Intermediate – Word List

Commentaren

Transcriptie

Intermediate – Word List
Life
Intermediate – Word List
Word class abbreviations
The following abbreviations are used in the word list: (n) = noun, (v) = verb, (adv) =
adverb, (adj) = adjective and (phr v) = phrasal verb.
WORDLIST
Unit 1
associate (v)
associeren (v)
COLOUR
cold (adj)
koud (adj)
Page 9
courage (n)
moed (n)
attend (v)
aanwezig zijn (v)
death (n)
dood (n)
contrast (n)
contrast (n)
funeral (n)
begrafenis (n)
gorgeous
prachtig (adj)
happiness (n) blijheid (n)
(adj)
jersey (n)
trui (n)
outfit (n)
outfit (n)
love (n)
liefde (n)
pale (adj)
bleek (adj)
luck (n)
geluk (n)
peace (n)
vrede (n)
mourn (v)
rouwen (v)
peaceful (adj) vredig (adj)
option (n)
optie (n)
prayer (n)
gebed (n)
passion (n)
passie (n)
scarf (n)
sjaal (n)
prosperity (n) voorspoed (n)
shade (n)
schaduw (n)
symbolise (v) symboliseren (v)
sadness (n)
verdriet (n)
wear (v)
dragen (v)
scout
scoutsbeweging (n)
movement
(n)
Pages 10–11
wisdom (n)
wijsheid (n)
badge (n)
badge (n)
decoration (n) decoratie (n)
Pages 14–15
express (v)
uitdrukken (v)
anthropologist antropoloog (n)
eye-catching
in het oog springend
(n)
(adj)
(adj)
beak (n)
bek (n)
face-paint (n) schmink (n)
biologist (n)
bioloog (n)
hue (n)
tint (n)
chance (n)
kans (n)
individuality
individualiteit (n)
(n)
contestant (n) wedstrijddeelnemer
(n)
label (n)
label (n)
demonstrate
demonstreren (v)
message (n)
boodschap (n)
(v)
packaging (n) verpakking (n)
dominance (n) dominantie (n)
pattern (n)
patroon (n)
dominant (adj) dominant (adj)
schoolboy (n) schooljongen (n)
effect (n)
effect (n)
select (v)
selecteren (v)
fitness (n)
fitness (n)
shelf (n)
plank (n)
freestyle
freestyle worstelen
sophistication verfijning (n)
wrestling
(adj)
(adj)
(n)
implication (n) implicatie (n)
uniform (n)
uniform (n)
indicator (n)
indicator (n)
mentor (n)
mentor (n)
Pages 12–13
opponent (n)
tegenstander (n)
anger (n)
boosheid (n)
1
primate (n)
primatologist
(n)
regulation (n)
scared (adj)
significant
(adj)
statistically
(adv)
sufficient (adj)
tip (v)
unintentional
(adj)
wrestling (n)
Pages 16–17
agency (n)
appropriately
(adv)
chain (n)
consultant (n)
courteous
(adj)
impression (n)
interior
design(n)
introduce (v)
networking (n)
patient (n)
pleasure (n)
positive (adj)
professionalis
m (n)
punctual (adj)
redecorate (v)
reduce (v)
supplier (n)
therapy (n)
workplace (n)
Page 19
blanket (n)
cloth (n)
cooperative
(n)
poncho (n)
self-sufficient
(adj)
shawl (n)
primaat (n)
primatoloog (n)
reglement (n)
angstig (adj)
aanzienlijk (adj)
textile (n)
thread (n)
weave (v)
weaver (v)
wool (n)
yarn (n)
statistisch (adv)
Unit 2
voldoende (adj)
kantelen (v)
onopzettelijk (adj)
worstelen (n)
agentschap (n)
gepast (adv)
ketting (n)
consultant (n)
hoffelijk (adj)
indruk (n)
interieurontwerp (n)
introduceren (v)
netwerken (n)
geduldig (n)
plezier (n)
positief (adj)
professionaliteit (n)
punctueel (adj)
opnieuw decoreren (v)
verminderen (v)
leverancier (n)
therapie (n)
werkplaats (n)
deken (n)
kleding (n)
coöperatieve (n)
poncho (n)
onafhankelijk (adj)
sjaal (n)
textiel (n)
draad (n)
weven (v)
wever (v)
wol (n)
garen (n)
PERFORMANC
E
Page 21
absolutely
(adv)
amateur (n)
brilliant (adj)
choir (n)
curtain (n)
director (n)
explosion (n)
marvellous
(adj)
musician (n)
standard (n)
Pages 22–23
adore (v)
catchy (adj)
collaboration
(n)
dazzling (adj)
energetic (adj)
example (n)
expert (n)
fusion music
(n)
impact (n)
lead (n)
melancholy
(adj)
melodic (adj)
origin (n)
powerful (adj)
tuneless (adj)
Pages 24–25
choreographe
r (n)
exhausted
absoluut (adv)
amateur (n)
schitterend (adj)
koor (n)
gordijn (n)
conducteur (n)
explosie (n)
prachtig (adj)
muzikant (n)
norm (n)
aanbieden (v)
aanstekelijk (adj)
samenwerking (n)
schitterend (adj)
energetisch (adj)
voorbeeld (n)
expert (n)
fusiemuziek (n)
impact (n)
leiden (n)
melancholie (adj)
melodisch (adj)
oorsprong (n)
krachtig (adj)
toonloos (adj)
choreograaf (n)
uitgeput (adj)
2
(adj)
horizon (n)
sorrow (n)
Pages 26–27
accelerate (v)
acceptable
(adj)
access (n)
addition (n)
citizen (n)
complicate (v)
compose (v)
conservative
(adj)
diversity (n)
dynamic (adj)
educator (n)
eve (n)
to a large
extent (n)
fanatic (n)
globalisation
(n)
isolated (adj)
performance
(n)
politics (n)
resilient (adj)
resourceful
(adj)
serve (v)
transformation
(n)
unpredictable
(adj)
value (n)
Pages 28–29
achieve (v)
affect (v)
appeal (v)
critic (n)
depressing
(adj)
disappointing
(adj)
embarrassing
horizon (n)
zorg (n)
versnellen (v)
aanvaardbaar (adj)
toegang (n)
toevoeging (n)
burger (n)
compliceren (v)
vormen (v)
conservatief (adj)
verscheidenheid (n)
dynamisch (adj)
onderwijzer (n)
vooravond (n)
in grote mate (n)
fanatiek (n)
globalisering (n)
geisoleerd (adj)
optreden (n)
politiek (n)
weerbaar (adj)
vindingrijk (adj)
dienen (v)
transformatie (n)
onvoorspelbaar (adj)
waarde (n)
realiseren (v)
beïnvloeden (v)
aantrekken (v)
kritiek (n)
deprimerend (adj)
teleurstellend (adj)
(adj)
entertaining
(adj)
enthusiastic
(adj)
hilarious (adj)
host (n)
naturally (adv)
production (n)
terrific (adj)
thrilling (adj)
vibrant (adj)
Page 31
beat (n)
boundary (n)
bring together
(v)
bunch (n)
drain (v)
drum (n)
drum (v)
drummer (n)
drumstick (n)
enemy (n)
essence (n)
fear (v)
mutual (adj)
pain (n)
pioneer (n)
spread (v)
style (n)
tired (adj)
unity (n)
Unit 3
WATER
Page 33
agriculture (n)
developing
countries (adj)
figure (n)
fresh (adj)
litre (n)
running (adv)
sink (n)
statistic (n)
tune in (phr v)
onderhoudend (adj)
enthousiast (adj)
hilarisch (adj)
gastheer (n)
natuurlijk (adv)
productie (n)
geweldig (adj)
opwindend (adj)
levendig (adj)
Pagina 31
klop (n)
grens (n)
verenigen (v)
groep (n)
aflaten (v)
trommel (n)
trommelen (v)
drummer (n)
trommelstok (n)
vijand (n)
essentie (n)
angst hebben (v)
wederzijds (adj)
pijn (n)
pionier (n)
verspreiden (v)
stijl (n)
moe (adj)
eenheid (n)
landbouw (n)
ontwikkelingslanden
(adj)
figuur (n)
zoetwater (adj)
liter (n)
lopend (adv)
gootsteen (n)
statistiek (n)
afstemmen op (phr v)
beschamend (adj)
3
waterhole (n)
well (n)
Pages 34–35
concentrate
(v)
dive (v)
explore (v)
jet-ski (v)
kayak (n)
labyrinth (n)
marina (n)
paddle (v)
raft (n)
rapids (n)
reservoir (n)
row (v)
snorkel (v)
soak (v)
surf (v)
system (n)
water-ski (n)
windsurf (n)
Pages 36–37
appropriate
(adj)
bow (n)
dignity (n)
freak show (n)
maiden
voyage (adj)
memorial
service (n)
mission (n)
passenger (n)
salvage (n)
steamship (n)
submarine (n)
treat (v)
voyage (n)
wreck (n)
Pages 38–39
attempt (n)
boxer (n)
bravado (n)
waterput (n)
bron (n)
concentreren (v)
duiken (v)
verkennen (v)
jet-skiën (v)
kajak (n)
labyrint (n)
haven (n)
peddelen (v)
vlot (n)
stroomversnelling (n)
reservoir (n)
roeien (v)
snorkelen (v)
doorweken (v)
surfen (v)
systeem (n)
water-ski (n)
windsurfing (n)
gepast (adj)
boeg (n)
waardigheid (n)
freakshow (n)
eerste reis (adj)
herdenkingsplechtigh
eid (n)
missie (n)
passagier (n)
berging (n)
stoomboot (n)
onderzee (n)
behandelen (v)
reis (n)
wrak (n)
poging (n)
boxer (n)
bravoure stuk (n)
chaotic (adj)
cove (n)
fault (n)
fin (n)
gang (n)
grateful (adj)
guts (n)
mouthful (n)
regulate (v)
respect (n)
scramble (v)
soup (n)
swallow (v)
transform (v)
transparent
(adj)
turquoise (adj)
vicious (adj)
Pages 40–41
bay (n)
cage (n)
cargo (n)
entertain (v)
gear (n)
grab (v)
lid (n)
panic (v)
pour (v)
tank (n)
teacup (n)
unbelievable
(adj)
unexpectedly
(adv)
Page 43
advocate (n)
dam (n)
earthen (adj)
gallon (n)
industrial
waste (n)
irrigate (v)
lifeless (adj)
pit (n)
porous (adj)
chaotisch (adj)
baai (n)
defect (n)
vin (n)
bende (n)
dankbaar (adj)
ingewanden (n)
hap (n)
reguleren (v)
respect (n)
klauteren (v)
soep (n)
inslikken (v)
transformeren (v)
transparent (adj)
turkoois (adj)
gemeen (adj)
baai (n)
kooi (n)
vracht (n)
entertainen (v)
uitrusting (n)
grijpen (v)
deksel (n)
panikeren (v)
gieten (v)
tank (n)
theekop (n)
ongelooflijk (adj)
onverwacht (adv)
voorstander (n)
dam (n)
aarde- (adj)
gallon (n)
industrieel afval (n)
irrigeren (v)
levensloos (adj)
kuil (n)
poreus (adj)
4
prosperous
(adj)
relief (n)
replace (v)
rise (v)
riverbed (n)
shortage (n)
small-scale
(adj)
smog (n)
source (n)
store (v)
supply (n)
tanker (n)
welvarend (adj)
opluchting (n)
vervangen (v)
stijgen (v)
rivierbed (n)
tekort (n)
kleinschalig (adj)
smog (n)
bron (n)
opslaan (v)
toevoer (n)
tanker (n)
Unit 4
OPPORTUNITIE
S
Page 45
brave (adj)
demanding
(adj)
glamorous
(adj)
responsible
(adj)
rewarding
(adj)
satisfying
(adj)
secure (adj)
Pages 46–47
cheerful (adj)
driven (adj)
entrepreneur
(n)
extended
family (v)
giggle (v)
plot (n)
predict (v)
rumour (n)
technician (n)
Pages 48–49
crisis (n)
discuss (v)
dapper (adj)
veeleisend (adj)
glamoureus (adj)
verantwoordelijk (adj)
lonend (adj)
bevredigend (adj)
veilig (adj)
vrolijk (adj)
gedreven (adj)
ondernemer (n)
uitgebreide familie (v)
giechelen (v)
plot (n)
voorspellen (v)
gerucht (n)
technieker (n)
crisis (n)
bespreken (v)
graduate (v)
literature (n)
nurse (n)
redundant
(adj)
resit (v)
train (v)
Pages 50–51
construction
(n)
courageous
(adj)
enchanted (v)
expectation
(n)
industrial (adj)
labourer (n)
literacy rate
(n)
machinist (n)
materialistic
(adj)
migrant (n)
migrate (v)
motivate (v)
reputation (n)
rural (adj)
spring up (phr
v)
stock (v)
wage (n)
Pages 52–53
conscientious
(adj)
deadline (n)
essay (n)
hard-working
(adj)
methodical
(adj)
motivated
(adj)
part-time (adj)
pressure (n)
self-confident
(adj)
afstuderen (v)
literatuur (n)
verpleegster (n)
overbodig (adj)
opnieuw afnemen (v)
opleiden (v)
constructie (n)
dapper (adj)
betoverd (v)
verwachting (n)
industrieel (adj)
arbeider (n)
alfabetiseringsgraad
(n)
machinist (n)
materialistisch (adj)
migrant (n)
migreren (v)
motiveren (v)
reputatie (n)
landelijk (adj)
opspringen (phr v)
opslaan (v)
loon (n)
nauwgezet (adj)
deadline (n)
essay (n)
hard-werkend (adj)
methodisch (adj)
gemotiveerd (adj)
deeltijds (adj)
druk (n)
zelfverzekerd (adj)
5
Page 55
attain (v)
be aware of
(v)
be caught up
in (v)
carry on (v)
conduct (n)
convince (v)
disciple (n)
dutiful (adj)
dynasty (n)
ethical (adj)
fundamental
(adj)
govern (v)
harmony (n)
be in decline
(adv)
moral (adj)
move up (v)
numerous
(adj)
perseverance
(n)
philosopher
(n)
principle (n)
prosper (v)
respectful
(adj)
restore (v)
root (n)
ruler (n)
seek (v)
share (v)
virtue (n)
warlord (n)
wealth (n)
Unit 5
TRAVEL
Page 57
carry (v)
delay (n)
essential
ingredient(n)
halen (v)
bewust zijn van (v)
betrokken zijn in (v)
verder gaan (v)
gedrag (n)
overtuigen (v)
volgeling (n)
plichtsgetrouw (adj)
dynastie (n)
ethisch (adj)
fundamenteel (adj)
heersen (v)
harmonie (n)
achteruitgaan (adv)
moraal (adj)
omhoogklimmen (v)
talrijk (adj)
volharding (n)
filosoof (n)
principe (n)
gedijen (v)
respectvol (adj)
herstellen (v)
basis (n)
heerser (n)
zoeken (v)
delen (v)
deugdzaamheid (n)
krijgsheer (n)
weelde (n)
dragen (v)
vertraging (n)
essentieel
bestanddeel (n)
luggage (n)
pointless (adj)
project (n)
Pages 58–59
dense (adj)
exploit (v)
footwear (n)
penknife (n)
remove (v)
survey (v)
lifethreatening
(v)
trek (n)
untouched
(adj)
Pages 60–61
bump (v)
crowded (adj)
destination (n)
exotic (adj)
flock (v)
holidaymaker
(n)
inspired (v)
instructor (n)
nightlife (n)
promote (v)
sky-diving (n)
surroundings
(n)
tropical (adj)
twist (v)
unspoilt (adj)
Pages 62–63
boom (n)
curious (adj)
damaging
(adj)
decline (n)
downside (n)
dump (v)
experiment (v)
habitat (n)
bagage (n)
zinloos (adj)
project (n)
dicht (adj)
exploiteren (v)
schoeisel (n)
zakmes (n)
verwijderen (v)
enquete (v)
levensbedreigend (v)
trektocht (n)
onaangeroerd (adj)
botsen (v)
druk (adj)
bestemming (n)
exotisch (adj)
zwerm (v)
vakantieganger (n)
geinspireerd (v)
instructeur (n)
nachtleven (n)
promoten (v)
sky-diving (n)
omgeving (n)
tropisch (adj)
draaien (v)
onaangeroerd (adj)
opleving (n)
vreemd (adj)
schadelijk (adj)
afname (n)
nadeel (n)
dumpen (v)
experimenteren (v)
leefgebied (n)
6
harmful (adj)
long-haul (n)
low-cost (adj)
phenomenon
(n)
unbroken
(adj)
upwards (adv)
vital (adj)
Pages 64–65
allowance (n)
arrange (v)
baggage (n)
boarding card
(n)
customs (n)
delay (n)
disease (n)
glorious (adj)
hire (n)
infectious
(adj)
poison (n)
spray (v)
travel sick (n)
Page 67
aim (n)
challenge (n)
desperate
(adj)
gem (n)
logging (n)
overwhelmed
(adj)
record (n)
stepping
stone (n)
Unit 6
WELLBEING
Page 69
combination
(n)
fat (n)
healthy (adj)
schadelijk (adj)
lang (n)
goedkoop (adj)
fenomeen (n)
nutritional
quality (adj)
nutritious (adj)
scale (n)
scheme (n)
voedingswaarde (adj)
voedzaam (adj)
schaal (n)
planning (n)
ononderbroken (adj)
hoger (adv)
essentieel (adj)
toelage (n)
regelen (v)
bagage (n)
instapkaart (n)
douane (n)
vertraging (n)
ziekte (n)
prachtig (adj)
huur (n)
besmettelijk (adj)
gif (n)
sproeien (v)
reisziek (n)
doel (n)
uitdaging (n)
wanhopig (adj)
juweel (n)
exploitatie (n)
overweldigd (adj)
record (n)
opstap (n)
combinatie (n)
vet (n)
gezondheid (adj)
Pages 70–71
authentic (adj)
boil (v)
boycott (v)
connoisseur
(n)
criteria (n)
crust (n)
elite (adj)
ferment (v)
generic (adj)
(be) granted
(v)
guarantee (n)
motion (n)
pedigree (n)
peel (v)
raw (adj)
rival (n)
smell (n)
spiral (v)
status (n)
strict (adj)
taste (n)
virgin (adj)
warned (v)
Pages 72–73
attitude (n)
chew (v)
craving (n)
drop (v)
imaginary
(adj)
mental (adj)
obesity (n)
overweight
(adj)
rate (n)
ridiculous
(adj)
authentiek (adj)
koken (v)
boycotten (v)
kenner (n)
criteria (n)
korst (n)
elite (adj)
fermenteren (v)
generisch (adj)
toegewezen (krijgen)
(v)
garantie (n)
beweging (n)
stamboom (n)
schillen (v)
ongekookt (adj)
rivaal (n)
geur (n)
spiraal (v)
status (n)
streng (adj)
smaak (n)
eerste persing (adj)
gewaarschuwd (v)
houding (n)
kauwen (v)
verlangen (n)
dalen (v)
denkbeeldig (adj)
mentaal (adj)
obesitas (n)
te zwaar (adj)
cijfer (n)
belachelijk (adj)
7
self-belief (n)
strategy (n)
willpower (n)
Pages 74–75
adequate
(adj)
alert (adj)
alter (v)
blood
pressure (n)
consumption
(n)
conventional
(adj)
counteract (v)
daylight (n)
dual (adj)
fatigue (n)
fuel (v)
override (v)
psychoactive
(adj)
reaction (n)
relieve (v)
schedule (n)
solemn (adj)
symptom (n)
traces (n)
warning (n)
widespread
(adj)
Pages 76–77
bland (adj)
dish (n)
fry (v)
order (n)
savoury (adj)
spicy (adj)
Page 79
concern (v)
control (n)
cute (adj)
cyanide (n)
delicious (adj)
zelfvertrouwen (n)
strategie (n)
wilskracht (n)
adequaat (adj)
alert (adj)
wijzigen (v)
bloeddruk (n)
consumptie (n)
conventioneel (adj)
tegengaan (v)
daglicht (n)
dubbele (adj)
vermoeidheid (n)
aandrijven (v)
onderdrukken (v)
psychoactief (adj)
reactie (n)
verlichten (v)
planning (n)
plechtig (adj)
symptoom (n)
sporen (n)
waarschuwing (n)
wijdverspreid (adj)
flauw (adj)
gerecht (n)
bakken (v)
bestelling (n)
hartig (adj)
pikant (adj)
zorgen maken over
(v)
controle (n)
schattig (adj)
cyanide (n)
heerlijk (adj)
fool (v)
voor de gek houden
(v)
kieuw (n)
licentie (n)
zeer belangrijk (adj)
verlammen (v)
gif (v)
voorbereiding (n)
gill (n)
licence (n)
major (adj)
paralyse (v)
poison (v)
preparation
(n)
puffer fish (n) kogelvis (n)
regulations (n) reglementen (n)
respirator (n)
ademhalingsmasker
(n)
sake (n)
sake (n)
toxin (n)
toxine (n)
wear off (v)
uitwerken (v)
wisely (adv)
verstandig (adv)
Unit 7 LIVING
SPACE
Page 81
cramped (adj)
flatmate (n)
housework (n)
noisy (adj)
Pages 82–83
architect (n)
attic (n)
balcony (n)
basement (n)
block (n)
central
heating (n)
chimney (n)
cool (n)
dirty (adj)
double
glazing (n)
elements (n)
fireplace (n)
full-time (adj)
function (n)
garden (n)
glare (v)
permanent
(adj)
rent (v)
krap (adj)
huisgenoot (n)
huishoudelijk werk (n)
luidruchtig (adj)
architect (n)
zolder (n)
balkon (n)
kelder (n)
blok (n)
centrale verwarming
(n)
schoorsteen (n)
koel (n)
vuil (adj)
dubbele beglazing (n)
elementen (n)
haard (n)
voltijds (adj)
functie (n)
tuin (n)
schitteren (v)
permanent (adj)
huren (v)
8
repair (n)
shelter (n)
spare time (n)
stilt (n)
terrace (n)
veranda (n)
herstel (n)
onderdak (n)
vrijetijd (n)
stelt (n)
terras (n)
veranda (n)
Pages 84–85
built-up (adj)
diverse (adj)
dominate (v)
financial (adj)
marsh (n)
pristine (adj)
resident (n)
run-down (n)
skyscraper (n)
symbolic (adj)
troop (n)
opeengestapeld (adj)
verscheiden (adj)
domineren (v)
financieel (adj)
moeras (n)
ongerept (adj)
bewoner (n)
uitgeleefd (n)
wolkenkrabber (n)
symbolisch (adj)
troep (n)
Pages 86–87
ancestral (adj)
bench (n)
descendant
(n)
dreamy (adj)
firewood (n)
fountain (n)
graceful (adj)
ignore (v)
improvises (v)
maid (n)
manners (n)
oppose (v)
persuade (v)
profit (n)
reforestation
(n)
reincarnation
(n)
rhyme (n)
roadside (n)
rule (v)
troubadour (n)
twinkle (v)
Pages 88–89
voorouderlijk (adj)
bank (n)
afstammeling (n)
dromerig (adj)
brandhout (n)
fontein (n)
gracieus (adj)
negeren (v)
improviseren (v)
meid (n)
manieren (n)
verzetten (v)
overtuigen (v)
winst (n)
herbebossing (n)
reïncarnatie (n)
rijm (n)
kant van de weg (n)
heersen (v)
troubadour (n)
fonkelen (v)
anonymous
(adj)
charm (n)
dweller (v)
lift (n)
nightmare (n)
perfect (adj)
picturesque
(adj)
privacy (n)
unfriendly
(adj)
Page 91
bind (v)
fairness (n)
fit into (v)
grow up (v)
immigrant (n)
integrate (v)
involvement
(n)
jumping (adj)
mural (n)
parish (n)
perform (v)
raise (v)
reflect (v)
Unit 8 WEIRD
NEWS
Page 93
coincidence
(n)
digital (adj)
flock (n)
genuine (adj)
trick (n)
weird (adj)
Pages 94–95
ability (n)
ant (n)
beetle (n)
butterfly (n)
collide (v)
dissolve (v)
anoniem (adj)
charme (n)
bewoner (v)
lift (n)
nachtmerrie (n)
perfect (adj)
pittoresk (adj)
privacy (n)
onvriendelijk (adj)
binden (v)
eerlijkheid (n)
passen in (v)
opgroeien (v)
immigrant (n)
integreren (v)
betrokkenheid (n)
staan te springen (adj)
wandschildering (n)
parochie (n)
optreden (v)
inzamelen (v)
aantonen (v)
toeval (n)
digitaal (adj)
zwerm (n)
echt (adj)
truc (n)
gek (adj)
vermogen (n)
mier (n)
kever (n)
vlinder (n)
botsen (v)
oplossen (v)
9
insect (n)
instinctive
(adj)
logical (adj)
man-made
(adj)
navigation (n)
neon (adj)
nitrogen (n)
particle (n)
predator (n)
pretend (v)
project (v)
recognise (v)
religious (adj)
shiny (adj)
significance
(n)
speculate (v)
spike (n)
stem (n)
unfortunate
(adj)
vivid (adj)
Pages 96–97
astonishing
(adj)
astronomical
(adj)
belief (n)
ceremonial
(adj)
emerge (v)
geometric
(adj)
mysterious
(adj)
prehistoric
(adj)
puzzle (v)
suddenly
(adv)
Pages 98–99
assumption
(n)
aviation (n)
contact (n)
insect (n)
instinctief (adj)
logisch (adj)
kunstmatig (adj)
navigatie (n)
neon (adj)
stikstof (n)
partikel (n)
roofdier (n)
doen alsof (v)
projecteren (v)
herkennen (v)
religieus (adj)
schitterend (adj)
betekenis (n)
speculeren (v)
piek (n)
stengel (n)
ongelukkig (adj)
levendig (adj)
verbazingwekkend
(adj)
astronomisch (adj)
geloof (n)
ceremonieel (adj)
opduiken (v)
geometrisch (adj)
mysterieus (adj)
voorhistorisch (adj)
puzzelen (v)
plotseling (adv)
correspondenc
e (n)
correspondentie (n)
discriminate
(v)
equator (n)
examine (v)
fate (n)
fragment (n)
genetic (adj)
genome (n)
indicate (v)
investigate (v)
longstanding
(adj)
mystery (n)
navigator (n)
partial (adj)
profile (n)
saliva (n)
sample (n)
solo (adj)
subsequently
(adv)
theory (n)
uninhabit (adj)
verify (v)
discrimineren (v)
Pages 100–
101
accidentally
(adv)
apparently
(adv)
detect (v)
fibre-optic (n)
forged (v)
suppose (v)
suspicion (n)
temporarily
(adv)
trap (v)
twiddle (v)
unfortunately
(adv)
evenaar (n)
onderzoeken (v)
lot (n)
fragment (n)
genetisch (adj)
genoom (n)
aangeven (v)
onderzoeken (v)
jarenlang (adj)
mysterie (n)
navigator (n)
gedeeltelijk (adj)
profiel (n)
speeksel (n)
monster (n)
solo (adj)
daaropvolgend (adv)
theorie (n)
onbewoond (adj)
controleren (v)
toevallig (adv)
ogenschijnlijk (adv)
detecteren (v)
glasvezel (n)
smeden (v)
veronderstellen (v)
verdenking (n)
tijdelijk (adv)
vastzitten (v)
duimendraaien (v)
helaas (adv)
veronderstelling (n)
luchtvaart (n)
contact (n)
Page 103
adaptable
(adj)
aanpasbaar (adj)
10
bother (v)
canopy (n)
costly (adj)
entomologist
(n)
force out (v)
hive (n)
interact (v)
invader (v)
ironic (adj)
outlandish
(adj)
pollinate (v)
preserve (n)
proceed (v)
repeatedly
(adv)
reproduce (v)
sting (v)
suck (v)
swarm (n)
take over (v)
vast (adj)
violate (v)
Unit 9
TRADE
Page 105
anniversary
(n)
earring (n)
gadget (n)
jewellery (n)
shopping (n)
Pages 106–
107
personal
banking (n)
bill (n)
credit (n)
expand (v)
fare (n)
fortune (n)
innovation (n)
interactive
(adj)
manage (v)
lastig vallen (v)
bladerdak (n)
duur (adj)
entomoloog (n)
wegdrijven (v)
korf (n)
interageren (v)
indringer (v)
ironisch (adj)
vreemd (adj)
bestuiven (v)
in stand houden (n)
doorgaan (v)
herhaaldelijk (adv)
reproduceren (v)
steken (v)
zuigen (v)
zwerm (n)
overnemen (v)
weids (adj)
overtreden (v)
verjaardag (n)
oorbel (n)
gadget (n)
juwelen (n)
winkelen (n)
persoonlijk bankieren
(n)
rekening (n)
krediet (n)
uitbreiden (v)
tarief (n)
fortuin (n)
innovatie (n)
interactief (adj)
beheren (v)
menu (n)
mortgage (n)
savings
account (n)
transfer (v)
upgrade (n)
Pages 108–
109
auction (n)
charity (n)
clog (n)
craft (n)
donate (v)
feature (v)
grip (n)
map (n)
mine (v)
mineral (n)
nominate (v)
original (adj)
pesticide (n)
specification
(n)
sustainable
(adj)
translate (v)
tyre (n)
view (v)
Pages 110–
111
back-alley (n)
bargain (n)
blink (v)
blossom (n)
bustling (adj)
chat (v)
chest (n)
corner (n)
date (n)
deal (n)
decorative
(adj)
dyed (n)
fabric (n)
fig (n)
menu (n)
hypotheek (n)
spaarrekening (n)
overschrijven (v)
upgrade (n)
veiling (n)
liefdadige instelling (n)
klomp (n)
handwerk (n)
schenken (v)
beschrijven (v)
grip (n)
plattegrond (n)
aan mijnbouw doen
(v)
mineraal (n)
nomineren (v)
origineel (adj)
pesticide (n)
specificatie (n)
duurzaam (adj)
vertalen (v)
band (n)
bekijken (v)
achtersteeg (n)
koopje (n)
knipperen (v)
bloesem (n)
bruisend (adj)
praten (v)
borst (n)
hoek (n)
datum (n)
deal (n)
decoratief (adj)
geverfd (n)
stof (n)
vijg (n)
11
lethal (adj)
merchant (n)
mint (n)
negotiate (v)
ornate (adj)
pronounce (v)
scent (n)
stroll (v)
sword (n)
tear (n)
treasure (n)
tutorial (n)
vendor (n)
workshop (n)
Pages 112–
113
delicate (adj)
delivery (n)
exchange (v)
floral (adj)
gift-wrap (n)
dodelijk (adj)
handelaar (n)
munt (n)
onderhandelen (v)
sierlijk (adj)
uitspreken (v)
geur (n)
wandelen (v)
zwaard (n)
scheur (n)
schat (n)
handleiding (n)
verkoper (n)
workshop (n)
mark (n)
pile (n)
reference (n)
return (v)
rug (n)
rustic (adj)
sale (n)
sofa (n)
till (n)
delicaat (adj)
levering (n)
uitwisselen (v)
met bloemen (adj)
geschenkverpakking
(n)
aanduiden (n)
stapel (n)
referentie (n)
terugkeren (v)
tapijt (n)
rustiek (adj)
uitverkoop (n)
sofa (n)
kassa (n)
Page 115
bargain (v)
cheat (v)
craftsman (n)
haggle (v)
intention (n)
pressure (v)
shopper (n)
watch out (v)
onderhandelen (v)
bedriegen (v)
ambachtsman (n)
afdingen (v)
intentie (n)
verplichten (v)
inkoper (n)
opletten (v)
Unit 10 NO
LIMITS!
Page 117
backpack (n)
rugzak (n)
dune (n)
key (adj)
limit (n)
Pages 118–
119
amputate (v)
bionic (adj)
biotechnology
(n)
blind (adj)
burn (v)
confident (adj)
deaf (adj)
documentary
(n)
fact (n)
fiction (n)
futuristic (adj)
kidney (n)
limb (n)
organ (n)
regeneration
(n)
specialise (v)
transplant (n)
treatment (n)
Pages 120–
121
algae (n)
dome (n)
emit (v)
expansion (n)
frozen (adj)
horrifying (v)
limitless (adj)
microbe (n)
mirror (n)
modify (v)
module (n)
revolution (n)
rocky (adj)
rotation (n)
soil (n)
duin (n)
essentieel (adj)
limiet (n)
amputeren (v)
bionisch (adj)
biotechnologie (n)
blind (adj)
branden (v)
zelfzeker (adj)
doof (adj)
documentaire (n)
feit (n)
fictie (n)
futuristisch (adj)
nier (n)
ledemaat (n)
orgaan (n)
regeneratie (n)
specialiseren (v)
transplant (n)
behandeling (n)
algen (n)
koepel (n)
uitstralen (v)
uitbreiding (n)
bevroren (adj)
gruwelijk (v)
onbeperkt (adj)
microbe (n)
spiegel (n)
wijzigen (v)
module (n)
revolutie (n)
rotsig (adj)
rotatie (n)
aarde (n)
Pages 122–
12
123
barefoot (adj)
board (v)
by-product (n)
crack (n)
epilepsy (n)
flee (v)
hostile (adj)
infest (v)
rebel (n)
refugee camp
(n)
shoot (v)
short-term
memory (adj)
soak (v)
struggle (v)
suffer (v)
surgery (n)
territory (n)
under threat
(n)
tough (adj)
tundra (n)
Pages 124–
125
antihistamine
(n)
bleed (v)
blood (n)
cream (n)
cut (n)
deep (adj)
itchy (adj)
paradise (n)
plaster (n)
sprain (n)
need stitches
(n)
swollen (adj)
trip (v)
tube (n)
wasp (n)
Page 127
adapt (v)
blootvoets (adj)
aan boord gaan (v)
nevenproduct (n)
barst (n)
epilepsie (n)
vluchten (v)
vijandig (adj)
infesteren (v)
rebel (n)
vluchtelingenkamp (n)
beschieten (v)
kort geheugen (adj)
doorweken (v)
strijden (v)
lijden (v)
operatie (n)
territorium (n)
onder bedreiging (n)
altitude (n)
attribute (v)
biological
(adj)
breath (n)
breathe (v)
cause (v)
complex (adj)
enable (v)
evolution (n)
haemoglobin
(n)
hypoxia (n)
intense (adj)
lungs (n)
needle (n)
obtain (v)
proof (n)
prospect (n)
rapidly (adv)
hoogte (n)
toeschrijven (v)
biologisch (adj)
adem (n)
ademen (v)
veroorzaken (v)
complex (adj)
in staat stellen (v)
evolutie (n)
hemoglobine (n)
hypoxie (n)
intens (adj)
longen (n)
naald (n)
verkrijgen (v)
bewijs (n)
vooruitzicht (n)
snel (adv)
Unit 11
hard (adj)
toendra (n)
antihistamine (n)
bloeden (v)
bloed (n)
crème (n)
snede (n)
diep (adj)
jeukt (adj)
paradijs (n)
pleister (n)
verstuiking (n)
moet genaaid worden
(n)
gezwollen (adj)
struikelen (v)
tube (n)
wesp (n)
aanpassen (v)
CONNECTIONS
Page 129
analysis (n)
bookmark (v)
analyse (n)
als favoriet aanduiden
(v)
celebrity (n)
beroemdheid (n)
column (n)
kolom (n)
direct (adv)
rechtstreeks (adv)
follow (v)
volgen (v)
gossip (n)
roddel (n)
headline (n)
koptitel (n)
interview (n)
interview (n)
misquote (v)
verkeerd citeren (v)
regularly (adv) regelmatig (adv)
section (n)
sectie (n)
stereotype (n) stereotype (n)
topic (n)
onderwerp (n)
Pages 130–
131
coincide (v)
contractor (n)
footage (n)
hit (n)
provoke (v)
unseen (adj)
samenvallen (v)
contractant (n)
footage (n)
hit (n)
provoceren (v)
gezien (adj)
13
go viral (n)
Pages 132–
133
broadband
(adj)
ebook (n)
eclipse (n)
employee (n)
telescope (n)
texting (n)
tweet (v)
wifi (n)
Pages 134–
135
connect (v)
crucial (adj)
entire (adj)
multiple (adj)
petition (n)
signature (n)
tragedy (n)
Pages 136–
137
agenda (n)
associate (n)
concern (v)
tone (n)
visible (adj)
Page 139
draw out (v)
fabulous (adj)
goal (n)
hardship (v)
internally
(adv)
overcome (v)
relate to (v)
remark (v)
remote (adj)
remove (adj)
scary (adj)
struggle (n)
viraal worden (n)
breedband (adj)
e-book (n)
eclips (n)
werknemer (n)
telescoop (n)
sms-en (n)
tweeten (v)
wifi (n)
verbinding maken (v)
cruciaal (adj)
volledig (adj)
meerdere (adj)
petitie (n)
handtekening (n)
tragedie (n)
agenda (n)
partner (n)
zorgen maken over
(v)
toon (n)
zichtbaar (adj)
putten uit (v)
schitterend (adj)
doel (n)
tegenspoed (v)
intern (adv)
overwinnen (v)
verband houden met
(v)
opmerken (v)
verafgelegen (adj)
verwijderen (adj)
angstaanjagend (adj)
strijd (n)
support (n)
undertake (v)
unparalleled
(adj)
Unit 12
EXPERTS
Page 141
clever (adj)
fishing (n)
tight (adj)
Pages 142–
143
camp (n)
deserted (adj)
dried (adj)
eye-opener
(n)
flatten (v)
hammock (n)
inadequate
(adj)
inappropriate
(adj)
machete (n)
mosquito (n)
mummy (n)
silence (n)
tracker (n)
trumpet (v)
tusk (n)
ondersteuning (n)
ondernemen (v)
ongeëvenaard (adj)
slim (adj)
vissen (n)
nauw (adj)
kamp (n)
verlaten (adj)
gedroogd (adj)
oog-opener (n)
plat maken (v)
hangmat (n)
ontoereikend (adj)
niet gepast (adj)
kapmes (n)
mug (n)
mummie (n)
stilte (n)
opsporing (n)
trompetteren (v)
slagtand (n)
Pages 144–
145
canvas (n)
failure (n)
foolish (adj)
frostbite (n)
haul (v)
insulation (n)
lavish (adj)
scurvy (n)
starvation (n)
canvas (n)
mislukking (n)
dwaas (adj)
bevriezing (n)
trekken (v)
isolatie (n)
overvloedig (adj)
scheurbuik (n)
hongersnood (n)
Pages 146–
147
action (n)
actie (n)
14
archery (n)
armour (n)
blame (v)
chivalrous
(adj)
code (n)
combat (n)
conscript (n)
defeat (v)
elite (n)
gladiator (n)
honour (n)
imperial (adj)
intellectual (n)
knight (n)
legacy (n)
loyalty (n)
manual (n)
martial art (n)
meditation (n)
playwright (n)
realistic (adj)
ritualised (adj)
romanticise
(v)
savage (adj)
Pages 148–
149
apologise (v)
boogschieten (n)
wapenuitrusting (n)
schuld geven (v)
ridderlijk (adj)
code (n)
strijd (n)
dienstplichtige (n)
verslaan (v)
elite (n)
gladiator (n)
eer (n)
keizerlijk (adj)
intellectueel (n)
ridder (n)
erfgoed (n)
trouw (n)
handleiding (n)
gevechtskunst (n)
meditatie (n)
toneelschrijver (n)
realistisch (adj)
in rituelen gevat (adj)
romanticeren (v)
clumsy (adj)
expression (n)
key (adj)
slip (v)
slippery (adj)
unreliable
(adj)
Page 151
aquarium (n)
camouflage
(v)
crab (n)
dismiss (v)
extraordinary
(adj)
fearless (adj)
fierce (adj)
humble (adj)
pack (n)
school (n)
spine (n)
sucker (n)
welfare (n)
onhandig (adj)
uitdrukking (n)
essentieel (adj)
uitglijden (v)
glad (adj)
onbetrouwbaar (adj)
aquarium (n)
camouflage (v)
krab (n)
ontslaan (v)
buitengewoon (adj)
zonder angst (adj)
heftig (adj)
bescheiden (adj)
roedel (n)
school (n)
ruggenwervel (n)
zuiger (n)
welvaart (n)
wild (adj)
verontschuldigen (v)
15

Vergelijkbare documenten