dat is exclusief vrouwen, kinderen, slaven
en vee, en exclusief slachtoffers van de zondvloed, hongersnoden, plagen enzovoorts, omdat daar in de bijbel geen
aantallen van zijn genoemd. Lucifer echter… Ach, Lucifer
heeft tien namen achter de zijne staan, en alleen omdat god
hem uitdaagde.
Als ik nou, hypothetisch gezien, zou geloven dat god en
Lucifer en de hemel en hel echt zijn, dan zou bovenstaande
me toch wel twee keer doen nadenken. Als god rechtvaardig is en zo, dan zou hij niet zoveel mensen afgemaakt hebben. Dan zou hij Lucifer niet uitgedaagd hebben tot het
spelen met de familie van Job en dan zou hij Lucifer ook
niet omwille van hoogmoed uit de hemel gegooid hebben.
Het meest vanzelfsprekende argument dat ik nu echter in
mijn hoofd hoor is ‘Ja maar hallo Ananda, dat kun je niet
zeggen, want wij kunnen met ons menselijk verstand niet
bij de rechtvaardigheid van god. Wat jij raar vindt, doet
hij met perfecte reden maar ons feilbare denken kan daar
niet bij’. Daar heb ik maar één ding op te zeggen: alsjeblieft
zeg. Dat is echt een waardeloos argument, alleen goed om
de barbaarsheid van datgene waar je in gelooft te verdedigen tegenover mensen die niet na kunnen denken. Een
rechtvaardige, liefdevolle, vergevingsgezinde god, een vaderfiguur, vermoordt geen mensen die zoveel zwakker zijn
in zowel brein als vlees. Verdorie, hij heeft ze zelf zo gecreëerd! Waar is hier de logica. Maar in ieder geval, Lucifer
dus. Die zelfde ‘rechtvaardige’ en ‘liefdevolle’ god had een
favoriete engel, en dat was Lucifer. Als Lucifer ten onder
aan het gaan is door hoogmoed, dan zou een liefdevolle
vader hem terug moeten leiden. Maar stel nou, even hypothetisch als al het bovenstaande, dat god een hele andere reden had om Lucifer uit de hemel te trappen. Als
engel met een hoge positie had hij waarschijnlijk wel een
idee van de wandaden van god, en dikke kans dat hij zelf
dacht wel beter te zijn. Sterker nog, daar hoef je geen engel
voor te zijn. Ik denk ook dat ik een betere god zou zijn
dan YHWH. Dus god kwam erachter dat Lucifer plannen
had, werd pislink - want laten we even realistisch zijn (voor
zover dat kan op dit gebied), god is een soort godfather
en iedereen die ‘the Godfather’ heeft gezien weet dat je
daar niet mee moet fucken, want voor je het weet word je
wakker met het afgehakte hoofd van een paard in je bed (of
met wormen en maden, als we Jes. 14:11 moeten geloven).
God zag geen intrinsieke zonde in Lucifer, maar werd het
slachtoffer van zijn eigen jaloezie (en dit is bijbels onderbouwd, Ex. 20:5, 34:14, Deut. 4:24, 5:9, 6:15, Joz. 24:19).
Hijreageerde dit af op de engel die een beter vooruitzicht
had dan hijzelf. Daar komt bij dat geschiedenis altijd door
de overwinnaar geschreven wordt en de bijbel is gods boek,
dus Lucifer wordt vanzelfsprekend neergezet als de bad
guy. Zelfde met Judas en alle andere lieden die toevallig
niet in gods kader van ‘slaafs’ pasten.
Ik weet niet hoor, maar is het niet handig om eerst even
verder na te denken voor je je leven zo klakkeloos in de
handen van een god gooit die meer dan twee miljoen doden op zijn naam heeft staan, terwijl je bang bent voor een
gozer die er slechts tien van het leven beroofd heeft, wat hij
slechts deed op aandringen van die god die er toch al twee
miljoen afgemaakt had?
Gerardus van der Leeuw
2014/2015
Zoals het nieuwe studiejaar afgelopen september van start
is gegaan, zo heeft er ook een nieuw bestuur zijn intrede
gedaan. Met deze vijf enthousiaste studenten willen wij dit
jaar zoveel mogelijk bijdragen aan de sfeer op de faculteit
en tijdens je opleiding. Dit jaar zullen wij ons vooral richten op communicatie, participatie en socialisatie waarmee
wij elk soort student, bachelor of master, theologie of religiewetenschappen, nationaal of internationaal willen
bereiken met onze activiteiten. Een greep uit die activiteiten: de arbeidsmarktdag, eindbarbecue en ons Running
dunner, welke aanstaande woensdag (22 oktober) al is! Wij
hopen jullie allen te mogen verwelkomen tijdens onze en
andere activiteiten binnen én buiten onze mooie faculteit.
Met een hele vriendelijke brul,
Gerardus van der Leeuw 2014-2015
Anne-Jan Sikkema
Voorzitter
Maruja van Ommen
Secretaris
Kyra-Tiana Kers
Penningmeester
Yentl Betjes
Commissie coördinator
Mark de Jager
Studentlid Faculteitsbestuur
5
Fall
Lieke Werkman
Nu al houden sommige internationale studenten in het
gebouw van de PThU aan de Oude Ebbingestraat binnen
hun winterjas aan. Ze hebben het koud. Ik vertel hun dat
Nederlandse moeders hun kinderen leren om dat niet te
doen: dan helpt die jas straks buiten niet meer. Daar hebben ze nog nooit van gehoord. Ik vertel hun ook dat het
nog helemaal niet koud is, dat we in geen jaren zo’n warme
september hebben gehad, dat ze hier alleen nog maar (na)
zomerweer hebben gehad, dat de herfst nog moet komen
en dat het van de winter nog veel kouder wordt. Er zijn er
bij die dat maar moeilijk kunnen geloven; ze willen dat ook
helemaal niet geloven.
Elk jaar weer blijkt het Nederlandse klimaat voor studenten uit Afrika en Azië een bron van verbazing. Dat je
op een dag weer van vier seizoenen kunt hebben. Dat het
zonder waarschuwing keihard kan gaan regenen en dat
meteen daarna de zon weer schijnt. Dat in de herfst de blaadjes van de bomen vallen en dat ze pas in mei weer terug
zijn. Dat heb je allemaal in de buurt van de evenaar niet.
Zoals het ook helemaal nieuw is dat vanaf hun aankomst
eind augustus de dagen elke dag een beetje korter worden.
Onder het motto ‘hoop doet leven’ beschrijf ik in het najaar in geuren en kleuren hoe prachtig Nederlandse lentes
zijn en dat het in juni pas om elf uur ’s avonds echt donker
wordt, maar ik geloof niet dat het veel helpt.
Het helpt mijzelf trouwens ook niet echt. Wie probeer
ik eigenlijk te overtuigen als ik zeg dat het een voorrecht
is om te leven in een land waar je seizoenen hebt? Of als
ik beweer, dat juist in de verschillen en de overgangen
schoonheid en dynamiek te beleven zijn? Ok, het is soms
waar op een zonovergoten ijsdag en bij het zien van de
eerste sneeuw en het eerste sneeuwklokje. Ik geloof er ook
heilig in op de eerste terrasjesdag in de lente en als het in
de zomer voor het eerst warm genoeg is om de hele avond
buiten te zitten, maar wat baat ons de herfst? Als we mazzel
hebben brengt die nazomer, maar onvermijdelijk komt de
dag waarop je in het donker van half vijf ’s middags, tegen de wind in, kletsnat regent tijdens het fietstochtje naar
huis.
Herfst is slecht weer, maar vooral verval. Een vriendin
van mij heeft een hekel aan snijbloemen, omdat die haar
vanuit de vaas voortdurend toeroepen dat ze aan het sterven zijn. Ik persoonlijk vind dat sentimentele onzin; bloemen in de grond in de tuin zijn ook aan het sterven. Dat
moet ook, want anders valt er in het najaar niets te oogsten.
Toch begrijp ik haar ook wel. Hoe mooi ik herfstkleuren
ook vind, ze melden ons dat er binnenkort niets te zien zal
zijn dan kale takken. Ik word daar treurig van: herfst verwijst naar verlies, naar afscheid, naar dood (men leze J.C.
6
Bloem, bijvoorbeeld zijn gedichten In memoriam en November, trouwens, bij Bloem is het eigenlijk altijd herfst).
Met een beetje geluk neemt die treurigheid de vorm aan
van de milde variant, weemoed, maar de grens met zwaarmoedigheid en zwartgalligheid is soms maar dun.
Nu is er wel een groot verschil tussen de herfst als jaargetijde en het verlies waaraan hij de herinnering oproept.
De herfst gaat altijd voorbij en dat weten we ook. Dat wil
zeggen: blijkbaar is de ervaring van seizoenen wel nodig
om dat zeker te weten. De internationale studenten geloven mij niet zomaar op mijn woord, wanneer ik hun vertel dat het ook echt weer beter wordt. Het is me al een paar
keer overkomen dat een van hen mij in mei/juni spontaan
kwam zeggen dat ze de Nederlandse lente zo mooi had
gevonden en dat ze toen pas geloofde wat ik in oktober/november had verteld (het waren iedere keer vrouwen die dat
kwamen vertellen). De ervaring dat er een einde aan komt,
helpt. Wie net als ik somber wordt van vallende blaadjes,
kan een dag het dekbed over de kop trekken en hopen dat
het over gaat in het vertrouwen dat dat ook zo zal zijn.
Dat waarvoor ‘herfst’ vaak symbool staat – ervaringen in
mensenlevens van verlies, afscheid, dood – gaat niet voorbij en zeker niet met de cyclische wetmatigheid van straalstromen en zonnewendes. De existentiële vragen rond
schuld, geweld en onrecht (om toch ook nog maar even te
raken aan een andere betekenis van Fall), van ziekte, lijden,
dood en verdriet zijn vragen die opgeroepen worden door
de contingentie en kwetsbaarheid van het menselijk bestaan
en het zijn vragen waarop geen (makkelijke) antwoorden
te vinden zijn en waarbij goedkope troost niet helpt. Het
zijn wat mij betreft wel bij uitstek vragen waarmee theologen zich bezighouden (niet de enige, maar in elk geval ook
deze). Ik vind het een voorrecht dat ik met de derdejaars
bachelorstudenten in het PThU-traject een herfstsemester
lang in het college Theologie als Existentie mag nadenken
over wat de christelijke traditie in de eenentwintigste eeuw
te bieden heeft voor de omgang met de grote, existentiële
vragen van het menselijk bestaan. ‘Gewoon’, de grote vragen: wat kunnen we geloven, wat moeten we doen en waarop mogen we hopen? En dat dan met het oog op een wereld
waarin passagiersvliegtuigen uit de lucht worden geschoten, mensen overlijden aan ebola en scholieren elkaar neersteken op het schoolplein. Een voorrecht! En daar regen ik
graag een keertje nat voor.
Introductiekamp
Maaike van der Woude
Ik was wel vaker op de faculteit geweest van godsdienst
wetenschappen en Theologie maar deze vrijdag was het
voor het eerst echt als student. Vanaf nu niet meer een
scholier, geen middelbare school meer. Eenmaal op de faculteit gingen we allemaal in een grote kring zitten, allemaal
een beetje gespannen. Goed om je heen kijken wie er allemaal zit. In de kring zaten Marjo Buitelaar en Thea de
Boer. Marjo Buitelaar leidde het spel wat we gingen doen
in. Aan de hand van een voorwerp vertelde we iets over
onszelf en natuurlijk je naam. Die legde we allemaal op een
stapel en dan moest je een voorwerp terug geven met het
verhaal. Ook deden we het handtekeningen-spel en al snel
werd het minder ongemakkelijk. Toen gingen we op weg
naar Schiermonnikoog.
Na een uur te hebben gestaan met veel te veel en te zware
bagage (ik heb nog een week striemen in mijn schouders
gehad want natuurlijk had mijn tas geen wieltjes) kwamen
we aan bij de boten. We begonnen de dag goed met een
inleidend college buiten het gebouw waar we zouden slapen, van Henk de Roest. Maar de avond was het leukst:
waar we in groepjes onszelf voorschut moesten zetten door
dansjes en stomme uitbeelding van sprookjes met wc rollen. De docenten en mentoren hadden hier ook een rol in:
zij mochten jury zijn. Henk deed Kocku von Stuckrad na,
Marjo Buitelaar was de theaterhuppeldepup, Addy was de
kunstkenner en Rimmer-Wiebe deed een dronken Fries.
Daarna naar de tox bar.
een huid van een ijsbeer zwart is en niet blauw zoals sommige dachten. Toch werden we tweede! En mijn groepje
werd tijdens de tocht over het eiland eerste. We waren
natuurlijk ook bloedserieus de vragen gaan beantwoorden.
Die nacht gingen we naar het strand voor een super mooi
kampvuur. Waarna het in de verte ging onweren, dus we
gingen alles rustig opruimen. Onweer en een open strand
is logischerwijs geen goede combinatie. Maar we waren
het strand nog niet af of de hemel brak open en we waren
in een paar seconden allemaal kletsnat. Ik had een regenjas aan en het water kwam er gewoon doorheen. Iedereen
was tot op het bot doorweekt. We hadden behoefte aan iets
warms en schone droge kleren. Eenmaal aan de thee had
iemand het geniale idee om te gaan weerwolven. Dus hebben we tot 3 uur nog een beetje zitten weerwolven en ik
was ook een weerwolf. Blijkbaar kan ik niet liegen want ik
viel na een paar rondes al door de mand.
De volgende en laatste dag bleek dat mijn schoenen nog
steeds doorweekt en dus onbruikbaar waren. Mijn tas was
twee keer zo zwaar door alle natte kleren. En we moesten
afscheid nemen van Schiermonnikoog. Gelukkig kon ik
de mensen heel snel alweer zien. Het was een hele leuke
manier om iedereen te leren kennen. Eenmaal thuis viel
ik als een blok in slaap een goed begin voor een hopelijk
geweldig collegejaar.
“Een pubquiz waar het heel
belangrijk is om te weten
dat een huid van een ijsbeer zwart is en niet blauw,
zoals sommige dachten.”
Voorzichtig in bed kruipen want sommige waren niet
naar de bar geweest en sliepen al. Wij, als in “de meisjes,”
sliepen boven gelukkig aangezien de jongens beneden
door muggen geplaagd werden en wij op de zolder daar
geen last van hadden. De volgende dag bleek dat de leiding het goed geregeld had; er waren veel te veel etenswaren
dus we konden ons gerust vol eten. Die dag stond op het
programma het verhaal van hoe zij tot deze faculteit zijn
gekomen van Stefania & Marjo. Erg indrukwekkende verhalen waar beide lang in het buitenland zijn geweest. Ook
deden we een quiztocht op het eiland. Daarna een pubquiz
waar het bijvoorbeeld heel belangrijk is om te weten dat
7
Hoop is geel zoals het ook
groen kan zijn
Kyra-Tiana Kers
De gloed door het blad
De laatste vogel trekt weg
Ik draai nog eens om
Ochtenddauw verdampt
Verdwijnende zomerzon
Herfstig ochtendlicht
Hupsende eekhoorns
Kastanjes voor mijn voeten
Vervliegende tijd
De dag raast voorbij
Ik verlang naar de avond
Bladzijden slaan om
Als een nieuw hoofdstuk
Begint de volgende dag
Groene hoop wordt geel
8
Iedereen is gelijk in waarde,
maar waarde is voor iedereen anders.
Kyra-Tiana Kers &
Ananda Klopstra
Nederlandse fietstochten of sneetjes brood bij het ontbijt. Misschien dat jij als cultuurrelativist wel ieder persoon
gelijk in waarde vindt, maar hoe denk je dan over de verschillen tussen culturen? En dan met name onze ‘hoogverheven westerse’ cultuur tegenover de ‘onderontwikkelde’
culturen?
Ananda: Ik ben een cultuurrelativist (al ben ik er nog niet
helemaal uit of ik dat standpunt aanneem for the sake of
argument, of omdat ik werkelijk achter het principe sta).
Een cultuurrelativist is iemand die de ene cultuur niet superieur acht aan de andere en die erkent dat het morele
kompas van de een anders is dan die van de ander, maar
daar geen waardeoordeel aan wil hechten. Dat is makkelijker gezegd dan gedaan, want de waarden en normen
waarmee je bent opgevoed en waar je persoonlijk aan
gebonden bent proberen toch steeds invloed uit te oefenen. Een cultuurrelativist houdt dus het standpunt aan dat
iedereen gelijk is in waarde, maar ‘waarde’ is een begrip
dat voor iedereen anders is. Kyra, echter, is het niet met me
eens. Dus, KYRA, wat zeg jij?
Kyra: Ik ben het met je eens, voor de verandering. Maar
het lijkt me onmogelijk om geen waardeoordeel over een
andere cultuur te hebben. Als een cultuur een waarde op
zichzelf is, dan kan deze nooit an sich gekend worden. En
wij als mens-zijnden (die bijna nooit dingen kunnen laten zoals ze zijn) zullen er een waarde aan toekennen, een
waarde die wordt gevormd door ons eigen Westerse paradigma. Zo zal je dingen uit een vreemde cultuur wellicht
bijzonder of karakteristiek vinden, en er daardoor juist
een hogere waarde aan toekennen dan aan je alledaagse
Ananda: Ik denk niet dat cultuur een waarde op zich is.
Cultuur is gewoon een door de omgeving bepaald ding dat
in de loop der eeuwen ontwikkelt en doorontwikkelt. Dat
andere mensen er een waarde aan toekennen betekent niet
dat cultuur gelijk is aan waarde. Persoonlijk denk ik ook
niet dat verschil in cultuur waarde bepaalt. Ik ben het wellicht niet eens met eerwraak omdat ik tegen het onnodig
doden van levende wezens ben, maar maakt zo’n aspect
een cultuur minderwaardig of onderontwikkeld? Nee, het
is slechts een aspect waar je het vanuit jezelf wel of niet
mee eens kan zijn. Zou ik boos worden als iemand mijn zus
vermoordt uit eer? Ja, maar dat zegt nog steeds niks over
de waarde. Overduidelijk hecht jij veel waarde aan Kants
woorden, en zoals bekend vond Kant dat mensen een doel
op zich, niet een middel tot moeten zijn. Zie jij cultuur,
voortgebracht door mensen, als doel of als middel een doel
te bereiken, en hoe verbind je dat aan jouw waardebepaling
van een cultuur?
Kyra: Ik zie cultuur ten eerste niet als iets wat alleen door
mensen tot stand is gekomen. Ik geloof dat dieren of de
natuur zelf net zo goed een cultuur kunnen hebben, en dus
een universele waarde in zich heeft. Om je vraag te beantwoorden: ik zie cultuur als doel. Ik geloof echter wel dat
je cultuur ook als middel zou kunnen gebruiken om iets
waardevol te noemen. Eerwraak zie jij als het ‘onnodig doden van levende wezens’, maar het kan ook gezien worden
als het ‘oog om oog en tand om tand’ concept, wat ook wel
weer een teken is van loyaliteit aan je familie. En het aspect van loyaliteit lijkt me altijd van goede waarde. In de
islamitische cultuur waar nog aan eerwraak gedaan wordt,
wordt het aspect van eerwraak gebruikt om tot een doel
te komen, namelijk: loyaal zijn aan je familie. Om waarde
aan een cultuur toe te kennen moet je, denk ik, ten eerste
kijken naar de beweegredenen van mensen en secundair
naar de uitwerking hiervan. Als de beweegreden zo’n uni-
9
versele goedheid in zich draagt, zoals rechtvaardigheid,
zou dit dan als maatstaf gebruikt kunnen worden? Zou
een cultuur dan toch ‘meer waardevol’ genoemd kunnen
worden dan de ander?
Ananda: Je vindt loyaliteit aan je familie eventueel wel een
goede reden om iemand van het leven te beroven? Oké,
interessante mening. Stel dat je een Soennitische man bent
en je zus wil trouwen met een Sjiiet. Dat is je motief voor
eerwraak. De secundaire uitwerking: je neemt een pistool
en schiet eerst de man, dan je zus door het hoofd. Is dat
universele goedheid? Is dit überhaupt zelfs ‘oog om oog,
tand om tand’ te noemen? Nee, want je ontneemt twee
mensen het leven, terwijl hun enige ‘misdaad’ het niet conformeren aan jouw standpunt is. Om terug te komen op je
vraag, wat is überhaupt rechtvaardigheid? Is rechtvaardigheid iemand erger straffen dan wat ze hebben misdaan, of
is rechtvaardigheid iemand straffen als motivatie voor hen
om hun schuld te belijden en hun leven te beteren? Zonder
duidelijke definities, en vanwege de verschillende morele
kompassen en waardeprincipes zal je nooit kunnen zeggen
dat een cultuur meer of minder waardevol is. Het enige dat
je met zekerheid kunt stellen is dat de ene cultuur andere
principes heeft dan de ander, met als gevolg dat niet alle
culturen vreedzaam naast en met elkaar kunnen leven. Nu
jij weer.
Kyra: Ik denk zeker niet dat het goed is twee mensen dood
te schieten omdat ze jouw principes niet volgen. Maar dit
is ook wat ik bedoel; in die cultuur is dat de ‘normale gang
van zaken’, terwijl wij het onnodig vinden omdat elk leven
waardevol is. Natuurlijk ben ik niet voor het uitmoorden
van mensen vanuit het principe dat ze het niet met je eens
zijn, maar ik kan heel goed begrijpen dat mensen een land
willen veroveren omdat ze denken dat dit is wat God van
ze vraagt. Wie zijn wij dan om te oordelen over de handelingen van deze verschillende culturen, alleen omdat wij
denken dat wij het wel bij het goede eind hebben? Misschien komt onze ‘goed ontwikkelde westerse wereld’ er
over 100 jaar wel achter dat het rechtvaardigingssysteem
totaal instabiel is en gooien we het weer over een andere
boeg. Wellicht komen we op het idee dat we iedereen maar
gewoon vrij moeten laten lopen, of dat we iedereen moeten
opsluiten die iets sarcastisch zegt wat als bedreigend over
kan komen. We weten niet wat de westerse toekomst voor
ons in petto heeft, maar het lijkt mij niet rechtvaardig om
met de ‘westerse’ mening mee te gaan wat betreft het oordelen over de andere culturen. Het lijkt me dat universele
goedheid dus ook niet zit in hetgene dat de mens als rechtvaardig ziet, maar in de goedheid van de daad an sich. Ja,
dit zullen wij dus nooit kunnen beoordelen, en dus blijven
we als mens-zijnden slecht denken over andere culturen
omdat ze ‘anders zijn’ dan de onze en tegen ‘onze principes’
ingaan. Ik denk dus dat elke cultuur goedheid in zich draagt waar wij als mensen niet over mogen en kunnen oordelen. Of een cultuur dus waardevol is of niet, hangt niet af
van onze zienswijze. Eigenlijk vind ik mezelf een extreem
cultuurrelativist; ik acht geen cultuur meer superieur aan
de ander, maar ik acht ook geen mens beter dan de ander.
Over de vloer bij....
Job-Jan ten Horn
Willemijn Piksen
10
Op één van de laatste dagen van augustus komen twee volgeladen IKEA vrachtwagens de Snelliusstraat inrijden. De
vrachtwagens houden halt bij een kerk, die in de jaren ’50
gebouwd is als Gereformeerde Kerk en tot 2012 in gebruik
genomen werd door de Vrije Baptistengemeente Groningen. Het ene bouwpakket na het andere wordt uitgeladen
en de kerk in gedragen. Als de vrachtwagens even later weer
de straat uitrijden laten ze de zeven mensen, die zich sinds
februari bewoners van deze kerk mogen noemen, achter,
met genoeg meubels om acht kamers mee in te richten. Dat
is dan ook precies wat dit groepje te doen staat. Aan hen de
taak om de stapel planken, boutjes en moertjes razendsnel
tot kasten, bedden en stoelen te maken. Als enkele dagen
later de acht laatste bewoners van overal over de wereld in
hun volledig gemeubileerde kamers trekken kan de kerk
eindelijk zijn nieuwe taak gaan waarmaken als Internationaal Convivium (IC).
Het IC is opgericht door Stichting Ruimzicht, een kleinschalige organisatie die zich inzet voor “het ondersteunen
en begeleiden van personen die zich voorbereiden op het
ambt van predikant in de PKN en het meewerken aan de
goede uitoefening van dit ambt” en “het bevorderen van
het samen leven en wonen van studenten als oefening in
gemeenschap vanuit de christelijke traditie” (bron: www.
ruimzicht.nl). De stichting heeft meerdere studentenhuizen (convivia) in Nederland, maar het IC is wel een unieke
verschijning: Het huis wordt bewoond door acht internationale studenten van de PThU die een jaar in Nederland verblijven en een vaste, Nederlandse, kern van zeven
mensen die nog studeren of hun studie al afgerond hebben
en een baan hebben in de grote mensenwereld. Naast hun
wekelijkse huisavond zoeken ze elkaar ook op andere momenten op om dan samen te eten of een potje te tafeltennissen in de gigantische woonkamer.
Eén van de zeven Nederlandse bewoners is Job-Jan ten
Horn, die de master Geestelijke Verzorging aan onze faculteit doet. Hij legt uit wat het nu eigenlijk inhoudt om in
een Internationaal Convivium te wonen: “Je woont samen
in een kerk waar iedereen bezig is met thema’s rondom
zingeving en religie. De basis is interesse voor de ander;
wat iemand beweegt. Soms raak je daarover met elkaar in
gesprek, maar soms zit je ook gewoon stom samen op de
bank een biertje te drinken.” Toen Erik Meinema (ook een
bekend gezicht aan onze faculteit) hem afgelopen winter
vertelde over het concept achter het Convivium was JobJan niet meteen enthousiast. Maar hoe meer hij erover te
weten kwam, hoe meer hij geïnteresseerd raakte. Het idee
om samen te wonen met anderen die graag in gesprek gaan
over zingeving en religie en met wie je ook lol kunt hebben
sprak hem aan en na er nog eens goed over nagedacht te
hebben besloot ook hij zich in te zetten voor dit concept.
Nu, meer dan een half jaar later, behoort hij dus tot de
vaste kern van het Internationaal Convivium. Het bevalt
hem zeer. De Nederlanders vormen inmiddels al een hechte
groep. Met de internationals wordt het contact ook steeds
beter. Zo nu en dan merken ze weer een cultuurverschil op.
Zo blijkt een groot onderscheid te zijn dat de Nederlanders
zich met gemak uitspreken, terwijl dat in andere culturen
(zeker in de Aziatische cultuur) helemaal niet zo gebruikelijk is. Daar doet het persoonlijk belang er veel minder
toe: “Het gaat in eerste instantie om de groep en de oudste
spreekt namens de hele groep”. Een ander opmerkelijk cultuurverschil, zo noemt Job-Jan, is de manier van afwassen.
Na een aantal weken kwam boven water dat de manier waarop wij in Nederland afwassen door de meeste internationals erg onhygiënisch werd gevonden, Dit tot schrik van
Job-Jan, die altijd gedacht had secuur in zijn afwas te zijn.
Zij waren echter duidelijk een andere mening toegedaan:
je wast toch niet in hetzelfde vieze sopje af! Ze waren het
gewend om in plaats daarvan stromend water te gebruiken.
De oplossing voor dit cultuurverschil was eenvoudig: het
IC is nu in bezit van een goed werkende afwasmachine.
Zijn taak als klusjesman van het huis nam vooral in
het begin nogal wat tijd in beslag. Lampen die het niet
deden, een wasmachine die overstroomde en stoppen
die doorsloegen eisten zijn aandacht. Inmiddels zijn deze
praktische problemen sterk afgenomen en gaat de energie
die hij in het IC steekt vooral uit naar de potjes tafeltennis
met zijn huisgenoten.
Verder houdt Job-Jan zich bezig met het schrijven van
zijn scriptie en werkt hij veel. Dit kalenderjaar hoopt hij
zijn studie af te ronden om dan in januari aan de slag te
gaan bij het UMCG waar hij een werkervaringsplek heeft
weten te bemachtigen. Liever was hij natuurlijk betaald aan
de slag gegaan, maar werk vinden als geestelijk verzorger
is in deze tijd niet makkelijk. Hij probeert het positief te
bekijken: “Je kunt het ook zien als gratis bijscholing”. Aan
het belang van geestelijk verzorgers in de samenleving twijfelt hij niet. “Ik heb wel het idee dat wat wij leren over
religie en over zingeving en over identiteitsvragen heel
waardevol is, maar je moet zelf het werk creëren; zelf de
boer op met je verhalen.” Deze laatste gedachte is ook wat
hem bij Noorderzin gebracht heeft. Noorderzin wordt gevormd door tien mensen die expertise bieden op het gebied van religie, identiteitsvraagstukken, geestelijke verzorging en meer theologische klussen. Ze nemen allerlei
opdrachten aan die hiermee te maken hebben. Zo geven
ze lezingen, workshops en denken ze met bedrijven mee
over beleidsvraagstukken. Het collectief krijgt steeds meer
opdrachten binnen, tot Job-Jans enthousiasme.
Om tussen het werken en studeren af en toe wat stoom
af te blazen voetbalt Job-Jan bij voetbalvereniging Velocitas
en maakt hij muziek. Hij zingt graag Jazz ballads en begeleidt zichzelf daarbij op piano. Hij heeft in een Jazzbandje
gezongen, maar heeft daar tot zijn spijt mee moeten stoppen omdat het bandje in het midden van het land samenkwam voor repetities. Hij hoopt zich in Groningen nog eens
als zanger bij een jazzbandje te kunnen aansluiten. Tot die
tijd blijft het nog bij het zingen in zijn eentje in zijn kamer.
Alleen zijn huisgenoten in het IC kunnen voorlopig dus
nog meegenieten.
11
Recipes for happiness.
The dietary advice of Saint Hildegard.
Hildegard von Bingen Bermersheim vor de Hohe 1098Bingen am Rhein, 1179 was a Benedictine nun worshipped
as a saint by the Catholic Church; she was declared Doctor
of the Church by Pope Benedict XVI in 2012. During her
life she pursued many interests as writer, playwright, poet,
musician and composer, philosopher, cosmologist, healer,
naturalist, political advisor and prophet.
As a student of medicine Hildegard, besides finding
cures for minor illnesses had devised a method to maintain perfect health. This method revolved around a proper
diet. She believed that the majority of human illnesses were
related unbalanced eating, something that your organism
would reject, or which although good was eaten incorrectly or in the wrong quantities. Her book on medicine “Liber
subtilitatium diversarum naturarum creaturarum” (book
on the subtle differences of the nature of creatures) written
in the 13th century discusses exactly this. It was divided in
two parts: “Causae et curae” (book of causes and remedies)
and “Phisica” (Healing properties of nature or book of basic medicine).
In her book she explains how eating certain foods and
excluding others not only contributed to healing specific
kinds of illnesses but it also served to improve one’s mood;
some of these must be avoided at all costs as they have negative properties on a psychological and moral level.
Medieval medical beliefs claimed the existence inside
the body of four particular temperaments associated the
four basic elements of the world: Fire, Air, Earth and Wa-
ter, these were also connected to the four cosmic entities:
Sun, the Sky, the Earth and the Sea. The four human temperaments were associated to these: sanguine, connected
to air (hot and wet) phlegmatic, connected to water (cold
and wet); choleric, connected to fire (hot and dry); melan-
12
Tancredi Marrone
cholic or nervous, connected to the earth (cold and dry).
These temperaments connected to the four humors which
influenced mood states. An example of this can be melancholia is identified with black bile and constitutes the
reason to being moody. People who become easily angry
are sanguine while excessive calmness is phlegmatic and is
characterized by the viscosity of the liquid which is prevalent in him. The main characteristics of the foods would
provide the missing humors in case of unbalance and reestablish harmony within the body or preserving health.
In accordance with the medieval beliefs, Saint Hildegard
claimed that foods or creatures as she defined them, had
special subtle, hidden qualities that she defined as “Subtilitas”. These were not what we could call nutrient substances such as vitamins or mineral. The term mostly refers to
subtle or invisible qualities which are relate to the four
elements, and are not connected to the she shape or texture of the foods. Saint Hildegard was also able recognize
these Subtilitas at a glance as God had revealed them to
her through visions (she was also a prophet, remember?).
These were absolutely fundamental in the establishment of
a proper diet. Knowing this also meant being able to make
the appropriate combinations. Chick peas are hot for example, pears are quite cold, prunes are dangerously wet and
pigeon meat is too dry. Lettuce for example, is too cold on
its own and might damage the organism, it will be necessary to add garlic which will in turn make the lettuce quite
beneficial. For every person Hildegard selected plants and
hot, cold, dry and wet foods depending on the balance that
had to be recuperated according to the “contraria contrariis curentur” principle (allopatic) and the “similia similibus
currantur” (homeopathic). The main objective of the cure
is not to operate on the symptoms but on the primary cause
of the illness, which meant elimination the bad humors.
Hildegard would also advise that adults should have a
prevalently liquid breakfast, lunch at midday and dinner
before the sun goes down, so as to allow the body to digest
food properly. Young adults, children and seniors should
have a hearty breakfast as they need the extra energy that
their body cannot or no longer can provide them with.
Hildegard classifies every element of nature on the basis
of it being good or bad to eat, she also indicates what is best
to make someone happy; some plants are connected to Air
and are of a joyous nature, as are also oats, whoever eats
them will be happy and will have a clear mind and preserve
good health. Spelt also works in a similar manner and honey provides happiness and a joyful heart.
On the other hand ginger is very bad as it causes stupidity, ignorance and lasciviousness in healthy fat men. Figs
also cause licentiousness and ambitions, greed and instability, bear meat causes lust.
Among the foods which are absolutely forbidden are
Salmon (weakens the organism), leek and strawberries
(both very poisonous), peaches (cause an excess of mucous in the stomach), lentils (weaken the body in general),
pork meat (she claims is purulent due to all the rubbish
that pigs eat and it can be damaging for the body, more-
over it can trigger animal-like instincts which will lead
to unbecoming behavior), plums (increase the chances of
latent illnesses and increase bad humors in the body) and
blueberries (cause gout).
An extra note of caution, food must be cooked (she’s
talking to you salad and sashimi lovers) so as the negative
humors that the food contains can be eliminated before
they enter the body. Moreover uncooked food can stress
the heart and the spleen.
Finally if you want to experiment with some of the gastronomic remedies Hildegard of Bingen would suggest
these biscuits to strengthen your nervous system. You
will need 300g spelt flour (normal flour is ok too), 2 teaspoons of powder cinnamon, 100g chopped almonds, 1
egg, 4 spoons of honey and 4 spoons of extra virgin olive
oil. All in all it’s quite easy to make just pop all the ingredients in a bowl and mix them together and give the
mixture the shape of little sticks (or any other shape you
prefer). Cook them in the oven at 180° for about 15 minutes. Hildegard would advise to eat them in the morning,
but if you’re feeling gluttonous rather than nervous I’ll
take better care of that in the next article.
13
The dying and rising God
Christine van der Veer
Rise like a phoenix
Out of the ashes
Seeking rather than vengeance
Retribution
You were warned
Once I’m transformed
Once I’m reborn
You know I will rise like a phoenix
But you’re my flame
(Conchita Wurst, 2014)
Vallen en weer opstaan. Tot het uiterste gaan en dan weer
opnieuw beginnen, al dan niet door de dood heen. Het zijn
motieven die in vrijwel elk verhaal, elke film en in elk roman te vinden zijn. Vaak is hierbij de val nodig om daarna
verbetering tot stand te komen. In het nummer van de winnaar van het Eurosongfestival van dit jaar, zingt Conchita
Wurst over de fenix; de vogel die geassocieerd wordt met
het herrijzen. Wanneer het refrein wordt gezongen zingt
hij extra krachtig: ‘You know I will rise like a phoenix’, ondanks dat hij telkens weer neergehaald wordt. Een ander,
enigszins willekeurig, voorbeeld dat doordrongen is van
het thema, is het bekende Nederlandse kinderboek: Ciske de Rat. Juist door Ciske’s moeilijke jeugd, met zelfs een
niet geplande moord op zijn moeder, wordt hij later een
sterke man die optreedt als een held wanneer de Tweede
Wereldoorlog begint. Het thema spreekt dan ook tot de
verbeelding: iedereen heeft wel zo zijn rainy days en je mag
toch hopen dat deze op een gegeven moment weer over
zullen gaan. Toch is er een moment waarop het menselijke
herstellingsvermogen ophoudt.
En dat is het moment dat de goden om de hoek komen
kijken. Want verscheidene goden of god-achtige figuren uit
de geschiedenis van de mythen, zijn er in geslaagd om zelfs
uit het diepste dal weer omhoog te krabbelen: ze stonden op
uit de dood. In de 19e eeuw is er door wetenschappers een
concept ontwikkeld wat de verschillende verhalen waarin
een dergelijk opstanding plaatsvindt, samen zou brengen:
the dying and rising god. In eerste instantie gaat onze associatie, die van mij in ieder geval wel, uit naar de figuur
van Jezus. En inderdaad speelt Jezus ook een belangrijke
rol in de theorie, vooral omdat uit zijn grote volgelingenschare blijkt dat het inderdaad een motief is die mensen
aanspreekt. Naast Jezus zijn er echter ook vele andere goden die een dergelijke ontwikkeling hebben meegemaakt,
zij het soms ook op symbolische wijze.
Neem bijvoorbeeld de Griekse god Dionysos, wiens
naam we kennen van de inmiddels uitstervende studentenvereniging hier in Groningen. Volgens de klassieke
14
mythe was Dionysos een kind van Zeus en Demeter1, en
zijn vader was dus oppergod. On op een dag besloot Zeus
dat het kind Dionysos even in het echt mocht meemaken
hoe het was om in zijn almachtige schoenen te staan en hij
liet zijn zoon plaatsnemen op zijn troon. Dionysos genoot
van zijn positie en besloot ook maar eens met de donderkeil van zijn vader te gaan spelen. De Titanen echter, waren
hierdoor niet zo geamuseerd en ze besloten Dionysos, die
zichzelf inmiddels in een stier had veranderd, in stukken te
scheuren en op te eten. Gelukkig bleef Dionysos’ hart nog
over, en met behulp van zijn grootmoeder Rhea kon dit
hart weer aan Zeus overgeleverd worden die daarmee zijn
zoon weer tot leven deed komen. Een gebeurtenis die in de
cult van Dionysos nog lang gevierd zou worden.
Een ander voorbeeld is Osiris, een godheid uit de Egyptische mythologie, die zelfs als ‘de god van de opstanding’
door het leven mocht gaan. Volgens de mythe werd Osiris
door zijn jaloerse broer Seth vermoord en vervolgens in
stukken gehakt en over het land gestrooid. Daarna kon Isis
gelukkig, na vele jaren van zoeken, de stukken weer bij elkaar brengen. Zo kon Osiris uiteindelijk eeuwig leven krijgen, helaas wel zonder penis, want die had Isis niet terug
kunnen vinden. Tijdens het jaarlijkse Osiris festival dat de
Egyptenaren vierden werd Osiris bezongen als de god van
de landbouw: door de dood en zijn opstanding werd Osiris
geassocieerd met de landbouw. Ook daar moest het land
af ten toe braak liggen, dood gaan dus, om daarna weer
vrucht te kunnen dragen. Bij het festival van Osiris werd
zijn dood dan ook gelijk gesteld met het onvruchtbaar zijn
van het land en zijn opstanding met juist de vruchtbaarheid van het land.
Voor het terugkomen van dit motief in verschillende religieuze verhalen heeft de psychoanalyticus Carl Jung een
verklaring. Volgens Carl Jung hem behoort het motief van
sterven en weer opstaan tot het collectief onbewuste. Al in
de Egyptische mythen kwam dit archetype voor en later is
dit motief onderdeel geworden van ons aller onbewuste.
Wat dit precies inhoudt is natuurlijk moeilijk in woorden
te vatten: willen we allemaal graag de dood overstijgen?
Is het goddelijke wat voor ons de dood overstijgt? In ieder geval staat vast dat Jung’s theorie, maar überhaupt het
idee van de dying and rising god niet volledig onomstreden is. Met name in de afgelopen eeuw werd de theorie
sterk bekritiseerd, waarbij de kritiek vooral was dat grote
verschillen in de mythen eigenlijk genegeerd werden. Zo
was Dionysos al voor zijn dood (half-) goddelijk, terwijl
Jezus als mens onder de mensen leefde. En wanneer we ki1 Of Semele, die anders dan Demeter, gewoon menselijk was. Er zijn verschillende versies van het verhaal.
jken naar de vraag van het ‘waarom’ van de dood, zien we
dat deze bij alle verhalen erg verschillend zijn. Osiris’ dood
werd bijvoorbeeld vergeleken met de cycli die nodig zijn in
de landbouw, terwijl Jezus’ zijn dood met de zonden van
de mens te maken had - althans, zo wordt het vaak in de
christelijke theologie uitgelegd.
Ondanks deze verschillen is het volgens mij toch leuk om
eens te kijken naar dit soort terugkerende motieven. En het
interessante van dit thema in het bijzonder is dat in al de
verhalen de val, of de dood dus, een functie toegedicht krijgt: wanneer de goden opgestaan zijn, zijn ze weer geheeld
of is er iets, misschien zij zelf, beter geworden. De val is
dan nodig om iets weer beter te maken, om te herstellen.
Dit idee komt steeds naar voren met de dying and rising
gods. Eerst vallen ze, om daarna weer te herrijzen, net als
een fenix.
De Herfst van het voetbal?
Rimmer-Wiebe van der Hoek
Gedurende mijn tijd hier op de faculteit heb ik één ding
vooral opgemerkt: er is erg weinig interesse voor de geweldige sport die voetbal heet. Al wordt voetbal soms een
religie genoemd, het lijkt de theologen en religiewetenschappers weinig te deren, en geef ze eens ongelijk! In het
hedendaagse voetbal zijn er genoeg reden om niet te willen
kijken.
Het voetbal dat we tegenwoordig kennen lijkt in de
herfst van zijn leven te zitten, in verval te raken. Zijn
haren worden grijs, zijn buik gaat hangen en hij krijgt opeens de drang om een motor aan te schaffen. Dit verval
begint al van bovenaf aan, namelijk binnen de FIFA (de
internationale organisatie voor voetbal). Een organisatie
die nog corrupter is dan de meeste regeringen in Afrika.
De grootste crimineel van het hele stel opereert aan het
hoofd van deze organisatie met de autoriteit van de paus
in de Middeleeuwen en zijn naam is Sepp Blatter. Nou kan
ik me voorstellen dat menig lezer iets heeft van: maar die
schattige oude man, die doet toch geen vlieg kwaad? Laat
me dan een voorbeeld noemen van de capriolen van deze
oude seniele gek. Onlangs hield hij heel nobel een minuut
stilte voor het overlijden van Nelson Mandela bij de loting
voor het Wereldkampioenschap 2014 maar, hij vond het
na 11 seconden meer dan genoeg en besloot dat hij maar
weer aan het woord moest. Hij zorgde er ook voor dat het
WK van 2022 naar Katar ging; een land waar het zomers
zo 40 a 50 graden is, enige vorm van lichamelijke beweging
onmogelijk is en waar bouwvakkers in erbarmelijke omstandigheden werken, leven en helaas ook sterven. Dit alles
omdat hij zich maar al te graag liet omkopen door het betr-
15
effende land, maar ook Rusland kreeg nu ook heel toevallig
het WK van 2018 toegewezen. Wellicht zou Koning Willem
Alexander nog een keer op de koffie kunnen bij Poetin, om
te leren hoe wij de FIFA kunne omkopen. Verder is meneer
Blatter nu al zo’n 88 jaar oud, hoog tijd om met pensioen
te gaan. Toch heeft hij zich gewoon opnieuw verkiesbaar
gesteld als voorzitter van de FIFA in 2015. Het ergste is nog
wel dat dit hem ook nog waarschijnlijk gaat lukken aangezien hij allerlei kleine landen omkoopt voor stemmen. Kortom we zijn voorlopig nog niet van hem af. Het is echter
niet alleen het bestuur dat zorgt voor de afbrokkeling van
het voetbal: er zijn toevallig ook nog spelers.
Als je deze zomer niet onder een steen hebt geleefd,
heb je vast doorgehad dat het WK 2014 plaatsvond. Het
was een geweldig WK met passie, drama, geluk en mooie vrouwen: want volgens mij kregen de cameramannen
een loonsverhoging voor elke jonge dame die ze in beeld
kregen. Dit WK werd het echter pijnlijk duidelijk dat er
nog een hoop gekken rondlopen op dat groene rechthoekje. Sommige spelers plegen smerige overtredingen of maken zulke goede schwalbes dat ze genomineerd waren voor
een Oscar; dit zijn we onderhand allemaal wel gewend. Eén
speler bracht het voetbal echter tot een nieuw laag niveau
en zijn naam is Luis Suarez. Deze K9 vermomd als Uruguayaan besloot, na incidenten zoals racistische uitspraken
tegen collega’s en het eerder al ervaren van mensenvlees,
dat hij tijdens de wedstrijd Uruguay - Italië zin had in een
hapje Italiaans. Een schouderkarbonaadje om precies te
zijn: de centrale verdediger Chielinni had net even iets te
lekker gedoucht en voor dat hij het wist had hij Suarez in
16
zijn schouder hangen. Suarez werd na de wedstrijd bestraft
en ondanks zijn solide excuus dat hij per ongeluk tegen
de schouder in kwestie was aangelopen, kreeg hij toch vier
maanden schorsing. Het uitzonderlijke is nu dat hij wel al
gevoetbald heeft voor zijn club Daar mocht hij namelijk
wel spelen omdat het in dit geval om vriendschappelijke
duels ging.
De club in kwestie waar Luis Suarez voor speelt, FC Barcelona, is ook een van de schoolvoorbeelden van wat er nu
mis is met voetbal. Barcelona had zich in 2013 al schuldig gemaakt aan het breken van de Financial Fair Play regels en dus mocht de club geen aankopen doen tijdens de
zomer van 2014. Daarom heeft de club deze zomer voor
ongeveer 160 miljoen aan inkopen gedaan, logisch. Barcelona en vele andere clubs die suikeroompjes hebben uit het
Midden-Oosten of Rusland doen mee aan dit buitensporig
veel uitgeven op de transfermarkt. De Financial Fair Play
regels moeten dit tegen gaan zodat de verschillen tussen de
clubs weer kleiner worden, maar het is duidelijk dat dit niet
stand houdt. Ook boetes opleggen is overduidelijk geen optie.
Al met al is er een hoop ellende in de voetbal en lijkt het
inderdaad op de herfsttijd in deze sport. Herfst is echter
ook een tijd die plaatsmaakt voor iets nieuws. Na de herfst
komt de winter en uiteindelijk komt de lente waarin alles
weer gaat stralen. Er zitten ook echt nog wel lichtpuntjes in
het voetbal. De Nederlandse competitie is in jaren niet zo
slecht geweest, maar de grap is juist dat iedereen zo beroerd
is dat het leuk is. De ene week speelt Ajax 1-1 tegen PSG,
een club met het budget van een klein land, en het andere
moment verliezen ze met 2-0 van Groningen. Voetbal is
onvoorspelbaar: het is passie, het is emotie. Wat voor mij
het voetbal mooi maakt zijn die momenten, momenten
waarop het kaf zich van het koren scheidt. Dat moment
waarop Messi of Ronaldo een geniale actie maakt of wanneer een eredivisie speler opeens een ingeving krijgt. Op
dat soort momenten is voor mij een wedstrijd compleet.
Geef daarom voetbal nog een kans, kijk eens een Champions League wedstrijd, bij voorkeur een kwartfinale, halve
finale of finale. Desnoods ga je lekker met je bordje op
schoot om 7 uur op zondag naar de samenvattingen kijken, maar gun jezelf het plezier dat voetbal heet, zodat ik
eens een fatsoenlijk gesprek over voetbal kan hebben op
de faculteit.
Faculteitsraad
Beste faculteitsgenoten,
Janneke Lautenbach
Elk jaar worden er vijf studenten gekozen die in de Faculteitsraad de stem van de studenten vertegenwoordigen.
Vorig jaar hebben jullie kunnen stemmen op de kandidaten voor de Faculteitsraad van dit studiejaar. Wie zijn dit
eigenlijk geworden en wat doen zij precies?
Voor hun tweede jaar in de FR zijn dit Robbert van Veen
(voorzitter) en Eelco Glas (voormalige voorzitter). Nieuw
hierbij gekomen zijn Carien van der Velde, Yentl Betjes en
Janneke Lautenbach. Samen met vijf personeelsleden vormen wij de Faculteitsraad.
Vier keer per jaar gaan wij om tafel met het Faculteitsbestuur. In zo’n vergadering worden agendapunten langs
gegaan van belangrijke zaken of veranderingen binnen de
faculteit waar het Bestuur besluiten over heeft gegeven of
nog over moet geven. Wij als FR controleren deze handelingen van het Bestuur en mogen hier advies over geven.
Ook mogen wij zelf de handen uit de mouwen steken en
met nieuwe ideeën en plannen komen. Zo merkte de FR
vorig jaar op dat veelstudenten het vervelend vonden dat
ze zoveel mails ontvingen en daardoor belangrijke mails
soms over het hoofd zagen. Hieruit kwam het idee om een
communicatieplan op te stellen dat door de vorige FR is
opgestart en door de huidige FR verder wordt uitgevoerd.
Als het goed is hebben jullie de veranderingen al opgemerkt: in plaats van bedolven te worden onder de mails
met uitnodigingen voor lezingen, spelletjesavonden en faculteitsfeesten, worden al deze zaken nu gebundeld in een
nieuwsbrief. Wel zo gemakkelijk, dachten wij.
Mogen jullie ergens niet tevreden over zijn of hebben jullie een goed idee voor de faculteit, schroom dan niet naar
een van ons toe te stappen. We hopen dan iets voor jullie te
kunnen betekenen. Want daar zijn we er uiteindelijk voor:
om de stem van de studenten te laten gelden binnen de faculteit!
Hartelijke groet,
Namens de studentengeleding van de Faculteitsraad,
Janneke Lautenbach
“The Bear is loose!”
Participation at the Faculty of
Theology and Religious Studies
While studying the noble arts of Theology and Religious
Studies, one can find oneself sometimes stumbling upon
things that might use some improvement. Under Dutch
law, universities are required to provide students with the
possibility to develop skills in student participation and
give them a voice in the educational development of their
study. At the faculty of Theology and Religious Studies
there are many ways in which you can partake in the faculty policy. For every participation group there is a contact
email address given in this edition of Dei Facto.
1.First, there are the Education Committees. These committees consist of an even number of students and lecturers. The committees advise the faculty board on matters
concerning a particular study.
2. Second, there is the Faculty Council. This is a group
of five students and five staff members, who are chosen by
election every year. The Faculty Council advises the Faculty Board, asked and not asked, about the faculty policy,
facilities and education.---
3. Also, at the Faculty Board, there is a student member
who advises the Faculty Board and joins their meetings.
Also he or she coordinates and checks the processes concerning the other participation groups.
The students from these three groups are united in “SAM
the Bear”. SAM stands short for “Students in Active Membership”. The SAM collective regularly meets to talk about
current cases at the faculty and also organises the ASO/
GSM, which is the last, but not least, participation group to
introduce here. This is the most important one to remember, because YOU are an essential member of the ASO/
GSM.
ASO/GSM is short for Algemeen Studenten Overleg/
General Student Meeting. In the ASO/GSM you get the
chance to (anonymously) ask questions about the Faculty,
the facilities and your study, but also to talk about important parts of your education, like changes in the curriculum. The first ASO/GSM of this year will take place at November 12, from 13.00-15.00, so save the date!
17
Student Participation is an essential part of your study. I
really want to generously invite you to the ASO/GSM, because your voice is golden. Concluding, one extra invitation: November 18, our renovated former faculty library
will be officially opened. All students and staff are invited
for this joyous occasion. For more details about these invitations, keep an eye on your inbox! If you have any questions before the ASO/GSM, you can always contact me, or
one of the other student participation groups by email.
Kind regards,
Mark de Jager
Student Member Faculty Board
[email protected]
Other important committees and adresses
Firstyear BA mentors: [email protected]
International mentors: [email protected]
Study Advisors:
K. (Kees) van den Ende MA [email protected]
Drs. T.L.M. (Thea) de Boer [email protected]
Examcommittee: [email protected]
Educational Administration: [email protected]
18
SAVE THE DATE!
12 NOVEMBER: ASO/GSM
(Algemeen Studenten Overleg/
General Student Meeting)
18 NOVEMBER: RE-OPENING OF THE
FORMER FACULTY LIBRARY
Eerste hulp bij studeren
Studeren is niet altijd even gemakkelijk. Daarom hebben
we hier een overzicht over bij wie je langs kan bij problemen. Je kan bij vragen over je studie, het verloop en de
planning langs bij studieadviseurs. Als je vragen hebt over
functiebeperkingen, studiekeuze en financiële zaken kun je
langs bij studentdecanen. De vertrouwenspersoon is er als
je last hebt van ongewenst gedrag of ongelijke behandeling.
Het GSp staat klaar voor je als je op zoek bent naar diepgang en gezelligheid. De studentenpsycholoog is er voor
een op een gesprekken als je problemen je te veel wordt
op persoonlijk niveau. En voor een steuntje in de rug bij
het studeren is er het Studenten Service Centrum. Al deze
organisaties zijn laagdrempelig en makkelijk benaderbaar.
Lees hierover meer over hoe je op ze af kan stappen. En
onthoud, ze zijn er om je te helpen!
Studieadviseur: Onze faculteit heeft twee studieadviseurs, namelijk mevr. drs. T.M.L. (Thea) de Boer en dhr.
K. (Kees) van den Ende MA. De studieadviseur is binnen
de faculteit de contactpersoon voor jou als individuele student. Je kunt bij de studieadviseur terecht: voor vragen over
je studie (toegangseisen bij een bepaald vak, als je een extra
vak wilt doen of een tijdje in het buitenland wilt studeren), voor je studieplanning (als je vertraging oploopt door
ziekte of door andere redenen), en om je studievoortgang te
bespreken. De studieadviseur kan je verwijzen naar andere
personen of afdelingen binnen de universiteit die beter op
de hoogte zijn van specifieke regelingen of die beter zijn
toegerust om bepaalde problemen te helpen oplossen. Kijk
online voor de contactgegevens en de spreekuren.
Studentendecaan: De studentendecanen die verbonden
zijn aan het Studenten Service Centrum (SSC) zijn centraal
bij de universiteit aangesteld als vertrouwenspersonen voor
studenten. Zij informeren en adviseren over allerlei onderwerpen waar je tijdens je studie mee te maken kunt krijgen, als studievertraging, functiebeperking, studiekeuze en
financiële zaken. Je kunt ook bij hen terecht met persoonlijke vragen die je liever buiten de opleiding wilt bespreken.
Zaken die bij hen zijn te bespreken zijn vooral: meer dan
drie maanden studievertraging, functiebeperking, chronische ziekte of dyslexie, rechtspositie-vraagstukken, lachten,
bezwaar en beroep, studiekeuze-vraagstukken, fondsen en
persoonlijke of vertrouwelijke zaken. Kijk online voor de
contactgegevens en spreekuren.
Vertrouwenspersoon: Studenten en medewerkers van de
Rijksuniversiteit Groningen kunnen Bureau Vertrouwenspersoon inschakelen wanneer ze met ongewenst gedrag
(waaronder stalking) of ongelijke behandeling te maken
krijgen. Medewerkers kunnen ook contact opnemen met
de vertrouwenspersoon wanneer ze tegen conflicten in de
werksituatie aanlopen. De vertrouwenspersoon is onafhan-
Franka Riesmeijer
kelijk en heeft toegang tot alle noodzakelijke informatie.
Marijke van Dam is de huidige vertrouwenspersoon en zij
zit op het Bureau Vertrouwenspersoon, Visserstraat 47-49.
GSp – (voorheen studentenpastoraat): Het Groninger
Studentenplatform voor Levensbeschouwing (GSp) is er
voor iedere student die op zoek is naar diepgang en gezelligheid. Wil je nieuwe mensen leren kennen, je horizon
verbreden en anderen ontmoeten rond zingeving, persoonlijke identiteit, cultuur, religie en ethiek, dan ben je bij
het GSp aan het goede adres. Er worden gespreksgroepen
en cursussen gehouden bij het GSp over: (1) Filosofie en
maatschappij, (2) Bijbel en geloof, (3) Persoonlijke ontwikkeling, (4) Cultuur en religie. Aan het GSp zijn vijf studentenpastores verbonden, afkomstig uit verschillende kerken. Je kunt contact met hen opnemen voor een persoonlijk
gesprek of begeleiding bij vragen die verband houden met
keuzes maken, geloven, persoonlijke groei of studiemoeilijkheden. GSp, Kraneweg 33, 9718 JE Groningen, tel. 0503129926 en http://www.gspweb.nl/
Studentenpsycholoog: Je studententijd speelt zich over
het algemeen af in een fase van je leven waarin er veel verandert. Je komt op eigen benen te staan, je moet tal van keuzes maken en je kunt jezelf soms behoorlijk tegenkomen.
Een dynamische tijd dus. Die vaak ook gepaard gaat met
onzekerheid, spanningen of problemen. Deze horen nu
eenmaal bij veranderingen. Als deze problemen je boven
het hoofd groeien en je belemmeren in je studievoortgang
en/of in je persoonlijk leven, kun je hulp krijgen van de
studentenpsychologen van het Studenten Service Centrum
(SSC). Je kunt bij ze terecht met: studie-gerelateerde problemen zoals (over)spanningsklachten, psychische klachten
zoals je angstig of somber voelen, levensfase-gerelateerde
problemen zoals identiteitskwesties. Je kan je aanmelden
via de ontvangstbalie van het SSC, Uurwerkersgang 10,
telefonisch: 050 363 8066 of per mail: [email protected]
Trainingen en Workshops via Studenten Service Centrum: Er zijn veel instanties waar je langs kan. Daarnaast
biedt de universiteit veel cursussen aan. Ondanks goede
zin of een weloverwogen keuze voor je studie, kan je studie
of het studeren tegenvallen na verloop van tijd. Misschien
ben je gaan twijfelen over je studiekeuze of behaal je onvoldoende resultaten door uitstelneigingen, faalangst of een
tekortschietende studeermethode? De trainers van het Studenten Service Centrum (SSC) geven trainingen en workshops gericht op verbeteren van je studeervaardigheden en
het vergroten van je effectiviteit. Studiebegeleiding richt
zich op: effectief studeren, omgaan met stress en faalangst,
studie/scriptie voortgang, zelfmanagement voor uitstellers,
schrijfvaardigheid, mondeling presenteren, en studiekeuze.
19
3 in 1 Recensies
Carien van der Velde
Onder de motto’s ‘eensgezindheid is niet altijd een schone
zaak’ en ‘interpretatie brengt variatie’, poog ik een ode aan
het thema te brengen met de volgende subthema’s: de val
van de mensheid, het einde van het vertrouwde en het vallen voor de liefde!
Videospel
The Last of Us (2013) – Playstation 3,
Playstation 4
Het is lente. De speler maakt kennis met de hoofdpersoon, Joel (en
zijn dochtertje Sarah, die al vrij snel
wordt getransformeerd in een herinnering). Tegelijkertijd maak je ook direct kennis met de
prachtige vormgeving en de vooruitstrevende grafische eigenschappen van het spel. Gelukkig is er echter genoeg tijd
om je te verwonderen over de uiterlijke kenmerken, want
na een aantal korte filmpjes en een klein beetje speeltijd,
breekt al snel de hel los. Joel en Sarah komen er achter dat
er iets merkwaardigs gaande is nadat ze op agressieve wijze
worden aangevallen door een bloeddorstige buurman.
Deze blijkt, net als vele anderen, geïnfecteerd te zijn met
een onbekend virus. Na het verliezen van zijn dochter begint het spel echt en wordt je opgezogen in een apocalyptische omgeving, waarbij (gewelddadig) overleven voorop
staat, je gaat op zoek naar veiligheid en wellicht andere
overlevenden. Maar het spel dwingt de speler om voorzichtig te zijn: wapens, medicatie en andere hulpmiddelen
zijn schaars. Daarnaast wordt je op den duur geconfronteerd met de gezonde medemens, zij die ook (nog) niet
geïnfecteerd zijn. Dit roept de vraag op: voor wie moet ik
echt bang zijn? Het blijkt namelijk al snel dat je met een
fatsoenlijk wapen beter af bent bij geïnfecteerde mensen,
dan bij mede overlevenden. The Last of Us is geen ordinair
been there done that apocalyptisch spel en houdt je op het
puntje van je bank. Het is een combinatie van spanning,
een soepele gameplay, prachtige grafische prestaties en last
maar zeker niet least: een ingrijpend verhaal dat je aan het
denken zet. Maar wat ik stiekem nog het allermooiste vind:
hij is exclusief te spelen op je Playstation 3 of 4
****
Film
Apocalypto (2006) – regie: Mel Gibson
Na The Passion of the Christ (2004), werd ik nieuwsgierig naar wat Mel Gibson verder nog uit de kast zou halen.
Apocalypto speelt zich af binnen de klassieke Mayacultuur
en vertelt het verhaal van ‘Jaguar Paw’, een jongvolwassene binnen een stam waarvan alle leden in eerste instantie
een relatief vredig bestaan lijken te hebben. De vrede wordt
20
echter verstoord wanneer zij worden aangevallen door een andere stam. Jaguar
Paw weet zijn vrouw en kind in veiligheid
te brengen, maar wordt zelf wel gevangen genomen (samen met vele anderen).
Vanaf dat moment overheerst het thema: overleven. De hoofdpersoon wordt
samen met zijn stamgenoten getuige van
mensenoffers, mensenhandel en vernedering. Apocalypto doet gelukkig recht aan de Mayacultuur in termen van
taal (in tegenstelling tot bijvoorbeeld het Engels sprekende
Nazi-Duitsland in Valkyrie, van Bryan Singer) en de authenticiteit van de omgeving. Gibson schroomt zich ook
niet voor het ongegeneerd tonen van geweld in zijn films
wanneer nodig en dat is in mijn ogen een goede zaak. De
vraag is natuurlijk wel of dit, ondanks het grafische karakter van de betreffende scènes, alsnog niet in een te romantisch jasje wordt gestoken. Daarnaast loopt men natuurlijk
altijd een risico wanneer je een beschaving uit de klassieke
Mayacultuur wilt portretteren. Dit is in Apocalypto uiteraard ook geromantiseerd, maar het paste naar mijn mening in de feeling die de film als geheel had: ‘Alstublieft, een
prestigieuze ode aan de Maya’s, groetjes uit Hollywood’. Als
laatste gaan er zeker complimenten uit naar de uitwerking
van het scenario. Er is niets ergerlijker dan een inconsistent verloop van een plot maar dat is hier gelukkig niet het
geval. Al met al geeft Apocalypto een prima filmervaring,
zolang je als kijker zo nu en dan bewust blijft van het feit
dat je naar een film kijkt.
***
Muziek
Leela James – Fall for You (2014)
Dit album staat in het teken van
de liefde en kenmerkt zich dan
ook met titels als Who’s Gonna
Love You More en Stay With
Me. Leela James heeft een krachtige stem die zich erg goed
leent voor soul en funky R&B en dat bewijst ze met het
album Fall for You. Haar stemgeluid komt goed tot zijn
recht, maar na de eerste vier nummers krijg je al snel het
gevoel dat je naar één lang nummer zit te luisteren. Gelukkig werd deze illusie doorbroken met de ballad (en single)
Fall for You. Het album is een mix van pop, soul en R&B
en ondanks dat een aantal nummers erg catchy zijn, is het
haar stem die mij deed blijven luisteren. Het thema komt
echter goed naar voren in haar nummers en voor wie zich
helemaal funky & verliefd voelt, is dit een dikke aanrader!
***
Charissa’s Corner:
Als de blaadjes vallen
Charissa Caron-Feiken
Fall. In het Engels vind ik het huidige jaargetijde toch een
stuk somberder klinken dan in het Nederlands. Het klinkt
als verval, afval, een val (van je voetstuk, van je geloof, of
gewoon met je neus in een plas modder). Oftewel een neerwaartse spiraal, dit gaat niet meer goedkomen mensen. Je
kunt maar beter in bed blijven, met de dekens tot ver over
je oren in slaap proberen te vallen. Maak me maar weer
wakker wanneer het lente is. Dan Spring ik uit mijn bed.
Herfst. Dat klinkt toch beter. Herfstvakantie bijvoorbeeld. Lekker met de kinderen door het bos banjeren en
eikels en kastanjes zoeken om herfstmannetjes van te maken. Of herfstvrouwtjes, goed, goed, herfstmensjes. Prachtig
gekleurde bladeren aan de bomen en hopen blaadjes op de
grond waar je lekker in kunt rond springen. De frisse geur
van dennennaalden en zacht mos en lekker cantharellen
zoeken voor een heerlijk herfstmaaltje. Zonnetje erbij, wat
wil je nog meer?
En ja, herfst is natuurlijk ook loodgrijze luchten gevuld
met water dat met bakken uit de hemel komt vallen. Maar
dan hebben we het dus over Fall.
Fall houdt echter ook in: vallende sterren. De herfst is
hét jaargetijde voor meteorietzwermen die langs de aarde
komen scheren en lichtende sporen nalaten. In november
komen er wel tien van die zwermen voorbij. Op 22 oktober
waren er zelfs twee meteorietenclusters die de nachtelijke
hemel konden verlichten, de Orioniden en de Leo Minoriden (respectievelijk te zien in de sterrenbeelden Orion
en Kleine Leeuw). En op 22 oktober startte ’s avonds de
tweedaagse conferentie ‘De Ster van Bethlehem’! Grootser
kan een dergelijke conferentie toch niet van start gaan? Al
was de grap van de Ster van Bethlehem natuurlijk dat dat
ding maar aan de horizon bleef staan, verre van een vallende ster dus.
Maar ja, ik had die loodgrijze lucht al genoemd. Als het
wolkendek dicht zit, valt er van die vallende sterren niets
te zien natuurlijk. Wetenschappers zijn van die mensen die
altijd alles zeker willen weten. Om er zeker van te zijn dat
er dan een prachtige ster te zien is, projecteren de organisatoren zelf een flinke ster boven het academiegebouw.
Dat krijg je als je in zee gaat met astronomen, die trekken
meteen een blik special effects open.
Oké, Ster van Bethlehem, kennen we, al best een tijdje
eigenlijk. Wat valt daar voor nieuws over te vertellen? Nou,
astronomen hebben nieuwe berekeningen gedaan met
moderne computerprogramma’s en nu komen ze met een
nieuwe theorie over de echtheid van de ster op de proppen. Dan kun je als theoloog natuurlijk niet achterblijven.
Vandaar dat onze professor Nieuwe Testament Geurt Henk
van Kooten samen met de bekendste astronoom van de
RUG, Peter Barthel, hierover een conferentie heeft georganiseerd. Hotshots op het gebied van de Theologie en Astronomie van over de hele wereld komen naar Groningen
toe om gezamenlijk tot een nieuwe duiding van ‘De Ster
der Sterren’ te komen.
Waarschijnlijk is het congres net achter de rug bij het ter
perse gaan van deze Dei Facto. Je had er ook niet bij kunnen zijn, want er was plaats voor slechts een select aantal
toehoorders. Maar niet getreurd! Geurt Henk van Kooten
en Peter Barthel presenteren de bevindingen van hun congres op 10 december tijdens een Studium Generale lezing
in de aula van het Academiegebouw. Met als speciale gast
Neerlands hofprediker Carel ter Linden met een lezing
over geboorteverhalen in de Evangeliën. Zet het in je agenda, neem al je huisgenoten mee, hier moet je bij zijn!
Op 10 december helaas geen vallende sterren om de
avond op te fleuren. Op 26 december trouwens wel, dan
kun je in het sterrenbeeld Leeuw de Comae Bereniciden
ontwaren. Mocht je geen zin hebben om met je familie aan
de kerstdis te zitten.
21
In Memoriam
Jolan van der Laan (1987-2014)
‘What can you see
On the horizon?
Why do the white gulls call?
Across the sea
A pale moon rises
The ships have come
To carry you home’
(Into the West – The Lord of the Rings)
Voor de zomervakantie is het bericht gekomen dat een student van onze faculteit, Jolan van der Laan, plotseling is overleden. Hij deed een bachelor in Godsdienstwetenschappen en deed dit altijd met veel plezier. Na
een MBO Laboratorium te hebben afgerond en daarna een Propedeuse te halen in dezelfde opleiding op HBO
niveau, kwam hij op onze faculteit terecht. We herinneren hem als een student met erg veel doorzettingsvermogen – dit blijkt alleen al uit zijn loopbaan – en ook als iemand die erg nieuwsgierig was. Hij was altijd in
voor een goede discussie over religie of politiek, maar tegelijkertijd vond hij het ook altijd erg belangrijk om
mensen te behandelen met respect.
Tijdens colleges stelde hij altijd kritische vragen aan docenten, maar hij vond het ook altijd erg leuk om te grappen met medestudenten. Hij interesseerde zich voor vrijwel alles wat met religie te maken had en hij was vooral
erg gepassioneerd over Israël. Voordat hij begon met de studie Godsdienstwetenschap heeft hij daar enige tijd
doorgebracht. Hij vertelde daar altijd erg enthousiast over, het betekende erg veel voor hem.
We hebben Jolan in ons hart gesloten en we zullen hem nooit vergeten.
Jolan, we gaan je missen.
22
23
24