Vetabio info nummer 1

Commentaren

Transcriptie

Vetabio info nummer 1


NEGEN PARTNERS VOOR EEN GRENSOVERSCHRIJDEND PROJECT

Autonome eiwitvoorziening binnen de Europese grenzen vormt vaak een onderwerp in de landbouwpers van
zodra de prijs van grondstoffen of brandstof de hoogte in gaat. Maar wat betekent dit op bedrijfsniveau? In biologische
landbouw vormt een autonome bedrijfsvoering de basis van een stabiel landbouwbedrijf, zowel voor gespecialiseerde
als gemengde bedrijven in veeteelt of akkerbouw.
Met de nieuwe Europese regelgeving die 100% bio voeder verplicht voor herkauwers wordt deze autonomie
nog belangrijker. Dit is echter niet altijd even gemakkelijk te verwezenlijken, vooral wanneer het er op aankomt te
beantwoorden aan de behoeftes van de veestapel met enkel dat wat de eigen percelen kunnen leveren. Niet enkel de
bedrijfsstructuur dient hieraan aangepast te worden, ook moet er met bodem- en klimaatsomstandigheden rekening
gehouden worden. Al deze factoren beïnvloeden de hoeveelheid en de kwaliteit van ruwvoeder wat het vaak noodzakelijk maakt om met krachtvoeder bepaalde tekorten in het rantsoen bij te passen. Hoewel deze voeders rijk aan eiwit
en/of energie belangryk zijn voor een evenwichtig rantsoen is hun economische rendabiliteit vrij onzeker.
In deze context is het van belang om samen na te denken over het opzetten van een coherent voedersysteem,
op bedrijfsniveau maar ook op sectorniveau. Het gaat er am vernieuwende oplossingen te zoeken die het mogelijk
maken een antwoord te bieden op de verschillende behoeftes wat betreft melkproductie rekening houdend met : de
bedrijfsstructuur, landbouwkundige mogelijkheden, zoötechnische behoeftes, marktvoorwaarden, …
Om dit te bekomen moet iedere speler meewerken aan een gezamenlijke strategie. Een eerste stap bestaat erin
-voor elke regio binnen dit project- de noden en problemen die de landbouwers te kennen geven te identificeren evenals
de oplossingen die de landbouwers reeds bedacht hebben om biologische melk op een autonome manier te produceren.
Het idee is dat elk bedrijf nadien over relevante oplossingen kan beschikken voor zijn eigen bedryfsvoering. Een tweede
stap is om via gericht onderzoek (nutritioneel, teelttechnisch, economisch, …) de oplossingen aangeboden door
landbouwers na te gaan en te bevestigen. Deze pistes moeten eenvoudig en herhaalbaar zijn om voor zoveel mogelijk
veetelers –zowel bio als conventionneel- van nut te kunnen zijn. Daarnaast zal samenwerking met akkerbouwers
noodzakelijk zijn om over voldoende hoeveelheden biologisch voeder te kunnen beschikken en te kunnen beantwoorden aan de behoeftes van het vee.
Dit ‘bio eiwit’ project op bedrijfsniveau en vervolgens op niveau van de drie grensoverschrijdende regio’s kan
de drijvende kracht vormen in de overweging een autonoom Europees biologisch landbouwsysteem te ontwikkelen.
Door de uitwisseling van praktijkervaring, landbouwtechnieken en wetenschappelijk onderzoek tussen de drie
partners wil VETABIO aan dit ambitieus doel werken.
VETABIO ‘Valorisation de l’Expérience Transfrontalière en Agriculture BIOlogique’ (Valorisatie grensover
schrijdende ervaring en kennis in de biologische landbouw) is een project dat werd ontwikkeld door negen Franse,
Vlaamse en Waalse partners in het kader van het Interreg IV-programma van de Europese Unie. Dit project loopt
van 2008 tot 2011 en is ontstaan als een vervolg op het VETAB project in het kader van het Interreg III-programma
van 2002 tot 2007. Dit eerste project had als doel biologische akkerbouw en groenteteelt voor de industrie te
ondersteunen.
VETABIO wil, in de context van een zich internationaliserende handel, de biologische groenteteelt verdiepen en
de reflectie over 100% bio voer bij herkauwers ondersteunen door in te zetten op grensoverschrijdende samenwerking.
Bij die samenwerking zal beroep gedaan worden op de ervaring van de landbouwers van de deelnemende regio’s
enerzijds en op de verscheidenheid aan kennis en expertise van de verschillende partners op vlak van biologische
landbouw anderzijds. Deze zal gevaloriseerd worden door het opbouwen van een netwerk tussen de landbouwers.
Het project is erop gericht om contact en uitwisseling tussen biologische producenten te stimuleren en op die
manier samenwerking te bevorderen. Het Interreg-gebied omvat een deel van de provincies West- en Oost-Vlaanderen, de provincies Namen en Henegouwen en de departementen Nord en Pas de Calais in Frankrijk.
A. Lecat – D. Jamar – B. Retailleau
Indien u interesse hebt in dit project kan u steeds contact opnemen met de verantwoordelijke van uw regio A.Lecat of B. Retailleau
(Frankrijk), E.Montignies of D.Jamar (Wallonië), A. Beeckman (Vlaanderen)
Het Vetabio project wordt gerealiseerd in het kader van het Interreg IV (Frankrijk-Wallonië-Vlaanderen)
programma met de financiële steun van de Europese Unie (EFRO) en:

"Interreg doet greunen vervagen"
FREDON is een professionele landbouwvereniging en heeft als missie te waken over, onderzoek te
voeren naar, te informeren en vorming en advies te bieden over ziekten, plagen en onkruiden.
Daarnaast is het hun missie geïntegrurde gewasbescherming te ontwikkelen en te bevorderen vanuit
het Studiecentrum voor Biologische en Geïntegreerde Bestrijding.
De acties die ondernomen worden richten zich op de voornaamste teelten in de regio : akkerbouw,
aardappelen, nijverheidsgewassen, groenteteelt, fruitteelt, sierteelt en groene ruimte.
FREDON biedt professionele ondersteuning binnen 6 grote domeinen nl. prospectie en uitroeiing van quarantaine ziekten
en organismen; organisatie van gezamenlijke bestrijding; natuur- en waterbeheer; professionele voorlichting;
proefveldwerking; ontwikkeling van alternatieve methodes.
FREDON, rue Becquerel - BP 74 - 62750 Loos-en-Gohelle- Frankrijk
Tel. : +33(0)3 21 08 62 90
E-mail : [email protected] - Website : www.fredon-npdc.com
Contact VETABIO : Sandrine Oste [email protected] en Odile Crépin [email protected]
De Chambre d’agriculture (De Landbouwkamer) is een openbare instelling met een professioneel
karakter die zowel teelttechnische als bedrijfseconomische en sociale aspecten behandelt. Ze heeft
een adviserende rol bij alle beslissingen betreffende landbouw en platteland. De Landbouwkamer is in
dienst van de overheid belast met de landbouw- en veeteeltvoorlichting. Elk departement en elke
regio (Regionale Landbouwkamer) heeft een landbouwkamer.
De Landbouwkamer is zowel woordvoerder als raadgever van de landbouw en het platteland. Ze
begeleidt landbouwers bij het uitvoeren van hun beroep en zorgt voor de verspreiding van zowel
teelttechnische als bedrijfseconomische informatie. Daarnaast coördineert ze projecten betreffende landbouw en
begeleidt samen met haar partners de acties op het veld.
CRA, Cité de l’agriculture, 56 Avenue Roger Salengro, 62223 Saint-Laurent-Blangy – Frankrijk
Tel: +33(0)3 21 52 48 36
Contact VETABIO : Alain Lecat 03 20 88 67 54 [email protected]
Pôle Légumes (PLRN) werd opgericht in 1981 en heeft een ruime ervaring in proefveldwerking. Dit
onderzoekscentrum is reeds 25 jaar gespecialiseerd in openluchtgroenten bestemd voor de
versmarkt. De proeven die in het centrum gevoerd worden hebben als doel het optimaliseren van
de teelttechnieken en introduceren van alternatieve teelttechnieken om productiemiddelen te
beperken.
Pôle Légumes legt elk jaar zowel rassenproeven als teelttechnische experimenten aan die zowel
biologische als conventionele landbouwers een teelttechnische referentie kan bieden.
Het proefcentrum van PLRN is rechtstreeks verbonden met het CTIFL (Centre Technique Interprofessionel des
Fruits et des Légumes) en andere Franse proefstations.
PLRN, 209,Route d'Estaires, 62840 Lorgies- Frankrijk
Tel.: +33(0)3 21 52 83 99
Contact VETABIO : Dominique Werbrouck [email protected]
Het Centre d’Essais Bio is een landbouwinstelling en is door de Waalse overheid erkend als “centre
pilote” voor biologische landbouw sinds 25 mei 2004. Het doel van het CEB is bevorderen en
ontwikkelen van de biologische landbouw in Wallonië. Vanuit het ‘Centre Pilote Bio’, voert CEB zijn
activiteiten uit in samenwerking met Bioforum, Les Bocages, Nature et Progrès en l’Union Nationale des
Agrobiologistes Belges (UNAB).
De missie van het proefcentrum is : coördinatie van de productieketen, uitvoeren van praktijkgericht onderzoek,
opstellen van demonstratieprojecten, omkadering van producenten zowel teelttechnisch als bedrijfseconomisch,
ontwikkeling van de sector door gerichte acties, vulgariseren van alle informatie omtrent biologische productie en in
het bijzonder van de resultaten van proeven uitgevoerd door het proefcentrum zelf, verbeteren van bestaande
technieken en van de productkwaliteit.
Centre d'Essais Bio
Rue du Bordia, 4 B-5030 Gembloux
Tel.: +32(0)81 62 50 36, Website: http://www.cebio.be
Contact VETABIO : Eddy Montignies [email protected]
CARAH is de vzw van de landbouwdienst van de provincie Henegouwen .
Het omvat een proef- en educatieve boerderij voor toegepast landbouwonderzoek, een analyse labo en
proefcentrum voor gespecialiseerde proeven betreffende landbouw, leefmilieu en voedingsmiddelen, en
biedt daarnaast ook boekhoudkundige ondersteuning en vorming en informatie.
CARAH staat ten dienste van bedrijven, land- en bosbouwbedrijven en particulieren.
Het onderzoekscentrum is verbonden aan de hoge school van Henegouwen.
Centre pour l'agronomie et l'agro-industrie de la province du Hainaut (CARAH)
Rue Paul Pastur 11, 7800 Ath
Tel : +32 (0) 68 26 46 32 - E-mail : [email protected]
Contact VETABIO : Jean Philippe Vercaigne [email protected]
Het Centre wallon de Recherches Agronomiques is een wetenschapsinstelling van de Waalse Overheid.
Ze stelt meer dan 520 mensen tewerk waaronder 150 wetenschappers – doctors in de
landbouwwetenschappen, ingenieurs en licenciaten. Het is gevestigd op 3 sites (Gembloux, Libramont
en Mussy-la-Ville), bezet ongeveer 300 ha bureau’s, laboratoria, serres, boomgaarden en proefvelden.
Het CRA-W werd geregionaliseerd in oktober 2002 en vormt sindsdien de enige publieke landbouw
onderzoeksinstelling van Wallonië.
Haar missies zijn: raadgeven bij zowel publieke als private beslissingen, ontwikkeling van rassen en productiesystemen aan
veranderende omgevingsfactoren, diversifiëren van producten en het gebruik ervan, verbeteren van hun concurrentiekracht
en van die van de bedrijven of producenten, bewaking van de voedselveiligheid rekening houdend met analyseresultaten,
bevorderen van de leefomgeving, bescherming van het milieu en duurzame productie.
De verschillende departementen van het Waals Landbouwinstituut hebben complementaire competenties en bestaan uit
een geheel van multidisciplinaire onderzoeksdomeinen die de belangrijkste land-, tuin- en bosbouw sectoren overkoepelen
evenals belangen van de agro-indsutrie en natuurbeheer.
Centre Wallon de Recherches Agronomiques - Section Systèmes Agricoles
Rue de Serpont 100 - 6800 Libramont
Tel : +32 (0) 61 23 10 10
Website : http://www.cra.wallonie.be - E-mail : [email protected]
Contact VETABIO - Daniel Jamar [email protected]
Het PCBT ( ‘Interprovinciaal Proefcentrum voor de Biologische Teelt’) heeft als doel teelttechnieken bij
biologische landbouw te verbeteren vanuit praktijkgestuurd onderzoek (zoals bemesting en
rassenkeuze) en door nieuwe technieken te introduceren (vb. mechanische onkruidbestrijding).
PCBT beschikt over een proefbedrijf van 12ha en bevindt zich op de site van POVLT (Provinciaal
Onderzoekscentrum voor Land- en Tuinbouw)
De werking van PCBT berust op drie peilers : initiatie en coördinatie van onderzoek betreffende
biologische landbouw in Vlaanderen, uitvoeren van vraaggericht onderzoek en publicatie van de resultaten hiervan.
Interprovinciaal Proefcentrum voor de Biologische Teelt
Iepersweg 87, 8800 Rumbeke
Tel : +32 (0) 51 27 32 00
Website : http://www.pcbt.be - E-mail : [email protected]
Contact VETABIO - Lieven Delanote [email protected]
PCG is reeds meer dan 25 jaar een praktijkgericht centrum voor onderzoek en voorlichting in
groenteteelt.
PCG richt zich tot gangbare en biologische telers. Er worden zowel proeven in open lucht als
onder beschutting uitgevoerd. De voornaamste doelstellingen van het proefcentrum zijn
kennisontwikkeling omtrent groenteteelt en verspreiding van deze kennis naar landbouwers. De
belangrijkste studiedomeinen zijn rassenkeuze, bemesting, plantbescherming en teelttechnieken.
Tegenwoordig wordt naast de productiviteit ook meer en meer de nadruk gelegd op de bescherming van het milieu en de
voedselveiligheid. In de biologische teeltwijze focust PCG uitsluitend op teelten onder beschutting. De belangrijkste
gangbare teelten zijn prei, kolen en bladgroenten in open lucht en bladgroenten onder glas.
PCG
Karreweg 6, 9770 Kruishoutem
Tel.: +32(0)9 381 86 86; Fax: +32(0)9 381 86 99
Website : www.proefcentrum-kruishoutem.be - E-mail : [email protected]
Contact VETABIO : Kurt Cornelissen [email protected]

Vergelijkbare documenten