Omgaan met diabetes in zes bijeenkomsten

Commentaren

Transcriptie

Omgaan met diabetes in zes bijeenkomsten
Omgaan met
diabetes in zes
bijeenkomsten
Handboek voor zorgconsulenten
1
Hoe gebruik je dit handboek?
2
Eerste bijeenkomst: wat is diabetes?
3
Tweede bijeenkomst: klachten en complicaties door diabetes
4
Derde bijeenkomst: gezonde voeding
5
Vierde bijeenkomst: bewegen moet
6
Vijfde bijeenkomst: medicijngebruik en therapietrouw
7
Zesde bijeenkomst: herhaling en afsluiting
8
Lijst met telefoonnummers en websites
9
Literatuurlijst en bronvermeldingen
Handboek voor allochtone zorgconsulenten:
Hetty Bloemen,
coördinator allochtone zorgconsulenten GGD Rotterdam e.o.
Tine de Hoop,
seniormedewerker sector gezondheidsbevordering
GGD Rotterdam e.o.
4
Aan de totstandkoming van dit handboek werkten mee:
Dr A.H. Bootsma,
internist Erasmus MC Rotterdam
Hanneke Hortensius, diabetesverpleegkundige Erasmus MC Rotterdam
Nanette Huizinga,
internist Erasmus MC, Rotterdam
Jannie de Jong,
wijkverpleegkundige Thuiszorg Rotterdam
Leyla Köseoglu,
beleidsmederwerker allochtonen, Regionaal Patiënten
Consumenten Platform Rijnmond
Chris Kramer,
voorlichter Diabetesvereniging Nederland
Arianne de Nood,
diëtiste Thuiszorg Rotterdam
Elke Stolp,
diëtiste Thuiszorg Rotterdam
Güler Temür,
zorgconsulent GGD Rotterdam e.o.
Paul Uitewaal,
huisarts gezondheidscentrum Lange Hille, Rotterdam,
onderzoeker Erasmus Universiteit Instituut Beleid en
Management Gezondheidszorg (IBMG)
COLOFON
Teksten:
Irene Seignette,
IS Tekst & Productie, Nijmegen
Vormgeving:
Linda Zoon,
Grafisch Bureau DUS, Rotterdam
Druk:
VanderHeym,
Capelle a/d IJssel
Copyright © 2006 GGD Rotterdam en omstreken
Alle rechten voorbehouden. Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd,
opgeslagen in een geautomatiseerd bestand, of openbaar gemaakt, in enige
vorm of op enige wijze, hetzij elektronisch, mechanisch, door fotokopieën, of
op enige andere manier, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de
GGD Rotterdam en omstreken.
Woord vooraf
Zorgconsulenten helpen dit gat in
de zorgverlening op te vullen. Ze
geven mensen met een chronische
aandoening gezondheidsvoorlichting in de moedertaal, of in het
Nederlands vanuit een migrantenperspectief. Hiervoor werken ze
nauw samen met huisartsen.
Het handboek Omgaan met
diabetes in zes bijeenkomsten
is geschreven voor zorgconsulenten. Zij kunnen het handboek
gebruiken bij een cyclus van zes
bijeenkomsten die ze in samenwerking met de GGD Rotterdam e.o.,
de Thuiszorg of andere (zorg)instellingen organiseren voor vrouwen
met diabetes van Turkse komaf.
Met geringe aanpassingen kan het
handboek ook worden gebruikt
voor andere doelgroepen.
De zorgconsulent geeft de voorlichting in de moedertaal en maakt
voor de opbouw van de voorlichting
gebruik van het handboek.
Het handboek is opgebouwd uit zes
hoofdstukken. Elk hoofdstuk staat
voor één bijeenkomst. De informatie
is toegespitst op het leven van alledag. Centraal staat hoe mensen op
een goede en verantwoorde manier
met hun diabetes kunnen omgaan.
De medische aspecten van
diabetes komen beperkt aan bod.
We hopen de allochtone zorgconsulenten met dit handboek voldoende
informatie en houvast te geven om
de zes bijeenkomsten op een goede
en verantwoorde manier te kunnen
geven.
Uiteindelijk doel is dat de deelnemers na het volgen van de
zes bijeenkomsten, inzicht hebben
in diabetes. De informatie die ze
krijgen geeft de mensen handvatten
om op een gezonde en goede
manier met hun diabetes om te
gaan. Want inmiddels zijn veel
deskundigen op het gebied van
diabetes ervan overtuigd dat een
goede diabetesbehandeling
begint bij de patiënt zelf.
5
WOORD VOORAF
Diabetes mellitus is een chronische
aandoening waarbij het succes van
de behandeling voor een groot deel
wordt bepaald door hoe de patiënt
omgaat met deze ziekte.
Om op een goede manier met
diabetes om te kunnen gaan is
kennis over en inzicht in diabetes
erg belangrijk. Diabetes komt
relatief vaak voor bij allochtone
mensen. Oudere migranten die
het Nederlands niet goed beheersen, hebben dikwijls ook weinig
kennis over diabetes. Vanwege
het taalprobleem en de kennisachterstand is het voor artsen en
andere hulpverleners vaak moeilijk
om deze doelgroep de juiste
informatie te geven.
Aan de totstandkoming van dit
handboek hebben veel mensen
meegewerkt. In het bijzonder
danken wij Paul Uitewaal voor zijn
initiatief en inhoudelijke inbreng,
de overige leden van de leescommissie voor hun opbouwende
aanvullingen en natuurlijk de
zorgconsulenten.
Voor op- en aanmerkingen over
dit handboek houden we ons
aanbevolen.
6
Hetty Bloemen,
coördinator allochtone
zorgconsulenten
WOORD VOORAF
Tine de Hoop,
seniormedewerker sector
gezondheidsbevordering
GGD Rotterdam e.o.
Rotterdam, mei 2006
Hoe gebruik je dit handboek?
TIP
Het handboek Omgaan met
diabetes bestaat uit zes hoofdstukken. Elk hoofdstuk behandelt één
bijeenkomst.
De zes bijeenkomsten:
Ieder hoofdstuk is verdeeld in vier
onderdelen. Deze vier onderdelen
hebben ieder een eigen kleur.
De vier onderdelen:
Programmaoverzicht
Hier staan kort de doelstellingen
van de bijeenkomst en wat je in
deze bijeenkomst gaat behandelen.
Vertel aan het begin van elke bijeenkomst wat je gaat behandelen.
Inhoud
In dit oranje deel staat de inhoud
van de bijeenkomst. Lees dit voor
iedere bijeenkomst goed door. Het
is niet de bedoeling dat je de inhoud
gaat voorlezen. Hou wel de volgorde
aan die in het handboek staat.
• Tips ter voorbereiding TIP
• Programmaoverzicht
• Inhoud
• Extra informatie
Extra informatie
In dit roze deel staat extra informatie. Deze informatie is voor jou.
Je hoeft dit niet te behandelen in de
bijeenkomst. Misschien komt het je
van pas bij het beantwoorden van
de vragen van de deelnemers.
Als je zelf ergens anders iets leest
over diabetes, kun je dit toevoegen
aan het deel extra informatie.
7
LEESWIJZER
1. Wat is diabetes?
2. Klachten en complicaties door
diabetes
3. Gezonde voeding
4. Bewegen moet!
5. Medicijngebruik en therapietrouw
6. Herhaling en afsluiting.
Tips ter voorbereiding
Deze tips neem je een paar dagen
voor de bijeenkomst door. Je leest
hier wat je van te voren moet
regelen en welke materialen je
moet verzamelen.
Inhoud
8
Woord vooraf
5
Hoe gebruik je dit handboek?
7
Eerste bijeenkomst:
wat is diabetes?
9
Tweede bijeenkomst: klachten en complicaties door diabetes
29
Derde bijeenkomst:
gezonde voeding
43
Vierde bijeenkomst:
bewegen moet
59
Vijfde bijeenkomst:
medicijngebruik en therapietrouw
67
Zesde bijeenkomst:
herhaling en afsluiting
77
INHOUD
Lijst met telefoonnummers en websites
91
Literatuurlijst en bronvermeldingen
93
Eerste bijeenkomst
Wat is diabetes?
TIP Tips ter voorbereiding
De eerste bijeenkomst; even wennen
• Zorg dat je ruim van tevoren aanwezig bent
• Zorg dat er voldoende thee, koffie en water
klaarstaat
• Stel de mensen bij binnenkomst op hun gemak en zorg dat je voldoende
tijd neemt om de deelnemers kennis met elkaar te laten maken
• Geef kort een inleiding over de opzet van de voorlichtingsbijeenkomsten
• Geef aan dat het belangrijk is dat iedereen elke week komt
• Vertel dat er iedere bijeenkomst een ander onderwerp aan bod komt
• Geef aan dat iedereen tussendoor en aan het eind vragen kan stellen.
9
EERSTE BIJEENKOMST
Een paar dagen van te voren; even checken
• Lees ter voorbereiding hoofdstuk 1 door
• Geef nogmaals de namenlijst van de deelnemers door aan de balie
• Check of de zaal, de folders, de diaprojector en de dia’s van de diaserie
over diabetes van de GGD Rotterdam e.o. in
orde zijn
• Zorg dat je voor alle deelnemers de folder
"wat is diabetes" van de Diabetesvereniging
Nederland hebt. Gratis aanvragen kan bij
(033) 463 05 66.
Niet vergeten!
• Wees kort en bondig
• Check tussendoor met vragen of mensen je verhaal begrijpen
• Las op tijd een pauze in
• Maak de mensen aan het eind van de bijeenkomst nieuwsgierig naar de
volgende bijeenkomst. Laat bijvoorbeeld alvast een dia zien, waar je de
volgende week dieper op zult ingaan
• Stimuleer de deelnemers thuis te praten over diabetes. Geef dit als
huiswerkopdracht mee
• Herhaal veel. Zeker de begrippen die je gebruikt. Door veel te herhalen,
onthouden mensen alles beter en krijgen bovendien het gevoel dat ze
alles begrijpen.
10
Te gebruiken materialen:
• Deel van de diaserie (A en B) over diabetes van de GGD Rotterdam e.o.
• Flip-over met daarop enkele aandachtspunten als houvast voor je verhaal
• Folder "Wat is diabetes", vab de Diabetsvereniging Nederland.
EERSTE BIJEENKOMST
Programmaoverzicht
Doelstelling
• De deelnemers weten hoe de bijeenkomsten zijn opgebouwd en
georganiseerd
• De deelnemers voelen zich welkom en hebben kennis met elkaar gemaakt
• De deelnemers weten in hoofdlijnen wat diabetes mellitus type 2 is.
Inleiding
• Vang de deelnemers op en heet ze welkom
• Laat iedereen zich kort voorstellen
• Vertel kort wat je deze bijeenkomst gaat behandelen.
Programma
• Wat is diabetes mellitus type 2?
• Het gaat nooit meer over
• Hoe merkt u dat u diabetes heeft?
• Hoe ontstaat diabetes?
• Hoe wordt diabetes type 2 behandeld?
• Wat betekent dit voor uw dagelijkse leven?
•
•
•
•
Wat betekent uw diabetes voor uw familie?
Hoe zit de spijsvertering en stofwisseling in elkaar?
Meten van uw bloedglucosewaarden
Hoeveel mensen hebben diabetes?
Om dit uit te leggen gebruik je onder andere deel A en B van de diaserie
over diabetes van de GGD Rotterdam e.o.
Afsluiting
Check de doelstellingen. Is de informatie goed overgekomen?
• Wat is diabetes?
• Noem drie belangrijke oorzaken van diabetes
• Kan diabetes genezen worden?
• Deel de folder "Wat is diabetes" uit.
Volgende bijeenkomst
Vertel kort dat in de volgende bijeenkomst de complicaties van diabetes
aan bod komen. Complicaties zijn ziektes die iemand kan krijgen als gevolg
van diabetes.
Inhoud
Wat is diabetes mellitus type 2?
Diabetes mellitus type 2 wordt ook wel suikerziekte of ouderdomssuiker
genoemd. Bij mensen met diabetes zit er namelijk te veel suiker in het
bloed. Vroeger kwam diabetes type 2 vooral voor bij oudere mensen,
vandaar de naam ouderdomssuiker.
Suiker (glucose) geeft ons lichaam energie.
Ons lichaam haalt suiker uit het eten en drinken. Vanuit de darmen wordt
het voedsel opgenomen in het lichaam. Voedsel dat opgenomen wordt,
zoals suiker, komt eerst in het bloed. Het bloed brengt de suiker, ofwel de
energie, overal in het lichaam, waar dat nodig is. Suiker is erg belangrijk
voor het lichaam. Zonder suiker in het bloed zou een mens niet kunnen
leven. Bijvoorbeeld de spieren in de benen gebruiken suiker om te lopen en
11
EERSTE BIJEENKOMST
Huiswerkopdracht voor de deelnemers
Denk goed na over wat u heeft gehoord en probeer aan uw familie te
vertellen wat diabetes is. Leg de folder "Wat is diabetes" in de huiskamer.
12
EERSTE BIJEENKOMST
de hersenen om na te denken. Om te zorgen dat de suiker in het bloed
ook gebruikt kan worden door spieren of hersenen is insuline nodig.
En hier begint het probleem. Mensen met diabetes hebben te weinig
insuline. Hierdoor kan de suiker moeilijker vanuit het bloed naar bijvoorbeeld de spieren of hersenen om daar de energie te leveren. In plaats
daarvan blijft er te veel suiker in het bloed.
Ook kan het zijn dat het lichaam van mensen met diabetes type 2
ongevoeliger is geworden voor insuline. Er is dan veel meer insuline nodig
om de suiker uit het bloed te halen. Wanneer iemand niet zoveel insuline
heeft, blijft er ook te veel suiker in het bloed zitten.
Wanneer er veel te veel suiker in het bloed zit, krijgen mensen hier klachten
van. Ze krijgen dorst, gaan vaker plassen en voelen zich moe. Wanneer er
maar een klein beetje te veel suiker in het bloed zit, merken mensen hier
helemaal niets van. Toch hebben zij ook diabetes. Dit komt omdat ook een
beetje teveel suiker in het bloed uiteindelijk gevaarlijk is voor het lichaam.
13
Het gaat nooit meer over
Diabetes mellitus gaat nooit meer over. Diabetes is een zogenaamde
chronische ziekte. De rest van uw leven heeft u diabetes. Gelukkig is
diabetes goed te behandelen. Hierdoor gaat u zich veel beter voelen en
kunt u voorkomen dat het erger wordt. U heeft zelf veel invloed op het
succes van de behandeling. Hoe? Dat gaan we u vertellen in de komende
zes bijeenkomsten.
‘Mensen die veel snoepen
krijgen suikerziekte, als je stopt
met snoepen is het over’
NIET WAAR
EERSTE BIJEENKOMST
Ik vertelde over suiker in het bloed. Dan moet u niet denken aan de
suiker die u in de winkel koopt of aan een suikerklontje. Het gaat om
hele kleine deeltjes suiker die je niet met het blote oog kunt zien. Denk
maar aan suiker die oplost in de thee. Straks vertel ik er meer over.
Straks laat ik met behulp van een diaserie precies zien wat er in uw
lichaam gebeurt als u diabetes heeft.
Hoe merkt u dat u diabetes heeft?
Vaak wordt diabetes per toeval ontdekt. In het begin hebben mensen geen
klachten. Pas later krijgen ze klachten.
Laat de deelnemers vertellen welke klachten ze hadden voordat bij hen
diabetes werd ontdekt.
14
EERSTE BIJEENKOMST
We hebben net gesproken over de klachten die jullie hadden voordat
bekend werd dat jullie diabetes hadden. Ik noem ze nog een keer op:
• Dorst en veel drinken (meer dan 1,5 tot 2 liter per dag)
• Vaak en veel plassen
• Vermoeidheid
• Droge mond
• Zwakte, slaperigheid
• Wazig zien
• Hardnekkige infecties, bijvoorbeeld puisten of (vaginale)
schimmelinfecties
• Vermageren
• Jeuk
• Verstopping
• Zweten
Met een goede behandeling van diabetes, verdwijnen deze klachten.
Ze komen weer terug als de behandeling niet meer goed is.
Hoe ontstaat diabetes?
Diabetes kan verschillende oorzaken hebben.
• Diabetes type 2 kan erfelijk zijn. Dat wil zeggen dat de ziekte in één
familie veel voorkomt. De ziekte wordt dan van generatie op generatie
overgedragen
• Door overgewicht en weinig beweging kan iemand diabetes type 2
krijgen. Hierbij spelen twee dingen een rol:
- Mensen met overgewicht hebben vaak meer insuline nodig
- Door overgewicht en weinig beweging wordt het lichaam minder gevoelig
voor insuline.Het lichaam moet dus heel hard werken om genoeg
insuline te maken. Op een gegeven moment kan het lichaam dit niet
meer aan. Dan ontstaat er diabetes type 2
• Soms kan iemand diabetes krijgen na een stressvolle periode. Iemand
kan dan denken dat hij of zij diabetes heeft gekregen door de stress. Dit
is niet zo. Door de stress heeft die persoon de diabetes misschien eerder
gekregen. Zonder de stress had dezelfde persoon een tijd later diabetes
gekregen.
Een deelneemster zei na afloop
van de cursus:
‘Wat een geluk dat ik jullie heb leren
kennen, nu heb ik voor het eerst in mijn
leven in een taxi gereden’
Hoe wordt diabetes type 2 behandeld?
Diabetes mellitus type 2 is helaas niet te genezen. Maar het is gelukkig wel
goed te behandelen.
15
Voeding
De behandeling van diabetes type 2 begint altijd met een voedingsadvies.
Mensen met diabetes moeten gezond eten. Ook is het belangrijk om
regelmatig te eten. Drie keer per dag een maaltijd en twee keer per dag
iets kleins tussendoor, is veel gezonder dan twee grote maaltijden op
een dag.
• Eet veel groente en fruit
• Eet niet te veel zoete producten
• Drink geen zoete dranken, zoals cola, sinas en veel vruchtensappen
• Let op vet, zoals vet vlees. Van vette producten wordt u dik en ze zijn
slecht voor hart en bloedvaten.
In de derde bijeenkomst praten we uitgebreid over gezonde voeding.
EERSTE BIJEENKOMST
De behandeling bestaat uit een combinatie van:
• Gezonde voeding, misschien moet u afvallen
• Medicijnen
• Beweging, elke dag een half uur wandelen of fietsen is al voldoende
• Door een goede behandeling zult u zich beter gaan voelen. Bovendien
zal de diabetes dan maar langzaam erger worden en zult u ook minder
klachten krijgen aan uw ogen, bloedvaten, hart en zenuwen.
Afvallen
Zoals gezegd zijn veel mensen met diabetes type 2 te dik. Daarom krijgen
deze mensen een dieet waarmee ze kunnen afvallen.
Lichaamsbeweging
Daarnaast is het belangrijk om veel te bewegen. Door beweging wordt het
lichaam weer gevoeliger voor insuline. Deskundigen adviseren om elke dag
tenminste een half uur te bewegen. Een half uur wandelen, fietsen of
zwemmen is al voldoende. Maar een half uur stofzuigen telt ook.
In de vierde bijeenkomst praten we uitgebreid over bewegen en diabetes.
Tabletten
Het kan zijn dat door het veranderen van de eetgewoonten en door meer te
gaan bewegen, de bloedglucosewaarden toch niet genoeg dalen.
Dan krijgt iemand met diabetes type 2 medicijnen (tabletten).
16
EERSTE BIJEENKOMST
In de vijfde bijeenkomst praten we uitgebreid over de medicijnen die u
kunt gebruiken voor diabetes.
Insuline
Diabetes type 2 is een ziekte die langzaam erger wordt.
Daarom kan er een moment komen waarop de tabletten niet meer
genoeg werken. De mensen worden dan overgezet op insuline.
Insuline kan niet door de darmen in het lichaam worden opgenomen.
Daarom spuiten de mensen de insuline met een spuitje direct in het
lichaam. Deze insuline zit in een insulinepen. Mensen kunnen zichzelf
hiermee één, twee of soms vier keer per dag insuline toedienen.
Kennis
Tot slot is het heel belangrijk veel te weten over diabetes. Hoe moet u
ermee omgaan? Hoe meer u weet over hoe u moet eten, hoe u uw
medicijnen moet innemen, hoe beter u kunt omgaan met uw diabetes.
Een deelnemer van een cursus
zei na afloop: ‘Mijn dochter, je
bent mijn reddende engel!’
Wat betekent uw diabetes voor
uw familie?
Iemand met diabetes ziet er niet
ziek uit. Veel mensen denken dat
het niet zo ernstig is. Ze denken
dat het wel goed komt als u
medicijnen neemt. Helaas is dit
niet waar. Om te voorkomen dat
uw diabetes snel erger wordt of
leidt tot andere klachten, is het
belangrijk dat u zich probeert te
houden aan de adviezen die we
tijdens deze bijeenkomst besproken
hebben. Dit kan ook gevolgen
hebben voor uw familieleden.
Misschien gaat u wel anders koken,
of misschien zegt u vaker nee
tegen iets lekkers of heeft u meer
tijd voor u zelf nodig om te
bewegen.
Praat hierover met uw partner
en andere familieleden
Vertel:
• Wat u weet over diabetes
• Waarom het belangrijk is om
op uw eten te letten
• Waarom u elke dag een half
uur moet bewegen
• Hoe u hiermee wilt omgaan
• Hoe uw familie u hierbij kan
helpen
• Ook als u zich ergens zorgen
over maakt, is het belangrijk
hierover te praten.
17
EERSTE BIJEENKOMST
Wat betekent dit voor uw
dagelijkse leven?
Diabetes verandert uw leven. Het is
er elke dag en het gaat nooit meer
over. Dit betekent dat u er uw hele
leven rekening mee moet houden.
Dus: altijd op tijd uw medicijnen
innemen, gezond eten en iedere
dag zorgen voor voldoende beweging. Kort gezegd: diabetes vraagt
om een hele belangrijke aanpassing van uw leven.
Hoe zit de spijsvertering in elkaar?
1 In de mond wordt het eten door het
gebit vermalen tot kleine stukjes.
Het wordt vermengd met speeksel.
Speeksel maakt een begin met de
vertering van het eten. Zo wordt
brood of deeg afgebroken tot
suikers. Vandaar dat brood zoet
gaat smaken als je dit bijvoorbeeld
tien minuten in je mond houdt.
18
2 Vervolgens wordt het voedsel doorgeslikt en komt via de slokdarm in
de maag terecht. Kleine spiertjes
rond de slokdarm duwen het voedsel
naar de maag toe.
1
2
3
4
5
EERSTE BIJEENKOMST
6
3 In de maag zorgt maagzuur voor
verdere vertering. Bovendien zorgen
spieren rond de maag dat het voedsel goed door elkaar gemengd wordt.
Na drie à vijf kwartier verlaat het voedsel de maag en komt in de twaalfvingerige darm.
4 In de twaalfvingerige darm worden nog meer spijsverteringssappen
toegevoegd. Al het voedsel wordt in hele kleine stukjes gesplitst en
uiteindelijk blijven alleen eiwitten, vetten en suikers over. De dingen die
niet kleiner gemaakt kunnen worden blijven in de darm achter, en verlaten
dan uw lichaam.
5 In de dunne darm vindt de laatste bewerking plaats. De voedingsstoffen
die het lichaam nodig heeft worden door de wand van de dunne darm
heen door het bloed opgenomen. Voorbeelden van belangrijke voedselbestanddelen zijn: glucose, eiwitten, vetten, vitamines en mineralen.
6 Wat het lichaam verder niet meer kan gebruiken komt via de dikke darm
in de endeldarm terecht en verlaat het lichaam in de vorm van ontlasting.
.
Vertoon nu een deel van de diaserie over diabetes van de
GGD Rotterdam e.o.
Dia A4 de verbranding
Om te kunnen leven heeft het lichaam
zuurstof en voedsel nodig. Zuurstof ademen we
in en dit komt via de longen in ons bloed terecht.
Voedingsstoffen komen via de darmen in ons
bloed terecht. Het hart pompt het bloed constant
door ons hele lichaam. Zo krijgen alle organen,
zoals de hersenen, de lever maar ook het hart
zelf voldoende zuurstof en voedingstoffen. De
organen in het lichaam bestaan uit miljoenen
kleine deeltjes die we met het blote oog niet
kunnen zien. Deze deeltjes noemen we cellen.
19
EERSTE BIJEENKOMST
Dia A3 de spijsvertering:
van koolhydraten naar glucose
Alles wat u eet en drinkt komt in de maag en
daarna in de darmen terecht. In de maag en
de darmen wordt het eten in hele kleine stukjes
gesplitst: onder andere in suikers, vetten en
eiwitten. Deze stukjes zijn zo klein dat ze door
de wand van de darm kunnen. Daarna worden
ze in het bloed opgenomen. Zo wordt het brood
dat u eet eerst zo klein gemaakt totdat het niet
meer kleiner kan. Stel hierbij het fijnste korreltje
meel voor wat u zich kunt voorstellen en hak dat
in nog kleinere stukjes. Dan nog zijn deze te groot om door het lichaam
te worden opgenomen. Door de spijsverteringssappen wordt dit kleinste
stukje in nog kleinere stukjes verdeeld. Deze stukjes noemen we suikers
of glucose. Deze glucose kan uiteindelijk wel door het lichaam worden
opgenomen.
Het bloed brengt deze suikers, maar ook de vetten en eiwitten naar de
plekken in het lichaam die het nodig hebben om hun werk te kunnen doen.
Hierna praten we alleen nog over glucose.
Dia A5 de alvleesklier
Ook de alvleesklier is een orgaan. Dit orgaan
ligt diep weggeborgen in de buik. Het maakt
spijsverteringssappen maar ook stofjes die
direct in het bloed komen. Deze stofjes noemen we hormonen. Insuline is een hormoon
dat door de alvleesklier gemaakt wordt.
Insuline is belangrijk bij het op peil houden van
de juiste hoeveelheid glucose in het bloed.
Insuline zorgt er namelijk voor dat de glucose
uit het bloed de cellen van de organen, zoals
de spieren, hersenen en zenuwen in kan.
20
EERSTE BIJEENKOMST
Dia A6 hoe wordt glucose
opgenomen in de cellen?
Op deze dia ziet u nogmaals de alvleesklier
waar de insuline gemaakt wordt. De insuline
is getekend als sleuteltjes. Insuline werkt
namelijk als een sleutel. Het opent als het
ware deurtjes in de cellen van het lichaam
waardoor de glucose vanuit het bloed naar
binnen kan. De grijze blokjes op de dia zijn
de glucosedeeltjes. Iemand met diabetes
heeft geen of te weinig insuline (sleuteltjes).
Dia A7 diabetes type 1, geen insuline
Tijdens deze bijeenkomst hebben we het
als maar gehad over diabetes mellitus type 2.
Er bestaat ook een diabetes mellitus type 1.
Bij mensen met diabetes type 1 maakt de
alvleesklier helemaal geen insuline meer.
Hierdoor kan de glucose uit het bloed bijna
niet naar de cellen van bijvoorbeeld de spieren,
hersenen en zenuwen. Daarom moeten mensen met diabetes type 1 zichzelf elke dag een
paar keer insuline spuiten. Als ze dit niet doen,
dan gaan ze dood. Het is niet precies bekend waarom iemand diabetes
type 1 krijgt. Meestal ontstaat dit type diabetes op jongere leeftijd.
Diabetes type 1 wordt meestal vrij snel ontdekt omdat iemand hele
duidelijke klachten heeft als: veel dorst, veel plassen, extreme vermoeidheid en sterk vermageren.
Dia A9 diabetes type 2,
te weinig insuline
De tweede oorzaak voor diabetes type 2 is
dat de alvleesklier niet meer voldoende
insuline maakt. Omdat de cellen ongevoeliger worden voor insuline moet de alvleesklier steeds meer insuline maken. De
alvleesklier kan dit op een gegeven
moment niet meer aan en raakt uitgeput.
Hierdoor verergert de diabetes.
Bij diabetes type 2 komen deze twee
dingen vaak allebei voor:
• De cellen laten de glucose niet binnen
• De alvleesklier maakt niet meer voldoende insuline.
21
EERSTE BIJEENKOMST
Dia A8 diabetes type 2,
de cellen laten de glucose niet binnen
Diabetes type 2 ontstaat veel langzamer
dan diabetes type 1. Daarom duurt het
vaak lang voordat het ontdekt wordt. Bij
diabetes type 2 spelen er twee dingen een
rol. De alvleesklier maakt nog wel insuline,
maar de glucose wordt niet meer goed
opgenomen in de cellen van bijvoorbeeld
de hersenen, spieren en zenuwen. Dit komt
omdat de cellen minder gevoelig zijn geworden voor insuline. De sleuteltjes
krijgen de cellen als het ware niet meer open. Waarom dit gebeurt is niet
precies duidelijk, maar het heeft te maken met te dik zijn en te weinig
bewegen. Daarom hebben dikke mensen vaker diabetes type 2 dan dunne
mensen.
Dia A10 de glucose verlaat het lichaam
Bloed wordt door de nieren gefilterd (vergelijk
een koffiefilter). De goede stoffen blijven achter in het bloed. De stoffen die het lichaam
niet meer nodig heeft, plast u uit. Omdat de
glucose niet wordt opgenomen in de cellen,
blijft het achter in het bloed. Wanneer er te
veel suiker in het bloed zit, zorgen de nieren
ervoor dat u dit teveel aan glucose uitplast.
Hiervoor is extra water nodig. Daarom plast
iemand met diabetes type 2 veel. Met het
plassen gaat veel energie (de glucose) en
vocht verloren. Daarom heeft iemand met diabetes vaak veel dorst en is
vaak erg moe. Als dit lang duurt, wordt u magerder. Deze manier van
afvallen is gevaarlijk voor het lichaam.
22
EERSTE BIJEENKOMST
Dia A 11 bloedglucosewaarden of
bloedsuikerwaarden
Bij mensen die geen diabetes hebben, wordt
de glucose opgenomen in de cellen van bijvoorbeeld de spieren, zenuwen en hersenen.
Bij mensen met diabetes blijft te veel glucose
achter in het bloed. De hoeveelheid suiker in
het bloed noemt men bloedsuiker of ook wel
bloedglucosewaarde. Iedereen, ook mensen
zonder diabetes, heeft wel wat glucose in
het bloed. De hoeveelheid bloedglucose is
met een speciaal apparaatje te meten. Dit
noemen we de bloedglucosemeter. De arts meet dit tijdens de controle.
Normaal schommelen de waarden tussen de 4–8 mmol/l (=millimol
per liter bloed).
Bij mensen met diabetes is de behandeling erop gericht dat de bloedglucosewaarden tussen de 4-7,8 blijven. Een te hoog bloedglucosegehalte
noemen we een hyper bijvoorbeeld boven de 10. Het tegenovergestelde,
een te lage bloedsuiker, noemen we een hypo. Dan ligt de waarde onder
de 3,8. Mensen met diabetes type 2 hebben minder vaak last van een
hypo.
Dia tonen
Te veel of te weinig glucose in uw bloed is niet goed voor u. Eet daarom
regelmatig: drie keer per dag een kleine maaltijd en twee keer per dag iets
tussendoor. Dit is beter dan twee grote maaltijden op een dag.
Meten van uw bloedglucosewaarde
Mensen met diabetes kunnen vrij simpel bij zichzelf controleren of hun
bloedglucosewaarde te laag, goed of te hoog is.
Meestal doet iemand dit met een bloedglucosemeter, een stripje en een
druppeltje bloed. Om een druppeltje bloed te krijgen, moet u uzelf een
vingerprikje geven. Dit druppeltje doet u op het stripje. Daarna stopt u het
stripje in de bloedglucosemeter en dan kunt u na enkele seconden uw
bloedglucosewaarde aflezen op een schermpje.
We noemen dit zelfcontrole. Zelfcontrole kan heel handig zijn. Hierdoor
weet u of uw medicijnen en voeding goed zijn.
Hoeveel mensen hebben diabetes?
In 2005 waren er in Nederland ruim een half miljoen mensen met diabetes.
Hiervan hebben ongeveer 70.000 mensen diabetes type 1 en 430.000
diabetes type 2.
Het aantal mensen met diabetes type 2 neemt toe. Mensen krijgen het ook
op steeds jongere leeftijd. Daarom klopt de naam "ouderdomssuiker" al
lang niet meer. Men denkt dat er steeds meer mensen met diabetes type 2
bijkomen omdat mensen steeds dikker worden. Ook zijn mensen veel
minder gaan bewegen en anders gaan eten.
23
EERSTE BIJEENKOMST
Wel of niet vergoed
Mensen die tabletten gebruiken hoeven niet elke dag de bloedglucose te
meten. Voor mensen die insuline spuiten is dit wel belangrijk. Daarom krijgen alleen mensen die insuline gebruiken de meter en de strips vergoed.
Zelfcontrole is voor hun een vast onderdeel van de behandeling.
Mensen die tabletten gebruiken moeten de strips en meter zelf betalen.
Mensen die in de toekomst misschien insuline moeten gaan gebruiken,
kunnen wel één keer honderd strips en een bloedglucosemeter vergoed
krijgen.
Voor mensen die tabletten gebruiken is het regelmatig nemen van tabletten
en het opvolgen van het dieet meestal voldoende. De dokter kan met
behulp van een speciale bloedmeting zien of de bloedglucosewaarden niet
te hoog zijn geweest.
Afsluiting
Check de doelstellingen. Vraag of bepaalde
informatie goed is overgekomen?
• Wat is diabetes?
• Noem drie belangrijke oorzaken van diabetes
• Kan diabetes genezen worden?
Deel de folder "wat is diabetes" uit.
Huiswerkopdracht voor de deelnemers
Denk goed na over wat u hebt gehoord en probeer aan uw familie te
vertellen wat diabetes is. Leg de folder over "wat is diabetes"
in de huiskamer.
24
EERSTE BIJEENKOMST
Mensen die al eerder de
cursus volgden zeiden na afloop:
‘Jullie zijn zo vriendelijk, ik kom
de volgende keer weer!!’
Volgende bijeenkomst
Vertel kort dat in de volgende bijeenkomst de complicaties van diabetes
aan bod komen. Complicaties zijn ziektes die iemand kan krijgen als gevolg
van diabetes.
Extra informatie
Tabletten bij diabetes type 2
Mensen met diabetes type 2 slikken vaak tabletten voor hun diabetes.
Er zijn verschillende soorten tabletten. Alle tabletten werken anders.
De arts bepaalt welke tabletten iemand gaat slikken.
Verschillende soorten medicijnen
• Tabletten die zorgen dat het lichaam meer insuline maakt
• Tabletten die zorgen dat het lichaam weer gevoeliger wordt voor insuline
• Tabletten die zorgen dat er minder snel suiker uit de dunne darm in het
bloed terechtkomt
• Tabletten die dit allemaal tegelijk doen.
Ook voor mensen met diabetes type 1 is het belangrijk gezond en gevarieerd te eten en voldoende te bewegen. Mensen met type 1 hebben minder
vaak last van overgewicht dan mensen met type 2. Afvallen maakt dus
maar zelden deel uit van de behandeling bij type 1.
De insuline spuit men zelf met behulp van een insulinepen in de onderhuid, bijvoorbeeld van de buik of bovenbenen. Mensen met diabetes type 1
spuiten zichzelf vaak viermaal per dag.
Ook is het mogelijk om een insulinepomp te gebruiken. In deze pomp zit
de insuline. De mensen dragen deze pomp 24 uur per dag. De pomp is met
een buisje en naald verbonden aan de persoon met diabetes. De pomp
zorgt ervoor dat het lichaam constant een beetje insuline krijgt.
Er zijn verschillende soorten insuline
• Ultra-kortwerkende insuline. Insuline die snel werkt en die de glucosepiek
in het bloed na een maaltijd kan opvangen. Deze insuline wordt gegeven
voor de maaltijd. De insuline werkt direct na het inspuiten en werkt
ongeveer zes uur.
• Kortwerkende insuline. Insuline die snel werkt en die de glucosepiek in
25
EERSTE BIJEENKOMST
Behandeling bij diabetes type 1
Mensen met diabetes type 1 maken zelf helemaal geen insuline meer aan.
Daarom moeten ze insuline spuiten.Tabletten werken bij hen niet.
het bloed na een maaltijd kan opvangen. Deze insuline wordt gegeven
voor de maaltijd. De insuline begint te werken na twintig minuten en werkt
ongeveer zes tot acht uur
• Middel-langwerkende insuline. Het lichaam heeft 24 uur per dag een klein
beetje insuline nodig. Dit is de zogenaamde basale behoefte aan insuline.
Middel-langwerkende insuline voorziet in deze basale behoefte en wordt
meestal gegeven voor het slapen gaan
• Langwerkende insuline. Deze insuline voorziet ook in de basale behoefte
aan insuline, maar werkt doorgaans 20 tot 24 uur
• Insulinemix. Dit is een insuline waarin zowel kort- als middel-langwerkende insuline is verwerkt. Een insulinemix wordt ’s ochtends en ’s avonds
gegeven. Veel mensen met diabetes type 2 gebruiken een insulinemix.
Kennis
Ook bij diabetes type 1 vormt kennis een belangrijk onderdeel van de
behandeling.
26
EERSTE BIJEENKOMST
Zelfcontrole
Zelfcontrole vormt een belangrijk onderdeel van de behandeling bij mensen
met diabetes type 1. Ze kunnen zelf
hun bloedglucosegehalte bepalen
met behulp van een bloedglucosemeter. Aan de hand van de uitslagen
kunnen zij zien of de behandeling
goed is. Ze kunnen de uitslagen
ook met de dokter bespreken.
Voor mensen met diabetes type 2
wordt de bloedglucosemeter en het
testmateriaal niet vergoed. Als ze
worden overgezet op insuline krijgen
ze wel een bloedglucosemeter en
strips vergoed.
Wil iemand die tabletten gebruikt,
zelf zijn of haar zelfcontrole betalen
dan moet hij of zij rekenen op de
volgende kosten:
• circa € 32,-- voor een starterspakket (een bloedglucosemeter, een
bloedprikker, tien strips en tien lancetten). Omdat een teststrip maar één
keer kan worden gebruikt, moet iemand regelmatig nieuwe strips kopen.
Deze kosten circa € 1,-- per stuk en worden veelal verkocht in een verpakking met vijftig stuks
• Meer weten over bloedglucosemeters en strips? Bel het gratis nummer
van Hermedico 0800 022 18 58.
Een hypo, te laag bloedglucosegehalte
Iemand heeft een hypo als hij te weinig glucose in het bloed heeft.
We spreken van een hypo bij een glucosewaarde onder de 3,8 mmol/l.
Symptomen van een hypo zijn: honger, trillen, zweten en wazig zien.
De symptomen van een hypo kunnen per persoon verschillen. Mensen met
diabetes type 2 hebben minder vaak last van een hypo dan mensen met
diabetes type 1. Als iemand een hypo heeft moet hij snel iets zoets eten
of drinken, bijvoorbeeld drie tabletten druivensuiker nemen.
Mensen die
insuline gebruiken
kunnen zichzelf
wat extra kortwerkende insuline
geven als hun
bloedglucose
te hoog is. Ook
voor hen is het
goed veel water
te drinken.
27
EERSTE BIJEENKOMST
Een hyper, te hoog bloedglucosegehalte
Zit er te veel glucose in het bloed dan heeft iemand een hyper.
We spreken van een hyper bij een glucosewaarde boven de 10 mmol/l.
Symptomen van een hyper zijn: veel dorst, veel plassen, vermoeidheid,
niet lekker voelen. Als iemand te veel glucose in het bloed heeft, moet
hij of zij een tijdje niet eten. Veel water drinken is wel goed.
Extra informatie
28
EERSTE BIJEENKOMST
Tweede bijeenkomst
Klachten en complicaties door diabetes
TIP Tips ter voorbereiding
Een paar dagen van te voren; even checken
• Lees ter voorbereiding hoofdstuk 2 door
• Vraag bij het gratis nummer van LifeScan 0800 022 2445 de folder aan
met tips over stoppen met roken. Deel deze tijdens de bijeenkomst uit
• Controleer of je alle materialen hebt.
Niet vergeten
• Stel vooral vragen aan de stille deelnemers, de praters hoor je toch wel
• Geef ruimte voor persoonlijke verhalen
• Geef ruimte voor deskundigheid uit de groep. Profiteer daarvan.
Te gebruiken materialen
• Een deel van de diaserie over diabetes van de GGD Rotterdam e.o.
• Voorlichtingsplaten NIGZ
• Folder met Tips over stoppen met roken
• Videoband "in beweging! Tien gymlessen voor thuis" NOC*NSF,
Nederlandse Hartstichting en Yakult BV.
29
TWEEDE BIJEENKOMST
Een goed begin
• Zorg dat je tijdig aanwezig bent
• Zet de video en de diaprojector klaar
• Heet de deelnemers welkom en laat merken dat je het fijn vindt dat ze er
weer zijn
• Begin met de huiswerkopdracht van vorige week, neem daar ruim de tijd
voor want zo ontstaat betrokkenheid bij de deelnemers.
Programmaoverzicht
Doelstelling
• De deelnemers weten dat diabetes kan leiden tot complicaties; dat wil
zeggen dat er andere ziektes kunnen ontstaan als gevolg van diabetes
• De deelnemers weten wat ze kunnen doen om complicaties te
voorkomen.
Inleiding
• Vang de deelnemers op en heet ze welkom
• Bespreek de huiswerkopdracht van vorige week: hebben jullie thuis
gepraat over diabetes? Neem hier gerust de tijd voor
• Vertel kort wat je in deze bijeenkomst gaat behandelen.
Programma
30
TWEEDE BIJEENKOMST
Het krijgen van complicaties
Vandaag gaan we in op diabetescomplicaties. Dit zijn andere ziektes die u
kunt krijgen als gevolg van uw diabetes, bijvoorbeeld aandoeningen aan:
• Uw ogen
• Uw zenuwen
• Uw nieren
• Uw voeten
• Uw hart.
Waar let u op bij goede voetzorg?
Mensen met diabetes krijgen soms last van hun voeten. Vandaag vertel ik
hoe u uw voeten het best kunt verzorgen.
U heeft een grotere kans om hart- en vaatziekten te krijgen
Hoe kunt u deze kans kleiner maken? Door ervoor te zorgen dat:
• Uw bloeddruk niet te hoog wordt
• Uw cholesterolgehalte niet te hoog wordt
• Uw bloedglucosewaarden niet te hoog of te laag worden
• U niet rookt.
Andere klachten
Kort ga ik in op enkele andere klachten die je vaker ziet bij mensen met
diabetes.
Het voorkomen van complicaties
Gelukkig kunt u zelf veel doen om het krijgen van complicaties te
voorkomen. Vandaag bespreken we hoe u dit kunt doen.
Omdat voldoende bewegen heel belangrijk is bij het voorkomen van
complicaties sluiten we deze bijeenkomst af door met behulp van een
video twintig minuten oefeningen te doen.
Afsluiting
Check de doelstellingen:
• Vraag of de deelnemers drie diabetescomplicaties kunnen opnoemen
• Vraag of ze drie manieren kunnen opnoemen om complicaties te
voorkomen.
Volgende bijeenkomst
Vertel kort wat je in de volgende bijeenkomst gaat behandelen:
gezonde voeding.
TIP Tips voor de deelnemers
• Adviseer de deelnemers om elke dag, behalve op zaterdag en zondag,
mee te doen met het programma: "Nederland in beweging"; een rustig
bewegingsprogramma op Nederland 1. Dit wordt uitgezonden rond
6.45 uur en 9.00 uur en duurt een kwartier en is ook te volgen als u
geen Nederlands verstaat.
TWEEDE BIJEENKOMST
Huiswerkopdracht
• Maak uw lievelingsgerecht en neem dit mee naar de volgende
bijeenkomst. Een klein beetje is prima
• Meet thuis hoe lang u bent en hoeveel u weegt. Noteer deze gegevens
op een blaadje en neem dit mee naar de volgende bijeenkomst. Met deze
gegevens gaan we kijken of u een gezond gewicht heeft.
31
Inhoud
Klachten en complicaties door diabetes
Diabetes type 2 komt niet alleen. Veel mensen met diabetes krijgen na
een tijdje ook andere klachten, bijvoorbeeld aan de ogen of voeten.
In deze bijeenkomst leg ik uit hoe dit komt en wat u eraan kunt doen om
dit te voorkomen.
De klachten die ontstaan als gevolg van diabetes noemen we ook wel
diabetescomplicaties.
Om te kunnen begrijpen hoe de complicaties precies ontstaan laat ik
eerst twee dia's zien:
32
TWEEDE BIJEENKOMST
Dia D19 de bloedsomloop
Door het hele lichaam lopen bloedvaten. De
grootste bloedvaten ontspringen aan het
hart. Net als bij een boom vertakken de
bloedvaten zich in steeds kleinere bloedvaatjes. Uiteindelijk zijn de bloedvaten zo klein
dat ze niet meer goed zichtbaar zijn (haarvaatjes). Stoffen in het bloed kunnen door de
zeer dunne wand van deze haarvaatjes heen
en zo bij de cellen komen. Op deze manier
brengt het bloed het zuurstof en de voeding
naar alle organen in ons lichaam: zoals bijvoorbeeld de ogen en de nieren
maar ook naar het topje van onze vingers of naar onze tenen. Het hart
zorgt ervoor dat het bloed constant door het lichaam wordt gepompt.
Dia D20 het zenuwstelsel
Door het hele lichaam lopen zenuwen. Alle
zenuwen lopen via het ruggenmerg naar de
hersenen. De zenuwen vervoeren signalen,
zoals gevoel en reuk. Bijvoorbeeld als u met
uw voet in een naald loopt, dan sturen uw
zenuwen een seintje van "au" naar uw
hersenen. De hersenen sturen weer een
signaal terug naar uw been waardoor u uw
voet terugtrekt. De zenuwen krijgen, om
goed te kunnen werken, constant voeding
van de bloedvaatjes.
Wat gebeurt er nu bij diabetes?
Iemand met diabetes heeft vaak te veel suiker in het bloed, ook wel hoge
bloedglucosewaarden genoemd. Deze hoge bloedglucosewaarden zijn
slecht voor de bloedvaten. Ze beschadigen de wanden van de bloedvaten.
Ook kunnen zo de bloedvaatjes in bijvoorbeeld de voeten, ogen of het hart
kapot gaan. Dit gebeurt heel geleidelijk. Deze beschadigingen ontstaan pas
nadat iemand jaren diabetes heeft. Het vervelende is dat veel van deze
beschadigingen nooit meer herstellen. Ze worden alleen maar erger.
De tijd tussen het krijgen van diabetes en het ontstaan van beschadigingen, is niet bij iedereen hetzelfde. De één krijgt snel last van complicaties,
bij de ander duurt het veel langer.
Men heeft ontdekt dat dit onder meer te maken heeft met de hoogte
van de bloedglucosewaarden. Hoe hoger deze zijn, hoe sneller iemand
complicaties krijgt. Maar er spelen meer dingen een rol.
De complicaties
33
Complicaties aan de nieren
U heeft twee nieren. Ze liggen achterin uw buik (tegen de rug aan). De
nieren zorgen ervoor dat de afvalstoffen uit het bloed worden gehaald en
dat u deze uitplast. In de nieren zitten heel veel kleine bloedvaatjes. Deze
kunnen door diabetes en/of hoge bloeddruk beschadigd raken. Het gevolg
hiervan is dat de afvalstoffen niet meer worden afgevoerd, ze blijven dus in
het lichaam zitten. Bij niercomplicaties geldt hetzelfde als bij oogcomplicaties, u merkt er eigenlijk niets van totdat het te laat is. De dokter kan
de werking van uw nieren controleren. Zorg er dus voor dat dit regelmatig
gebeurt.
TWEEDE BIJEENKOMST
Complicaties aan de ogen
In de ogen zitten veel kleine bloedvaatjes. Deze kunnen als gevolg van
diabetes kapot gaan. Hierdoor gaat u slechter zien. Heel vervelend hierbij
is dat u er vaak niets van merkt, totdat het te laat is. Daarom is het
verstandig uw ogen ongeveer een keer per één of twee jaar te laten
controleren door een oogarts. Als uw huisarts er niet aan denkt, herinner
hem er dan zelf aan.
Met een laserbehandeling aan uw ogen, kunnen beschadigingen aan uw
ogen beperkt worden. Dit moet eigenlijk al gebeuren nog voordat u slechter
gaat zien, dus nog voordat u klachten heeft. Ook daarom is het belangrijk
uw ogen regelmatig te laten controleren.
Complicaties aan de zenuwen
Met uw zenuwen kunt u voelen. De zenuwen krijgen voedingstoffen en
zuurstof van de bloedvaten. Als de bloedvaten als gevolg van diabetes
beschadigd zijn, kunnen ze niet meer voldoende voedingstoffen afgeven
aan de zenuwen. Hierdoor kunt u bijvoorbeeld niet meer goed voelen of
krijgt u een doof gevoel meestal in uw benen of voeten. Andere mensen
krijgen tintelingen of pijnklachten in de voeten of benen. Soms hebben
mensen last van krachtverlies in de benen.
34
TWEEDE BIJEENKOMST
Complicaties aan de voeten
Mensen met diabetes krijgen soms last
van hun voeten. Dit komt doordat de
bloedvaatjes en de zenuwen in de
voeten beschadigd kunnen raken.
Als de zenuwen beschadigd zijn, voelt
u niet meer goed. Bijvoorbeeld als een
schoen te klein is, merkt u dit niet. Of als
u uw teen stoot, doet dit geen pijn. Het
kan zo erg zijn dat iemand het niet meer
voelt dat hij of zij in een spijker trapt. Als u het
wondje niet voelt, betekent dit ook dat u het niet
gaat verzorgen. U blijft op uw te kleine schoenen lopen of u maakt uw
wondje aan de teen niet schoon. Zonder dat u het merkt kan een klein
wondje dan een grote wond worden.
‘Als je suikerziekte hebt,
worden je benen geamputeerd’
NIET WAAR
Dan is er nog een tweede probleem: omdat de bloedvaatjes beschadigd
zijn, genezen wondjes niet goed en onstaan er sneller infecties. Het
is heel belangrijk om hier goed op te letten, want bij mensen met diabetes
moeten als gevolg van infecties soms tenen of voeten worden
geamputeerd.
Waar let u op bij goede voetzorg?
• Als u niet meer goed voelt met uw voeten, loop dan niet op blote voeten.
De kans dat u ongemerkt met uw voet ergens in stapt is te groot
Pedicure met aantekening voor de
diabetische voet
Vraag of uw doktersassistente voor u
een afspraak kan maken met een
pedicure met een aantekening voor de
diabetische voet. Zij weet of u dat vergoed krijgt van uw verzekering en welke
pedicure u goed kan behandelen. Het is
geen luxe!! Een bezoek aan de pedicure
hoort bij de zorg voor diabetes-patiënten.
35
TWEEDE BIJEENKOMST
• Draag nooit te kleine schoenen, vermijd hoge hakken en koop geen
schoenen waarin uw voeten gaan zweten
• Controleer een paar keer per week of er geen
wondjes, kloofjes of blaren aan uw voeten
zitten. Met een spiegeltje kunt u makkelijk
onder de voeten kijken. Controleer ook
tussen de tenen
• Gebruik geen middeltjes tegen eelt of
likdoorns. Doe er zelf niets aan, maar
ga naar een pedicure. Er zijn pedicures die een speciale opleiding hebben
gevolgd om de voeten van mensen met
diabetes te behandelen
• Knip de nagels recht af
• Zorg voor een goede hygiëne. Maak uw voeten
dagelijks schoon met babyzeep. Droog goed af, ook tussen de tenen. Als
de huid droog is kunt u eventueel babyolie of zalf gebruiken (niet tussen
de tenen)
• Als u wondjes heeft aan uw voeten, pas dan heel goed op als u
henna-producten gebruikt
• Gebruik geen kruik bij koude voeten, de kans dat u zich brandt is te
groot. Draag liever dikke sokken. Ga bij twijfel of als u iets vreemds ziet
of voelt direct naar de dokter! Hiermee kunt u veel problemen voorkomen.
Hoge bloeddruk en een verhoogd cholesterol
Mensen met diabetes hebben vaker ook een hoge bloeddruk en/of een
verhoogd cholesterol. Door deze drie dingen samen, diabetes, hoge bloeddruk en een verhoogd cholesterol, lopen mensen veel meer risico om iets
aan hun hart en bloedvaten te krijgen.
Daarom is het belangrijk om al de drie aandoeningen op tijd te behandelen!
Hoge bloeddruk
• Mensen met diabetes hebben vaker ook een hoge bloeddruk
• Meestal is onduidelijk waarom mensen een hoge bloeddruk krijgen
• Een hoge bloeddruk vergroot de kans om hart- en vaatziekten te krijgen
• Veel mensen merken niets van een hoge bloeddruk.
Vraag daarom of uw dokter regelmatig uw bloeddruk wil meten.
36
TWEEDE BIJEENKOMST
Verhoogd cholesterolgehalte
Door slechte voedingsgewoonten, maar ook door erfelijke aanleg, kan
iemand een te hoog cholesterolgehalte krijgen. Ook de hoge bloedsuikers
bij mensen met diabetes kunnen het cholesterolgehalte verhogen.
Cholesterol is een soort vet dat aan de binnenkant van de bloedvaten plakt.
Hierdoor kunnen de vaten dichtslibben. Dit is erg gevaarlijk. Een verhoogd
cholesterolgehalte wordt behandeld met een dieet, maar bij mensen met
diabetes vaak ook met medicijnen. Vraag uw arts om regelmatig uw
cholesterolgehalte te controleren.
Een vrouw die al eerder de cursus
volgde zei na afloop:
‘Dank je mijn kind. Allah heeft jou
aan mij geschonken’
Stoppen met roken
Roken is slecht voor hart- en bloedvaten. Als u rookt, dan is het heel
belangrijk voor uw gezondheid om te stoppen met roken.
Andere klachten
Dan zijn er nog andere klachten die vaker voorkomen bij mensen met
diabetes.
Pijn of moe in de benen
Als de grote bloedvaten in uw benen zijn vernauwd, krijgen uw spieren niet
genoeg bloed (zuurstof) als u gaat wandelen. U krijgt dan pijn of een moe
gevoel in uw benen als u een stukje heeft gelopen. Als u dan weer even
stopt, verdwijnt de pijn. Dit noemen we ook wel etalagebenen. Mensen
die dit hebben stoppen tijdens het winkelen namelijk vaak even voor een
etalage, om hun benen te laten uitrusten.
Problemen van seksuele aard
Mensen met diabetes hebben meer kans om een probleem van seksuele
aard te krijgen.
Zo kan het zijn dat mannen geen of geen goede erectie meer kunnen
krijgen. Ook kan de zaadlozing anders gaan verlopen.
Vrouwen met diabetes hebben vaker last van een droge vagina. Hierdoor
kunnen ze pijn krijgen tijdens of na het vrijen. Soms krijgen mensen
minder zin in seks als gevolg van diabetes.
Hoewel het soms best moeilijk is, is het belangrijk hier wel over te praten
met uw partner en met uw huisarts. Voor mannen bestaan er bijvoorbeeld
medicijnen waarmee ze weer een erectie kunnen krijgen en voor vrouwen
bestaan er glijmiddelen als ze last hebben van vaginale droogheid.
37
TWEEDE BIJEENKOMST
Hartproblemen
Het hart is een holle spier die het bloed door het lichaam pompt. Door
het hart lopen heel veel grote en kleine bloedvaten. Bij mensen met
hartklachten zijn de wanden van de bloedvaten vaak beschadigd. Ook zit
er soms kalk vastgeplakt aan de binnenkant van de bloedvaten. Als hier
niets aan gedaan wordt, kunnen de bloedvaten verstopt raken. Delen van
het hart krijgen dan niet meer voldoende bloed en hierdoor kunt u een
hartinfarct krijgen. Hoe merkt u dat u hartklachten heeft? Door pijn op de
borst bij inspanning, bijvoorbeeld bij stevig wandelen of traplopen.
Infecties
Mensen met diabetes hebben vaak meer en terugkerende infecties:
bijvoorbeeld blaasontstekingen of schimmelinfecties.
Wanneer beginnen de complicaties?
Niemand weet precies wanneer en of hij of zij complicaties zal krijgen.
De complicaties beginnen zich te ontwikkelen vanaf het moment dat u
diabetes heeft. De eerste vijf of tien jaar merkt u hier niets van.
Mensen met diabetes type 2 moeten direct nadat ze hebben gehoord dat
ze diabetes hebben, gecontroleerd worden op eventuele complicaties.
Want vaak hebben ze al een tijd met diabetes rondgelopen zonder dat ze
dit wisten.
Voor mensen met diabetes type 1 wordt de regel aangehouden dat ze vijf
jaar na de diagnose gecontroleerd moeten worden op complicaties.
Zodra iemand diabetes heeft is het belangrijk deze goed te behandelen.
Daardoor wordt de kans op complicaties kleiner.
38
TWEEDE BIJEENKOMST
Een beetje diabetes
Soms denken mensen dat diabetes niet zo erg is. Zeker niet als u alleen
maar tabletten slikt. Dit is niet waar! Want iemand met diabetes heeft last
van te veel glucose in het bloed en dit is slecht voor uw hart en bloedvaten.
U moet dus altijd serieus met uw diabetes omgaan, ook al slikt u maar één
tablet per dag. Een beetje diabetes bestaat niet!
‘Door al mijn zorgen heb ik
diabetes gekregen’
NIET WAAR
Waarom de ene wel en de ander niet
Hoe komt het dat sommige mensen wel complicaties krijgen en andere niet
of veel minder? Dit heeft waarschijnlijk te maken met:
• De behandeling van de diabetes. Door een goede behandeling van de
diabetes wordt de kans op complicaties kleiner
• Erfelijke aanleg
• Of iemand naast diabetes ook een hoge bloeddruk of een verhoogd
cholesterolgehalte heeft
• Of iemand rookt. Rokers zullen waarschijnlijk eerder last krijgen van
complicaties.
Wat kunt u doen om de kans op complicaties te verkleinen?
Gelukkig kunt u er zelf voor zorgen dat u veel later en veel minder
complicaties krijgt. Wat kunt u ervoor doen?
• Vergeet niet uw medicijnen in te nemen en neem ze in op de juiste tijd
• Als u hoge bloeddruk heeft, zorg er dan voor dat dit behandeld wordt
Diabetes en hoge bloeddruk is namelijk een zeer slechte combinatie voor
uw bloedvaten in de ogen, nieren en hersenen en voor het hart
• Als u rookt, stop hier dan mee. Roken is heel slecht voor uw hart en
bloedvaten. Diabetes ook. De combinatie van diabetes en roken wordt
ook wel dodelijk genoemd. Wilt u advies hebben over stoppen met roken,
kom dan na de bijeenkomst even langs
• Eet gezond en gevarieerd
• Zorg voor voldoende beweging. Een half uur flink wandelen of fietsen
per dag is al voldoende
• Zorg ervoor dat uw huisarts regelmatig uw bloedglucose, cholesterol en
bloeddruk controleert door om de drie maanden een afspraak te maken.
• Zorg dat ook uw voeten, ogen en nieren regelmatig door een dokter
worden gecontroleerd. Het is gebruikelijk dat iemand met diabetes type 2
één keer per jaar een oogarts bezoekt
• Controleer ook zelf een paar keer per week uw voeten en ga naar de
dokter als u een wondje heeft.
Zoals u allemaal weet: bewegen moet!
Om u hierbij te helpen, eindigen we vandaag met oefeningen.
Dit doen we met behulp van een video
U doet uw best, en toch..
Er zijn mensen die alles heel goed doen, maar toch complicaties krijgen.
Dit kan te maken hebben met erfelijkheid. Hier kunt u zelf niets aan doen.
U moet zich dus nooit schuldig voelen als u toch complicaties krijgt.
TWEEDE BIJEENKOMST
Laat de deelnemers elkaar vertellen wat ze zullen gaan doen om niet
te vergeten elke drie maanden naar de huisarts te gaan voor controle.
39
Afsluiting
Check de doelstellingen:
• Vraag of de deelnemers drie diabetescomplicaties kunnen opnoemen
• Vraag of ze drie manieren kunnen opnoemen om complicaties te
voorkomen.
Volgende bijeenkomst
Vertel kort wat je in de volgende bijeenkomst gaat behandelen:
gezonde voeding.
Huiswerkopdracht
• Maak uw lievelingsgerecht en neem dit mee naar de volgende bijeenkomst. Een klein beetje is prima
• Meet thuis hoe lang u bent en hoeveel u weegt. Noteer deze gegevens
op een blaadje en neem dit mee naar de volgende bijeenkomst. Met deze
gegevens gaan we kijken of u een gezond gewicht heeft.
40
TWEEDE BIJEENKOMST
TIP Tips voor de deelnemers
• Adviseer de deelnemers om elke dag, behalve op zaterdag en zondag,
mee te doen met het programma: "Nederland in beweging"; een rustig
bewegingsprogramma op Nederland 1. Dit wordt uitgezonden rond
6.45 uur en 9.00 uur en duurt een kwartier en is ook te volgen als u geen
Nederlands verstaat.
Extra informatie
Uitleg van enkele gebruikte medische termen:
Oogcomplicatie
Niercomplicatie
Complicaties aan zenuwen
Hoge bloeddruk
Verstijving van de gewrichten
retinopathie
nefropathie
neuropathie
hypertensie
artrose
Stoppen met roken; hoe pak je dit aan?
Roken is slecht voor de gezondheid. Mensen die roken sterven gemiddeld
dertien jaar eerder dan mensen die niet roken. Roken tast niet alleen de
longen aan, maar ook hart en bloedvaten. Omdat diabetes ook slecht is
voor hart en bloedvaten, wordt de combinatie van roken en diabetes ook
wel dodelijk genoemd. Het is dus heel belangrijk om te stoppen met roken.
41
TIP Tips om te stoppen met roken:
• In één keer stoppen. Spreek een datum af met uw familie en zeg dat u
dan stopt met roken
• Zorg voor iets anders als u zin krijgt om te roken: drink een glas water,
neem een kauwgommetje
• Als u zich heel gespannen voelt, zoek dan naar andere manieren om u te
ontspannen. Bijvoorbeeld ontspanningsoefeningen, yoga of sport
• Bereken hoeveel geld u bespaart met het niet roken en bedenk wat u van
dat geld kunt kopen over een maand
• Informeer bij de Thuiszorg. Hier worden vaak cursussen gegeven om te
stoppen met roken
• Er zijn ook hulpmiddelen te koop zoals nicotinepleisters en nicotinekauwgom.
Meer informatie?
Surf eens naar de website: www.stivoro.nl. Dit is de site van de nationale
organisatie voor voorlichting over de gezondheidsrisico’s van roken.
Je kunt ook bellen voor informatie of om folders te bestellen:
0900-9390 (€ 0,10 p.m.).
TWEEDE BIJEENKOMST
Er zijn heel veel manieren om te stoppen met roken. Wat de goede manier
is, is voor iedereen verschillend. Het belangrijkste is dat u wilt stoppen met
roken; dat u weet dat het heel belangrijk is voor uw gezondheid.
Seksualiteit
• Seksuele klachten hebben meestal verschillende oorzaken. Het kan dat
ze te maken hebben met diabetes of met de gevolgen van diabetes,
maar dat hoeft niet
• Laat uitzoeken wat de oorzaak is.
Seksuele klachten bij diabetes kunnen zijn:
42
TWEEDE BIJEENKOMST
• Minder behoefte aan seks. Als de bloedglucosespiegel hoog is, dan
neemt de behoefte aan seks af. U kunt ook moe worden van te hoge
bloedglucosewaarden. Hierdoor kunt u ook minder zin in seks krijgen
• Mannen kunnen problemen krijgen met hun erectie. Er zijn medicijnen te
krijgen om weer een erectie te krijgen. Adviseer mensen dit te overleggen
met hun huisarts
• Bij mannen kan de zaadlozing anders verlopen. Ze hebben dan nog wel
een zaadlozing maar het zaad komt in de blaas terecht in plaats van uit
de penis. Hierdoor lijkt het alsof ze niet klaarkomen
• Een droge vagina en daardoor pijn bij het vrijen. Dit kan komen door een
ontregelde diabetes. Een glijmiddel is een goede oplossing. Dit kunnen
mensen kopen bij de drogist
• Hypo's en seks. Tijdens het vrijen kan het voorkomen dat u zich niet
lekker voelt omdat er te weinig glucose in het bloed zit. Drink dan een
suikerhoudend drankje of eet iets zoets
• Infecties van de geslachtsorganen. Door de diabetes kan het bloed en
daardoor ook de urine veel glucose bevatten. De urine wordt zoet en is
een lekkere omgeving voor schimmels en bacteriën. Vrouwen kunnen last
krijgen van meer afscheiding, van jeuk en een branderig gevoel. Daardoor
kan het vrijen ook pijnlijk zijn. Ook mannen kunnen dit soort klachten
krijgen. Bij schimmelinfecties moeten beide partners behandeld worden.
Bij vrouwen kan het helpen om, naast het zorgen voor een goede
diabetesinstelling, veel te drinken en te plassen na het vrijen.
Deze informatie komt uit het hoofdstuk "leven met diabetes" uit het
zorgboek diabetes van de Stichting September.
Derde bijeenkomst
Gezonde voeding
TIP Tips ter voorbereiding
Nodig een diëtiste uit
Voor deze bijeenkomst kun je een diëtiste uitnodigen. Het liefst iemand die
de culturen kent.
Niet vergeten
• Neem ruim de tijd om het huiswerk te bespreken en te proeven!
• Vraag goed door over de meegebrachte hapjes zoals: welke ingrediënten
er gebruikt zijn, bijvoorbeeld welke kaas en wat voor olie, vlees e.d.
Ga hier direct op in
• Maak complimentjes over hoe het smaakt en hoe het eruit ziet
• Benadruk het belang van regelmatig eten op vaste tijdstippen: drie kleine
hoofdmaaltijden en drie tussendoortjes. Dat is beter dan twee grote
porties ineens
• Benoem nogmaals het belang van de contacten met een diëtiste en de
diabetesverpleegkundige.
Te gebruiken materialen
• Productenlijst met calorieën van Turkse producten, gemaakt door
consulenten GGD Rotterdam e.o.
43
DERDE BIJEENKOMST
Handig om bij je te hebben
• Neem zelf wat voorbeelden mee van gezonde en ongezonde producten.
Deze kun je tijdens de bijeenkomst laten zien, vergelijk bijvoorbeeld volle
melk met halfvolle melk, roomboter met halvarine en bakvet met olijfolie
• Zorg voor voldoende voorlichtingsmaterialen die je kunt uitdelen
Dit onderwerp leent zich daar goed voor. Kijk voor folders op www.becel.nl
en www.hartstichting.nl
• Regel een weegschaal en een centimeter om het gewicht en de lengte
van de deelnemers te meten.
44
DERDE BIJEENKOMST
• Folder "maak je niet dik" van het Voedingscentrum. Hierin zit een draaischijf waarmee je heel makkelijk kunt bepalen of iemand te dik is (BMI).
In deze folder zit ook een centimeter waarmee je kunt meten of iemand te
veel buikvet heeft. De folder is te bestellen op nummer 070 306 88 88.
• Caloriewijzer van de Nederlandse
Hartstichting (wel erg gericht op
Nederlandse producten)
• Voedingsmiddelentabel voor Turkse,
Marokkaanse, Surinaamse en Nederlandse
mensen
• Bewegen is gezond en nog gezellig ook!
Videoband van het NIGZ
• Plaat NIGZ. Drie keer een hoofdmaaltijd en
drie keer een tussendoortje. Plaat H, regelmatig eten en geen maaltijden overslaan
(piramidemodel)
• Lijst en plaatjes laten zien van gezonde
voeding, de dagelijkse aanbevolen hoeveelheden. Calorielijst gemaakt door zorgconsulent.
Handig als achtergrondinformatie
"Voeding bij diabetes mellitus", dieetbegeleiding van Turkse, Marokkaanse en
Hindostaanse bevolkingsgroepen, F.S. Malki,
J.J.C. Nieuwelink, M.J.A. Traa, L.A. Waterval,
Bohn Stafleu van Loghum, 2005.
Programmaoverzicht
Doelstellingen
• De deelnemers
hebben
• De deelnemers
• De deelnemers
• De deelnemers
weten dat overgewicht en diabetes met elkaar te maken
weten wat calorieën zijn
weten wat gezonde en ongezonde producten zijn
weten van zichzelf of ze te zwaar zijn.
Inleiding
• Vang de deelnemers op en heet ze welkom
• Stel de diëtiste voor en leg uit wat ze komt doen
• Laten benoemen en proeven van de meegebrachte hapjes
• Per gerecht laten aangeven welke ingrediënten erin zitten en of men
denkt dat het hapje veel vet en/of suiker bevat
• Vertel kort wat je deze bijeenkomst gaat behandelen.
45
Check de doelstellingen
Om te kijken of de informatie goed is overgekomen, stel de volgende twee vragen:
• Waarom is overgewicht zo slecht voor iemand met diabetes?
• Heeft 100 gram boter evenveel calorieën als 100 gram groente?
DERDE BIJEENKOMST
Programma
• Leg uit waaraan gezonde voeding moet voldoen
• Waarom is gezonde voeding voor mensen met diabetes extra
belangrijk
• Hoe komt het dat u te dik wordt?
• Hoeveel eten heeft u per dag nodig?
• Feiten over fabels
• We gaan met behulp van wat rekensommetjes bepalen of u te
dik bent. Maak hierbij gebruik van de folder "Maak je niet dik"
van het voedings-centrum
• Meet ook hun middelomtrek met de daarvoor bestemde
centimeter uit dezelfde folder
• Feestdagen en familiebezoek
• Kunt u meedoen aan de Ramadan als u diabetes heeft?
• Tips om met minder calorieën te koken.
Opdracht voor de volgende bijeenkomst
• Probeer zeker twee suiker- en/of vetrijke producten te vervangen door
twee minder vette of zoete producten
• Probeer minstens een half uur per dag stevig te wandelen, mee te doen
aan "Nederland in beweging" op televisie of een half uur fanatiek te
dweilen of te stofzuigen.
Ter voorbereiding op de volgende bijeenkomst
De volgende bijeenkomst gaan we het hebben over het belang van
bewegen. Want bewegen is belangrijk voor mensen met diabetes.
Daarom doen we nu alvast samen mee met een video waarin een
trainer aanwijzingen geeft om te bewegen.
Inhoud
46
Wat is gezond eten?
DERDE BIJEENKOMST
Gezond eten is belangrijk. Diabetes en voeding horen bij elkaar.
De behandeling van diabetes type 2 begint bij een voedingsadvies.
Hoe ziet een gezonde voeding eruit?
• Eet gevarieerd. Alle voedingsstoffen bevatten andere vitamines en
mineralen. Om te zorgen dat u van alles voldoende binnenkrijgt is het
belangrijk om veel verschillende voedingsmiddelen te gebruiken.
• Wees voorzichtig met vet. Van te veel vette producten wordt u te dik. Er
zijn slechte en goede vetten. De slechte vetten zijn slecht voor uw hart en
bloedvaten. Dit zijn de zogenaamde verzadigde vetten. Kies daarom voor
producten met minder verzadigd vet. Bijvoorbeeld olijfolie, magere of
halfvolle melk, dieetmargarine, 30+ kaas, mager vlees.
In eten dat u in de winkel koopt zit soms veel vet zonder dat u dat ziet.
Voorbeelden hiervan zijn: bladerdeeg, worst, paté en chips, maar ook
koekjes, gebak en snacks.
• Eet voldoende fruit en groenten. In fruit en groenten zitten veel
vitamines en mineralen. Eet daarom elke dag twee stuks fruit en
tweehonderd gram groenten, ongeveer vier opscheplepels.
• Wees zuinig met zout. Te veel zout is slecht voor de bloeddruk.
Gebruik daarom niet veel zout. Breng uw eten liever op smaak met
andere kruiden.
• Eet voldoende brood, rijst en aardappelen. Deze producten geven u
energie. Kies het liefst voor bruin brood, roggebrood en zilvervliesrijst.
• Eet twee keer per week vis.
• Drink dagelijks anderhalve liter vocht (zeven kopjes of glazen).
Drink het liefst veel water want vruchtendranken, frisdranken en koffie met
suiker en melk zijn dikmakers.
• Eet regelmatig en op vaste tijden: drie hoofdmaaltijden en drie of vier
tussendoortjes. Zo voorkomt u hongerige momenten.
47
DERDE BIJEENKOMST
Gezonde voeding is extra belangrijk voor mensen met diabetes
• Meer dan de helft van de mensen met diabetes type 2 is te dik. Mensen
die te dik zijn hebben veel vet. Zoals we in de eerste bijeenkomst al
bespraken wordt het lichaam bij mensen die te veel vet hebben minder
gevoelig voor insuline. En zoals u weet zorgt insuline ervoor dat de glucose vanuit uw bloed in bijvoorbeeld de cellen van de spieren of hersenen
terechtkomt. Door overgewicht en weinig beweging worden de cellen in
uw lichaam minder gevoelig voor insuline; met andere woorden de spieren
en de hersenen laten de glucose niet binnen.
Afvallen is een teken
van armoede.
NIET WAAR
48
DERDE BIJEENKOMST
• Door ongezond te eten wordt u sneller dik. Ook heeft u meer kans op
klachten aan uw hart en bloedvaten. Uw cholesterolgehalte gaat omhoog
en u kunt ook een te hoge bloeddruk krijgen. Diabetes is ook slecht voor
uw hart en bloedvaten. Als u te dik bent en diabetes heeft, loopt u dus
een extra grote kans om iets aan uw hart of bloedvaten te krijgen.
Gezond eten en zorgen voor een goed gewicht zijn dus van levensbelang.
• Ook de plaats in het lichaam waar uw vet zit, is belangrijk. Mensen met
een dikke buik hebben meer kans om iets aan hun hart en bloedvaten te
krijgen dan mensen waarbij het vet om de heupen en bovenbenen zit.
Mensen met een dikke buik, noemen ze ook wel de appeltypes en mensen met dikke heupen en bovenbenen worden wel peertypes genoemd.
Waardoor wordt u te zwaar?
In eten en drinken zit de energie die het lichaam nodig heeft om te kunnen
leven. Het is belangrijk dat u elke dag ongeveer eet en drinkt wat uw
lichaam nodig heeft. Dan zult u niet dikker of dunner worden.
U wordt dik als:
U meer eet en drinkt dan uw lichaam nodig heeft. Het teveel aan energie
wordt dan omgezet in vet. Eet en drinkt u vaak meer dan uw lichaam nodig
heeft, dan wordt u te dik.
U valt af als:
U minder eet en drinkt dan uw lichaam nodig heeft. Uw lichaam gebruikt
het vet uit uw lichaam dan als energie. Dit betekent dat u afvalt.
Hoeveel energie heeft u nodig? Dit hangt af van:
Wat is een calorie?
De hoeveelheid energie die in een voedingsmiddel zit kun je meten.
De maat hiervoor is kilocalorie (calorie, kcal). Soms leest u ook kJ.
Dit betekent kilojoule
1 calorie is 4,2 kJ
• De meeste volwassen mannen tussen de 20 en 50 jaar in Nederland
hebben genoeg aan 2500 kilocalorieën
• De meeste volwassen vrouwen tussen de 20 en 50 jaar hebben genoeg
aan 2000 kilocalorieën
Het aantal calorieën in een product verschilt van product tot product. Zo
bevat een appel veel minder calorieën dan een gebakje. Hierna volgen
enkele voorbeelden.
49
DERDE BIJEENKOMST
• Hoeveel u beweegt. Om te bewegen heeft u extra energie nodig
• Of u een man of vrouw bent. Mannen hebben iets meer energie nodig
dan vrouwen
• Uw gewicht. Als u zwaarder bent heeft u minder energie nodig
• Hoe oud u bent. Naarmate u ouder wordt, heeft uw lichaam minder
energie nodig.
50
DERDE BIJEENKOMST
1 appel 60 kcal
1 banaan
90 kcal
1 stuk pide (Turks witbrood)
159 kcal
1 snee bruinbrood
85 kcal
1 stukje Baklava
130 kcal
1 opscheplepel witte rijst 75 kcal
200 gram broccoli, 4 opscheplepels
40 kcal
200 gram prei, 4 opscheplepels 60 kcal
1 blokje vette witte kaas 35 kcal
1 blokje magere witte kaas
30 kcal
1 blokje Goudse kaas 48+
40 kcal
een half Turks theeglas leblebi 110 kcal
(geroosterde kikkererwten)
1 handje cashewnoten 95 kcal
1 handje pinda’s 130 kcal
1 handje chips 55 kcal
1 eetlepel pijnboompitten 80 kcal
5 olijven 30 kcal
100 gram lamsgehakt
232 kcal
100 gram rundergehakt 221 kcal
Op de verpakking van de meeste producten staat hoeveel calorieën of
kcal erin zitten.
Ook bestaan er zogenaamde caloriewijzers; boekjes waarin het aantal
kcal per product staat beschreven.
Feiten over fabels
Hieronder staan veel gehoorde volkswijsheden. Veel ervan zijn
NIET WAAR!
• Als je diabetes hebt moet je ‘s ochtends alleen maar citroensap
drinken.
NIET WAAR
• Als je suikerziekte hebt moet je alleen maar zure voeding nemen!
NIET WAAR
• Als je suikerziekte hebt moet je dagelijks een bosje tijm in water
koken en in één keer helemaal opdrinken.
NIET WAAR
• Dagelijks vers gekookte brandnetels drinken is goed voor
suikerziekte en tegen kanker.
NIET WAAR
• Eet veel honing dat is heel erg goed als je suiker hebt.
NIET WAAR
• Eet nooit kalfsvlees als je suikerziekte hebt.
NIET WAAR
• Mensen die veel snoepen krijgen suikerziekte, als je stopt met
snoepen is het over.
NIET WAAR
• Als je suikerziekte hebt, worden je benen geamputeerd!
NIET WAAR
51
• Van de diëtiste moet je Nederlands gaan eten.
NIET WAAR
• Door al mijn zorgen heb ik diabetes gekregen.
NIET WAAR
• Turks eten is ongezond als je diabetes hebt.
NIET WAAR
Bent u te zwaar?
De meeste mensen weten wel van zichzelf of ze te dik zijn. Toch zijn
er twee manieren om te berekenen of u moet afvallen: ja of nee?
BMI oftewel Body Mass Index
De BMI geeft aan of uw gewicht in balans is met uw lengte.
Met behulp van de draaischijf in de folder "Maak je niet dik" van het
voedingscentrum kunt u makkelijk de BMI van de deelnemers bepalen.
DERDE BIJEENKOMST
• Als je suikerziekte hebt, mag je niets meer eten.
NIET WAAR
Vraag aan de mensen of ze hun gewicht en lengte weten en of ze
samen met jou hun BMI en middelomtrek willen bepalen?
Gebruik de weegschaal en het meetlint voor de mensen die niet weten hoe
zwaar ze zijn en hoe lang ze zijn.
Noteer de gegevens per deelnemer op een blaadje.
Zit uw BMI tussen de 10 en 18, dan bent u te licht
Zit uw BMI tussen de 19 en de 25, dan heeft u een gezond gewicht
Zit uw BMI tussen de 25 en de 30, dan bent u iets te zwaar. Zorg ervoor
dat u niet aankomt en probeer eventueel iets af te vallen
Zit uw BMI boven de 30, dan bent u veel te zwaar. Uw gewicht verhoogt
de kans op het krijgen van hart- en vaatziekten.
52
DERDE BIJEENKOMST
Meet uw middelomtrek
Neem de centimeter uit de folder "Maak je niet dik". Leg deze om uw
(blote) middel. Trek de centimeter niet te strak aan rond het slankste deel
van de taille. Dit is het punt tussen de onderkant van de onderste rib en de
bovenkant van het bekken. Deze test is alleen betrouwbaar bij volwassenen onder de zestig jaar.
Vrouwen: omtrek
minder dan 68 cm
68-80 cm
80-88 cm
meer dan 88 cm
Mannen: omtrek
Minder dan 79 cm
79-94 cm
94-102 cm
meer dan 102 cm
Uitslag
Probeer aan te komen
U heeft een gezond gewicht
Zorg dat u niet zwaarder wordt.
Het is voor uw gezondheid beter
om af te vallen.
TIP Tips bij het afvallen
Elke kilo telt!
Bent u te zwaar? Probeer dan om te beginnen een paar kilo af te vallen.
Ook kleine beetjes helpen. Als het lukt om drie tot vier kilo af te vallen, dan
is dat al goed voor uw diabetes, uw cholesterolgehalte en uw bloeddruk.
Het is dus echt de moeite waard.
Maak het niet te moeilijk!
Stel niet te hoge eisen aan uzelf. U kunt beter langzaam drie kilo afvallen
en er daarna voor zorgen dat u niet meer aankomt. Dit is beter dan in een
korte tijd tien kilo afvallen, om daarna weer dikker te worden. Het constant
wisselen van gewicht is slechter voor uw gezondheid, dan continu een klein
beetje te dik zijn.
Een deelnemer die al eerder de
cursus volgde, zei na afloop:
‘Je hebt me zo goed geholpen.
ik hoop dat Allah je een goede
man stuurt’
Minder calorieën en meer bewegen
U kunt afvallen door minder te eten (minder calorieën) en meer te
bewegen.
• Kies voor gezonde tussendoortjes, bijvoorbeeld een appel, peer of
banaan
• Drink vaker water in plaats van vrucht- en frisdranken
• Drink thee en koffie zonder suiker
• Neem kleinere porties bij de hoofdmaaltijden. Neem wat extra groenten
en wat minder rijst en/of vlees
53
DERDE BIJEENKOMST
Een leven lang
Afvallen heeft pas zin, als u daarna niet opnieuw dik wordt. Daarom is het
belangrijk om van bepaalde dingen een gewoonte te maken. Een gewoonte
die u uw hele leven kunt volhouden. Bijvoorbeeld: kleinere porties nemen,
minder vet gebruiken, geen suiker in koffie en thee en geen zoete dranken
meer drinken. Het lijkt misschien moeilijk, maar als u eraan gewend bent,
valt het erg mee.
• Eet niet meer voor het slapen gaan
• Beweeg elke dag minstens een half uur. Maak een stevige wandeling, ga
fietsen. Fanatiek stofzuigen of dweilen is ook heel goed.
Probeer van deze regels een gewoonte te maken.
Lightproducten. Wel of niet?
• Er zijn lightproducten te krijgen van bijvoorbeeld boter, melk, yoghurt en
kwark. Deze producten bevatten minder vet. Dit is dus goed
• Eet van de lightproducten niet meer dan normaal
• Drink geen frisdrank. Hooguit één glas lightfrisdrank. Lightfrisdranken
bevatten zoetstoffen in plaats van suiker. Een glas bevat dus minder
calorieën. Je drinkt er makkelijk te veel van. Neem liever water.
54
DERDE BIJEENKOMST
Dan nog enkele praktische tips
• Ga altijd winkelen na het eten, dus als u geen honger heeft
• Zorg dat u zo min mogelijk koek, snoep en zoutjes in huis heeft
• Eet regelmatig en op vaste tijden: drie hoofdmaaltijden en drie of vier
tussendoortjes. Zo voorkomt u hongerige momenten en dit is ook goed
voor uw diabetes
• Als u last heeft van een eetbui, oftewel u heeft de neiging om de hele
koelkast leeg te eten, zoek dan snel afleiding. Ga wandelen, ga bij iemand
op bezoek of neem een douche.
Maar:
En:
maak er geen probleem van als het een keer misgaat
ga niet te vaak op de weegschaal staan
Makkelijker gezegd dan gedaan!
Afvallen is niet makkelijk. Lukt het niet om met bovenstaande regels af te
vallen, bespreek dit dan met uw huisarts. Hij of zij kan u misschien doorverwijzen naar een diëtist. Een diëtist kan u begeleiden bij het afvallen.
Feestdagen en familiebezoek
Een feestdag of een familiebezoek is pas gezellig als er lekker gegeten
wordt. Het is onbeleefd om lekkere dingen te weigeren. Toch zult u ook
tijdens deze feesten op uw eten moeten letten. U hoeft niet te weigeren,
maar neem kleinere porties, schep geen tweede keer op en drink één glas
fris- of vruchtensap en niet meer.
Laat de deelnemers elkaar tips geven hoe ze het eten kunnen
beperken tijdens een feestje of familiebezoek
Kunt u meedoen aan de Ramadan als u diabetes heeft?
Ziek zijn en toch vasten?
Voor alle mensen geldt: als de mogelijkheid bestaat dat de ziekte verergert
door het vasten of door het niet innemen van de medicatie is het eigenlijk
voor een moslim verboden om te vasten. U bepaalt zelf, eventueel in overleg met de arts of de Imam, of u wilt vasten.
Heeft u een ziekte die overgaat zoals buikgriep of griep?
Alle dagen dat men niet kan vasten haalt men in op een ander tijdstip.
Bijvoorbeeld als u een buikgriep krijgt tijdens de Ramadan.
Heeft u een chronische ziekte zoals diabetes?
Mensen met een chronisch ziekte mogen niet vasten. Ze kunnen voor elke
dag dat zij niet vasten, als ze hiervoor voldoende geld hebben, eten of geld
geven aan een arm iemand.
55
Niet meedoen aan de Ramadan is beter voor uw gezondheid.
Wilt u toch vasten? Overleg dit dan altijd met uw dokter!
TIP Tips om minder vet te eten
• Vloeibare vetten als olijfolie zijn gezonder dan vaste vetten zoals boter
• Gebruik tijdens het koken niet meer dan één eetlepel olie of margarine
per persoon
• Bak in een anti-aanbakpan. Deze pan heeft een laagje dat niet aanbakt.
Zo heeft u minder vet nodig
• Gebruik het liefst halvarine of dieethalvarine op uw brood. Gebruik niet
meer dan één theelepel
• Gebruikt u roomboter? Vervang deze door halfvolle roomboter
• Kijk uit voor suikervrije producten. Hier zitten veel slechte vetten in.
Kies producten met minder vet
• Als u börek (brood van bladerdeeg) lust, kies dan voor börek met
groentevulling, bijvoorbeeld spinazie, prei, andijvie
• Gebruik het liefst Gazi kasar peyniri (Turkse kaas) Böreklik peyniri
(Turkse kaas) of Nederlandse 20+ of 30+ kaas. Deze zijn minder vet
DERDE BIJEENKOMST
U hoeft dus niet te vasten omdat u diabetes heeft.
56
DERDE BIJEENKOMST
• Gebruik kipsalami in plaats van rundersalami
• Kant-en-klare tarhanasoep, tomatensoep, kippensoep of groentesoep zijn
magere soepen
• Maak de Yaylasoep (yoghurtsoep) van magere yoghurt zonder room
• Gebruik magere vleessoorten als: pirzola (kotelet), magere rundergehakt,
kipfilet, kalkoenfilet, kip zonder vel, lamsvlees, kalfsvlees
• Gebruik weinig vette vleessoorten als: lahmacun gehakt (gehakt gebruikt
voor Turkse pizza ), schapenvlees, kip met vel, droge köfte (gehaktballen),
kadin budu
• Pistache, pinda’s, walnoten en zonnepitjes bevatten veel vet. Eet het liefst
leblebi (gedroogde kikkererwten).
Minder vette bereidingstips
• Wanneer soep afkoelt kunt u het gestolde vet eraf scheppen
• Grilleer of barbecue vis en vlees met weinig vet
• Bereid vis en vlees in de oven zonder vet, met behulp van een foliezak of
braadzak
• Maak de sutlac (rijstepudding) van halfvolle melk
• Maak de cacik (yoghurtsalade) van magere yoghurt, zonder olie
• Maak de ayran (yoghurtdrank) van magere yoghurt
• Bak de sucuk (knoflookworst) zonder vet in een anti-aanbakpan
• Maak de salade met citroensap en azijn af. Gebruik geen olie
• Laat gebakken aardappelen en gebakken groenten eerst uitlekken op
papieren servetten.
Gebruik minder suiker
• Wees zuinig met suiker. Gebruik zonodig zoetstof in de koffie of thee
• Eet niet meer dan twee stuks fruit of drink niet meer dan twee glazen
vruchtensap per dag
• Suikervrije producten zoals: gebak, koekjes, chocolade of ijs zijn erg vet
Gebruik deze producten liever niet.
Andere tips om verstandig af te vallen
• Drink 1,5 liter vocht per dag, het liefst water
• Als u alcohol drinkt, drink dan niet veel. Niet meer dan één of twee glazen
per dag
• Gebruik het liefst bruinbrood in plaats van witbrood of simit.
Ter afsluiting
Check de doelstellingen
Om te kijken of de informatie goed is overgekomen, stel de volgende twee
vragen:
• Waarom is overgewicht zo slecht voor iemand met diabetes?
• Heeft 100 gram boter evenveel calorieën als 100 gram groente?
Voorbereiding op de volgende bijeenkomst
De volgende bijeenkomst gaan we het hebben over het belang van
bewegen. Want bewegen is belangrijk voor mensen met diabetes.
Daarom doen we nu alvast samen mee met een video waarin een
trainer aanwijzingen geeft om te bewegen.
57
DERDE BIJEENKOMST
Opdracht voor de volgende bijeenkomst
• Probeer zeker twee suiker- en/of vetrijke producten te vervangen door
twee minder vette of zoete producten
• Probeer minstens een half uur per dag stevig te wandelen, mee te doen
aan "Nederland in beweging" op televisie of een half uur te dweilen of te
stofzuigen.
Extra informatie
58
DERDE BIJEENKOMST
Vierde bijeenkomst
Bewegen moet!
TIP Tips ter voorbereiding
Bewegingstherapeut uitnodigen
• Voor deze bijeenkomst kun je eventueel een bewegingstherapeut
uitnodigen. Het liefst iemand die de cultuur kent en veel weet over
diabetes en bewegen.
Ter ondersteuning
• Stel de doelen niet te hoog; geef haalbare bewegingsadviezen
• Maak een lijstje voor de deelnemers waarop staat: wat kunt u doen om
een half uur per dag te bewegen? (zie inhoud programma)
• Door je eigen enthousiasme motiveer je mensen
• Het is een aanrader om de video "Bewegen moet voor 55+" echt te
gebruiken en laat vooral de mensen zelf meedoen.
Te gebruiken materialen
• Lijstje voor de deelnemers waarop staat: wat kunt u doen om een half uur
per dag te bewegen? Dit kun je kopiëren voor de bijeenkomst
• Lijst met adressen van bewegingsactiviteiten in Delfshaven, Noord,
Feijenoord, Charlois, GGD Rotterdam e.o. 2004. Maak kopieën voor de
deelnemers
• Bewegen is gezond en nog gezellig ook! Videoband van het NIGZ.
59
VIERDE BIJEENKOMST
Niet vergeten
• Geef voldoende gelegenheid om ervaringen uit te wisselen en tips aan
elkaar te geven over extra bewegen in het dagelijks leven, vraag
bijvoorbeeld eens wie er thuis een hometrainer heeft
• Benadruk dat je ook extra kunt bewegen zonder apparatuur als een
hometrainer
• Vraag welke deelnemers al hebben meegedaan aan ‘Nederland in
beweging’. Laat ze vertellen wat ze ervan vinden.
Programmaoverzicht
Doelstellingen
• De deelnemers weten hoe ze tijdens het koken en eten rekening kunnen
houden met hun diabetes
• De deelnemers leren hoe je minimaal vijf keer per week flink kunt
bewegen. Iedereen kan hier een eigen invulling aan geven.
60
VIERDE BIJEENKOMST
Inleiding
• Vang de deelnemers op en heet ze welkom
• Stel de bewegingstherapeut voor en leg uit wat ze komt doen
• Evaluatie van de voorgaande bijeenkomst en de ervaringen van de
afgelopen week:
- Hoe ging het met de voeding? Welke producten hebben jullie vervangen
en hoe beviel dit? Welke problemen leverde dit op?
- Wie is er een half uur gaan wandelen in een stevig tempo?
- We heeft er een half uur lang het huis schoongemaakt?
- Wie heeft er meegedaan aan het televisieprogramma "Nederland in
beweging"?
- Wie heeft er iets anders bedacht?
• Vertel kort wat je in deze bijeenkomst gaat behandelen.
Programma
• Leg uit waarom lichamelijke inspanning
goed is voor lichaam en geest
- Conditie verbetert, cholesterolgehalte daalt, bloeddruk daalt, stress
vermindert en het helpt om af te
vallen
- Wat is de relatie tussen diabetes
en beweging?
- Welke belemmeringen spelen
een rol?
- Hoe staat het met de sociale
steun van de familie?
• Hoeveel moet u nu precies bewegen?
• Wat kunt u doen om een half uur per dag
te bewegen?
• Aankruisen op welke manieren u in de toekomst meer gaat bewegen.
Deel hiervoor een lijstje uit.
Check doelstellingen
Controleer of de informatie van deze bijeenkomst goed is overgekomen:
• Waarom is het goed om een half uur te wandelen in een stevig tempo?
• Wat kunt u doen om een half uur per dag flink te bewegen?
Opdracht voor de volgende bijeenkomst
• Probeer op drie verschillende manieren te zorgen voor meer beweging
gedurende de dag
• Neem alle medicijnen mee die u van de dokter moet slikken.
TIP Tips voor de deelnemers
Bij de Nederlandse Hartstichting kunt u gratis brochures aanvragen over:
• Bewegen, eten, koken en roken. Bel hiervoor naar: (070) 315 56 22
• Informeer bij de Thuiszorg naar de cursus: "Sportief samen afvallen".
VIERDE BIJEENKOMST
Laatste twintig minuten: samen meedoen met de video waarin een
trainer aanwijzingen geeft om te bewegen. Leer de deelnemers in
ieder geval vier eenvoudige oefeningen.
61
Inhoud
Waarom is bewegen belangrijk?
Wanneer u uw spieren niet gebruikt, worden deze steeds zwakker. Dit is
het omgekeerde van sporten, waarbij u uw spieren gebruikt en steviger
maakt. Wanneer u weinig beweegt, verzwakken alle spieren in het lichaam.
Hierdoor gaat u zich zwak voelen. Omdat u zich zo zwak voelt, gaat u nog
minder bewegen. Uiteindelijk lijkt het alsof alles te veel moeite kost.
Een bijkomend probleem is dat u heel weinig energie (eten) nodig heeft,
als u weinig beweegt. Wanneer u toch normale hoeveelheden blijft eten,
wordt u dikker. Naarmate u dikker wordt moeten uw spieren juist sterker
zijn om u alles te kunnen laten doen, terwijl uw spieren zwakker worden.
Op die manier gaat u zich steeds slechter voelen.
Het antwoord hierop is: bewegen!
62
VIERDE BIJEENKOMST
• Het verbetert uw conditie. Om te leven heeft uw lichaam zuurstof, voedsel
en drinken nodig. Zuurstof ademen we in. Zuurstof is heel belangrijk,
want als we een paar minuten niet ademen overlijden we.
Zuurstof komt via de longen in ons bloed terecht. Het bloed brengt het
zuurstof naar alle organen en spieren in het lichaam. Om te bewegen
hebben uw spieren extra zuurstof nodig. Als u uw spieren gaat gebruiken,
gaat u sneller en dieper ademhalen, uw hart gaat sneller kloppen om
meer bloed naar uw spieren en organen te kunnen brengen.
Op deze manier traint u uw longen, hart, bloedvaten en spieren.
Ze moeten extra hard werken en krijgen extra zuurstof. Hierdoor houdt
u ze in conditie. Als u dit regelmatig doet wordt uw conditie steeds beter.
U kunt steeds langer bewegen zonder moe te worden.
• Omdat bewegen goed is voor uw longen, hart, bloedvaten en spieren,
heeft het veel extra goede effecten. Uw cholesterolgehalte en bloeddruk
zullen dalen. U zult zich minder gestresst voelen en beter gaan slapen.
Bovendien is bewegen een belangrijk hulpmiddel bij afvallen.
• Bewegen heeft een positief effect op diabetes. Bij mensen die
regelmatig bewegen werkt de insuline beter. Als u regelmatig gaat bewegen zullen uw medicijnen beter gaan werken en uw bloedglucosegehalte
dalen.
Omdat door bewegen het bloed beter gaat stromen, krijgen ook de kleine
bloedvaatjes meer zuurstof en voeding. Dit helpt bij het voorkomen van
complicaties van diabetes. Bijvoorbeeld klachten aan uw ogen, voeten of
nieren.
• Bewegen zorgt voor stevige botten. Als u ouder wordt, worden uw botten
minder stevig. De kans dat u een been of heup breekt wordt daardoor
groter. Door te bewegen, blijven de botten veel langer stevig.
Toch is het niet altijd makkelijk om meer te gaan bewegen!
• Als u een langere tijd te weinig beweegt, gaat uw conditie achteruit. Uw
longen, hart en spieren zijn niet gewend om hard te werken. Als u dan
gaat bewegen, bent u snel buiten adem, gaat uw hart heel snel kloppen
en worden uw spieren moe en pijnlijk. Als u dat voelt heeft u geen zin
meer om te bewegen. Daarom is het belangrijk om heel langzaam te
beginnen met meer bewegen. Bijvoorbeeld met tien minuten per dag.
U moet uw lichaam langzaam laten wennen aan meer beweging. Dan
bouwt u langzaam uw conditie op.
Een deelneemster zie na afloop
van de cursus:
‘Ik heb er veel aan gehad, ik hoop
dat al je wensen uitkomen’
Hoeveel moet u nu precies bewegen?
Misschien denkt u nu dat u elke dag naar de sportschool moet om daar
een uur flink te gaan trainen. Dat is niet nodig. U bereikt al heel veel als u
elke dag een half uur beweegt. Dan bedoelen we niet sporten.
63
VIERDE BIJEENKOMST
Zorg ervoor dat uw familie u helpt om meer te gaan bewegen
• Meer bewegen kost tijd. Misschien moet uw familie eraan wennen dat u
af en toe tijd voor uzelf neemt. Misschien vinden ze het ook wel raar als u
opeens meer gaat bewegen; bijvoorbeeld dat u een eindje gaat wandelen
of meedoet aan "Nederland in beweging" op televisie. Vertel ze hoe
belangrijk het voor uw gezondheid is om meer te gaan bewegen. Vraag
hiervoor begrip en misschien doen ze wel mee. Want, bewegen is niet
alleen gezond voor mensen met diabetes, maar voor iedereen!
• Uw kinderen zullen u hulp aanbieden. Bijvoorbeeld in de huishouding of
misschien willen ze u wel altijd met de auto overal naartoe brengen. Vertel
uw kinderen dat het juist helpt als u even loopt of in beweging bent.
Met bewegen bedoelen we
• Dat u er behoorlijk van moet ademhalen
• Dat uw hart er sneller van gaat kloppen.
Het hoeft niet zo te zijn dat
• U buiten adem raakt, zodat u er niet meer bij kunt praten
• U lange tijd nodig heeft om bij te komen.
64
VIERDE BIJEENKOMST
Wat kunt u doen om een half uur per dag te bewegen?
• Zoals al eerder gezegd moet u langzaam beginnen om meer te gaan
bewegen. Zo voorkomt u blessures.
• U hoeft niet een half uur achter elkaar te bewegen. Als u drie keer per
dag tien minuten beweegt, is dat ook voldoende.
• Probeer het bewegen in uw normale leven in te bouwen, bijvoorbeeld:
- Doe boodschappen met de fiets of lopend en niet met de auto
- Breng uw kinderen lopend of met de fiets naar school
- Neem niet de lift of roltrap maar de trap
- Ga in plaats van bij vrienden iets drinken, samen een eindje wandelen
- Doe alles met wat meer inspanning: loop iets sneller de trap op en af of;
probeer met wat meer snelheid en kracht te stofzuigen, te dweilen en
schoon te maken
- Doe elke ochtend mee met het televisieprogramma
"Nederland in beweging"
- Maak met familie of vrienden een afspraak om een keer per week
samen een eind te gaan wandelen of fietsen
• Naast te zorgen voor meer beweging in uw dagelijkse leven, kunt u ook
gaan sporten. Denk hierbij aan zwemmen, fitness, dansen etc.
• Wilt u weten waar u kunt sporten? Kijk dan op de lijst met adressen van
bewegingsactiviteiten in Delfshaven, Noord, Feijenoord, Charlois.
Deze krijgt u aan het eind van de bijeenkomst.
Of kijk in de gemeentegids of het telefoonboek onder sportverenigingen
of zwembaden. Of loop eens binnen voor informatie.
Enkele tips voor bewegen zonder blessures
• Heeft u twijfels over uw gezondheid, overleg dan met uw arts of u meer
kunt gaan bewegen
• U kunt beter elke dag een beetje bewegen dan één of twee keer in de
week heel veel
• Zware inspanningen en oefeningen zijn niet per se nodig. Kiest u wel voor
meer intensieve sportbeoefening, vergeet dan niet de warming up vooraf
en de cooling down achteraf
• Blijf luisteren naar uw lichaam. Dat waarschuwt op tijd als u te ver dreigt
te gaan. Doe het rustig aan als u pijnlijke gewrichten of spieren heeft.
Deel het lijstje uit: wat kunt u doen om een half uur per dag te
bewegen?
• Laat de mensen op het lijstje drie manieren aankruisen hoe ze de
komende week meer gaan bewegen.
• Deel ook de lijst uit met adressen van bewegingsactiviteiten in
Delfshaven, Noord, Feijenoord, Charlois, GGD Rotterdam e.o. 2004.
Check doelstellingen
Controleer of de informatie van deze bijeenkomst goed is overgekomen:
• Waarom is het goed om een half uur te wandelen in een stevig tempo?
• Wat kunt u doen om een half uur per dag flink te bewegen?
65
Zeg dat je de volgende keer ingaat op therapietrouw en
medicijngebruik
TIP Tips voor de deelnemers
Bij de Nederlandse Hartstichting kunt u gratis brochures aanvragen over:
• Bewegen, eten, koken en roken. Bel hiervoor naar: (070) 315 56 22
• Informeer bij de Thuiszorg naar de cursus: "Sportief samen afvallen".
Laatste twintig minuten; samen bewegen
Doe met de hele groep mee met de videoband: Bewegen is gezond en
nog gezellig ook! Videoband van het NIGZ
Leer de deelnemers in ieder geval vier eenvoudige oefeningen.
VIERDE BIJEENKOMST
Opdracht voor de volgende bijeenkomst
• Probeer op drie verschillende manieren te zorgen voor meer beweging
gedurende de dag
• Neem alle medicijnen mee die u van de dokter moet slikken.
Extra informatie
66
VIERDE BIJEENKOMST
Vijfde bijeenkomst
Medicijngebruik en therapietrouw
TIP Tips ter voorbereiding
Medicijngebruik en therapietrouw!
• Laat de deelnemers vertellen of ze het moeilijk vinden elke dag hun
medicijnen te nemen
• Ga niet te veel in op de soorten medicijnen die de deelnemers gebruiken.
Deze vragen kunnen zij beter stellen aan hun dokter.
Te gebruiken materialen
• Bestel voor alle deelnemers een Diabetespaspoort in het Turks of
Marokkaans bij het Slotervaartziekenhuis (020) 512 55 66 of
www.diabetes-slotervaart.nl
• Of de DiaCard, een Nederlands medisch paspoort met veel handige
adviezen (0172) 44 94 94 of kijk op www.diacard.nl.
• Medicijndoos met vakjesindeling.
67
VIJFDE BIJEENKOMST
Diabetesverpleegkundige uitnodigen
• Nodig wanneer mogelijk voor deze bijeenkomst een diabetesverpleegkundige uit die vragen kan beantwoorden, het liefst in de
taal van de doelgroep.
Programmaoverzicht
Doelstellingen
• De deelnemers weten hoe ze hun medicijnen volgens voorschrift moeten
innemen
• De deelnemers weten waarom het belangrijk is altijd hun medicijnen in te
nemen.
Inleiding
• Vang de deelnemers op en heet ze welkom
• Vraag wat ze de afgelopen week hebben aangepast in hun voeding
• Vraag of het is gelukt elke dag een half uur te bewegen
• Stel de diabetesverpleegkundige voor en vertel wat ze komt doen
• Vertel kort wat je deze bijeenkomst gaat behandelen.
68
VIJFDE BIJEENKOMST
Programma
• Wat is therapietrouw?
• Waarom is het zo moeilijk om therapietrouw te zijn bij diabetes?
• Laat iedereen vertellen welke medicijnen ze gebruiken
• Laat iedereen vertellen waarom ze denken dat ze deze medicijnen
moeten gebruiken van hun arts
• Leg uit waarom therapietrouw bij diabetes belangrijk is
• Geef voorlichting over medicijngebruik (vergeet de griepprik niet)
• Hulp bij therapietrouw
• Hoe blijf je therapietrouw tijdens de vakantie en de Ramadan?
Check doelstellingen
Controleer of de informatie is overgekomen:
• Waarom is het belangrijk de medicijnen in te nemen, zoals de dokter
heeft voorgeschreven?
• Waarom is het ook belangrijk om regelmatig te eten?
Opdracht voor de volgende bijeenkomst
• Geen opdracht.
Inhoud
Wat is therapietrouw?
Het woord zegt het al: u bent trouw aan uw therapie. De therapie wordt u
voorgeschreven door uw arts.
Hij heeft u een recept meegegeven voor medicijnen en daarop aangegeven:
• Wanneer u uw tabletten moet nemen
• En hoeveel tabletten u moet slikken.
Als u zijn advies elke dag precies opvolgt, bent u therapietrouw.
Hetzelfde geldt bij het spuiten van insuline.
Voeding en bewegen
Maar er is meer. Met het op tijd slikken van uw medicijnen, bent u er niet.
U heeft ook adviezen gekregen over gezond eten en voldoende bewegen.
Therapietrouw betekent dat u ook deze adviezen opvolgt.
Maar vandaag praten we vooral over het nemen van uw medicijnen.
Samengevat
U doet het echt goed als u de adviezen van de dokter goed opvolgt,
wat betreft:
• Het nemen van uw medicijnen
• Uw voeding
• Uw dagelijkse beweging.
Laat de mensen vertellen welke medicijnen ze gebruiken.
Laat iedereen vertellen waarom ze denken dat ze deze medicijnen
moeten gebruiken van hun arts.
Laat de diabetesverpleegkundige hierop reageren.
69
VIJFDE BIJEENKOMST
Waarom is het zo moeilijk om therapietrouw te zijn bij diabetes?
Diabetes is een ziekte die nooit meer overgaat. U heeft het voor de rest
van uw leven.
U moet dus niet een week uw medicijnen slikken, maar de rest van uw
leven. Altijd. Ook als u op vakantie bent of als u ziek bent van iets anders,
bijvoorbeeld van de griep. Ook als u veel andere dingen aan uw hoofd
heeft, moet u gewoon uw medicijnen blijven nemen.
Altijd, elke dag, moet u uw medicijnen nemen.
Probeer het te zien als tandenpoetsen, dat doet u ook elke dag.
Waarom is therapietrouw bij mensen met diabetes
belangrijk?
Mensen met diabetes gebruiken:
• Tabletten voor hun diabetes
• En/of insuline
• En vaak ook nog tabletten om hun cholesterol te verlagen en hun
bloeddruk op peil te houden.
Al deze tabletten zijn belangrijk. De tabletten die u neemt voor uw diabetes
zorgen ervoor dat uw bloedglucosegehalte niet te hoog wordt. Want als u
vaak te veel glucose in uw bloed heeft, voelt u zich niet lekker. Ook kunnen
er beschadigingen aan uw hart, bloedvaten en zenuwen ontstaan.
70
Ook de medicijnen die u slikt tegen een te hoog cholesterol of een te
hoge bloeddruk, krijgt u om te voorkomen dat u iets aan uw hart of
bloedvaten krijgt. Ze zijn dus heel belangrijk.
VIJFDE BIJEENKOMST
Want hart- en vaatziekten zijn doodsoorzaak nummer 1 in Nederland.
Mensen met diabetes hebben een verhoogde kans op het ontstaan van
hart- en vaatziekten.
Tabletten voor diabetes
De tabletten die u neemt voor diabetes zorgen ervoor dat de insuline in
uw lichaam beter kan werken of dat er door het lichaam meer insuline
wordt aangemaakt. Hierdoor gaat het bloedglucosegehalte omlaag.
Insuline
Omdat diabetes type 2 een ziekte is die langzaam erger wordt, kan er een
moment komen waarop de tabletten niet meer genoeg werken. De mensen
worden dan overgezet op insuline. De insuline zorgt ervoor dat het bloedglucosegehalte omlaag gaat. Dit betekent dat de mensen zichzelf insuline
moeten gaan spuiten.
Er zijn verschillende soorten insuline.
De medicijnen die u krijgt voor diabetes, werken samen met uw voeding.
Daarom is het belangrijk om regelmatig te eten. En natuurlijk uw tabletten
op tijd in te nemen.
Extra aandacht voor de griepprik
Griep is voor jonge, gezonde mensen een vervelende, maar onschuldige
ziekte. Voor andere mensen kan griep wél ernstige gevolgen hebben.
Bijvoorbeeld voor mensen met diabetes.
De griepprik is een prik die u eind oktober, begin november kunt krijgen
bij uw huisarts. De griepprik beschermt u tegen het krijgen van griep.
Omdat u diabetes heeft kunt u een gratis griepprik krijgen.
Vraag ernaar bij uw huisarts of doktersassistente.
Wist u dat elke winter in Nederland gemiddeld 20.000 mensen in het
ziekenhuis worden opgenomen en 2.000 mensen doodgaan als gevolg
van de griep? Dit zijn meestal oudere mensen met minder afweer, of
mensen met diabetes, een hart-, long- of nierziekte.
Voor u is een jaarlijkse griepprik dus extra belangrijk!
De griepprik beschermt één winter tegen de griep
U moet dus elk jaar een nieuwe prik halen
De prik helpt alleen voordat u besmet bent met de griep
Bij iemand die de griep al heeft, helpt de griepprik niet meer
Dan moet u in bed gaan liggen en rusten totdat u beter bent.
Hulp bij therapietrouw
Om uw medicijnen in te kunnen nemen zoals de dokter bedoelt, moet u
wel weten hoe u de medicijnen moet gebruiken. Bijvoorbeeld:
• U neemt een slaappil ook niet ’s ochtends in, maar ’s avonds voor het
slapen gaan. Want overdag in slaap vallen is niet de bedoeling.
Laat u daarom duidelijk uitleggen hoe, wanneer en waarom u uw
medicijnen moet innemen.
In geval van tabletten kunt u vragen
• Moet ik ze innemen met water?
• Moet ik ze innemen voor het eten, zo ja hoeveel tijd voor het eten?
• Moet ik ze elke dag op een vast tijdstip innemen?
• Wat moet ik doen als ik ze vergeten ben?
• Kan ik door de medicijnen andere klachten krijgen?
VIJFDE BIJEENKOMST
•
•
•
•
•
71
In geval van insuline
• Wanneer moet ik spuiten?
• Hoe gebruik ik de insulinepen?
• Waar spuit ik?
• Kan ik altijd op dezelfde plek spuiten?
• Wat als ik pijn heb tijdens het spuiten?
• Wat moet ik doen als ik vergeten ben om te spuiten?
• Kan ik door insuline andere klachten krijgen?
Al deze vragen kunt u doorspreken met uw huisarts, uw diabetesverpleegkundige of de praktijkondersteuner die uw huisarts helpt.
Verstaat u geen Nederlands, vraag dan of er een allochtone zorgconsulent
in het centrum werkt, want zij spreekt uw taal. Zo niet vraag dan of ze een
tolk voor u willen regelen of breng iemand mee die wel Nederlands spreekt.
72
VIJFDE BIJEENKOMST
Vergeten
Soms weet u niet meer of u uw medicijnen al heeft genomen. Komt dit
vaak voor, koop dan een medicijndoos of weekdoos bij de apotheek. Met
behulp van zo’n doos ziet u altijd precies welke medicijnen u wel en welke
u nog niet heeft genomen.
Ziek zijn en therapietrouw
• Altijd doorgaan met medicijnen
Ook als u ziek bent, moet u doorgaan met het nemen van uw medicijnen.
Door koorts kan de glucose in uw bloed zelfs omhoog gaan en dan heeft u
juist extra medicijnen nodig.
• Vertel tegen elke arts die u behandelt dat u diabetes heeft
Vertel altijd aan elke arts of in elke apotheek dat u diabetes heeft en
daarvoor medicijnen gebruikt. Door het nemen van andere medicijnen
gaan de tabletten die u slikt voor uw diabetes soms anders werken.
Eén keer per jaar uitleg
Het is heel goed om al deze vragen één keer per jaar opnieuw te stellen
aan uw huisarts, diabetesverpleegkundige, doktersassistente of apotheker.
Ook als u al een paar jaar diabetes heeft!! Misschien zijn er wel nieuwe
ontwikkelingen!
Uw medicijnen werken niet?
Heeft u het gevoel dat uw medicijnen niet werken? Ga dan zo snel mogelijk
naar een arts maar stop nooit zelf met uw medicijnen.
U krijgt andere adviezen?
Soms zeggen uw familie, vrienden of bekenden dat u beter andere
medicijnen of kruiden kunt gebruiken voor uw diabetes. Als u dit wilt
proberen, stop dan nooit zo maar met het nemen van uw medicijnen.
Overleg dit altijd eerst met uw dokter.
‘Als je suikerziekte hebt moet je
dagelijks een bosje tijm in water koken
en in één keer helemaal opdrinken’
NIET WAAR
Laat nooit anderen uw bloedglucosemeter gebruiken
Heeft u een bloedglucosemeter? Laat dan nooit andere mensen met uw
meter meten. De meeste meters slaan al de gemeten glucosewaarden op
in het geheugen van de meter. Diabetesverpleegkundigen kijken vaak in
het geheugen van een bloedglucosemeter. Ze denken dan dat al de
glucosewaarden die ze zien van u zijn en dat is dan niet zo.
U kunt een teststrip maar één keer gebruiken
U kunt een teststrip maar één keer gebruiken. De tweede keer is de waarde
niet meer betrouwbaar.
Gebruik het naaldje van de prikpen maar één keer
Laat andere mensen nooit met hetzelfde naaldje prikken. Via het naaldje
kunnen allerlei ziekten worden doorgegeven. Ook voor uw eigen hygiëne is
het het beste een naaldje maar één keer te gebruiken. Bovendien wordt het
naaldje stomp als u het vaker gebruikt en dit doet pijn bij het prikken.
73
VIJFDE BIJEENKOMST
Zelfcontrole
U kunt zelf controleren of u te veel glucose in het bloed heeft zitten.
Hiervoor heeft u een bloedglucosemeter, een prikpen en glucosestrips
nodig.
Mensen die insuline gebruiken, kunnen gratis een bloedglucosemeter,
prikpen en strips krijgen. Vraag hiernaar bij uw huisarts, diabetesverpleegkundige of assistente.
Zij kunnen een briefje voor u uitschrijven.
(Bij de "extra info rmatie" van hoofdstuk 1 staat hoeveel het kost
als iemand zelf een bloedglucosemeter wil kopen).
Therapietrouw op vakantie?
Op vakantie is alles anders. Het weer, het eten, alles wat u wel en wat u
niet doet, de mensen om u heen. Het gebeurt dan vaak dat mensen hun
medicijnen niet innemen of vergeten. Dit is gevaarlijk.
Uw diabetes zal al wat ontregeld zijn, omdat de situatie anders is.
Als u dan ook nog stopt met uw medicijnen, kunt u te veel of te weinig
glucose in het bloed krijgen. Daar kunt u ernstig ziek van worden.
Het gebeurt best vaak dat mensen daarmee in het ziekenhuis
terechtkomen.
Stop daarom nooit met uw medicijnen. Ook niet tijdens uw vakantie.
Tijdens de vakantie wordt vaak veel en op wisselende tijden gegeten.
Hierdoor kan uw diabetes in de war raken.
Probeer op dezelfde tijdstippen te eten als in Nederland.
Ga niet opeens heel veel of heel weinig eten.
74
VIJFDE BIJEENKOMST
Neem voorzorgsmaatregelen
• Deel het medisch paspoort uit aan de deelnemers.
Met een medisch paspoort voorkomt u
problemen bij de douane.
Ook kan uw dokter of apotheek in het buitenland
dan precies zien welke medicijnen u gebruikt.
Zorg dat u deze altijd bij u draagt, tijdens het
reizen. Uw huisarts, dokterassistente of
diabetesverpleegkundige kunnen u helpen
bij het invullen van het medisch paspoort.
• Zorg dat u wat extra doosjes medicijnen
meeneemt, zodat u nog wat heeft als u uw medicijnen kwijtraken.
• Verdeel uw medicijnen tijdens het reizen over verschillende tassen.
Als u dan een tas verliest, bent u niet direct al uw medicijnen kwijt.
• Als u gaat vliegen, stop de medicijnen dan in de handbagage. Niet in de
koffers die u gaat inchecken. Want in de bagageruimte van een vliegtuig
kan het soms heel koud zijn, bovendien raken er wel eens koffers kwijt.
• Leg uw medicijnen niet in de brandende zon, maar bewaar ze altijd in de
schaduw. Insuline kan vier weken op kamertemperatuur worden bewaard.
Therapietrouw tijdens de Ramadan
Mensen met een chronische ziekte mogen niet vasten. U kunt voor elke
dag dat u niet vast, eten of geld geven aan arme mensen. Dit hoeft alleen
als u hiervoor geld heeft. Tijdens de Ramadan moet u net als altijd uw
medicijnen en voeding op tijd nemen.
U hoeft dus niet te vasten omdat u diabetes heeft.
Niet meedoen aan de Ramadan is beter voor uw gezondheid.
Wilt u toch vasten? Overleg dit dan altijd met uw dokter!
75
Opdracht voor de volgende bijeenkomst
• Geen opdracht.
VIJFDE BIJEENKOMST
Check doelstellingen
Controleer of de informatie is overgekomen:
• Waarom is het belangrijk de medicijnen in te nemen, zoals de dokter heeft
voorgeschreven?
• Waarom is het belangrijk om regelmatig te eten?
Extra informatie
76
VIJFDE BIJEENKOMST
Zesde bijeenkomst
Herhaling en afsluiting
TIP Tips ter voorbereiding
Vertel de mensen dat dit wel de laatste bijeenkomst is, maar dat het voor
hun een nieuw begin is. Een nieuw begin om goed om te gaan met hun
diabetes.
Benadruk dat ze dit niet alleen kunnen. Hierbij zullen ze de steun van
familie en vrienden nodig hebben. Adviseer ze om over hun diabetes te
blijven praten.
77
Attendeer de deelnemers op het bestaan van de Diabetesvereniging
Nederland; de patiëntenvereniging voor mensen met diabetes. Ze kunnen
hier lid van worden. Voor meer informatie kunnen ze bellen naar:
(033) 463 05 66.
Deel aan het eind van de bijeenkomst een overzicht uit waarop alle jaarcontroles staan. Deze kun je kopiëren uit het handboek (zie pag. 87)
Te gebruiken materialen
• Videofilm: Diabetes; de ziekte van de eeuw
van de DVN
verkrijgbaar in het Turks en Arabisch
duur 23 minuten
• Videofilm ‘Diabetes’ van het NIGZ (Turks)
ZESDE BIJEENKOMST
Stimuleer de mensen om contact met elkaar te houden. Misschien kunnen
ze met elkaar afspreken om bijvoorbeeld een keer per week samen te gaan
wandelen.
Programmaoverzicht
Doelstellingen
• De deelnemers kunnen uitleggen wat diabetes type 2 is
• De deelnemers kunnen vier punten opnoemen waarmee ze hun diabetes
positief kunnen beïnvloeden.
Inleiding
• Vang de deelnemers op en heet ze welkom
• Vertel dat de mensen volop de gelegenheid krijgen om vragen te stellen
• Zeg dat er aan het eind van de bijeenkomst ruimte is om telefoonnummers e.d. uit te wisselen.
78
ZESDE BIJEENKOMST
Programma
• Begin met de video: Diabetes; de ziekte van de eeuw
• Zeg dat je na het bekijken van de video, vragen zult stellen over de video
• Nabespreken van de video
• Wat doet insuline?
• Wat gebeurt er in het lichaam als iemand diabetes krijgt?
• Wat is het verschil tussen diabetes type 1 en type 2?
• Welke complicaties kunt u krijgen van diabetes?
• Waar moet u opletten bij het verzorgen van uw voeten?
• Waar let u op bij uw voeding?
• Waarom is bewegen belangrijk?
• Hoe gaat u om met adviezen over het gebruik van alternatieve kruiden
voor diabetes?
• Welke regels gelden er over diabetes en de Ramadan?
Afsluiting
• Vraag wat de mensen in de afgelopen bijeenkomsten geleerd hebben.
Zijn ze dingen anders gaan doen? Wat zijn hun ervaringen hiermee?
Doe dit eventueel aan de hand van de verschillende onderwerpen:
voeding, beweging en therapietrouw
• Attendeer mensen op bestaan van de patiëntenvereniging DVN
• Deel overzicht uit waarop de jaarcontroles staan
• Uitwisselen telefoonnummers. Stimuleer de mensen om bijvoorbeeld een
wandelgroepje te vormen.
Check doelstellingen
• Tot slot: vraag of de mensen nog vragen hebben
• Kan iemand uitleggen wat diabetes type 2 is?
• Noem vier manieren hoe u uw diabetes positief kunt beïnvloeden?
79
ZESDE BIJEENKOMST
Inhoud
Start na de inleiding de video: Diabetes, de ziekte van de eeuw
Zeg dat je de video na afloop wilt nabespreken
• Geef de mensen de gelegenheid vragen te stellen
• Laat de deelnemers vertellen of ze de situaties op de video herkennen.
Stel vragen naar aanleiding van de video. Behandel bij het
beantwoorden ervan ook de stof die in de eerste vijf bijeenkomsten
is besproken.
80
ZESDE BIJEENKOMST
• Wat doet insuline?
• Wat gebeurt er in het lichaam als iemand diabetes krijgt?
• Wat is het verschil tussen diabetes type 1 en type 2?
• Welke complicaties kunt u krijgen van diabetes?
• Waar moet u opletten bij het verzorgen van uw voeten?
• Waar let u bij uw voeding?
• Waarom is bewegen belangrijk?
• Hoe gaat u om met adviezen over het gebruik van alternatieve kruiden
voor diabetes?
• Welke regels gelden er over diabetes en de Ramadan?
Wat doet insuline?
Insuline is een hormoon dat in de alvleesklier wordt gemaakt.
Insuline zorgt ervoor dat de glucose uit het bloed in de cellen van onder
andere de spieren, hersenen en zenuwen kan.
Insuline werkt als een sleutel. Het opent als het ware de cellen in het
lichaam waardoor de glucose vanuit het bloed naar binnen kan.
Wat gebeurt er in het lichaam als iemand diabetes krijgt?
Bij iemand met diabetes maakt de alvleesklier geen of onvoldoende
insuline. Hierdoor kan de glucose niet naar de cellen in het lichaam worden
gebracht. In plaats daarvan blijft de glucose in het bloed.
Daarom krijgt u
• Te veel glucose in het bloed
• Gaat u heel veel plassen en krijgt u dorst
• Voelt u zich heel moe, omdat de cellen in uw lichaam geen of
onvoldoende glucose (energie) krijgen.
Andere klachten die u kunt krijgen zijn
• Droge mond en/of droge ogen
• Zwakte, slaperigheid
• Wazig zien
• Hardnekkige infecties, bijvoorbeeld puisten of (vaginale)
schimmelinfecties
• Vermageren
• Jeuk
• Verstopping
• Zweten.
81
Diabetes type 1
• De alvleesklier maakt geen insuline meer
• Mensen moeten altijd insuline spuiten
• Ontstaat meestal op jongere leeftijd.
Bij mensen met diabetes type 1 maakt de alvleesklier helemaal geen
insuline meer. Hierdoor kan de glucose uit het bloed niet naar de cellen in
het lichaam. Daarom moeten mensen met diabetes type 1 zichzelf elke
dag een paar keer insuline spuiten. Doen ze dit niet, dan gaan ze dood.
Het is niet precies bekend waarom iemand diabetes type 1 krijgt. Meestal
ontstaat dit type diabetes op jongere leeftijd. Diabetes type 1 wordt meestal
vrij snel ontdekt omdat iemand hele duidelijke klachten heeft als: veel dorst,
veel plassen, heel erg moe en afvallen.
Diabetes type 2
• Lichaam wordt minder gevoelig voor insuline
• De alvleesklier maakt te weinig insuline
• Wordt behandeld met dieet en tabletten en na verloop van tijd misschien
met insuline
• Ontstaat vaak op latere leeftijd.
ZESDE BIJEENKOMST
Wat is het verschil tussen diabetes type 1 en type 2?
Diabetes type 2 ontstaat veel langzamer dan diabetes type 1. Daarom
duurt het vaak lang voordat het ontdekt wordt. Bij diabetes type 2 kunnen
er twee dingen niet goed zijn met de insuline en glucoseopname.
Zo kan het zijn dat de alvleesklier nog wel voldoende insuline maakt, maar
dat de glucose niet meer goed wordt opgenomen in de cellen van het
lichaam. Dit komt omdat de cellen minder gevoelig zijn voor insuline.
De sleuteltjes krijgen de cellen als het ware niet meer open. Dit komt vooral
voor bij mensen met overgewicht.
De tweede oorzaak voor diabetes type 2 kan zijn dat de alvleesklier
niet meer voldoende insuline produceert. Er zijn als het ware te weinig
sleuteltjes die ervoor zorgen dat de glucose in de cellen van het lichaam
wordt toegelaten.
Welke complicaties kunt u krijgen van diabetes?
82
ZESDE BIJEENKOMST
Iemand met diabetes heeft vaak te veel suiker in het bloed, ook wel hoge
bloedglucosewaarden genoemd. Deze hoge bloedglucosewaarden zijn
slecht voor de bloedvaten. Ze beschadigen de wanden van de bloedvaten.
Ook kunnen ze de kleine bloedvaatjes in bijvoorbeeld de voeten of ogen
kapotmaken.
Complicaties aan de ogen
• In het begin merkt u er niets van
• Vraag of uw arts uw ogen één keer per jaar controleert.
In de ogen zitten veel kleine bloedvaatjes. Deze kunnen als gevolg van
diabetes en/of hoge bloeddruk kapot gaan. Hierdoor gaat u slechter zien.
Heel vervelend hierbij is dat u er vaak niets van merkt, totdat het te laat is.
Daarom is het verstandig uw ogen om de één of twee jaar te laten
controleren door een oogarts. Als uw huisarts er niet aan denkt, herinner
hem er dan zelf aan.
Complicaties aan de nieren
• In het begin merkt u er niets van
• Vraag of uw arts uw nieren één keer per jaar controleert.
U heeft twee nieren. Ze liggen achterin uw rug. In de nieren zitten heel veel
kleine bloedvaatjes. Deze kunnen door diabetes en/of hoge bloeddruk
beschadigd raken. Het gevolg hiervan is dat de afvalstoffen niet meer
worden afgevoerd, ze blijven dus in het lichaam zitten.
Bij niercomplicaties geldt hetzelfde als bij oogcomplicaties, u merkt er
eigenlijk niets van totdat het te laat is. Zorg er dus voor dat dit één keer
per jaar gecontroleerd wordt.
Complicaties aan de zenuwen
• Geeft u een doof, tintelend of gevoel van pijn in benen en voeten.
Met uw zenuwen kunt u voelen. De zenuwen krijgen voedingstoffen en
zuurstof van de bloedvaten. Diabetes kan de bloedvaten beschadigen.
Deze kunnen dan niet meer genoeg voeding en zuurstof naar de zenuwen
brengen. Dit heeft tot gevolg dat u niet meer goed voelt, of dat u een
doof gevoel krijgt meestal in uw benen of voeten. Andere mensen krijgen
tintelingen of pijnklachten in de voeten of benen. Soms hebben mensen
last van krachtverlies in de benen.
83
Door diabetes kunnen mensen het gevoel in hun voeten verliezen.
Ze voelen geen pijn meer en wondjes genezen slecht. Dit komt omdat
de bloedvaten en zenuwen zijn aangetast. Door goed voor uw voeten te
zorgen kunt u amputaties van tenen, voeten of onderbenen vermijden.
Laat daarnaast ook één keer per jaar uw bloeddruk en cholesterol
controleren.
Waar let u op bij goede voetzorg?
• Als u niet meer goed voelt met uw voeten, loop dan niet op blote voeten.
De kans dat u ongemerkt met uw voet ergens in stapt is te groot.
• Draag nooit te kleine schoenen, vermijd hoge hakken en koop geen
schoenen waarin uw voeten gaan zweten
• Controleer een paar keer per week of er geen wondjes, kloofjes of blaren
aan uw voeten zitten. Met een spiegeltje kunt u makkelijk onder de voeten
kijken. Controleer ook tussen de tenen.
ZESDE BIJEENKOMST
Complicaties aan de voeten
• Wondjes genezen slecht
• U voelt geen pijn meer in de voeten
• Zorg ervoor dat er één keer per jaar door een deskundige, naar uw
voeten wordt gekeken.
• Gebruik geen middeltjes tegen eelt of likdoorns. Doe er zelf niets aan.
Er zijn pedicures die een speciale opleiding hebben om de voeten van
mensen met diabetes te behandelen
• Knip de nagels recht af
• Zorg voor een goede hygiëne. Maak uw voeten dagelijks schoon met
babyzeep. Droog goed af tussen de tenen. Als de huid droog is kunt u
eventueel babyolie of zalf gebruiken (niet tussen de tenen).
• Als u wondjes heeft aan uw voeten, pas dan heel goed op als u
henna-producten gebruikt
• Gebruik geen kruik bij koude voeten, de kans dat u zich brandt is te
groot. Draag liever dikke sokken.
Ga bij twijfel of als u iets vreemds ziet direct naar de dokter!
Hiermee kunt u veel problemen voorkomen, zoals bijvoorbeeld
amputaties van tenen of voeten.
84
Waar let u op bij uw voeding?
ZESDE BIJEENKOMST
Bij meer dan de helft van de mensen is diabetes type 2 een direct gevolg
van overgewicht. Overgewicht is slecht voor uw diabetes maar verhoogt
ook uw kans om iets te krijgen aan uw hart of bloedvaten.
• Voor uw diabetes is het belangrijk om overgewicht te voorkomen
• Als u te zwaar bent moet u afvallen
• Er zijn geen voedingsproducten die verboden zijn. U moet gewoon
gezond eten.
‘Als je afvalt,
verlies je kracht’
NIET WAAR
Hoe ziet een gezonde voeding eruit?
• Eet gevarieerd. Alle voedingsstoffen bevatten andere vitamines en
mineralen. Om te zorgen dat u van alles voldoende binnenkrijgt is het
belangrijk om veel verschillende voedingsmiddelen te gebruiken.
• Wees voorzichtig met vet. Als u te veel vette producten eet wordt u dik.
Er zijn slechte en goede vetten. De slechte vetten zijn slecht voor uw hart
en bloedvaten. Dit zijn de zogenaamde verzadigde vetten. Kies daarom
voor producten met minder verzadigd vet. Bijvoorbeeld magere of halfvolle
melk, dieetmargarine, 30+ kaas, mager vlees. Vloeibare vetten, zoals olie,
zijn beter dan vaste vetten, zoals boter. Sommige producten bevatten veel
vet zonder dat u dat ziet. Voorbeelden hiervan zijn: bladerdeeg, worst, en
chips, maar ook koekjes en gebak.
• Wees zuinig met zout. Te veel zout is slecht voor de bloeddruk.
Gebruik daarom niet veel zout. Breng uw eten liever op smaak met
andere kruiden.
• Eet voldoende brood, rijst en aardappelen. Deze producten geven u
energie. Kies het liefst voor bruin brood, roggebrood en zilvervliesrijst.
• Eet twee keer per week vis.
• Drink dagelijks anderhalve liter vocht (zeven kopjes of glazen)
Drink het liefst veel water want vruchtendranken, frisdranken en koffie
met suiker en melk zijn dikmakers.
• Eet regelmatig en op vaste tijden: drie hoofdmaaltijden en drie of vier
tussendoortjes. Zo voorkomt u hongerige momenten.
85
ZESDE BIJEENKOMST
• Eet voldoende fruit en groenten. In fruit en groenten zitten veel vitamines en mineralen. Eet daarom elke dag twee stuks fruit en tweehonderd
gram groenten (ongeveer vier opscheplepels).
Waarom is bewegen belangrijk?
Zoals u inmiddels weet is bewegen niet alleen belangrijk:
Bewegen moet!
Waarom?
• Bewegen helpt bij het voorkomen van overgewicht
• Bewegen maakt uw lichaam weer gevoeliger voor insuline
• Bewegen helpt bij het voorkomen van hoge bloeddruk en een te hoog
cholesterol.
86
ZESDE BIJEENKOMST
Hoeveel moet u nu precies bewegen?
Misschien denkt u nu dat u elke dag naar de
sportschool moet om daar een uur flink te
gaan trainen. Dit is niet nodig. U bereikt al
heel veel als u elke dag een half uur
beweegt. Dan bedoelen we niet sporten,
maar een beetje zweten is wel goed.
Met bewegen bedoelen we:
• Dat u er behoorlijk van moet ademhalen
• Dat uw hart er sneller van gaat kloppen.
Het hoeft niet zo te zijn dat:
• U buiten adem raakt, zodat u er niet meer bij kunt praten
• U lange tijd nodig heeft om bij te komen.
Wat kunt u doen om een half uur per dag te bewegen?
• Zoals al eerder gezegd moet u langzaam beginnen om meer te gaan
bewegen. Zo voorkomt u blessures
• U hoeft niet een half uur achter elkaar te bewegen. Als u drie keer per
dag tien minuten beweegt, is dat ook voldoende
• Probeer het bewegen in uw normale leven in te bouwen, bijvoorbeeld:
- Doe boodschappen met de fiets of lopend en niet met de auto
- Breng uw kinderen lopend of met de fiets naar school
- Neem niet de lift of roltrap maar de trap
- Ga in plaats van bij vrienden iets drinken, samen een eindje wandelen
- Doe alles met wat meer inspanning: loop iets sneller de trap op en af,
of probeer met wat meer snelheid en kracht te stofzuigen, te dweilen en
schoon te maken
- Doe elke ochtend mee met het televisieprogramma
"Nederland in beweging"
- Maak met familie of vrienden een afspraak om een keer per week
samen een eind te gaan wandelen of fietsen.
• Naast te zorgen voor meer beweging in uw dagelijkse leven, kunt u ook
gaan sporten. Denk hierbij aan zwemmen, fitness, dansen etc.
• Wilt u weten waar u kunt sporten? Kijk dan op de lijst met adressen van
bewegingsactiviteiten in Delfshaven, Noord, Feijenoord, Charlois.
Of kijk in de gemeentegids of het telefoonboek onder sportverenigingen
of zwembaden. Of loop eens binnen voor informatie.
Hoe gaat u om met adviezen over het gebruik van alternatieve
kruiden voor diabetes?
Soms zeggen uw familie, vrienden of bekenden dat u beter andere
medicijnen of kruiden kunt gebruiken voor uw diabetes. Als u dit wilt
proberen, stop dan nooit zo maar met het nemen van uw medicijnen.
Overleg dit altijd eerst met uw dokter.
Ziek zijn en vasten?
Voor alle mensen geldt: als de mogelijkheid bestaat dat de ziekte verergert
door het vasten of door het niet innemen van de medicatie is het - eigenlijk
voor een moslim verboden om te vasten. U bepaalt zelf, eventueel in overleg met de arts of de Imam, of u wilt vasten.
Heeft u een ziekte die overgaat?
Alle dagen dat men niet kan vasten haalt men in op een ander tijdstip.
Bijvoorbeeld als u een buikgriep krijgt tijdens de Ramadan.
Heeft u een chronische ziekte zoals diabetes?
Mensen met een chronisch ziekte mogen niet vasten. Ze kunnen voor elke
dag dat zij niet vasten, als ze hiervoor voldoende geld hebben, eten of geld
geven aan een arm iemand.
U hoeft dus niet te vasten omdat u diabetes heeft.
Niet meedoen aan de Ramadan is beter voor uw gezondheid.
Wilt u toch vasten? Overleg dit dan altijd met uw dokter!
ZESDE BIJEENKOMST
Mensen met diabetes mogen niet vasten tijdens de Ramadan!!
87
Overzicht jaarcontroles voor mensen met diabetes type 2
Hieronder staat een overzicht met de controles die mensen met diabetes
type 2 elk jaar moeten laten doen. Dit is het landelijke advies.
Het kan zijn dat uw arts of diabetesverpleegkundige u meer of juist minder
controles laat ondergaan. Dit kan te maken hebben met uw persoonlijke
situatie.
Heeft u vragen of twijfels?
Bespreek dit lijstje dan met uw arts of diabetesverpleegkundige.
Overzicht jaarcontroles
88
wat
door wie
hoe vaak
hoe
bloedglucose arts
4 x per jaar bloedglucosemeter
diabetesverpleegkundige
bloedonderzoek
ZESDE BIJEENKOMST
gewicht
arts
4 x per jaar weegschaal
diabetesverpleegkundige
of diëtist
voeding en
dieet
arts
diëtist
bloeddruk
arts
4 x per jaar bloeddrukmeter
diabetesverpleegkundige
cholesterol,
vet
arts
jaarlijks
diabetesverpleegkundige
bloedonderzoek
ogen
oogarts
jaarlijks
verwijzen door arts
nierfunctie
internist
jaarlijks
verwijzen door arts
voeten
arts
4 x per jaar
diabetesverpleegkundige
podoloog
2 x per jaar dieetlijst, gesprek
Afsluiting
• Vraag wat de mensen in de afgelopen bijeenkomsten geleerd hebben.
Zijn ze dingen anders gaan doen? Wat zijn hun ervaringen hiermee?
Doe dit eventueel aan de hand van de verschillende onderwerpen:
voeding, beweging en therapietrouw.
• Attendeer de deelnemers op het bestaan van de Diabetesvereniging
Nederland (DVN); de patiëntenvereniging voor mensen van diabetes.
Ze kunnen hier lid van worden. Voor meer informatie kunnen ze bellen
naar: (033) 463 05 66. Lidmaatschap kost € 39,50 per jaar. Hiervoor
ontvangen ze elf keer per jaar het blad Diabc en veel andere informatie.
Ook kunnen ze deelnemen aan allerlei activiteiten die worden georganiseerd door de patiëntenvereniging.
• Vraag of iemand nog vragen heeft
89
• Kunnen jullie vier punten opnoemen waarmee jullie diabetes positief
kunnen beïnvloeden?
• Geef mensen de gelegenheid telefoonnummer e.d. uit te wisselen
• Stimuleer mensen om een wandel- of fietsgroepje te vormen
• Deel overzicht uit met jaarcontroles voor mensen met diabetes type 2
• Bedank iedereen voor hun deelname en wens ze veel sterkte in de
toekomst
• Noteer je telefoonnummer op het bord of flipover en zeg dat ze altijd
contact kunnen opnemen als ze vragen hebben.
ZESDE BIJEENKOMST
• Kan iedereen nu uitleggen wat diabetes type 2 is?
Extra informatie
90
ZESDE BIJEENKOMST
Lijst met telefoonnummers
en websites
Bloedsuiker
Diabetes Fonds
(0575) 58 29 50
www.bloedsuiker.nl
Kwartaalblad voor mensen met diabetes.
Gratis mee te nemen bij apotheek of diabetespoli.
Een abonnement kost € 4,80 per jaar.
(033) 462 20 55
www.diabetesfonds.nl
Het Diabetes Fonds financiert onderzoek op het
gebied van diabetes. Ze organiseren elk jaar een
collecte in november om geld in te zamelen en
hebben daarnaast ook vaste donateurs.
91
GGD Rotterdam
en omstreken
(033) 463 05 66
www.dvn.nl
Patiëntenvereniging voor mensen met diabetes.
Lidmaatschap kost € 39,60 per jaar. Hiervoor
ontvangt u onder andere voorlichtingsmateriaal,
uitnodigingen voor voorlichtingsbijeenkomsten en
elf keer per jaar het tijdschrift Diabc.
(010) 433 99 66 (gezondheidslijn)
www.ggd.rotterdam.nl
Nederlandse Diabetes
Federatie (NDF)
(033) 448 08 45
www.diabetesfederatie.nl
Een organisatie waarin artsen, wetenschappers
en patiënten zijn vertegenwoordigd. Ze streven
gezamenlijk naar een betere diabeteszorg.
TELEFOONNUMMERS EN WEBSITES
Diabetesvereniging
Nederland (DVN)
Nederlandse
Hartstichting
0900 3000 300 (lokaal tarief)
www.hartstichting.nl
De Nederlandse Hartstichting is actief betrokken
bij de ontwikkeling op het gebied van de bestrijding
van hart- en vaatziekten.
NIGZ
(0348) 43 76 00
www.nigz.nl
Het NIGZ (Nationaal Instituut voor
Gezondheidsbevordering en Ziektepreventie)
maakt programma's waarmee gezond gedrag en
een gezonde omgeving worden bevorderd.
Ze bieden gezondheidsprofessionals praktische
ondersteuning in de vorm van informatievoorziening, training, voorlichtingsmethodieken en
-materialen, advisering en coaching.
Stivoro
0900 9390 (€ 0,10 p.m.)
www.stivoro.nl
Nationale organisatie voor voorlichting over de
gezondheidsrisico’s van roken. Hier kun je ook
folders bestellen.
Voedingscentrum
(070) 306 88 88
www.voedingscentrum.nl
Een onafhankelijke, door de overheid gefinancierde organisatie, die de Nederlandse bevolking
adviseert over voeding. Hier is veel foldermateriaal
verkrijgbaar.
92
TELEFOONNUMMERS EN WEBSITES
Literatuurlijst, bronvermeldingen
Lesmodule Patiëntenvoorlichting Diabetes, Uitgave NIGZ 2001
Zorgboek Diabetes, Stichting September, 2002
Tijdschrift de Diabetesspecialist, oktober 2003 jaargang 2
Thema Diabeteszorg Allochtone Nederlanders
Basisteksten Turks/Nederlandse Diaserie "Wat is Diabetes Mellitus?",
NIGZ, GGD Rotterdam e.o. 1998
Diabetes Groepsvoorlichting "ruimte voor een allochtone aanpak",
Hetty Bloemen, Güler Temür, Makbule Akça, September 2003
GGD Rotterdam e.o
93
Basis Cursus Leven met Diabetes, Diabetesvereniging Nederland
Lijst met adressen van bewegingsactiviteiten in Delfshaven, Noord,
Feijenoord, Charlois, Sanne Bette, GGD Rotterdam e.o. 2004
Zorgconsulenten in de Transmurale Diabeteszorg. "Kans van Slagen?"
Conny Seeleman, Tine de Hoop, GGD Rotterdam e.o. 2004
"Voeding bij diabetes mellitus", dieetbegeleiding van Turkse, Marokkaanse
en Hindostaanse bevolkingsgroepen, F.S. Malki, J.J.C. Nieuwelink, M.J.A.
Traa, L.A. Waterval, Bohn Stafleu van Loghum, 2005
Bloedsuiker, www.bloedsuiker.nl
Nederlandse Hartstichting, www.hartstichting.nl
Rijksinstituut voor volksgezondheid en milieu, www.rivm.nl/nationaalkompas
Voedingscentrum Den Haag, www.voedingscentrum.nl
LITERATUUR, BRONVERMELDINGEN
Cursus Gezond Leven met Diabetes, Thuiszorg Rotterdam 2002
Omgaan met
diabetes in zes
bijeenkomsten

Vergelijkbare documenten

31. boekje diabetisch 20 februari 2016

31. boekje diabetisch 20 februari 2016 • Dorst en veel drinken (meer dan 1,5 tot 2 liter per dag) • Vaak en veel plassen • Vermoeidheid • Droge mond • Zwakte, slaperigheid • Wazig zien • Hardnekkige infecties, bijvoorbeeld puisten of (v...

Nadere informatie