Herfst in het Heidebos Fagne Wallonne Nationaal Park De

Commentaren

Transcriptie

Herfst in het Heidebos Fagne Wallonne Nationaal Park De
Landschap
Jaargang 5 - nummer 3 - 2015
Driemaandelijks tijdschrift van Landschap vzw. Verschijnt in februari, mei, augustus en november. Erkenning P 913043
Herfst in het Heidebos
Fagne Wallonne
N​ ationaal Park De Maasduinen
Lowland Photo Festival
NIEUW!
Swarovski Optik’s EL topverrekijkers
• Ergonomische draagriem
• Geïntegreerde objectiefbescherming
• Vernieuwd scherpstelsysteem
Verkrijgbaar in:
8x32, 10x32, 8,5x42, 10x42, 10x50 en 12x50
Natuurkijkers.be
Nederstraat 25, 9700 Oudenaarde
T +32 (0)55 61 33 13 . www.natuurkijkers.be . [email protected]
Foto Coudenys
dé Nikon specialist
© Foto: Yves Adams
w w w. f oto co u d e nys . b e
de webshop met al meer dan
80 jaar de beste winkelservice
Al meer dan 80 jaar staat Foto Coudenys voor
ervaring, kennis en de beste service. We zijn
gespecialiseerd in het Nikon PRO materiaal en
hebben dan ook steeds een ruime voorraad. We
staan altijd klaar om je te helpen het juiste ma-
teriaal te kiezen en de nodige uitleg te geven
bij het gebruik ervan. Geregeld organiseren we
workshops - bijvoorbeeld door onze ambassadeurs Yves Adams en Bart Heirweg - zodat je nog
meer uit je materiaal kan halen.
Koning Albertstraat 13, 8210 Veldegem (tussen Brugge en Torhout, vlakbij de kruising van E40 en E403, gratis parkeren voor de deur) | 050/27 74 38
COLOFON
Landschap is het driemaandelijkse
tijdschrift voor leden van Landschap
vzw.
VORMGEVING
www.ariekerrels.be
REDACTie
Aagje De Doncker & Jan Loos
Oplage
6 000 ex.
Coverfoto
Herfstblad - www.jeffreyvandaele.com
De lidmaatschapsbijdrage van
Landschap vzw bedraagt 22 euro
per jaar voor het hele gezin. Het
abonnement op Landschap is
inbegrepen. Lid worden kan door
overschrijving van 22 euro op
rekening BE70 0688 9316 6125
(BIC = GKCC BEBB) met vermelding
‘nieuw lid via Landschap’.
Verantwoordelijke uitgever
Jan Loos
p/a Landschap vzw
Doornstraat 29
BE-3370 Boutersem
+32(0)495-32 53 30
[email protected]
www.landschapvzw.be
www.facebook.com/landschapvzw
ondernemingsnummer
0837.482.657
COPYRIGHT
Niets uit deze uitgave mag
worden overgenomen zonder
voorafgaandelijke toestemming.
De vraag van 8 miljoen
Het is Shakespeare. De soap die zich sinds
enkele weken ontspint tussen een minister
en een cabaretier. Inmiddels kabbelt de verhaallijn zo stuitend verder dat ze schommelt
tussen tragedie en komedie. Voor wie enkele afleveringen moest missen: ‘good cop’ in
deze is cabaretier Wouter Deprez, ‘bad cop’ is
Vlaams minister van Leefmilieu Joke Schauvliege – overigens een rol waarvoor ze de afgelopen jaren almaar vaker gevraagd wordt.
Inzet is het bosbeleid in Vlaanderen. Correctie: het gebrek aan een duurzaam bosbeleid.
Dankzij het zoethoudertje van het boscompensatiefonds kan het. Afhankelijk van het
soort bos, maak je voor de kap 2 tot 4 euro
per vierkante meter over aan het boscompensatiefonds; het aldus gecreëerde budget
besteedt de Vlaamse Overheid aan de aankoop en bebossing van nieuwe gronden.
Hoe goed bedoeld ook, het verlies van natuur is altijd onherroepelijk. Ter compensatie
zelf een bos aanplanten is bijgevolg behoorlijk sarcastisch én pretentieus. Natuur laat
zich immers niet maken.
Het liep twee jaar geleden voor het eerst
spaak toen minister Schauvliege het transportbedrijf H. Essers de toelating gaf om in
Wilrijk het eeuwenoude Ferrarisbos te kappen wegens belofte van nieuw bedrijf en
bijhorende 250 jobs. Vandaag bespeur je er
noch bomen noch jobs. Dat het bedrijf er niet
zou komen, wist H. Essers al voor er gekapt
werd. Dat de kap uitgevoerd werd zonder de
juiste procedures te volgen, staat eveneens
vast. Oeps.
Maar wat als de ‘troostprijs’ van het boscompensatiefonds amper zoden aan de dijk blijkt
te brengen? Want hoewel er meer dan 8 miljoen euro in de ‘boskas’ steekt, loopt de bebossingsachterstand op tot maar liefst 1 300
hectare. Opnieuw vraagt de cabaretier tekst
en uitleg. De minister schermt met begroting
en Europese regelgeving die gebiedt dat het
fonds maar mag uitgeven wat het jaarlijks
aan middelen ontvangt. De minister van Begroting weerlegt dit; het fonds is niet geblokkeerd en de minister van Leefmilieu diende
nog geen dossier in. Oeps.
2015. De minister van Leefmilieu – of was het
Economie – wijzigt de bestemming van een
Genks natuurgebied, nochtans in handen
van de Vlaamse Overheid, naar bedrijvenzone waarop transportbedrijf H. Essers het
terrein kan kopen en opnieuw toestemming
krijgt om 11 hectare bos te doen sneuvelen.
Nochtans ligt er vlakbij 140 hectare bedrijventerrein van de voormalige Ford-fabriek vrij. De
cabaretier maakt de minister daarop attent.
De minister verkondigt in een duidingsprogramma dat ‘Limburg geen natuurlijk Bokrijk
mag worden’ en dat de cabaretier het dossier
niet kent; voor het ontplooien van zijn ‘watergebonden’ activiteiten heeft H. Essers immers
water nodig. De cabaretier neemt het dossier
nog eens grondig door en concludeert dat
het bedrijf geen water nodig heeft. Sterker
nog, op het terrein is geen water aanwezig.
Kabinet bekent de ‘verspreking’. Oeps.
‘Schuldvrij’ bossen kappen – nota bene in één
van de dunst beboste regio’s van Europa?
De cabaretier doet zijn verhaal op de openbare omroep. De minister stuurt daags nadien een persbericht de wereld in om de
openbare omroep te berispen omdat de cabaretier ‘gedurende tien minuten een heftige
persoonlijke aanval inzet op een minister van
de Vlaamse regering’. Oeps.
Beter zijn in boompjes opzetten dan in bossen beschermen, is één zaak. Als minister de
openbare omroep op de vingers tikken over
wat er op televisie verkondigd wordt door
een kritische en geëngageerde burger, een
andere. In één haal zowel persvrijheid als vrije
meningsuiting – onbetwiste hoekstenen van
de democratie – door het slijk halen; faut le
faire. Een kat in het nauw maakt rare sprongen... Of om het met Shakespeare te zeggen:
‘Verdenking achtervolgt de schuldige geest’.
Aagje De Doncker
IN DIT NUMMER | november 2015
Foto’s: Theo Bosboom (onderwaterbos), Dominik Ketz (Hoge Venen), Bob Luijks (Maasduinen) en Sam Mannaerts (paddo)
6
Het Waalse Veen
België heeft een groendak. Nabij het Signal
de Botrange, op de toppen van de Hoge
Venen, houdt de Fagne Wallonne als een
reusachtige veenspons het neerslagwater
vast. Uit haar dikke turfbodem ontspringen
de Helle en de Rur. Een indrukwekkend
oerlandschap waarin je gemakkelijk kunt
verdwalen.
20 Duinen van de Maas
Van Gennep tot Venlo, tussen de Maas en
de Duitse grens, strekt zich een haast aaneengesloten natuurlandschap uit. Golvende
heidevelden, uitgestrekte bossen, grote
zandverstuivingen en verstilde vennen zijn
de troeven van het Nationaal Park De Maasduinen. Ontdek de langste rivierduinengordel van Nederland!
30Bergerbos
De Maasduinen zijn zo gevarieerd dat we ze
onmogelijk in één nummer van LANDSCHAP
kunnen vatten. Als wandelgebied kozen we
het Bergerbos, het meest noordelijke deelgebied van het Nationaal Park. De panorama’s zijn er groots en grenzeloos!
38Heidebos
Heideveldjes, bossen, graslanden, een
Spaans fort… Het Heidebos heeft echt alles
in huis voor een gevarieerde wandeling in
elk seizoen. In het najaar kan je hier genieten
van een explosie van herfstkleuren én paddenstoelen.
52 De natuur in!
Herfst en winter, het uitgelezen seizoen
voor een flinke beversafari of een prachtige landschapswandeling met gids. En
ondertussen komt ook het Lowland Photo
Festival dichterbij!
6
Fagne Wallonne
Foto: Andrew George
Woest wandelen op
het dak van België
Het plateau van de Hoge Venen is één van de laatste oerlandschappen van
de Benelux. Een aaneengesloten, onherbergzaam gebied van honderden
vierkante kilometer echt ruige natuur, haast onbewoond. Eindeloze wouden,
doorsneden door prachtige beekdalen, worden slechts afgewisseld met uitgestrekte veenmoerassen. Het klimaat is hier ongewoon vochtig en koud, en
daardoor bikkelhard. Vanop de Botrange, het hoogste punt van België, maken we een wandeling rondom de Fagne Wallonne, één van de grote open
veengebieden op het hoogplateau.
LANDSCHAP
7
8
HOGE VENEN
tekst
foto’s kaart
Jan Loos
Olaf Op den Kamp
Andrew George
Bart Heirweg
Marijn Heuts
Dominik Ketz
Roelof Molenaar
Gerard Schouten
Chantal Deschepper
Fagne Wallonne
Het ‘signaal’ van Botrange
Het ‘Signal de Botrange’ is met 694 meter
boven zeeniveau het hoogste punt van
België. In 1804, tijdens het Napoleontische
regime, bouwde de Franse kapitein Joseph
Tranchot, commandant van een cartografische sectie van het leger, hier een houten
toren voor landmeetkundige metingen
met het oog op het ontwerp van stafkaarten. Een oude merkpaal uit 1807, de amper
80 cm hoge ‘Pyramide Tranchot’, is hier nog
steeds aanwezig. In 1899 werd de houten
toren van Tranchot door de Pruisische genie vervangen door een nieuwe houten
toren van 30 meter om de grens met België te bewaken. Deze omgeving was toen
immers Duits grondgebied.
Na de Eerste Wereldoorlog werden de
Duitstalige Oostkantons als oorlogsbuit
geannexeerd door België. Tot die tijd was
de grenspost Baraque Michel het hoogste
punt van België. Koning Albert I liet zijn
nieuwe grondgebied onmiddellijk opmeten. Om die landmetingswerken mogelijk
te maken, liet de militaire gouverneur en
koninklijke commissaris voor de Oostkantons baron Herman Baltia in 1923 op de
hoogste plek een 6 meter hoge constructie bouwen, bereikbaar via een trap. Bovenaan de trap die naar nergens leidt, sta
je op de ‘magische’ hoogte van exact 700
meter boven zeeniveau (Tweede Algemene Waterpassing). De trap is naar zijn
bedenker genoemd: de Butte Baltia.
Grauwe klauwier
Foto: Roelof Molenaar
Plankenpad
Foto: Dominik Ketz
In 1933 werd het huidige hoofdgebouw
met toren op de Botrange opgetrokken. Tegenwoordig heeft het Signal de
Botrange vooral een toeristische functie. Een enorm parkeerterrein en een
taverne vangen vele zomerse wandelaars en winters langlaufers op. Als de
horecazaak geopend is, kan je gratis de
24 meter hoge toren bezoeken.
De term ‘signaal’ verwijst eigenlijk eerder naar de oude landmeetkundige ijkpunten rondom het hoofdgebouw dan
naar de toren van het gebouw zelf.
Uniek uitkijkpunt
Aan de overkant van de straat bereik je al
na 150 meter een groot uitkijkplatform.
Hier heb je een panoramisch uitzicht over
een flink stuk van de Hoge Venen. Voor
je ligt de Fagne Wallonne, en meer naar
links – dat is richting noord – de Fagne
des Deux Séries. Ter hoogte van de Helle
gaan de twee reusachtige veengebieden
naadloos in elkaar over, om samen met
de Grande Fagne – rondom Baraque Michel – het grootste open veengebied van
de Hoge Venen te vormen.
Links in de verte zie je een ‘plooi’ in het
landschap, een lagergelegen vallei: daar
stroomt de Helle, die hier nog erg pril is.
Boven op het dak van België kan de bron
uiteraard niet ver af zijn; die ligt bij Baraque Michel, links achter ons. Dadelijk ga
je wandelen tot bij de Helle en haar dan
stroomafwaarts volgen tot aan de Pont
Marie-Anne Libert, de eerste brug over
het riviertje. Die ligt helemaal aan de andere kant van de Fagne Wallonne, op het
laagste punt. Van daar wandel je langs
de randen van het open veengebied
helemaal terug tot hier. Eigenlijk kan je
van hier dus al de hele route overzien. De
Fagne Wallonne is ongeveer 2,5 kilometer breed en 3 kilometer lang.
Nog even meegeven dat de Fagne Wallonne het laatste leefgebied is van het
korhoen in België. De toekomst van het
LANDSCHAP
9
10
LANDSCHAP
korhoen ziet er heel erg somber uit. Het
lijdt geen twijfel dat de vogel zowel in
België als Nederland al over enkele jaren
zal uitgestorven zijn. Héél erg jammer!
hand hebben, zijn de open veengebieden erg vatbaar voor brand. Ze worden
dan afgesloten voor het publiek en de
rode vlag wappert aan alle ingangen.
Vergeet niet te genieten, want je kijkt
naar één van de allermooiste landschappen van de Benelux. Rechtdoor in de
verte ligt Duitsland. Rechts in beeld – dat
is de richting zuid – zie je delen van het
(Belgische) militair domein van Elsenborn. Als je goed zoekt, kan je in deze
landschapspuzzel ook edelherten, reeën
en everzwijnen vinden, stipjes in een decor van 50 tinten bruin, grijs en groen.
Je zou denken dat in zo’n natte omgeving vuur weinig kanten op kan, maar
niets is minder waar! Veenbranden zijn
vaak moeilijk te bestrijden omdat het
vuur zich ondergronds in de turflaag
smeulend voortzet. De voorbije eeuwen werden de Hoge Venen talloze malen door vuur geteisterd. Soms bleven
branden maandenlang verder smeulen
tot in de winter, waarbij metersdikke
veenlagen – turf is brandstof – werden
opgebrand. De laatste grote veenbrand
dateert van 25 april 2011, toen samen
met heel wat veen en bomen ook alle
plankenpaden in het centrale grote
veengebied in de as werden gelegd.
Herfstbos
Foto: Marijn Heuts
Herfstbladeren
Oerlandschap
De Fagne Wallonne is een nog vrij oorspronkelijk deel van de Hoge Venen omdat het in tegenstelling tot andere gebieden nooit grootschalig is ontwaterd
en beplant met sparren. De bovenste
grondlagen bestaan uit turf, het resultaat
van eeuwenlange hoogveenvorming en
opeenstapeling van afgestorven veenmossen. Op sommige plaatsen heeft
de turflaag een dikte van ruim 5 meter
bereikt. Dat is het gevolg van meer dan
5 000 jaar veenvorming, want veenmos
groeit amper 1 millimeter per jaar...
Vóór de 15de eeuw was dit veengebied
eigendom van Bütgenbach, een dorp
op toenmalig Luxemburgs grondgebied. De eerste echte gebruikers van het
veen waren echter de mensen van Sourbrodt bij Robertville. Omdat ‘die van
Robertville’ Walen waren, noemden de
Duitssprekende Luxemburgers het veen
‘Wallonisches Venn’ of ‘Fagne Wallonne’.
Eeuwenlang gebruikten de inwoners
van Sourbrodt de Fagne Wallonne om
er hun vee te weiden en hooi te winnen.
Tot 1967 werd er ook turf gestoken.
Het veen brandt!
De vegetatie in het veen bestaat overwegend uit vlaktes van pijpenstrootje –
een dominant gras dat in pollen groeit
– met daartussen groepjes geoorde
wilgen, zwarte elzen en berken. Pijpenstrootje sterft maar traag af vanaf de
herfst. Als de oude pollen in de lentemaanden helemaal verdroogd zijn en
de nieuwe graspieken nog niet de over-
Typische veenvegetaties
In de Fagne Wallonne liggen 2 kleinere
loofbosjes, die luisteren naar de namen
Drello of Drèlo (links als je kijkt vanaf het
platform) en Petite Oneux (rechts als je
kijkt vanaf het platform). Oneux is afgeleid
van alnus, de Latijnse naam van de els.
Hoewel het gebied grotendeels uit vlaktes met pijpenstrootje bestaat, zijn er ook
andere vegetaties aanwezig. De Fagne
Wallonne omvat een stuk levend hoogveen met veenbies, gewone dophei,
lavendelhei en kleine veenbes. In natte
gedeelten van het gebied staat tussen
het pijpenstrootje ook veel éénarig wollegras dat zijn bloemen al in maart opent
en in mei zijn witte vruchtpluis laat zien.
Sporadisch staat er ook veenpluis.
De drogere delen zijn begroeid met
struikhei en 3 soorten bosbessen: blauwe bosbes, rode bosbes en rijsbes. De
blauwe bosbes draagt kleine blauwe
bessen met rood sap. Deze struik heeft
vrijwel geheel groene takken en verliest haar bladeren in het winterhalfjaar. De rode bosbes heeft rode bessen,
bruine takken en leerachtige bladeren
die ook in de winter blijven zitten. De
derde soort is de rijsbes; die heeft vrij
grote, wit bestoven blauwe bessen met
kleurloos sap, bruine takken en grote
Foto: Marijn Heuts
11
12
Het klimaat van de Hoge
Venen is behoorlijk
extreem. Overwegend
vochtig en mistig, en
in de winter bar koud.
Geen desolatere plek
in de hele Benelux!
‘Frozen’
Foto: Marijn Heuts
blauwgroene bladeren die in de winter
afvallen. Al deze bessen staan op het
menu van het zeldzame korhoen.
veen hangen in de trektijd vaak groepen
sijsjes rond. Een korhoen zien is moeilijk,
maar voorlopig kan het nog…
Bird alert
Klaar voor de wandeling!
Hoewel het gebied vrij monotoon oogt,
kan je hier toch bijzondere vogelsoorten
spotten. Klapekster en blauwe kiekendief overwinteren in het gebied. In het
voorjaar, vanaf maart, zingen tientallen
graspiepers in de eindeloze vlaktes met
pijpenstrootje, terwijl ook boompieper
en boomleeuwerik hun typische zang
en baltsvlucht demonstreren. Ook de
zeldzame grauwe klauwier broedt in
de randen van de Fagne Wallonne; hij
jaagt hier op grote insecten. Op zompige
plekken met hogere zegges zitten soms
rietgorzen. In de fijnsparren aan de rand
van het open veen mag je typische vogels van naaldbossen verwachten, onder
meer kruisbekken, goudhaantjes, vuurgoudhaantjes, zwarte mezen, kuifmezen
en goudvinken. In de elzenbosjes in het
Komende van het Signal de Botrange,
sla je aan het kijkplatform linksaf. Je
volgt de hele tijd de brandgang tussen
het bos links en de open veenvlakte
rechts. Waar plankenpaden liggen, zijn
die hier doorgaans in slechte staat. Af
en toe kronkelt het pad, maar je blijft
de bosrand volgen en loopt nergens
de venen in, want die behoren tot de
afgesloten zones. Absoluut verboden
toegang om de laatste korhoenders de
rust te gunnen die ze verdienen.
Rû des Waidages
Op een bepaald ogenblik kom je voorbij het infopaneel ‘Rû des Waidages’,
over een klein zijriviertje van de Helle
dat hier ontspringt. Vroeger vertrok
hier een plankenpad het veen in dat
LANDSCHAP
jou zou toegelaten hebben om een
hoekje af te snijden, maar dat pad is
definitief afgeschaft na de grote veenbrand van 2011. Ideaal: meer rust voor
de korhoenders, en jij mag een kilometer langer genieten vandaag!
De Helle als gids
Ja, je hebt de Helle gevonden! En dus
ook het plankenpad dat je dieper de
venen zal invoeren. Tenminste als je op
de aansluiting de richting rechts (oost)
neemt, zoniet sta je dadelijk bij Baraque Michel en dat is niet de bedoeling.
Even verderop slaat de brandgang links
de hoek om en zie je recht voor je een
nieuw plankenpad het veen in lopen.
Je volgt nu niet langer de bosrand
maar loopt het plankenpad op. Je blijft
eigenlijk gewoon rechtdoor lopen.
Van hier tot aan de Pont Marie-Anne Libert is de Helle jouw beste vriend. Verlies ze niet meer uit het oog en volg ze
stroomafwaarts, dan loopt deze wandeling op wieltjes.
Je loopt nu door het veengebied Les
Wés. Vanaf het late voorjaar staat hier
overal wollegras en veenpluis in bloei,
een prachtig beeld! Net voor het plankenpad aansluit op het plankenpad
langs de Helle dat van Baraque Michel
komt, moet je enkele tientallen meters
door een heel nat stukje, waarin je zelf
je weg moet zoeken. Iemand enig idee
wat hiervan de logica is?
De Helle is één van de meest markante
beken van de Hoge Venen; de Duitstalige meerderheid in de Oostkantons
noemt haar de Hill. Haar bron ligt in
het veengebied Les Potales bij Baraque
Michel, een eindje hogerop langs het
plankenpad. Omdat de Helle uitsluitend gevoed wordt met water uit een
zure, mineralenarme omgeving met
veel turf in de ondergrond, is het water
13
14
LANDSCHAP
weliswaar helder maar niettemin donker van kleur. De bruine of roodbruine
tint wordt veroorzaakt door microscopisch kleine onverteerde plantenresten
die erin opgelost zitten; die zijn overgebleven omdat er door gebrek aan
zuurstof in het veen geen vertering
plaatsvindt. Omwille van haar ‘donker
water’ wordt de Helle ook wel ‘de zwarte rivier’ genoemd. Planten, vissen en
andere waterdieren voelen zich maar
in zeer beperkte mate thuis in dit zure,
voedselarme milieu.
Noir Flohay
Terwijl je langzaam naar omlaag loopt
over het vlonderpad, mag je zeker niet
vergeten om af en toe eens stil te staan
en met volle teugen te genieten van
het prachtige landschap. Boven op de
heuvelkam links zie je een groepje verbrande naaldbomen. Dat is Noir Flohay,
zéér populair bij landschapsfotografen.
In 1852 werd deze drogere kam beplant
met dennen. Die bomen, zo bleek al
vlug, zijn echter niet geschikt voor deze
streek. In de winter hoopt de sneeuw
zich op in de kruinen. Takken breken
en de bomen groeien in allerlei grillige vormen. Hout zouden deze dennen nooit voortbrengen, maar de grillig gevormde stammen creëerden wel
een zeer markant, ietwat spookachtig
landschap. In 1968 woedde hier een
hevige brand zodat slechts een deel
van de spectaculaire bomen overbleef.
De naam Noir Flohay zou afgeleid zijn
van de Waalse woorden “neur” (noir) of
zwart en “flohe” (houppe) of kuif. Het
bos vormt inderdaad een donkere kuif
op de heuvelkam. In de winter, die hier
maanden langer duurt dan in de rest
van België, steken de zwart verbrande
stammen van de dennen schril af tegen
de witte sneeuw…
Ook de laatste grote veenbrand, die van
2011, heeft overal duidelijke sporen
nagelaten; her en der vind je groepjes
verbrande vliegdennen, terwijl je naast
en onder het nieuwe vlonderpad overal
de verkoolde resten ziet van het oude
plankenpad dat helemaal in vlammen
is opgegaan.
Eind mei staan hier nog de laatste narcissen en verspreide groepjes bosanemonen in bloei, terwijl die overal elders
in België en Nederland al lang zijn uitgebloeid. De lente is hier dan nog maar
pas begonnen, zo extreem is het klimaat op het hoogplateau!
Naarmate je verder langs de Helle
wandelt, wordt het plankenpad af en
toe al eens onderbroken door stukken
pad die je over rotsen en boomwortels
voeren, of nattere plekken in het veen
waar iemand vergeten is plankenpaden
te voorzien...
Pont Marie-Anne Libert
Na de doorsteek door de grote open
veengebieden wordt de vallei smaller
en bereik je de Pont Marie-Anne Libert,
het verste punt van deze wandeling. De
brug is genoemd naar een Waalse plantkundige die leefde van 1782 tot 1865. We
bevinden ons inmiddels op een hoogte
van 580 meter, 114 meter lager dan ons
vertrekpunt. Op deze plek nemen we afscheid van de Helle, die van hieruit lustig
verder kabbelt naar Herzogenhügel en
van daaruit dwars door het Hertogenwoud naar Eupen Unterstadt. Daar, na
een traject van 25 kilometer door veen
en bos, mondt de Helle uit in de Vesder,
Vesdre (Frans) of Wezer (Duits), die zich
op haar beurt in Chênée bij Luik in de
Ourthe zal gooien om vervolgens 3 km
verder al de Maas te bereiken.
Als je de brug oversteekt, kan je langs
de randen van de Fagne Wallonne helemaal terugwandelen naar het Signal
de Botrange. Eénmaal de brug over,
volg je een tijdlang de rood-witte markeringen van de GR. Even een fikse inspanning om de vallei van de Helle uit
te klimmen, en dan kom je weer in het
open veenlandschap. Al snel krijg je in
de verte, helemaal aan de overkant van
het veengebied, het Signal de Botrange
opnieuw in de gaten. Handig toch, zo’n
baken bovenop het allerhoogste punt,
al zal je er op mistige dagen weinig plezier aan beleven…
Je wandelt langs de rand van de open
vlakte, met aan je rechterkant de hele
Noir Flohay
Foto: Bart Heirweg
Raven
Foto: Marijn Heuts
15
16
In de Fagne Wallonne leven
de laatste korhoenders
van België. Een icoon dreigt
voorgoed te verdwijnen.
tijd de Fagne Wallonne en aan je linkerkant een groot naaldbos. Daarachter
ligt de Fagne de Cléfaye, maar die parel
bewaren we voor een volgend nummer
van LANDSCHAP.
Blijf je zo goed mogelijk de bosrand
volgen, dan bereik je uiteindelijk –
bijna in de hoek van het open veengebied – een kilometerlange, kaarsrechte
brandweg die je toelaat om rechtsaf te
slaan en vervolgens in rechte lijn naar
de overkant te lopen.
De bronnen van de Rur
Eerst gaat het door het veen omlaag, tot
bij een houten brug over een klein beekje. Dit is de prille bovenloop van de Rur,
Rour of Roer, naargelang je het in het
Duits, Frans of Nederlands wil. Of beter
gezegd: dit is één van de bronbeekjes
van de Rur, want een eind verderop –
van hieraf gaat het terug omhoog – zal
je nog twee andere ‘takken’ van de Rur
oversteken, die simpelweg met rioolbui-
zen onder de brandgang door gaan. Het
hele veengebied aan de rechterkant,
nog steeds onderdeel van de Fagne Wallonne, is dus het brongebied. De jonge
Rur meandert hier door een breed dal
waarin vooral geoorde wilgen groeien.
Dicht bij de beek zie je overal donkergroene bulten van haarmos.
Van hieruit kronkelt de Rur in zuidoostelijke richting door bos en veen naar
Sourbrodt en Bosfagne, om daar bij
het verlaten van het Herzogenvenn
haar zijbeekje La Petite Rour op te pikken. Vervolgens buigt de rivier naar het
noordoosten, richting het schilderachtig mooie Duitse grensstadje Monschau.
Daar aangekomen, is de Rur al aangezwollen tot een flinke rivier. Verderop in
de Duitse Eifel krijgt ze zelfs haar eigen
stuwdam met stuwmeer, de Rurtalsperre Schwammenauel bij Heimbach. Uiteindelijk zal haar internationale tocht
eindigen in het Nederlandse Roermond,
waar de Roer de Maas komt vervoegen.
LANDSCHAP
Je vervolgt je tocht langs de rand van
het veen. In de zompige laagtes groeien trekrus en pitrus. In juni en juli vliegt
hier de zilveren maan, een parelmoervlinder die zijn eieren afzet op moerasviooltje, de favoriete voedselplant van
zijn rupsen. De volwassen vlinder zoekt
nectar op kale jonkers, een distelsoort
die typisch is voor moerassige percelen. De naaldbossen aan de linkerkant
zijn vrij donker. In de herfst vind je hier
veel vliegenzwammen die in symbiose
met de fijnsparren leven. De ultrafijne
zwamdraden helpen de boom om bepaalde mineralen en voedingsstoffen
uit de bodem te halen, terwijl de boom
als wederdienst water en suikers aan de
paddenstoel bezorgt.
Langs de bosrand kom je nog het Gehlenkreuz of Croix Lorraine tegen, met
daarop het Latijnse opschrift ‘O crux,
ave spes unica’: wees gegroet o kruis,
mijn enige hoop. Het is opgericht in
1974 door Léon Gehlen ter ere van
zijn broer Jean uit Sourbrodt. Jean
werd tijdens de Tweede Wereldoorlog
verplicht dienst te nemen in een naziregiment dat bestond uit Elzassers en
Lotharingse soldaten. Het kruis van
Lotharingen vormde voor de Fransen
een contrasymbool tegen het nazihakenkruis. Een fles in de sokkel van
het kruis verhaalt de geschiedenis van
Sourbrodt en de rol van Jean Gehlen als
hoofdboswachter bij de aanleg van het
dennenbos hier eind jaren ‘50 op de
rand van de Fagne Wallonne.
Op de hoek van het veen, waar de kaart
‘Haie de Souk’ vermeldt, sla je rechtsaf
en volg je nog steeds de rand van het
veen. Je volgt hier niet langer de roodwitte markeringen van de GR, want die
zouden je door het bos naar het Centre Nature de Botrange leiden, terwijl
je naar het Signal de Botrange wil. Het
pad langs de veenrand zal je terugleiden naar het uitkijkplatform en de
startplaats. L
Lonely at the top…
Foto: Andrew George
Korhaan
Foto: Gerard Schouten
17
18
Op stap!
Fagne Wallonne
Start
ONTHAAL
Signal de Botrange, Route (soms Rue) de Botrange 133, 4950 Robertville-Waimes. Ruime
parking. Gelegen langs de N676 van Mont
Rigi naar Sourbrodt en Robertville. Te bereiken via afrit 7 (Polleur) op de E42 VerviersPrüm. Bruine toeristische wegwijzers met
‘Baraque Michel’ volgen. Vanaf Baraque Michel de N68 volgen richting Malmedy, maar
ter hoogte van brasserie-restaurant Mont
Rigi links de N676 nemen naar Botrange en
Robertville. Ook bereikbaar via de afrit 38 (Eupen) op de E40 Luik-Aken (D). In Eupen eerst
Eupen Unterstadt en dan Malmedy volgen;
de N68 naar Baraque Michel en vervolgens
de beschreven route tot Signal de Botrange.
• Brasserie Signal de Botrange,
Route de Botrange 133,
4950 Robertville-Waimes,
+32(0)80-44 78 43 of +32(0)80-44 48 44,
www.lesignaldebotrange.be. Ruime
parking.
• Tourist Info Signal de Botrange; een
klein infokantoor naast de brasserie.
• Centre Nature de Botrange / Maison
du Parc Naturel Hautes Fagnes-Eifel,
Route de Botrange 131,
4950 Robertville-Waimes,
+32(0)80-44 03 00, [email protected],
www.botrange.be. Dit is het centrale
bezoekerscentrum van de Hoge Venen,
op een boogscheut van het Signal de
Botrange (richting Sourbrodt, eerste
straat rechts). Ruime parking.
Afstand
11 km, niet bewegwijzerd
Openbaar vervoer
• Trein: NMBS-stations Verviers
of Eupen (op dezelfde lijn naar
Welkenraedt)
• Bus: TEC – lijn 390 (VerviersRocherath) van station Verviers tot
halte Signal de Botrange
• Bus: TEC – lijn 394 (Eupen-BüllingenSankt Vith) van station Eupen tot
halte Signal de Botrange
Gedetailleerde dienstregelingen op
www.nmbs.be en www.infotec.be
en
Baraque
Michel
674m
P
N6
8
Fagne de
la Polleur
ur
le
Pol
N6
8
Toegankelijkheid
Stevige, waterdichte wandelschoenen
of laarzen zijn een must. Buiten de plankenpaden zijn de wandelpaden soms nat,
smal en reliëfrijk. De brandgangen aan
de rand van het veen kunnen in bepaalde
periodes ook erg vochtig zijn. Het grootste hoogteverschil over het hele wandeltraject bedraagt 114 meter, maar dat
wordt zeer geleidelijk overwonnen, waardoor de wandeling – op één korte klim na
– relatief ‘vlak’ verloopt. Honden zijn niet
toegelaten, zelfs niet aan de leiband.
Eup
ges
aida
es W
d
û
R
Hill
Fagne de
Cléfaye
veen
hon
éries
ed
water
Baye
s Deux-Séries
Ma
lm
Noir Flohay
y
Wandelkaart
Bij brandgevaar is alleen het pad vanaf Toeristische wandelkaart Hoge Venen,
het uitkijkplatform tot Haie de Souk toe- te koop in de onthaalpunten, bij het
gankelijk, in feite het laatste stuk van de NGI, www.ngi.be, of bij AltiplanoBooks,
e
hier beschreven wandeling. Bij twijfel www.altiplanobooks.be
Hell
Marie-Anne
bel +32(0)80-44 72 72 voor dePont
meest
acLibert
tuele stand van zaken.
Meer info
• Dienst voor Toerisme van de
Personen met een handicap
Oostkantons, +32(0)80-22 76 64,
e
l
De rondwandeling is niet toegankelijk
[email protected],
Hel
PontHet
Marie-Anne
voor rolstoelen.
uitkijkplatform is wel
www.eastbelgium.com
Libert
bereikbaar voor rolwagens.
De vlonder- • Landschap vzw: Jan Loos,
Hpaden
ill
zijn ook geschikt voor rolstoelen,
+32(0)495-32 53 30,
maar dan met start bij Baraque Michel.
[email protected]
bosopslag
naaldbos
water
Fagne de
Cléfayeveen
bosopslag
bos
naaldbos
grasland
bebouwing
knuppelpad
grasland
bebouwing
knuppelpad
plankenpad
M
LANDSCHAP
19
Noir Flohay
e
l
Pont Marie-Anne Hel
Libert
Fagne des Deux-Séries
Helle
Fag
Clé
Les Wés
Hill
s
ge
a
id
a
sW
e
d
Rû
Drello
P
ed
eB
otr
ang
er -
Ro
u
r
e
Ru
rRo
76
N6
Mont
Rigi
Ru
Fagne Wallonne
Petite Oneux
Signal de
Botrange
694m
P
Haie de
Souk
Rur -Roe
r - Ro
ur
Centre Nature
de Botrange
ille
rtv
be
Ro
P
20
NEDERLANDS LIMBURG
tekst
foto’s kaart
Bob Luijks
Guido Gregoire
Hans Koster
Bob Luijks
NP De Maasduinen / Viaplan
Nationaal Park
De Maasduinen
Het Nationaal Park De Maasduinen is een afwisselende streek op de oostoever
van de Maas in Nederlands Noord-Limburg, tussen Nijmegen en Venlo. Je
vindt hier hoge rivierduinen, uitgestrekte heidevelden met talrijke vennen,
gevarieerde bossen en zelfs grote grindgaten. Onafgebroken gaat het op en
af. Een paarsroze heideheuvel op, dan weer afdalen naar een kraakhelder
ven, ploeteren door het blonde zand of dwalen door grillige eikenbossen. Met
4 500 hectare aan gevarieerde natuur valt hier ontzettend veel te ontdekken!
LANDSCHAP
De Maasduinen zijn soms nog geen kilometer breed, maar strekken zich wel uit over
een lengte van bijna 35 kilometer, waarvan
er ongeveer 20 binnen de begrenzing van
het Nationaal Park zijn gelegen. Daarmee
vormen de Maasduinen de langste rivierduinengordel van Nederland. En toch kennen maar weinig mensen het gebied.
IJzige tijden
Voor de laatste ijstijd stroomde de Maas
niet zelfstandig naar de zee, maar was
het een zijrivier van de Rijn. Zand en
grind verplaatsten zich continu door
het wispelturige water. Tijdens de ijstijd
– die guur maar droog was – voerde de
Maas drastisch minder water af, waardoor een groot deel van haar dal droog
kwam te liggen. De krachtige westenwind kreeg vat op het zand, dat begon
te stuiven. In de toendravegetatie van
de oostoever dwarrelde een deel van
het zand neer en vormde zo duinen. De
hoogste duinen bereikten uiteindelijk
een hoogte van maar liefst 25 meter.
Duinvorming is een dynamisch proces.
Zonder begroeiing blijft het zand stuiven
en weer neerdwarrelen. De duinen zijn
daardoor steeds in beweging. Door de onophoudelijke wind stuift het zand weg en
vormt zo duinvalleien die geleidelijk steeds
groter worden. Aan de flanken heeft de
wind minder grip op het zand, waardoor
het zand hier blijft liggen. De duinen krijgen
een typische U- of hoefijzervorm, aangeduid met de naam paraboolduinen. Soms
waait de kop van een paraboolduin volledig
weg en blijven slechts de flanken over. Dergelijke duinen noemen we streepduinen.
Sporen uit het verleden
Rond 4 000 jaar voor Christus leefden
er al mensen op de Maasduinen. Van
een groot prehistorisch grafveld is nog
maar weinig te zien. Het Vorstengraf is
daarentegen niet te missen. Met een
doorsnede van 25 meter en een hoogte
van bijna 3 meter is het Vorstengraf
één van Nederlands grootste grafheuvels. Het ligt hoog op een markant punt
in Landgoed de Hamert bij Wellerlooi.
Onderzoek wijst uit dat het hier om
een volledig ongeschonden graf gaat.
Vanaf dit punt kijk je uit over de heide
met prachtige vennen.
Het Quin bij Afferden
Foto: Bob Luijks
21
22
LANDSCHAP
De grens met Duitsland is in de Maasduinen
nooit ver weg. Wie op de kaart kijkt, merkt meteen dat de grens nogal grillig verloopt. Wie nog
beter kijkt, ziet dat de strook land tussen de Maas
en de grens ongeveer steeds even breed is. De
grens volgt het verloop van de Maas en wel exact
op de afstand van een kanonschot; dat is zo afgesproken tijdens het Congres van Wenen in 1815
om te voorkomen dat schepen op de Maas door
Pruisisch vuur geraakt zouden kunnen worden.
23
Rugstreeppad
Foto: Bob Luijks
Zo dicht bij de Duitse grens betekent haast
automatisch een gespannen situatie tijdens
de Tweede Wereldoorlog. Het reliëf vormt een
prima plek om je als soldaat te verschansen. Op
het Landgoed de Hamert kom je op verschillende plekken zigzagvormige loopgraven tegen, onder andere nabij het Vorstengraf.
Het Reindersmeer bij Well is de meest recente
en tevens meest prominente getuige van menselijke activiteiten in de Maasduinen. Tussen
1963 en 2001 zijn hier miljoenen tonnen zand
en grind gewonnen. Door de afgravingen ging
veel natuur verloren. Om dit enigszins te compenseren, werden de randen van de enorme
plas – een wandeling rond het water duurt 2 uur
– speciaal voor de natuur afgewerkt. Het Reindersmeer is opvallend blauw en op sommige
plekken meer dan 20 meter diep. Een sluis verbindt het Reindersmeer met het watersportgebied Leukermeer en de Maas; zonder sluis zou
het Reindersmeer leeglopen. Vergezichten over
het open water, steile oevers, zandstranden met
kleine lagunes, eilanden en poelen, maar ook
bos, heidevennen en stuiflandschap: dit gebied
is wel héél erg gevarieerd.
Bezoekerscentrum
In de sluisbak van het Reindersmeer is op
spectaculaire wijze het bezoekerscentrum van
Nationaal Park De Maasduinen geïntegreerd.
Via trappen kan je afdalen in de sluisbak, terwijl je op hoogte kunt genieten van een stuk
Limburgse vlaai en een weids panorama. In het
bezoekerscentrum kan je onder meer vogels
kijken en huiden voelen. Buiten ligt een groot
speelbos en langs de familieroute staan diverse klim-, balans- en waterspeeltoestellen.
Stuifzand
De natuurlijke historie van de Maasduinen is niet
te missen. Geen meter is vlak. Grote delen van
de Maasduinen zijn begroeid met bos. Toch is
op een aantal plekken nog steeds stuifzand aan-
Voor de winter graven
rugstreeppadden zich in
in los duinzand, tot wel
een meter diep. Rond
half april komen ze weer
tevoorschijn, om vrijwel
meteen het ondiepe
voortplantingswater op te
zoeken. Rugstreeppadden
zijn uitgesproken
nachtbrakers. In de
paartijd is de ratelende
roep van de mannetjes
tot op een kilometer
afstand te horen.
24
wezig. Ten noorden van het Reindersmeer,
op de Gemeenteheide, vind je de op één na
grootste zandbak van Limburg. In de zomer
verzengend heet, in de winter ijzig koud en
daarmee voer voor specialisten. Zandloopkevers rennen driftig heen en weer, mierenleeuwen trachten onder een steilrandje met
een valstrik hun kostje te verzamelen. Mossen en korstmossen proberen het stuifzand
te veroveren en groeien vanaf de randen het
gebied in. Een hardnekkige soort is het grijs
kronkelsteeltje, ook wel tankmos genoemd.
Hoewel deze soort pas vanaf 1961 in Nederland voorkomt, vormt ze een plaag voor andere pioniersoorten van het stuifzand.
Vennen
Het zand is op sommige plekken weggestoven tot de vochtige ondergrond. Op
nat zand heeft de wind veel minder grip.
Eénmaal ingesloten door de rivierduinen,
blijft in de laagte water staan. De vennen
zijn geboren. Het zijn bronnen van leven in
een door droogte en schraalheid gedomineerde omgeving. De mooiste vennen zijn
LANDSCHAP
Het Quin en de Duvelskuul in het Bergerbos
bij Afferden, het Eendenmeer bij Nieuw-Bergen en het Pikmeeuwenwater op Landgoed
de Hamert bij Wellerlooi. Ook de meer zuidelijk gelegen Ravenvennen bij Lomm horen in de rijtje thuis, maar die behoren nog
niet officieel tot het Nationaal Park.
In de zomer is het gekwaak van de kikkers in de vennen al van ver te horen. Dat
geldt ook voor de kenmerkende roep van
de dodaards, onze kleinste futensoort.
Schuw als ie is, zie je deze bonzaifuut
vooral in de verte. Dan moet de dodaars
zich wel boven water bevinden, want een
groot deel van de tijd is deze handige
duiker onder water op zoek naar voedsel.
Het logo van Nationaal Park De Maasduinen verraadt de aanwezigheid van
kraanvogels. Tijdens de trekperiode
houden ze soms een pitstop in rustige
vengebieden, zoals het Heerenven bij
Landgoed de Hamert. Buiten de trekperiode zal je tevergeefs zoeken naar deze
sierlijke vogels. Grauwe ganzen kom je
daarentegen wel het hele jaar tegen.
IJsvogel
Foto: Bob Luijks
In de zomer vliegen boven het water
massa’s juffers en libellen. Met minimaal 28 soorten mag Nationaal Park De
Maasduinen zich tot de meest libellenrijke gebieden van het land rekenen. De
Ravenvennen, net buiten de grenzen
van het Nationaal Park gelegen, is zelfs
een officieel libellenreservaat.
Heide
Glooiende heidevelden vormen hét
visitekaartje van de Maasduinen. In
augustus hult de struikheide het landschap in paars. Het hoogste punt van
het Nationaal Park bevindt zich in het
Bergerbos, ten noordoosten van Afferden, langs de bewegwijzerde Rivierduinen-wandelroute. Het ligt op een hoogte van 32,5 meter boven zeeniveau.
Juist op dit punt staat een uitkijktoren.
Met de extra 12,5 meter kijk je kilometers ver over de wijde omgeving.
Winter in de Maasduinen
Foto: Guido Gregoire
25
26
Geldernsch Nierskanaal in Well
Foto: Bob Luijks
Vroege vogels
Foto: Hans Koster
Gemeenteheide bij Nieuw-Bergen
Foto: Bob Luijks
Ochtend in de Maasduinen
Foto: Guido Gregoire
Gladde slang, rugstreeppad en zandhagedis voelen zich thuis in het droge heidelandschap, net als tal van sprinkhanen, heivlinders en tijgerspinnen, ook wel wespspinnen
genoemd. Deze laatste zijn dankzij de geelzwarte tekening en hun groot formaat nauwelijks te missen. Ondanks het gevaarlijk
ogende uiterlijk hoeven alleen insecten
voor de tijgerspin bevreesd te zijn. Mannetjes van de tijgerspin moeten op hun hoede
zijn voor het andere geslacht. Na de paring
wordt het mannetje vrijwel altijd ingesponnen en later verorberd. Van oorsprong is dit
een zuidelijke soort, die duidelijk profiteert
van het warmer wordende klimaat. ’s Nachts
klinkt boven de heide de merkwaardige ratelroep van de nachtzwaluw.
Kempische heideschapen, Schotse hooglandrunderen en Nederlandse landgeiten
begrazen de verschillende heideterreinen
om te voorkomen dat die dichtgroeien met
pijpenstrootje en uiteindelijk met bomen.
De landgeit is een zeldzaam huisdierras.
Gekruist met andere rassen vanwege een
grotere melkproductie, verdween het oorspronkelijke Nederlandse ras bijna van het
toneel. In 1958 bleven nog maar twee dieren over. Vandaag zijn er na een speciaal
fokprogramma weer meer dan duizend
landgeiten in Nederland. Met hun sobere
levenswijze zijn het geharde grazers die
zonder hulp van mensen prima kunnen
overleven in de natuur. Geiten hebben
jonge bomen zoals berk op het menu staan
en zijn daarmee efficiëntere ontbossers dan
bijvoorbeeld schapen, die alleen gras eten.
Bos
Grote delen van de Maasduinen zijn begroeid met bos. Soms oud eikenhakhoutbos, meestal aangeplant productiebos
van grove den. Heide en stuifzand werden
immers lange tijd als niet-productief en
nutteloos beschouwd en dus omgevormd
naar bos. Met de mijnbouw in Zuid-Limburg was er ook behoefte aan stuthout
voor mijngangen. Tegenwoordig speelt
de houtproductie nog maar een bijrol en
worden steeds meer naaldbossen omgevormd tot gemengde bossen.
Een bergbeek in De Maasduinen?
In Landgoed de Hamert ligt het GeldernschNierskanaal, aangelegd in 1770 om het
Duitse achterland te ontwateren. Het laatste stukje van het kanaal oogt echter meer
als een snelstromende bergbeek. Geholpen
door het hoogteverschil tussen Duitsland en
de Maas, heeft het klotsende en bruisende
water in de loop van de tijd een indrukwekkende canyon uitgesleten. Deze wilde
stroom vormt een ideaal leefgebied voor de
ijsvogel. Vanop overhangende takken plonst
de felblauwe vogel in het water om een visje
te verrassen. Met een uitzonderlijke precisie
en snelheid is het meestal raak. De gevangen
vis wordt eerst hardhandig doodgeslagen op
een tak en vervolgens in zijn geheel, met de
kop naar voren, naar binnen gewerkt.
Het Nationaal Park De Maasduinen is
zo uitgestrekt dat we niet alle wandelgebieden in één nummer van LANDSCHAP kunnen behandelen. Op de volgende pagina’s brengen we alvast het
Bergerbos, het meest noordelijke deelgebied, mét een gedetailleerde kaart.
De andere deelgebieden komen later
nog aan bod. Op de website van Landschap vzw vind je nu al een overzicht
van alle deelgebieden met de talloze
wandelmogelijkheden en startplaatsen:
www.landschapvzw.be/maasduinen. L
LANDSCHAP
27
28
Op stap!
LANDSCHAP
Nationaal Park De Maasduinen
Hoe bereiken?
Het Nationaal Park De Maasduinen is een
langgerekt gebied, van noord naar zuid
ruim 20 km. Zo kom je er:
Vanaf Nijmegen
Snelweg A73 in de richting van Venlo. Bij
knooppunt Rijkevoort de A77 op richting
Köln/Nieuw-Bergen/Gennep/Goch. Op die
A77 neem je ter hoogte van Heijen/Afferden
de uitrit 2 (Gennep). Je komt terecht op de
N271 en kiest richting Afferden. Je rijdt nu De
Maasduinen binnen, van noord naar zuid.
Vanaf Venlo
Snelweg A67/E34 richting Duisburg (D)
tot uitrit 40 (Velden). Je komt op de N271
terecht en volgt richting Velden en Arcen.
Voorbij Arcen rijd je De Maasduinen binnen, van zuid naar noord.
Wandelgebieden
Het Nationaal Park is een aaneenschakeling van meerdere prachtige grote
natuurgebieden, allemaal bereikbaar
vanaf de N271. Op www.landschapvzw.
be/maasduinen vind je een overzicht
van alle gebieden met de aangewezen
startpunten, wandelroutes en -afstanden. Op de volgende bladzijden vind je
alvast alle info over het Bergerbos, het
meest noordelijke deelgebied van het
Nationaal Park.
www.bosbrasserieindesluis.nl. Openingsuren op de website.
Dit centrale bezoekerscentrum van het
Nationaal Park ligt bij het Reindersmeer, op
een heel bijzondere manier geïntegreerd
in de verbindingssluis met het Leukermeer
en de Maas. In Bosbrasserie ‘In de sluis’ kan
je terecht voor een kopje koffie of een versnapering. Er zijn nog andere ontvangstlocaties bij andere deelgebieden van het
Nationaal Park, sommige ook met volledige horecavoorziening. Ze zijn vermeld
in het overzicht van wandelgebieden op
www.landschapvzw.be/maasduinen.
Openbaar vervoer
NS-station Venlo of Nijmegen. Verder met
buslijn 83 (Venlo-Nijmegen) over de N271.
De meest nabijgelegen haltes voor elk wandelgebied zijn vermeld in het overzicht op
www.landschapvzw.be/maasduinen.
Wandelkaarten
• Topografische kaarten 1:25.000, gratis
te raadplegen op www.opentopo.nl
(kaartbladen 46W, 46O en 52O).
• Wandelknooppuntennetwerk. Kaart te
koop bij de VVV’s en Bezoekerscentrum
De Maasduinen. Je kunt je route vooraf
plannen via www.routebureaulimburg.
nl/nl/routeplanner/wandelen
Toegankelijkheid
Voor de meeste wandelgebieden zijn
stevige wandelschoenen of laarzen aangewezen. Honden zijn overal welkom, uitgezonderd in het begrazingsraster van de
Stalberg op Landgoed de Hamert. In verschillende deelgebieden zijn aangepaste
routes aanwezig voor rolstoelen en kinderwagens; die zijn per gebied vermeld
op www.landschapvzw.be/maasduinen.
Onthaal
Bezoekerscentrum De Maasduinen, Bosserheide 3E in 5855 EA Well, +31(0)47850 38 21, [email protected],
Fietsen
In Nationaal Park De Maasduinen ligt
een uitgebreid fietsknooppuntennetwerk. Met de kaart ‘Fietsen in Limburgs
Land van Peel en Maas en De Maasduinen’ kan je je eigen route plannen.
Meer info
• www.np-demaasduinen.nl
website van het Nationaal Park
• www.landschapvzw.be/maasduinen
overzicht van wandelgebieden
‘Vliegden’ in het Quin
Foto: Bob Luijks
29
30
NEDERLANDS LIMBURG Sterk staaltje Maasduinen!
tekst
Jan Loos
Staatsbosbeheer
foto’s Guido Gregoire
Hans van Wijck
Hugo Willocx
kaart
Staatsbosbeheer
Bergerbos
Het Bergerbos ligt in het noorden van Nationaal Park De Maasduinen.
Het natuurgebied, dat zich uitstrekt tussen het Limburgse dorpje
Afferden en de Duitse grens, is 800 hectare groot en wordt beheerd door
Staatsbosbeheer. Het Bergerbos is erg afwisselend met heidevelden,
bossen, vennen en stuifzanden.
Panorama bij het Quin
Foto: Guido Gregoire
Watersnuffel
Foto: Hans van Wijck
Moeilijk te geloven dat de uitgestrekte en
gevarieerde bossen pas een eeuw geleden
zijn aangelegd. Het gebied bestond ooit
grotendeels uit zandverstuivingen en heide. De zogeheten paraboolduinen, zoals
nu nog te vinden in het Quin en de Cockse
Heide, ontstonden aan het einde van de
laatste ijstijd, zo’n 10.000 jaar geleden. Rijn
en Maas zetten grote hoeveelheden klei
en zand af. Tijdens droge periodes blies
de wind het rivierzand op tot stuifduinen.
Op sommige plaatsen werd het zand opgevangen door planten en zo ontstonden
langgerekte zandruggen, kopjesduinen en
hoefijzervormige duinen.
De boeren aan de rand hadden veel last
van het stuifzand. Telkens weer dreigden
LANDSCHAP
31
32
LANDSCHAP
hun akkers eronder te verdwijnen. Daarom werden de stuifzanden vanaf 1890
beplant met bomen. Dat gebeurde vooral
met grove dennen, een typische ’pionierboom’ die goed gedijt op arme zandgronden en bovendien veel hout oplevert. In
de loop van de 20ste eeuw breidde het
bos zich steeds verder uit. Toch is het
oorspronkelijke stuifzandlandschap met
hoge koppen en ruggen ook vandaag
nog karakteristiek voor het Bergerbos.
Een landgoed uit 1400
De geschiedenis van het gebied is nauw verbonden met die van het landgoed Bleijenbeek dat voor het eerst in 1400 wordt vermeld. Het landgoed, dat bestond uit een
kasteel, bos, landbouwgrond en een heidegebied met vennen, was eeuwenlang in het
bezit van de familie Schenck van Nijdeggen.
Van kasteel Bleijenbeek is alleen nog maar
een ruïne over. Het kasteel is tijdens de laatste stuiptrekkingen van de Tweede Wereldoorlog bezet door Duitse troepen, waarna de
geallieerden het kasteel bombardeerden.
In 1996 kocht Staatsbosbeheer een deel van
het landgoed. Er is ook een golfbaan aangelegd die de naam Bleijenbeek draagt. De ruïne en de slotgracht van het kasteel zijn naast
dit terrein nog goed herkenbaar.
Gevarieerde bossen
Staatsbosbeheer geeft de monotone productiebossen een natuurlijker aanzien.
Overal in Nederland worden de vroegere
naaldhoutakkers omgevormd tot afwisselende bossen met meer variatie in boomsoorten, leeftijd en hoogte. Zulke bossen
bieden planten en dieren meer kansen en
zijn bovendien aantrekkelijker om te zien.
Begrazingsraster
Verspreid over het begrazingsgebied ‘de
Afferdense duinen’ liggen diverse fraaie
heideterreintjes, zoals het Quin, de Cockse
Heide en de Duvelskuul. Ze bestaan zowel
uit droge als vochtige delen. Op de droge
gronden groeit vooral struikheide, terwijl
de vochtige delen voornamelijk bedekt
zijn met dopheide. Tussen de verschillende
heideterreinen zijn open verbindingen gemaakt. Zo kunnen vlinders, kikkers en hagedissen eenvoudig van het ene gebied naar
het andere migreren.
De heide wordt begraasd door Schotse
hooglandrunderen, paarden en Nederlandse landgeiten. De dieren blijven het hele jaar
buiten en kunnen uitstekend voor zichzelf
zorgen. Ze eten niet alleen grassen, maar
ook struiken en boompjes die de heide dreigen te overwoekeren.
Stuivend zand
Zandverstuivingen zijn tegenwoordig erg
zeldzaam. In de bodem zitten nauwelijks organische stoffen en ’s zomers kan de temperatuur er flink oplopen. Dat maakt het voor
planten niet gemakkelijk. Alleen echte pioniersoorten zoals zandzegge en buntgras
kunnen zich hier handhaven.
In een later stadium, wanneer het zand is
gaan liggen, ontstaat vaak een tapijt van
korstmossen. Het vocht dat de korstmossen
vasthouden, biedt andere planten levenskansen.
Levende vennen
Bijzonder in het Bergerbos zijn de vennen.
Ze zijn er in soorten en maten. Het Quin en
het Zevenboomsven zijn ontstaan in oude
afzettingen van rivierklei. Quin betekent
vijfling. In een grote duinpan, omsloten
door paraboolduinen, liggen vijf prachtige
vennen. Voor hun watervoorziening zijn ze
volledig afhankelijk van neerslag. Na lange
periodes zonder regen kunnen ze dus
droog komen te staan. Deze voedselarme
vennen worden omringd door dikke veenmostapijten. Daartussen groeien zeldzame
planten zoals lavendelheide, kleine en ronde zonnedauw en witte snavelbies.
De Duvelskuul of Duivelskuil is een groep
vennen in de uitgestoven kommen van
rivierduinen van de Maas. Vroeger werd in
dit moerasgebied turf gestoken waarbij je
soms kon wegzakken in het veen. Een enkele reis naar de duivel, vandaar de naam.
Naast veel dopheide groeit hier kleine zonnedauw, lavendelheide en kleine veenbes.
De zwarte heidelibel en de zeldzame koraaljuffer jagen rond het water op kleinere
insecten.
Het Lange Ven en het Suikerven zijn oude
Maasarmen. De waterstand is er afhankelijk van het grondwater. Het water is
voedselrijk en er leven kikkers, padden en
Mannetje strontvlieg
Foto: Hans van Wijck
Mannetje roodborsttapuit
Foto: Hugo Willocx
Boomleeuwerik
Foto: Hugo Willocx
Doodaars
Foto: Hugo Willocx
33
34
Het gebied mag
dan wel Bergerbos
heten, de natuur- en
belevingswaarde is veruit
het grootst rondom de
vennen en in de duinen.
Mist over de Afferdense duinen
Foto: Bob Luijks
salamanders. Langs de oevers groeien wilgen, elzen en berken. Ook hier zijn bijzondere planten te vinden, zoals wateraardbei,
moerashertshooi en waterdrieblad.
Rijke fauna
Door de grote afwisseling leven er in het
Bergerbos veel verschillende vogels. Er
broeden typische bosvogels, zoals zwarte
specht, holenduif, havik en sperwer. ’s Zomers laten boompieper, fluiter, zanglijster
en goudvink zich horen. Boven de heidevelden zweeft regelmatig de boomvalk. De
nachtzwaluw behoort tot de zeldzaamste
broedvogels van het Bergerbos.
Ook zoogdieren voelen zich thuis. Heel bijzonder is de das. Maar je maakt meer kans
op een ontmoeting met een ree, konijn of
eekhoorn. En nog heel bijzonder: in 1992
wist een bever op eigen kracht – wellicht
vanuit de Duitse Eifel via de Roer en de
Maas – het landgoed Bleijenbeek te bereiken. Knaagsporen in de slotgracht rondom
de oude kasteelruïne lieten er geen twij-
fel over bestaan: de bever was spontaan
teruggekeerd naar Nederlands Limburg!
Sindsdien is dit grootste knaagdier van het
noordelijk halfrond stevig ingeburgerd op
het landgoed Bleijenbeek. Geholpen door
uitzettingen, is inmiddels ook de rest van
Limburg door bevers gekoloniseerd.
Uitkijktoren
Een wandeling door het Bergerbos kan
niet zonder een bezoek aan de kijktoren.
Langs de Rivierduinenroute ligt immers
de hoogste paraboolduin van heel het
Nationaal Park, 32,5 meter boven zeeniveau. Op dat hoogste punt staat een fiere
uitkijktoren van 12,5 meter, exact op de
plek waar vroeger de brandtoren van Afferden en omgeving heeft gestaan. De
klim is de moeite waard, want het uitzicht is adembenemend! Bij helder weer
zie je de Maas in het westen, het Duitse
Reichswald in het noorden, een flink stuk
Duitsland in het oosten en de rest van de
Maasduinen in zuidelijke richting. Dit is
genieten! L
Staatsbosbeheer
Wandelkaarten
Schaal 1:25.000
Gemarkeerde wandelroutes
Straatnamen in het buitengebied
Uitgebreid met toeristische en recreatieve informatie
BESTEL NU OP WWW.FALK.NL
36
Diekendaal
e
rfs
E
eg
sw
Bo
eg
rkw
e
eK
Broeders
bos
rfs
eE
w
ieu
N
Quin
Jodenberg
Esven
eg
ikw
erlu
m
assu
H
Hengeland
Be
Zevenbooms
ven
rke
na
lle
e
Activiteitencentrum
Nationaal Park
De Maasduinen
dwe
Bleijenbeek
g
Afferden
at
tra
els
Kap
elan
Heid
N271
Ruïne
Golfbaan
Bleijenbeek
(bij horeca)
Legenda
Rivierduinenroute
Duvelskuul
Broedersbosroute
Duvelskuulroute
Fietspad
Berkenkamp
Raster
ald
se
we
g
Ingerasterd gebied
Honden los gebied
Natuurkampeerterrein
De Cokse Heide
Uitkijktoren Vogelkijkwand
ng
be
Sie
as
Parkeerplaats
Ma
Parkeerplaats + info
ew
Golfbaan
Heukelomse
heide
Nieuw Bergen
LANDSCHAP
Op stap!
Bergerbos
Start
• Parkeerplaats aan de Kapelstraat
in Afferden, 200 meter voorbij
Activiteitencentrum De Zevenboom
(Kapelstraat 71, 5851 AS Afferden).
Bereikbaar vanaf de N271 door de bordjes
Zevenboom te volgen. Startplaats voor
Rivierduinenroute en Broederbosroute.
Openbaar vervoer: buslijn 83, halte
Gening + 15 min. wandelen tot startpunt.
• Parkeerplaats bij het Quin, aan de
Nieuw Erfse Kerkweg in Afferden. Direct
te bereiken vanaf de N271. Alternatieve
startplaats voor de Rivierduinenroute.
• Parkeerplaats bij restaurant ’t Rimpelt,
Rimpelt 31 in 5851 EK Afferden.
Bereikbaar vanaf de N271 door de
Eckeltsedijk/Rimpelt te volgen. Startplaats
voor de Duvelskuulroute. Openbaar
vervoer: buslijn 83, halte Gening + 22 min.
wandelen tot startpunt.
Alle startplaatsen liggen op zijstraten van
de N271 Gennep-Venlo. Die is gemakkelijk bereikbaar vanop de A77/E31, uitrit 2
(Gennep). De A77 sluit bij knooppunt Rijkevoort aan op de A73 Nijmegen-Venlo.
Afstanden
• Rivierduinenroute – paars – 6 km of 3 km
Deze route laat je kennismaken
met de oude rivierduinen van de
Maas. Vanaf de toppen heb je een
prachtig uitzicht over het gebied.
De route brengt je bij het Quin, het
Zevenboomsven en de kijktoren. De
wandeling kan verkort worden tot
3 km. Vanaf de parkeerplaats aan de
Nieuw Erfse Kerkweg kan je eventueel
verkorten tot ongeveer 4 km.
• Broederbosroute – blauw – 8 km of 5 km
Deze route voert voor een groot
gedeelte door het Broederbos, langs
het Zevenboomsven, het Esven en
de Paterskapel. Je ziet afwisselend
bossen, heidevelden en vennen. Deze
wandelroute kan worden verkort tot 5 km.
• Duvelskuulroute – rood – 7 km
Je loopt langs landgoed en ruïne
Bleijenbeek en over de golfbaan. Vanaf
de toppen van de paraboolduinen
heb je een mooi uitzicht over het
vennencomplex van de Duvelskuul.
Alle wandelingen door het Bergerbos kunnen aan elkaar gekoppeld worden. Zo ontstaan 15 wandelvarianten, van 3 tot 21 km!
Toegankelijkheid
Stevige wandelschoenen zijn aangewezen. Honden welkom, aan de leiband.
De paden zijn geschikt voor kinderwagens met grote wielen.
Personen met een handicap
Voor personen met een handicap is
het Bergerbos niet het meest geschikte deelgebied van Nationaal Park De
Maasduinen Speciale rolstoelpaden
zijn er onder meer bij het Eendenmeer,
Reindersmeer en Landgoed de Hamert.
Meer info op www.landschapvzw.be/
maasduinen.
Openbaar vervoer
• Trein: NS-stations Venlo of Nijmegen.
• Bus: buslijn 83 (Venlo-Nijmegen) vanaf
NS-stations Venlo of Nijmegen tot de
meest nabije halte, vermeld bij elke
startplaats.
Uitkijktoren in de Afferdense duinen
Foto: Bob Luijks
37
38
WAASLAND
tekst
Jan Loos
foto’s Tom Linster
Sam Mannaerts
David Pattyn
Annelore Smet
Filip van Boven
kaart
Chantal Deschepper
Bob Luijks
Heidebos
Het Heidebos is een prachtig wandelgebied op de grens tussen Wachtebeke
en Moerbeke, in het noorden van Oost-Vlaanderen. Je kan er eindeloos
kuieren door een gevarieerd landschap van naaldbossen, loofbossen, dreven,
Gaai
Foto: Filip van Boven
Typisch stukje Heidebos
Foto: Sam Mannaerts
struwelen, verlaten akkers, heide en droge graslanden. De ene minuut loopt
je nog tussen zand en heide, de volgende minuut wandel je in een eikenberkenbos, door een dennenbos of onder mastodonten van beuken. Na elke
bocht in het wandelpad ontplooit zich weer een heel nieuwe wereld!
Met een oppervlakte van 283 ha is het
Heidebos één van de zeldzame grotere
bosgebieden van Oost-Vlaanderen. Het
natuurgebied ligt op een droge duinengordel die zich uitstrekt van Maldegem tot Stekene. Op diezelfde zandrug
zijn ook het Drongengoed, het Kloosterbos en het Stropersbos te vinden.
In feite gaat het om een dam van zand
die ontstond na de laatste ijstijd. Het
landschap oogt hier nogal Kempisch,
en dat is best verrassend in een regio
die doorgaans geassocieerd wordt met
polders en kreken. Die laatste zijn er
uiteraard ook; de Oost-Vlaamse polders strekken zich uit aan weerszijden
van de langgerekte duinenrug, die tot
vijf meter boven het omliggende landschap uitsteekt.
Van oerbos naar open veld
Ondanks de relatieve uitgestrektheid is
het Heidebos geen natuurlijk bos. Pakweg tweeduizend jaar geleden was hier
wel nog een oerbos aanwezig, maar dat
werd al vlug ontgonnen. In de vroege
Middeleeuwen werd hier al intensief
aan landbouw gedaan. Daarbij speelden abdijen en kloosters een grote rol.
Een belangrijke abdij in deze steek was
de Baudelo-abdij uit Klein-Sinaai. De
heerlijkheid Wulfsdonk, die afhing van
de Gentse Sint-Baafsabdij, had ook een
deel van de grond van het huidige Heidebos in eigendom. Nog een andere eigenaar was ‘t Clooster van Onze-LieveVrouw van Nazareth.
In de vroege Middeleeuwen was de
omgeving van het Heidebos een kale
hoogte waarop vijf windmolens stonden. De molens die hier stonden, waren staakmolens. Ze werden vooral
gebruikt voor de productie van lijnolie.
Lijnolie werd gewonnen uit lijnzaad,
het zaad van de vlasplant, die hier toen
massaal verbouwd werd. De olie werd
gebruikt voor de productie van verf
en zeep, maar hij had ook medicinale
toepassingen. Het restproduct van het
zaad was gewild als veevoer omdat het
erg eiwitrijk was. Uit de stengels van
de vlasplant werd een vezel gewonnen
waarvan o.a. linnen werd geweven.
LANDSCHAP
39
40
LANDSCHAP
Tachtigjarige Oorlog
Tussen 1568 en 1648 lag deze streek
pal op de frontlijn in de Tachtigjarige
Oorlog. Daarbij stonden de Noordelijke
(Staatse) en Zuidelijke (Spaanse) Nederlanden tegenover elkaar. Tegelijk was
deze oorlog ook een godsdienstoorlog
tussen protestanten oftewel ‘Geuzen’ en
katholieken oftewel ‘Spanjaarden’.
De Spanjaarden legden in het Waasland en het Meetjesland een verdedigingslinie van primitieve forten aan
tegenover de forten die prins Maurits
meer noordelijk had opgetrokken. De
Spaanse forten kregen doorgaans de
naam van een heilige. Zo’n fort bestond in hoofdzaak uit aarden wallen,
omringd door een gracht. Binnen de
wallen was er een primitief kamp voor
de soldaten.
Ter hoogte van het voormalig fort Francipany zijn de oude wallen en grachten
nog duidelijk herkenbaar. De glooiing
van het terrein duidt nu nog aan waar
de vroegere verdedigingsgracht lag.
Een snoer van forten
Naast het fort Francipany waren er nog
meer forten in deze omgeving. Bijna
op één rij lagen de forten Francipany,
De Papemutsen en Ter West. In 1645
bouwden de Spanjaarden het fort Ter
West langsheen de Parmavaart. Dat
kanaal werd al in de 16de eeuw door
de Spanjaarden gegraven om in de bevoorrading van de troepen te voorzien
bij het beleg van Antwerpen. Restanten
van de Parmavaart vind je langs de gele
wandelroute in het Heidebos. Na de
vrede van Munster in 1648 kregen Nederland en België hun huidige grens.
Nog eens honderd jaar later werden
grote delen van het bos opnieuw gerooid en omgezet naar akkerland. De
naam ‘Heidebossen’, wat wijst op een
afwisseling tussen bos en hei, moet
rond 1900 ontstaan zijn.
Vliegtuigen in het bos
In 1938, aan de vooravond van de Tweede Wereldoorlog, legde het Belgisch leger een vliegveld aan in het Heidebos.
Op 11 januari 1939 landde hier het eerste sportvliegtuigje. Echt druk werd het
tijdens de mobilisatie voor de Tweede
Wereldoorlog. Het nog niet volledig
afgewerkte ‘vliegplein’ werd toen veelvuldig aangedaan, voornamelijk door
kleinere vliegtuigjes.
Toen de Belgische militairen zich in
1940 moesten terugtrekken voor de oprukkende Duitsers, vernietigden ze alle
infrastructuur om niets bruikbaar achter
te laten. De Duitsers namen het vliegplein in beslag, herstelden de schade
en werkten alles verder af. In de bossen
rondom plaatsten ze houten vliegtuigjes, als afleidingsmaneuver voor de geallieerde bommenwerpers.
Op 16 september 1944 trokken de geallieerde troepen Moerbeke binnen en
kwam het vliegplein in Engelse handen.
Het terrein werd een werk- en verzamelplaats voor rollend materieel. Veel vliegtuigen zijn er nadien niet meer geland.
Eind 1946 werden de gronden teruggegeven aan de voormalige eigenaars. De
betonstroken bleven echter liggen en
deden verder dienst als rijweg. Hoewel
ze nu sterk overgroeid zijn, blijven ze getuigen over deze woelige periode.
Schipperen tussen bos en veld
Vliegveld wordt natuurgebied
Tussen 1700 en 1750 werd de omgeving van het huidige Heidebos opnieuw bebost. Doordat op andere
plaatsen betere gronden in cultuur
werden gebracht, werden deze magere
zandgronden door de landbouw verlaten. Op de kaart van Graaf de Ferrariskaart uit 1770 is het gebied reeds voor
het grootste deel ingetekend als bos.
Na de Tweede Wereldoorlog werd het
Heidebos enkel beheerd in functie van
de jacht, waardoor heide en vage gronden grotendeels dichtgroeiden. Het
was de zoveelste keer in de geschiedenis van het Heidebos dat open veld en
bos voor elkaar verruild werden… Verkavelingen en een golfterrein konden
op het nippertje vermeden worden.
Berkenbosje met adelaarsvaren
Foto: Sam Mannaerts
Herfst in spiegelbeeld
Foto: Tom Linster
41
42
Het Heidebos ontwaakt
Foto: Sam Mannaerts
LANDSCHAP
43
44
Tamme kastanje
Foto: Tom Linster
Magic mushroom
Foto: Tom Linster
Duo van paddo
Foto: Annelore Smet
Zonneharpen
Foto: Sam Mannaerts
Door een belangrijke private schenking
werd Natuurpunt in 1997 de nieuwe eigenaar van het domein. Sindsdien werden delen opnieuw ontbost (nog een
keer…) en open gemaakt om de heide
nieuwe kansen te bieden.
Verrassende bewoners
In het Heidebos vind je een unieke afwisseling van biotopen en vegetatietypes. Daardoor biedt het natuurgebied
onderdak aan een brede groep planten
en dieren. Soorten die van bos houden, komen hier voor naast soorten die
meer van open heide houden, terwijl
liefhebbers van overgangszones al helemaal aan hun trekken komen!
Liggende vleugeltjesbloem, hondsviooltje, mannetjesereprijs, kleine leeuwenklauw en vogelpootje zijn enkele
van de merkwaardige planten die in
het Heidebos voorkomen. In de herfst
ontpopt zich een weelde aan paddenstoelen.
In het Heidebos vindt ook de kleine
vuurvlinder een uitverkoren leefomgeving: open heide en bosranden en
vooral schrale vegetaties met veel schapenzuring, waar de rups van de kleine
vuurvlinder dol op is. Hoewel overwegend fel oranje en rood gekleurd, behoort dit vlindertje tot de familie van
de blauwtjes. Bij zonnig weer krijg je de
vuurvlinders zeker te zien. Ze wervelen
in groepjes rond bloemen of scheren
laag over de grond voorbij.
De schrale graslanden met schapenzuring, Jacobskruiskruid, Sint-Janskruid, hazenpootje en gewone reigersbek trekken
nog meer vlinders aan, onder meer bruin,
oranje en bont zandoogje, zwartsprietdikkopje, groot dikkopje en icarusblauwtje.
Hazelworm en levendbarende hagedis
zijn de enige reptielen die in het gebied voorkomen. In de vroege ochtend
kan je hier met wat geluk een groepje
reeën bespieden.
LANDSCHAP
Vogelliefhebbers kunnen hier bijzondere soorten als boomvalk, zwarte
specht, boomleeuwerik en boompieper spotten. Maar de meest bijzondere
broedvogel van het Heidebos is toch
wel de wespendief. Die roofvogel, die
heel erg op een buizerd lijkt, vindt zijn
geliefkoosd voedsel door wespennesten op te sporen en te ontmantelen.
Mysterieuze nachtzwaluw
Heel wat vogels en zoogdieren trekken er
pas op uit als de zon achter de horizon is
verdwenen. Eén van de meest geheimzinnige schemerdieren is de nachtzwaluw.
Zien kun je hem nauwelijks, want zijn
bruingrijs verenpak is perfect aangepast
aan het leven in de zandige heideomgeving en bovendien wordt hij pas actief als
de duisternis valt. Horen kun je hem echter wel: zijn monotoon ratelende ‘zang’ is
op zwoele zomeravonden tot ver in de
omtrek te horen. Met die zang bakent het
mannetje een territorium af, dat hij met
veel overtuiging verdedigt tegen andere
mannetjes. Zodra de zon onder is, wordt
er gepatrouilleerd langs de grenzen van
het territorium. Indringers mogen zich
verwachten aan een demonstratievlucht
met het uitdrukkelijke verzoek om op te
rotten. De vliegende schim is best wel
nieuwsgierig en komt ook menselijke indringers van dichtbij ‘evalueren’, met hetzelfde impliciete verzoek. Als alles rustig
is, ‘vlindert’ de nachtzwaluw over de heide
en langs bosranden terwijl hij met opengesperde bek insecten opschept.
De ‘geitenmelker’, zoals hij in de volksmond ook genoemd wordt, broedt op
de grond, bij voorkeur op de grens van
bos en heide. Strooisel, dode takken en
omgevallen bomen werken camouflerend en zijn ‘een plus’ voor een geschikte
nestplaats. In de winter, als er geen insecten zijn, ruilt onze nachtzwaluw de Lage
Landen voor een verblijf diep in Afrika.
De gevaarlijke trek heen en terug heeft
hij er graag voor over.
45
46
Parasolzwam
Foto: Sam Mannaerts
Kuifmees
Foto: David Pattyn
Pimpelmees
Foto: Filip van Boven
Paddo-vijfling
Foto: Sam Mannaerts
Grote grazers
te houden, maar om een kudde Gallowayrunderen binnen te houden; de
infoborden bij de poortjes in het raster
heten wandelaars welkom. De schattig ogende Schotse grazers – zonder
hoorns en met een krullende vacht –
steken een handje toe bij het natuurbeheer. Door hun graasgedrag zorgen
ze voor een gevarieerde vegetatie, met
overgangen van kort gegraasde stukken over lang ‘gras’ naar hoog opgaand
struweel; een situatie waarin haast elk
insect zijn gading vindt en zeldzame of
typerende planten de kans krijgen om
te kiemen in plaats van verstikt te worden door dominante grassen.
Aan de ingang van het Heidebos word
je meteen geconfronteerd met een
prikkeldraadomheining. Die dient
gelukkig niet om bezoekers buiten
In het natuurgebied lopen drie bewegwijzerde wandelroutes die je naar hartenlust
kan combineren tot een flinke dagtrip. L
De nachtzwaluw is een zeer gevoelige soort. De minste wijziging in zijn
biotoop zorgt ervoor dat hij misschien
niet terugkeert om te broeden. Aan
het eind van de jaren ‘80 verdween de
nachtzwaluw uit het Heidebos. Wellicht
was dat voor een deel het gevolg van
zijn achteruitgang in heel Europa, maar
waarschijnlijk heeft ook het langzaam
dichtgroeien van zijn geliefde broedbiotoop zijn tol geëist. Via een aangepast
natuurbeheer werkt Natuurpunt Moervaart-Zuidlede nu aan de terugkeer van
de nachtzwaluw. En met succes!
LANDSCHAP
47
48
pe
wer
t
n
A
0
500 m
250
Knokke
34
d
oor
g-N
e
lw
alle
d
Par
Zui
egw
l
alle
Par
aat
gstr
Hoogstraatbeek
Weid
e
1
A1
E
Hoo
Knokkestraa
t
n
k
oe
rsh
ize
Ke
P1
P2
Fietspad (oude spoorlijn)
Wachtebeke
teenweg
es
Wachtebek
Peene
M
art
a
v
r
oe
Forts
traat
Heidestraat
Moe
Op stap!
water
heide
bos
grasland
bebouwing
Heidebos
Start
• Parking 1 langs de Keizershoek in BE-9180
Moerbeke-Waas.
• Parking 2 lang de Knokkestraat/
Heidestraat in BE-9185 Wachtebeke
den zijn niet toegelaten op de rode en
de groene route. Ze zijn wel welkom op
de gele route; honden moeten er wel
aan de leiband blijven.
Personen met een handicap
Wegwijzers vanuit de centra van Moerbeke en Wachtebeke. Beide parkings
zijn te bereiken vanaf de verbindingsweg Peene/Wachtebekesteenweg die
tussen beide centra loopt. Vanuit Antwerpen of regio Brugge zijn Wachtebeke en Moerbeke te bereiken via de
uitritten 12 (Moerbeke-Waas) of 13
(Zelzate-Oost/Wachtebeke) op de E34
Antwerpen/Knokke. Vanuit Gent loopt
de oostelijke R4 recht naar Wachtebeke; de afslag bevindt zich bij het knooppunt met de E34.
Afstanden
• 3,9 km – rood – start bij Parking 2
• 4,1 km – groen – start bij Parking 1
(‘aardgas-natuurwandeling’)
• 6,4 km – geel – start bij Parking 1
De rode en de groene route zijn bij droge weersomstandigheden toegankelijk
voor rolstoelgebruikers.
Openbaar vervoer
• NMBS: station Lokeren of station SintNiklaas, zie www.nmbs.be
• De Lijn – lijn 49 (Lokeren-Moerbeke
Waas-Zelzate) van station Lokeren
tot halte Moerbeke-Waas Fortstraat
(+ 600m wandelen tot parking 1) of
halte Wachtebeke Penen (+ 800m wandelen tot parking 2), zie www.delijn.be
• De Lijn – lijn 41 (Sint Niklaas-StekeneMoerbeke) van station Sint-Niklaas
tot halte Moerbeke-Waas Terwest
(+ 1400m wandelen tot parking 1), zie
www.delijn.be
Topografische kaart
Toegankelijkheid
0
500 m
250
Knokke
4-
E3
oord
eg-N
llelw
Para
uid
eg-Z
lw
e
ll
Para
Hoogstraatbeek
Weid
e
at
1
A1
gstra
Hoo
Knokkestraa
t
Alle paden zijn goed toegankelijk met
stevige
wandelschoenen en geschikt
pen
wer
Ant
voor
kinderwagens met grote wielen,
uitgezonderd in natte periodes. Dan
zijn minstens voor de gele wandeling
laarzen nodig. Fietsers, ruiters en hon-
water
heide
P
bos
grasland
Moerbeke
bebouwing
k
oe
rsh
ize
Ke
P2
1
Fietspad (oude spoorlijn)
teenweg
Wachtebekes
Fortst
Wachtebeke
raat
Heidestraat
erbeke
LANDSCHAP
Peene
Moe
rt
rvaa
NGI 14/3 en 14/7, te koop op www.ngi.be
of via www.altiplanobooks.be.
water
Jouw
steun voor dit natuurgebied
heide
bos
grasland
Rekening
BE56 2930 2120 7588 van
bebouwing
Natuurpunt, BIC=GKCCBEBB, met mededeling ‘gift project 6636, Heidebos’
49
© Bob Luijks
Wie wordt
Lowland Photographer of the Year?
België en Nederland barsten van passie en talent als het op natuur- en landschapsfotografie aankomt. Vanaf 2015 hebben de Lage Landen eindelijk hun eigen natuurfotowedstrijd: de Lowland
Photo Contest.
Natuur van hier
Respect boven alles
De wedstrijd focust op natuur van bij
ons. Beelden van landschappen moeten
gemaakt zijn in België of Nederland.
Gefotografeerde soorten moeten in België
of Nederland inheems zijn.
Deelnemende beelden moeten gemaakt zijn met
respect voor het onderwerp en zijn omgeving.
Beelden die potentieel aanleiding hebben
gegeven tot een ernstige verstoring, worden
gediskwalificeerd.
© David Pattyn
© Johan van de Watering
Tien categorieën
Je kan beelden inzenden in 10 categorieën, maximaal 5 beelden per categorie:
• Landschap, weer en natuurverschijnselen
• Andere dieren
• Planten en paddenstoelen
• Abstract (compositie en vormen)
• Vogels
• Mens en natuur
• Insecten en kriebelbeesten
• Zwart-wit
• Zoogdieren
• Thema 2015: wildernis in de Lage Landen
Jouw beeld
verdient een
vakjury!
Lage inzet,
grote prijzen
De mensen die jouw beelden beoordelen,
zijn niet van de minste:
Theo Bosboom, Bart Heirweg, Bob Luijks,
Ingrid Vekemans, Johan van de Watering,
David Pattyn, Filip van Boven, Jan van der
Greef, Jeffrey Van Daele
zen
Voor 11 euro kan je 10 beelden
inzenden. Daarmee kan je deelnemen in alle categorieën of juist sterk inzetten op jouw specialiteiten.
11 euro inzet, 20.000 euro aan prijzen. Dat leek
ons een faire deal. Ontdek de prijzen per categorie
op de website www.lowlandcontest.com.
De wedstrijd loopt tot
11 november 2015.
Tot die datum kan je beelden
toevoegen en vervangen.
Daarna gaat de jury aan
de slag.
© Theo Bosboom
€20.0
aan pr 00
ij
DE A DL
INE
11I11
www. l o wl a nd c o n t e s t.c o m
52
De natuur in!
Zondag 15 november
Zondag 6 december
Beversafari in de Dijlevallei
Winter op de Strabrechtse Heide
We gaan op zoek naar loop- en knaagsporen van bevers langs de Dijle. Onderweg kom je alles te weten over de levenswijze van ons grootste knaagdier. Alle
kinderen krijgen een heerlijke beverkoek
en een beverbrevet.
Afspraak: om 10u of om 14u (naar keuze)
aan het kasteel van Neerijse, Lindenhoflaan 3 in BE-3040 Neerijse-Huldenberg.
De wandeling duurt 2,5 uur.
Uitgestrekte heidevelden, een snoer van
vennen en een hart van stuivend zand: de
Strabrechtse Heide bij Eindhoven heeft
echt alles in huis om natuurliefhebbers te
verleiden! Dik 1 850 hectare ver kan je er
struinen en uitwaaien, met altijd wel een
klapekster op de uitkijk of een blauwe kiekendief jagend boven de heide.
Afspraak: om 13u op parkeerplaats De
Plaetse, op het einde van de Rul, ter hoogte van het adres De Plaetse 71, NL-5591 TX
Heeze. Te bereiken via uitrit 34 (Geldrop)
op de E34/A67 Eindhoven-Venlo. Kaart en
wegbeschrijving in LANDSCHAP jaargang
2015 nummer 1. Einde om 16u30.
Zaterdag 21 november
Beversafari in Pécrot
Meer info:
[email protected] of
+32(0)495-32 53 30.
Inschrijven voor activiteiten –
waar dat is aangegeven – doe
je bij voorkeur per e-mail. Wie
niet over internet beschikt,
mag bellen naar het nummer
hierboven.
Kijk regelmatig op:
www.landschapvzw.be/activiteiten
en www.facebook.com/landschapvzw;
vaak worden er nog nieuwe, bijkomende activiteiten gepland.
Gewone geleide wandelingen:
Gratis voor leden. Niet-leden betalen 2,50 euro per persoon of 5 euro
per gezin. Inschrijven niet nodig,
tenzij uitdrukkelijk vermeld.
Speciale activiteiten:
Korting voor leden. Inschrijven is
een must.
Net over de taalgrens in Waals-Brabant heeft een stel bevers de visvijver
van Pécrot gekoloniseerd. In geen tijd
bouwden de bevers hier indrukwekkende dammen en burchten. Deze
‘beversite’ is met stip de meest verrassende van de Dijlevallei en uitermate
geschikt voor een safari met jonge kinderen (beperkte wandelafstand). Alle
kinderen krijgen een lekkere beverkoek
en een beverdiploma.
Afspraak: om 10u of om 14u (naar keuze)
op de parking van de Etang de Pécrot, op
het einde van de Rue Georges Pensis in
BE-1390 Pécrot, deelgemeente van GrezDoiceau. De wandeling duurt 2,5 uur
Zondag 29 november
Panorama-wandeling in de Hoge Venen
Vandaag maken we samen de wandeling
rondom de Fagne Wallonne. We beklimmen ook de 24 meter hoge toren van het
Signal de Botrange (via de trap aan de binnenkant!) om het mooiste landschap van
België te bekijken vanuit de hoogte.
Afspraak: om 13u op de parking van
het Signal de Botrange, Route/Rue de
Botrange 133, BE-4950 Robertville-Waimes. Gelegen langs de N676 van Mont
Rigi naar Sourbrodt en Robertville. Kaart
in dit tijdschrift. Einde om 17u.
Weekend 12 & 13 december
Lowland Photo Festival in Antwerpen
Het Lowland Photo Festival is dé jaarlijkse ontmoetingsplaats voor natuurfotografen en -liefhebbers uit België en
Nederland. In Kinepolis Antwerpen kan
je terecht voor fototentoonstellingen,
lezingen van toonaangevende natuurfotografen uit binnen- en buitenland,
de grootste natuurfotografiebeurs van
de Lage Landen en praktijkgerichte seminars. Volledig programma op www.
landschapvzw.be/lowland.
Afspraak: dagelijks van 9u tot 18u in het
Event Center van Kinepolis Antwerpen,
Groenendaallaan 394 in BE-2030 Antwerpen, bij afrit 1 (Merksem) op de Antwerpse ring. De fotografiebeurs en de tentoonstellingen zijn GRATIS te bezoeken
zonder inschrijving vooraf. Tickets voor
de lezingen boek je best vooraf via www.
landschapvzw.be/tickets.
Zaterdag 26 december
Kerst op Landgoed de Hamert
Dankzij het artikel in dit tijdschrift hoeft
het Nationaal Park De Maasduinen geen
verdere voorstelling. We gaan samen
LANDSCHAP
het prachtige Landgoed de Hamert in
Wellerlooi verkennen.
Afspraak: om 13u op parking 1 bij Jachthut
Op den Hamer aan de Twistedenerweg 2 in
NL-5856 CK Wellerlooi. Gelegen vlakbij de
N271 Gennep-Venlo. Einde om 16u30.
Zondag 3 januari
Nieuwjaarswandeling in Damme
In het schilderachtig mooie Damme geven
we de aftrap voor het zesde werkingsjaar
van Landschap vzw. We gaan wandelen
langs de Damse Vaart, de Oude Stadswallen
en de Romboutswerve, met speciale aandacht voor overwinterende ‘vriezeganzen’.
Afspraak: om 13u30 aan de Dienst voor
Toerisme, Jacob van Maerlantstraat 3, BE8340 Damme; schuin tegenover het historische stadhuis in het piepkleine centrum.
Einde om 16u30.
Zaterdag 9 januari
Watervogels in Blaasveldbroek
Met zijn 33 hectare vijvers en oude turfputten te midden van een paar honderd hectare omringende natuur is het Blaasveldbroek
een droom voor watervogels. Vandaag krijg
je een spoedcursus eendjes kijken!
Afspraak: om 14u op de parking van BLOSOcentrum Hazewinkel, Beenhouwersstraat
28 in BE-2830 Heindonk-Willebroek. Einde
om 17u.
Zondag 10 januari
Winter in Scheps
Het Vlaams natuurreservaat Scheps in
Balen is het grootste aaneengesloten
natuurgebied langs de bovenloop van
de Grote Nete. De vallei is hier op haar
breedst en de natuur op haar mooist!
Een unieke landschapswandeling door
kletsnatte wildernisnatuur…
Afspraak: om 14u op de parking, Halflochtdijk z/n in BE-2490 Balen. Vanuit het centrum van Balen richting Leopoldsburg; na
1,5 km sla je aan een kapel rechts de weg
Schoor in. Vervolgens na 1 km schuin links
de Sint-Odradastraat in. Wegwijzers volgen
tot parking langs de Halflochtdijk. Kaart
in LANDSCHAP jaargang 2014 nummer 2.
Einde om 17u. Laarzen noodzakelijk!
veld). Die dag is er ook mogelijkheid om
aan te sluiten in Goes op Zuid-Beveland.
Zie www.landschapvzw.be/activiteiten of
bel +32(0)495-32 53 30 voor het gedetailleerde programma en uurschema’s van de
autocars.
Deelname: 20 euro p.p. voor leden, 25 euro
p.p. voor niet-leden. Vooraf inschrijven via
[email protected]
Zaterdagen 23 en 30 januari
Daguitstap Zeeland
De succesvolle daguitstap naar Zeeland van vorig jaar vraagt om een vervolg. We ondernemen een bustocht die
weer nieuwe vogelrijke plekjes en landschappelijke parels van Zeeland aan elkaar rijgt. Naast onwaarschijnlijk veel
ganzen, eenden, futen en waadvogels
ontdek je de ronduit indrukwekkende
Deltawerken, die met gigantische dammen en sluizen het geweld van de zee
moeten bedwingen. En uiteraard geven
we ook dit jaar weer zeehondgarantie!
Om de drukte te spreiden, organiseren
we de tocht 2 keer. Op zaterdag 23 januari vertrekken we vanuit Hasselt en
Leuven naar Antwerpen en Bergen op
Zoom, met diverse opstapplaatsen in
de provincies Limburg, Vlaams-Brabant,
Antwerpen en Zeeland, langs de E313,
de E314, de E19 en de A12/A4. Een week
later, op zaterdag 30 januari, zijn de provincies Oost- en West-Vlaanderen aan de
beurt met al minstens opstapplaatsen
in Merelbeke en Zelzate langs de R4 en
mogelijk ook in de regio Brugge en/of
Kortrijk (afhankelijk van het deelnemers-
Koppel kuifeenden
Foto: David Pattyn
Maasduinen
Foto: Guido Gregoire
Noteer alvast in je agenda
De Grote Oversteek van de Hoge Venen: zondag 15 mei 2016
53
Noir Flohay
Foto: Andrew George
© Florian Schulz / visionsofthewild.com
Lowland Photo Festival
Weekend 12 & 13 december 2015
Kinepolis Antwerpen
www.landschapvzw.be/lowland
©
“DE ZALIGSTE NATUUR- EN
FOTOGRAFIEREIZEN!
OOK OP MAAT.”
Speciale korting voor leden van Landschap vzw!
www.starlingreizen.be
Nog heel even geduld, dan is het weer tijd voor het...
Lowland Photo Festival
En wij zijn er natuurlijk ook bij, met exclusieve beursacties
en alles dat je nodig hebt voor geweldige natuurfoto’s!
Kun je niet wachten tot 12 & 13 december?
Dan ga je gewoon nu alvast naar www.cameratools.nl
voor scherpe prijzen, snelle levering en goed advies!